Maandag 19/08/2019

Daar zijn jihadisten

Zware klap voor voorbeeldig Tunesië

Beeld Youtube

Tunesië gold tot nu toe als voorbeeld van hoe het verder moet na de Arabische Lente. Maar ondergronds radicaliseerden Tunesische jongeren en in de buurlanden rukten de jihadisten op. De aanslag op het Bardomuseum in hartje Tunis kwam dus niet als een donderslag bij heldere hemel.

De terroristische aanval in Tunis maakte bruut een einde aan het leven van minstens 20 mensen en aan het gevoel van veiligheid dat bezoekers en bewoners van de Tunesische hoofdstad hadden. Het is een zware slag voor een land dat de Arabische Lente en de daaropvolgende overgang naar democratie relatief ongeschonden doorkwam. Maar de klap kwam niet geheel uit het niets.

Het kleine Tunesië zit ingeklemd tussen Algerije en Libië. De afgelopen jaren keek het toe hoe links en rechts de krachten van islamitische terroristen toenamen. In Libië werd de staat uiteengerafeld en radicale islamisten springen in het vacuüm. Dieptepunt was de onthoofding, vorige maand, van 21 Egyptische christenen door IS-supporters. In Algerije onthoofdden IS-aanhangers eind vorig jaar een Franse toerist. Ook Al Qaida in de Maghreb voerde dodelijke aanslagen uit in Algerije, waaronder die op een gasinstallatie in 2013.

Tunesië zelf bleef tot nu toe grotendeels gevrijwaard van ernstige politieke instabiliteit en grootschalig geweld. Dit mede dankzij een leger dat zich buiten de politiek houdt en door het verantwoordelijk optreden van politieke actoren. Dit jaar hield Tunesië presidentiële en parlementaire verkiezingen, waarop een vreedzame machtsoverdracht volgde.

Maar ondergronds radicaliseerden Tunesische jongeren. Veiligheidstroepen werden steeds vaker slachtoffer van aanslagen. Vaak waren dat kleine aanvallen van militanten, doorgaans in afgelegen regio's en zelden of nooit met burgerslachtoffers tot gevolg. De laatste aanslag in toeristisch gebied was in 2002, toen een zelfmoordenaar zich opblies bij een synagoge op een zuidelijk eiland.

Toch hielden de Tunesiërs de laatste tijd wel rekening met nieuwe, grote aanslagen op burgerdoelen. Vorige maand pakten veiligheidsdiensten dertig jihadisten op die waren teruggekeerd uit Syrië. Sommige van hen planden 'spectaculaire' aanvallen, volgens de regering.

De mars naar de radicale kant van de islam wordt in Tunesië gevoed door dezelfde factoren als elders in de regio: economische malaise, gebrek aan kansen voor jongeren, een corrupte politiemacht die nog altijd opgepakte islamisten martelt. De Egyptische staatsgreep, waarbij het leger de democratisch gekozen islamist Mohammed Morsi afzette, was voor veel islamisten in de regio het bewijs dat alleen geweld hen aan de macht kan brengen.

Ondertussen groeit het islamitisch bewustzijn onder druk van de soennitisch-sjiitische oorlog die in de regio woedt, en dient Islamitische Staat zich aan als de ware voortrekker van islamisten in de regio.

IS-provincie

Zeker drieduizend Tunesiërs hebben zich aangesloten bij Islamitische Staat in Syrië of Irak. Vele honderden vechten er aan de zijde van jihadisten in Libië. Ook in Tunesië zelf bestaan groepen die loyaal zijn aan IS of Al Qaida. Wapens uit het wetteloze Libië vergroten hun slagkracht. Terugkerende IS-strijders fungeren soms als slapende cellen, wachtend op de dag dat IS hen het bevel tot actie in Tunesië geeft. Anderen sluiten zich aan bij de Tunesische tak van Ansar al-Sharia. De Libische afdeling van deze groep was in 2012 verantwoordelijk voor de dood van de Amerikaanse ambassadeur tijdens een aanval op het Amerikaanse consulaat in de Libische hoofdstad Benghazi.

Dat betekent niet dat Islamitische Staat binnenkort de provincies Libië, Tunesië en Algerije erbij krijgt. Een terreurgroep in het noorden van de Egyptische Sinaïwoestijn verklaarde zich weliswaar onlangs tot provincie van IS, maar zelfs in die wetteloze regio is het Egyptische leger nog altijd veel sterker. In Libië moet IS concurreren met de aanwezigheid van groepen zoals Al Qaida en Ansar al-Sharia en allerlei jihadisten die meer lokale doelstellingen hebben. In Algerije is het leger veel sterker dan in Tunesië en voerde het in de jaren negentig een uiterst bloedige oorlog met islamisten.

Ook in Tunesië is het aantal jihadisten vooralsnog veel te klein om een middelgrote stad in te nemen, zoals IS dat deed met de Libische stad Sirte. Maar de regio zit in een draaikolk van radicale islam, gevoed door uiteenvallende staten en groeiende bewondering voor de successen van Islamitische Staat in Irak, Syrië en elders.

Zoals gisteren bleek, kan dat zelfs relatief stabiele landen aan het wankelen brengen. En dat is slecht nieuws voor Tunesië, dat tot voor kort gold als voorbeeld van hoe het verder moet na de Arabische Lente.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden