Woensdag 08/07/2020

Zuid-Afrikaans rijk van beroepsoplichter Lacote is bijna uit

Wie herinnert zich Jean-Claude Lacote nog? De Frans-Canadese Ivoriaan die momenteel met zijn Belgische vrouw Hilde Van Acker grote sier maakt in Zuid-Afrika bracht in 2000 staatssecretaris Pierre Chevalier ten val na de bijzonder onfrisse verkoop van een vliegtuig. Lacote had toen al een rekening openstaan bij het Belgische gerecht: die van de moord op de Brit Marcus Mitchell in 1996. Nu, tien jaar later, wil het Brugse parket de rekening vereffenen.

DOOR SUE SOMERS

Op 17 oktober behandelt het gerecht in Pretoria het Belgische uitleveringsverzoek van Jean-Claude Lacote (39). Veel illusies maken ze zich in Brugge niet meer: ons land vraagt al zeven jaar om zijn uitlevering. De kans dat het er deze keer van komt, wordt bijzonder klein geacht. Maar daar liggen ze in Brugge niet langer wakker van. Als Lacote niet naar België komt, dan wordt hij bij verstek voor een assisenhof gebracht. Met een veroordeling wegens moord moet een uitlevering net iets gemakkelijker te regelen zijn.

Ons land is overigens niet het enige dat Lacote op zijn verlanglijstje heeft staan. Lacote is het soort vrije wereldburger dat constant de wereld afreist en overal in spannende zaken is verwikkeld. In Canada werd hij in 1984 veroordeeld voor gewapende overval, drugsbezit, verschillende verkeersovertredingen, fraude en minachting voor het gerecht. Groot-Brittannië, Luxemburg, Frankrijk en Zwitserland zoeken hem wegens een schier onophoudelijke reeks oplichtingsdossiers. Afgelopen week werd bij Eurojust in Den Haag nog druk vergaderd over Lacote. Een privilege dat niet elke crimineel te beurt valt.

"Het is onwaarschijnlijk", zegt een Brugse magistraat. "Die man heeft nog nooit een frank op een eerlijke manier verdiend. Keer op keer slaagt hij erin nietsvermoedende slachtoffers op te lichten. En wanneer hij dreigt te worden ontmaskerd, schuift hij met verve de schuld in de schoenen van zijn slachtoffers. Over die man zijn boeken vol te schrijven. Een hoogst interessant figuur."

Overdreven? Allesbehalve. 'Zakenman' Jean-Claude Lacote bezit een privéjet en elf Ferrari's. Hij schept op over onroerend goed in de Verenigde Staten, Londen, Canada, Zuid-Afrika en Schotland, waar hij eigenaar zou zijn van een kasteel. Hij beweert de houder te zijn van een doctoraat in de politieke economie, leest Balzac en de grote filosofen. Zegt twee jaar te zijn getraind als paracommando in het Franse leger. Bedient zich van dertig verschillende identiteiten en stelt onomwonden dat hij werkt voor de Britse MI5, de Franse regering en de Duitse federale recherche.

België maakt voor het eerst kennis met deze kleurrijke figuur in 1996. Op 2 juni wordt hij samen met zijn latere echtgenote Hilde Van Acker opgepakt op de luchthaven van Charleroi. Het koppel staat op het punt naar Frankrijk te vertrekken met een privévliegtuig. Maar voor vluchten is het te laat: alletwee vliegen ze de cel in op verdenking van moord.

Enkele weken eerder ontdekten spelende kinderen in de duinen van De Haan het lijk van de 44-jarige Brit Marcus Mitchell. Hij was voor het laatst gezien in Knokke, waar hij een appartement huurde. Het was snel duidelijk dat het hier niet om een banale moord ging. Mitchell, een eenvoudige elektrotechnicus uit Dorking bij Londen, getrouwd en vader van drie kinderen, had twee negenmillimeterkogels in zijn hoofd die waren afgevuurd in de mondholte. Op zijn borst liet de dader een derde kogel achter. Moord in pure maffiastijl.

De dood van Mitchell, zo ontdekte de Brugse recherche, was het resultaat van een uit de hand gelopen oplichtingszaak. De Britse zakenman verkeerde in financiële moeilijkheden en was via een wederzijdse vriend voorgesteld aan Lacote. Die beloofde hem fabelachtige winsten wanneer hij investeerde in gps- en raketsystemen die zouden worden verkocht in Belgrado. Het was halverwege de jaren negentig, de burgeroorlog in ex-Joegoslavië woedde volop. Lacote, zo beweerde hij zelf, kende wel een aantal mannetjes die de wapens zouden kunnen leveren. Het enige wat Mitchell moest doen, was het geld bijeenbrengen.

Het is hier dat het meesterbrein van beroepsoplichter Lacote zich in al zijn glorie manifesteert. Volgens de Brugse recherche zou Mitchell het beloofde geld voor de investering, twintig miljoen frank, hebben gestolen van een Duitser, Kiefer, die Lacote op zijn beurt aan het oplichten was. Kiefer werd in 1999 veroordeeld tot twee jaar cel voor het lichter maken van een ASLK-kantoor in het Limburgse Rotem. Daar had Lacote zogezegd een bedrag voor hem geparkeerd op een rekening dat hij diende af te halen. Het kantoor trapte in de zorgvuldig opgezette val en betaalde Kiefer een miljoen Duitse mark uit, ongeveer twintig miljoen Belgische frank. Precies het bedrag dat Mitchell later van hem zou stelen.

De theorie van de wapensmokkel werd gevoed door Lacote zelf. Hij diste de Brugse speurders een verhaal op dat recht uit een spionageroman leek te komen. Zo was Mitchell een internationale wapenhandelaar die verwikkeld was in een plan om elektronische onderdelen voor raketten te leveren aan het Servische leger. Lacote was dan weer een informant die werkte voor de Britse inlichtingendienst MI5, het Duitse Bundeskriminalamt en de Franse geheime diensten.

Het was in die hoedanigheid van spion, aldus Lacote, dat hij Mitchell ontmoette in Belgrado. Ze zouden ook samen in Libië hebben onderhandeld over de verkoop van wapens aan Khadafi. Al die tijd was Lacote aan het werk voor verschillende opdrachtgevers. Bewijzen van zijn werkzaamheden als spion zijn nooit boven water gekomen, maar, zo betoogde Lacote, zo gaat dat nu eenmaal in de wereld van de spionnen.

"Allemaal onzin natuurlijk", zegt de Brugse magistraat. "Die grote wapenhandel diende als enscenering voor de oplichtpraktijken van Lacote. Mitchell heeft dat in de gaten gekregen en zijn geld teruggeëist, waarmee hij zijn doodsvonnis tekende. En om van Kiefer geen last meer te hebben, stuurde Lacote hem de baan op met een envelop die hij op een parkeerplaats langs de snelweg in Namen moest overhandigen aan een tussenpersoon. Lacote tipte de rijkswacht dat een Duitser met een behoorlijke lading drugs op zak die dag zou stoppen op de parkeerplaats. Probleem opgelost."

Lacote en Van Acker ontkenden aanvankelijk ook maar iets te maken te hebben met de moord op Mitchell. Maar een informant wees Lacote aan als de man aan wie hij een wapen had verkocht dat overeenstemde met het moordwapen. En de dag van de moord was Lacote opgemerkt op twintig kilometer van De Haan. In geen tijd ontrafelde het Brugse parket het netwerk van leugens dat Lacote rond zichzelf had geweven.

Het is op dat moment dat Pierre Chevalier, Brugs advocaat en destijds staatssecretaris van Buitenlandse Handel voor de VLD, opduikt in het dossier. Als raadsman van Lacote betoogt Chevalier voor de raadkamer en later voor de kamer van inbeschuldigingsstelling dat de aanwijzingen van schuld toch wel bijzonder mager zijn. Bij een derde verschijning voor de KI, na vier maanden voorhechtenis, krijgt Chevalier zijn cliënt vrij.

Lacote vertrok naar Zuid-Afrika, waar hij nog altijd vertoeft. Hilde Van Acker bleef aanvankelijk achter in België en werd een tweede keer gearresteerd op basis van nieuwe onderzoekselementen. Dat had ook met Lacote moeten gebeuren, maar tussen 1997 en 1999 raakte het Belgische gerecht zijn spoor bijster. Het blijft dan ook een groot vraagteken hoe Lacote er in 1997 in slaagde België binnen te glippen om de verkoop van zijn privéjet te regelen.

Een in Zwitserland wonende Zweed wilde het toestel kopen voor vijf miljoen dollar. Hij betaalde een voorschot van een half miljoen. Voor hij het resterende bedrag op tafel zou leggen, had hij van Lacote wel eerst een document nodig dat stelde dat hij een eerbare burger was met wie zaken kon worden gedaan. Geen probleem, zei Lacote, en hij haalde er zijn Belgische advocaat Pierre Chevalier bij, die bevestigde dat Lacote echt wel Lacote was.

Chevaliers handtekening op het bewijs van goed gedrag en zeden van Lacote kostte de Bruggeling uiteindelijk zijn post als staatssecretaris. Niet alleen had Chevalier beter moeten weten, het Zwitserse gerecht verweet hem actief te hebben meegeholpen aan oplichting. Nadat hij zijn voorschot van een half miljoen dollar had ontvangen, verdween Lacote immers met de noorderzon.

"Pas in juli 1999 hebben we hem opnieuw kunnen traceren", zegt het Brugse parket. "Toen zijn vriendin voor de tweede keer werd aangehouden, heeft hij de gerechtelijke politie in Brugge telefonisch bedreigd. Net op de dag dat we hem beet hadden, vertrok hij met zijn privévliegtuig richting Brazilië. Na een tussenlanding in Recife is hij naar Zuid-Afrika gevlogen. Daar hebben we hem een dag later laten oppakken en de eerste keer om zijn uitlevering verzocht."

Het werd de eerste van een reeks juridische farces in Zuid-Afrika. Lacote kocht zich vrij met een borgsom. Hij moest zich wel regelmatig aanmelden bij de politie, maar daar wist de flamboyante oplichter wel een mouw aan te passen: hij begon een nieuwe carrière als producer van het televisieprogramma Duty Calls, een docusoap over het werk van de politie.

"Beter kon hij niet zitten", zegt het Brugse parket smalend. "Hij liep binnen en buiten bij de politie alsof hij er kind aan huis was. Hij voorzag de korpsen waarmee hij samenwerkte van kogelvrije vesten, wat natuurlijk altijd is meegenomen in een land waar elke dag één politieman sterft."

De rogatoire commissie die het Belgische gerecht datzelfde jaar naar Zuid-Afrika stuurde, draaide uit op een schertsvertoning. Lacote eiste dat hij de vragen die de gerechtelijke politie hem wilde stellen over de moord drie dagen op voorhand kreeg. Op de dag van de afspraak verscheen hij geflankeerd door drie advocaten, die het woord voerden voor hem. Zelf sprak Lacote die dag geen woord.

Ondertussen bleef de Frans-Canadese Ivoriaan nietsvermoedende slachtoffers oplichten. Pas in juli dit jaar, twee jaar nadat hij door Lacote werd opgelicht, slaagde de Ierse miljonair Noel Hanley erin beslag te laten leggen op Lacotes villa in Observatory, een wijk in Johannesburg. Hanley, stichter van het Ierse Euroceltic Airways, had dringend geld nodig gehad om zijn kwakkelende luchtvaarmaatschappij te redden. Hij had vier gebruikte Fokker F-50's op het oog.

Lacote wilde gerust een handje helpen. Maar dan op zijn manier, onder de naam Roger Wilcox. Hanley liep er met open ogen in: toen de Ier het geld wilde opnemen dat 'Wilcox' bij de Zuid-Afrikaanse bank Absa had geparkeerd, ontdekte hij dat de rekening was leeggehaald.

Maar het Zuid-Afrikaanse rijk van Lacote is bijna uit. Het zou overdreven zijn te stellen dat ze in Brugge uitkijken naar de behandeling van het uitleveringsverzoek, dinsdag in Pretoria. De Belgische speurders gaan uit van een zoveelste njet en maken zich op om het moorddossier van Lacote af te sluiten, zodat het naar de KI kan. Wordt Lacote bij verstek veroordeeld wegens moord voor een assisenhof, dan kan hij na zijn eventuele uitlevering om een nieuw proces vragen. Benieuwd wie zijn advocaat wordt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234