Donderdag 23/01/2020

Zonder mijter of staf

Aan sinterklaasboeken geen gebrek, zo slim zijn de meeste uitgeverijen wel. Gelukkig zit tussen de vele klassieke, eerder clichématige variaties af en toe een witte raaf. 'Wie klopt daar?' is er zo eentje. Patrick Jordens

Eigenlijk is het niet eens een sintverhaal, of toch niet in de strikte zin het woord, in tegenstelling tot wat de titel van dit prentenboek doet vermoeden. "De winter kwam, of dacht je dat hij zich liet tegenhouden? Hij bracht het vroege donker mee, ijsbloemen, en dik dichtgevroren sloten", zo klinkt de poëtische aanhef van een rasechte wintervertelling. Bart Moeyaert neemt ons mee naar een tijd waarin de ijzige koude voor de meeste mensen én dieren nog zware hongersnood en ontbering betekende. Moos is een mager paard dat op een dag van de gladde weg glijdt, en niet meer in staat is om weer overeind te krabbelen op zijn veel te dunne poten. De boer, eigenaar van het arme beest, wil het dier zo snel mogelijk uit zijn lijden verlossen en roept er de slager bij. Ook de slager scheurt net als iedereen van de honger. Hij hoopt als dank voor zijn diensten een stevig stukje paardenvlees te bemachtigen. Maar de boer stuurt hem met een list de laan uit, en zet daar zijn drie uit de kluiten gewassen zoontjes voor in. Als de slager de list doorziet, slaan de stoppen door...

Al komt het aan het eind toch nog allemaal goed, echt opbeurend valt het relaas van Wie klopt daar? niet te noemen. De levensomstandigheden van de personages zijn zodanig hard dat er van onderlinge solidariteit amper sprake is. Wilde Moeyaert misschien alluderen op de huidige crisis? Maar zelfs al is de ondertoon vrij donker, de schrijver slaagt er toch in om het verhaal met een bijna vanzelfsprekende lichtheid en directheid te serveren. Dat heeft onder meer te maken met de muzikaliteit van zijn beeldend taalgebruik. Als Moeyaert drie meisjes opvoert die langs de kant van de weg staan te bedelen en hopen dat de slager iets voor hen in petto zal hebben, beschrijft hij hun gedachten als volgt: "Hun speeksel kregen ze bijna niet weggeslikt. Op een vuurtje in hun hoofd stond een pan, met daarin een stuk vlees dat kiste in de boter, het maakte niet uit of het een worst was, van de bil of de borst was. Het gat in hun maag moest dichtgemetst." Moeyaert kruidt zijn strak gecomponeerde tekst nu en dan ook met licht archaïsche woorden, en refereert op die manier aan oude volkslegendes waar zijn vertelling ongetwijfeld op gebaseerd is.

Sullig minimum

De robuuste tekeningen van Gerda Dendooven zijn een gedroomde aanvulling op het sfeervolle proza. Ondanks - of misschien net dankzij - hun massieve, soms karikaturale verschijning hebben haar figuren iets onbeholpens, waardoor je als lezer of kijker moeiteloos met hen meeleeft. Dendooven voegt er zo ook fijn gedoseerde humor aan toe. Knap overigens hoe ze erin slaagt om vooral via lichaamshoudingen en motoriek een grote expressiviteit te verlenen aan de personages, terwijl ze de gezichtsuitdrukking meestal tot een eerder sullig minimum beperkt. Een mooie vondst zijn ook de tegeltjes in Delfts blauw op de schutbladen bij het begin en eind van het boek. Het geeft het geheel een zekere naïviteit, waar het anders misschien iets te guur was geweest.

Wie klopt daar? verenigt het talent van twee doorgewinterde artiesten, en plaatst het bekende sinterklaasgegeven in een verrassend perspectief. Bovenal is het een vlotte, indringend 'ouderwetse' vertelling, ideaal om bij een knisperend haardvuur of onder de wol van te genieten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234