Zondag 26/01/2020

Zonnige groeten uit Sint-Jans Molenbeek

Als één iemand scherp en streng is voor de inwoners van Molenbeek, dan komiek Ben Hamidou wel. Maar het is uit liefde, omdat hij erin gelooft. 'Theater geeft mij de mogelijkheid om te praten over de mensen die ik graag zie.'

"Ah oui, les mecs de Molenbeek!" Prompt gaat Ben Hamidou, een Brusselse komiek, als een volleerde macho onderuit hangen tegen de muur. Hij fluit tussen de tanden naar een ingebeelde vrouw die passeert. Zijn ogen keuren. "Zo scannen ze je hier. Van kop tot teen. Passeer dan maar eens als vrouw."

"Zonder theater was ik gek geworden", bekent Hamidou. Acteren is uitgegroeid tot een tweede natuur, zijn manier ook om het debat te openen. Hij deelt speldenprikjes uit aan de vaak erg gesloten Maghrebijnse gemeenschap in zijn Molenbeek. Hij kietelt op plekken waar het pijn kan doen. In de hoop dat het mensen zal doen opveren. "Praten over de problemen van de 'familie' waar je van houdt, is moeilijk. Theater creëert voor mij de nodige afstand om het toch te doen. Sommigen reageren gechoqueerd, anderen bevalt het. Maar ik doe het nooit met de voeten vooruit. Ik provoceer niet, ik gebruik humor om iets kleins in beweging te zetten."

Hij trekt naar de grote theaterzalen, maar nog liever speelt hij op het terrein. In de theehuizen langs de bekende Gentse Steenweg, doorgaans exclusief mannenterrein, probeert hij met zijn voorstellingen ook vrouwen binnen te sluizen. "Eén avond zonder voetbalmatch of Al Jazeera, onderhandel ik dan met de uitbater. En er moeten ook vrouwen binnen mogen. In het begin stemmen de patrons toe. Tot die dag echt nadert en ik ze er nog eens aan herinner. Vaak trekken ze dan hun staart in. Beweren ze dat er plotseling toch een belangrijke match is."

Met hun ballen in hun handen

Af en toe lukt het wel. En dan gebeurt er iets. Veel zelfs. Tongen komen los die doorgaans zwijgen. "Heerlijk om te spelen op plaatsen waar ze het niet gewend zijn. In een theehuis kun je ook vlak naast je publiek spelen. Dat maakt levendige reacties mogelijk, dat zorgt voor debat. Het publiek is heel divers. Marokkaanse mannen, gesluierde vrouwen, vrouwen zonder hoofddoek, Nederlands- en Franstaligen. Vaak lachen ze niet op hetzelfde moment. Ze reageren naargelang van hun eigen gevoeligheden."

Hamidou draait er zijn hand niet voor om om lokale mannen te imiteren die "met hun ballen in hun handen rondlopen". "Sommige vrouwen durven niet openlijk te lachen vanwege hun man, maar ik hoor hen regelmatig gniffelen achter hun sluier. Ik vind het geweldig, het geeft een dynamiek. Op die ongewone plaatsen herken je ook meteen de toeschouwers die nog nooit één voet in een theater hebben gezet. Zoals sommige vaste klanten van het theehuis. Die zitten in het midden. Helemaal uitgedost in smoking alsof het zondag is. Dan knikken ze me van ver heel ernstig toe. 'Ge ziet het: je suis venu, hein.'"

"Geweldig als mijn publiek lacht, maar het gaat mij om veel meer dan humor. Als ik op de scène ga staan,wil ik ook iets vertellen." En wel over de stad in de grootstad die hem zo lief is, maar velen zo beangstigt. "Hebt u de titel van Le Vif Express gezien deze week? Is Molenbeek de Bronx? Zo gechargeerd", schudt de immer minzame acteur het hoofd. "Ach, ze moeten ook verkopen", haalt hij de schouders op. "Maar het staat zo ver van mijn realiteit. Het getuigt ook van zo weinig respect voor de inwoners hier."

"Er is vandalisme, er is geweld, het is soms verschrikkelijk wat er gebeurt. Maar je mag het niet daar toe herleiden. Ik heb ook al sackjackings meegemaakt. Eén keer bij een mama met twee kindjes. Ze was aangevallen door twee Marokkaanse gastjes. Toen ze gilde, stroomden van overal mensen naar buiten. De daders waren weggevlucht, maar die vrouw werd meteen opgevangen. Een heleboel mensen hielpen haar, troostten haar en haar kleintjes, gaven haar wat te drinken. Verschillenden zijn met haar naar de politie gestapt om te getuigen en het aan te geven. Een situatie is nooit zwart-wit. De solidariteit is echt groot hier. Maar dat zie je enkel als je hier woont."

Gettoregels

"Wie hier nooit komt, bekijkt ons als dé allochtoon. Zoals velen omgekeerd over alle Vlamingen denken dat ze Bart De Wever zijn. Zo is het niet." Zelf groeide Hamidou hier op. Maar toen was Molenbeek nog een dorp. "Er was een bollenwinkel, een wijkbioscoop. Hier woonden Belgen, Italianen, Marokkanen. Met de ramadan nodigden mijn ouders onze buurvrouw Simone uit. Met kerst gingen wij bij haar op bezoek." Sindsdien is de wereld in sneltempo veranderd. "Mensen vergeten dat. In Iran heeft er een revolutie plaatsgevonden, de Muur is gevallen, Bin Laden heeft ons in de shit gestort en vele Arabieren hebben zich op zichzelf terug geplooid omdat ze zich niet meer aanvaard voelden."

"Vroeger waren hier veel meer spontane ontmoetingsplaatsen. Die mix van vroeger is vandaag zeldzaam geworden in Molenbeek. Niemand zegt graag dat hij in een getto woont, maar het is zo dat hier vandaag vooral mensen van Maghrebijnse origine wonen. En als mensen zich in de eigen gemeenschap terugtrekken, riskeer je onvermijdelijk dat zich af en toe een 'gettoregel' installeert. Hier zijn ook atheïstische, zelfs Joodse Marokkanen, maar soms lijkt het net alsof elke jonge Marokkaan moslim moet zijn. Wie tijdens de ramadan niet wil meedoen, moet zich verbergen. Je wordt scheef bekeken als je dat niet doet. Ik zeg het, maar vele anderen dénken het."

Molenbeek blijft hem inspireren. Hij bouwde er zijn carrière op en groeide zelf uit tot een rolmodel voor latere regisseurs als Ben Yadir, maker van Les Barons. Hoe hij die rol invult? "Ik ben lang niet het enige rolmodel", wuift hij het weg. "Ik ken Marokkanen zat uit deze wijk die het hebben gemaakt. De ene is bedrijfsleider, de andere tandarts, nog eentje is ingenieur. Maar die zie je niet. Die staan niet op straat te roepen: kijk eens hoe tof en cool ik ben. Nee, die zijn de hele dag aan het werk. Wie zie je wel? De gasten op de hoek van Ribeaucourt. En dat vertekent alles. Er is zo veel meer dan dat."

"Molenbeek heeft veel potentieel, er is een enorme rijkdom. Maar we moeten opletten: het is tijd om eraan te werken. Er moet meer geïnvesteerd worden. In werk, in scholen, maar vooral ook in een lokale dynamiek die mensen weer meer samenbrengt." Intussen blijft hij met een lach de vinger op de wonde leggen. "Eén voorstelling gaat over de rol van de vader. Waarom? Omdat ik merk dat veel tweede- en derdegeneratiemigranten zichzelf ontslaan van opvoeding. Je voedt je kind niet pas op zijn twaalfde op. Nee, je moet er voortdurend staan. Vanaf dag één."

Of hij probeert het machismo aan de kaak te stellen. "Onlangs had ik een voorstelling waarvoor ik me uitdoste als vrouw. Zoals altijd deelde ik affiches uit met de vraag ze op te hangen in de cafés. De meeste mannen aanvaardden die eerst ook. Ze kennen mij al. Tot ze die affiches echt bekeken. Toen ze mij verkleed zagen, wisten ze zich plotseling geen houding meer te geven. Dan zag je hen terugdeinsen, ze waren gechoqueerd maar durfden de affiche niet te weigeren."

Theaterles voor vrouwen

Aan Maghrebijnse vrouwen geeft hij theaterateliers. "Vaak ben ik er de enige vent in het gezelschap. Maar ze laten het toe. Blijf, jij bent een van ons, zeggen ze. Eén keer hebben ze zelfs hun hoofddoek afgedaan waar ik bij was. Ongelooflijk!" klinkt het ontroerd. Zijn toneelspeelsters worden er verrassend open. "Ze geven toe dat er straten zijn waar ze als vrouw niet durven te komen. Sommigen stappen in het centrum de metro op zonder hoofddoek en sluieren zich als ze weer boven komen in Molenbeek. Daar proberen we iets aan te doen."

Hij bewondert de vrouwen, maar houdt ook hen een spiegel voor. "Ze klagen over hun broers, ze klagen over hun man. Af en toe vraag ik hen: 'Maar waarom voeden jullie je zoon dan op naar het voorbeeld van je man?' Vaak zijn zij ook de bewaarders van de traditie. Maar ze zijn ontzettend sterk. Eén keer kreeg een speelster onverwacht telefoon van haar man tijdens de repetitie. 'Ik ben zo thuis', loog ze. 'Ik ben nog even inkopen aan het doen.' Vijf minuten voor ze op scène moest! Geen probleem, zei ze, en begon haar rol vol vuur te spelen. Toen haar act voorbij was, nam ze haar karretje, knoopte haar hoofddoek om en haastte zich naar huis."

Af en toe stoot hij onverhoeds op taboes waar hij zelf stil van wordt. "Tijdens een repetitie nam ik een vrouw bij de arm. 'Ga jij daar op de scène staan', wou ik haar wijzen, tot ik haar voelde verstijven onder mijn aanraking. Ik wist meteen: dit zit heel diep. Dus liet ik haar los en heb ik me meteen geëxcuseerd. Ze werd vuurrood. 'Zo ben ik nog nooit aangeraakt door een andere man', zei ze stil. Die vrouw was 37."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234