Vrijdag 20/05/2022

Zomer van het Spannende Boek Maffia gedijt op zuidelijke bodem Italië is een land met twee gezichten: een natte droom van cultuur, gastronomie en voetbal. Politiek, crimineel en televisueel een nachtmerrie. Niet te verwonderen dus dat er heel wat true crime het licht ziet. Door Joost Houtman Aanpak van de fluwelen handschoen

Bijna 85 is Andrea Camilleri (°1925), maar er is nog zoveel om voor te strijden. Nog zoveel om over te schrijven. Het woord ‘maffia’ komt zelden voor in Camilleri’s boeken over Commissario Montalbano. Het is meer een onzichtbaar, altijd aanwezig personage. “De maffia is een palm. Hij gedijt op zuidelijke bodem, maar elk jaar rukt hij wel enkele centimeters richting het noorden op.” In Het abc van de maffia noemt Camilleri wel man en paard. Het is dan ook geen roman, maar een non-fictienaslagwerk over het reilen en zeilen van de in oorsprong Siciliaanse maffia. In korte hoofdstukken, alfabetisch gerangschikt, vertelt Camilleri hoe Bernardo Provenzano deze organisatie jaar en dag in het grootste geheim leidde.

Bernardo Provenzano - Bennie de tractor voor de vrienden - is het hoofdpersonage in dit boek. Een verdomd intrigerende man. Hij slaagde er zo maar eventjes in 43 (!) jaar lang uit de handen van de politie te blijven. In 1963 koos hij noodgedwongen voor een leven op de vlucht. Een slecht genomen pasfoto uit 1959 was dan ook het enige wat de carabinieri hadden als leidraad.

In 1974 werd hij CFO (‘de boekhouder’) van de maffia onder leiding van CEO Toto ‘Het Beest’ Riina. Provenzano had het niet zo met Riina’s meedogenloze bommenterreur tegen magistraten. Te veel overkill. Toen Riina in 1993 werd gearresteerd, klom Provenzano op tot capo di tutti capi. Hij koos meteen voor een andere strategie. Andrea Camilleri schetst prachtig hoe duivels geslepen Provenzano te werk ging om het imago van de maffia op te poetsen. Geen gedoe: geen bom- of moordaanslagen meer. Provenzano koos voor een onderduikstrategie. De aanpak van de fluwelen handschoen. Hij wilde adviezen geven... meer primus inter pares zijn dan dictator.

Provenzano, 43 jaar op de vlucht

De machtigste maffiabaas van The Guardian-verslaggeefster Clare Longrigg focust ook op die merkwaardige Provenzano en is eveneens een wonderbaarlijke leestrip. Je begint die ultragelovige Provenzano zelfs bijna te appreciëren. Bijna. Clevere kerel. Telefoons kunnen afgetapt worden, e-mails onderschept. Dan maar piepkleine briefjes, pizzini, schrijven die via ontelbare tussenstations hun bestemming bereiken. Hoe die briefjes gecodeerd worden en uiteindelijk hun bestemming bereiken is voer voor een nieuw spelprogramma à la De Mol (Woestijnvis). En zeker heerlijk leesvoer. Op 11 april 2006 wordt Provenzano eindelijk gevat na 43 jaar vlucht. Clare Longrigg citeert een cynische procureur in De machtigste maffiabaas: “We hebben Provenzano, maar als je de staart van een hagedis afhakt, groeit er natuurlijk wel weer een nieuwe aan.”

Eenzame strijd tegen de camorra

Raffaele Cantone (°1963), voormalig officier van justitie bij het antimaffiadistrict van Napels, was verantwoordelijk voor het onderzoek van de maffiatak camorra, ook beschreven door Roberto Saviano in zijn bestseller Gomorra. Raffaele Cantone had een belangrijk aandeel in de arrestatie van de grootste leiders van de camorra. Onder anderen Francesco Schiavone, bekend als Sandokan, Francesco Bidognetti, Augusto La Torre en Mario Edwards werden door hem veroordeeld. Cantone leeft onder constante bescherming. De Italiaanse maffia heeft immers een premie op zijn hoofd gezet. De man voert een eenzame strijd, maar kan het voorlopig (jawel) nog navertellen.

De man kan schrijven, of, anders verwoord, de vertaler is een genie. Feit is dat de cynische werkwijze van de camorra genadeloos wordt blootgelegd: bouwfraude, witwasserij, corruptie in Rome en het plan om de auteur Roberto Saviano om te brengen. Bijzondere aandacht gaat uit naar de machtigste camorraclan, die van de Casalesi.

In de greep van protectiegeld

Ook Rosaria Capacchione - al jaar en dag misdaadverslaggeefster voor diverse media en al herhaaldelijk bedreigd - bijt zich in dit onderwerp vast in Het goud van de camorra.

Een hevige strijd woedt. Beide protagonisten heten Francesco, Schiavone en Bidognetti. Cantone heeft ze allebei, net als hun opvolger Michele Zagaria achter de tralies weten te krijgen. Toch zijn de zaken niet opgelost. Er heerst immers een ‘pax maffiosa’. Rosaria Capacchione merkt bitter op: “In het arme Zuid-Italië is de maffia een van de weinige manieren om carrière te maken. Van ‘nesumo mischiato con niente’, ‘niemand vermengd met niets’ kan je opklimmen tot iemand met aanzien.”

Alles staat of valt met het protectiegeld. Het is de basisactiviteit die het geld moet opleveren om de clanleden te betalen en andere initiatieven te nemen, zoals handel in vastgoed, deelname aan de bouw van wegen en spoorlijnen, het houden van buffels ten behoeve van de mozzarellaproductie, drugshandel, illegale afvalverwerking en het witwassen van het zwart verdiende geld... Bijzonder interessant is hoe zowel Cantone als Capacchione laten zien hoe vanuit dat protectiegeld een warme zakenrelatie kan groeien. Als een ondernemer, die zich aanvankelijk gekant heeft tegen het betalen van smeergeld, al dan niet onder bedreiging toch toegeeft, komt hij meestal in direct contact met de capo van de clan, die, als hij intelligent is, zich bereid toont hem minder te laten betalen dan het aanvankelijk gevraagde bedrag. Zo ontstaat het begin van een band en de ondernemer bedenkt dat hij de clan ook wel eens om hulp kan vragen als hij een probleem heeft (zoals een oneerlijke concurrent, een lastige werknemer of een wanbetaler). De boss zorgt ervoor dat zulke problemen prompt worden opgelost. En als je weet dat in het dorp Mondragone het protectiegeld door de plaatselijke wijkagent werd opgehaald, weet je genoeg.

Link Berlusconi en de maffia

De Duitse Petra Reski (°1958) reisde als prille twintiger in haar roestige Renault 4 helemaal naar Italië om de locaties van The Godfather te fotograferen. Vanaf dan dompelt Reski zich onder in de mysterieuze wereld van geheime misdaadkartels. Zoveel jaar later is ze uitgegroeid tot de maffia-autoriteit bij uitstek. Ze woont en werkt in Italië en schrijft artikels voor het weekblad Die Zeit over overlopers, maffia-advocaten en de verwevenheid politiek-maffia. Ze werd al meermaals bedreigd. Aanleiding voor Maffia is de Duisburgslachting van 2007. Alle daders en slachtoffers in dit Duitse stadje hadden hun roots in het mooie rustieke Italiaanse dorpje San Luca.

Het dient gezegd: dit boek leest heerlijk weg. Relatief korte hoofdstukken worden opgehangen aan telkens één centraal personage. Een maffiajager, een maffia-advocate, een foute pater, een strijdvaardige pater, een Duitse commissaris met obligate hangsnor... Reski schrijft over iedereen even doorleefd en vlot: “Op Sicilië klinkt het woord ‘voortvluchtig’ zo vertrouwd als een aantekening in het register van de burgerlijke stand. Ongehuwd, getrouwd, voortvluchtig.” De betere documentaire, maar dan op papier. Ze krijgt op haar tocht door maffialand hulp van twee hevige Italiaanse furies: moeder en dochter Letizia en Shobha Battaglia. Deze twee fotografen hebben hun familienaam alleszins niet gestolen. Deze dames laten zien dat de maffia een politiek probleem is met historische en sociale wortels. Of het nu de overheid is of de kerk, elk instituut is in Italië ‘besmet’ door de maffia. Reski toont aan hoe moeilijk de strijd tegen de maffia is in ‘de laars’. Zijne Uitzendende Hoogheid krijgt er dan ook flink van langs in het boek. Oompje Silvio kon immers zijn Forza Italia alleen maar oprichten met de steun van de maffia. En daar staat dan natuurlijk een prijs tegenover. Ronduit hallucinant is hoeveel feiten de auteur verzameld heeft over de link tussen Berlusconi en de maffia. Dat de auteur goed geïnformeerd is, mag blijken uit de vele dreigementen die haar te beurt vallen en de rechtszaken die haar om de oren vliegen. Sommige passages zijn dan ook op gerechtelijk bevel zwartgemaakt in het boek. Duitse gründlichkeit gecombineerd met Italiaanse flair en folklore. Met af en toe de nodige ironie. Het is een mix die werkt.

Het oneerbare parcours van Papi

Niet echt true crime, maar toch pijnlijk dat het in dit rijtje terechtkomt, is Papi van de alom gerespecteerde journalisten Peter Gomez, Marco Lillo en Marco Travaglio. De puberale verleidingspogingen à la “Met jou zou ik overal naartoe gaan. Ik zou meteen met je trouwen, ware het niet dat ik al getrouwd ben”, buiten beschouwing gelaten, is dit een bijzonder pijnlijk boek. Dat zo’n man premier kan worden, leider van de politieke partij Il Popolo della Libertà, eigenaar van het Italiaanse media-imperium Mediaset, een van de eigenaren van de voetbalclub AC Milan en professioneel ‘snoeper’... Veel van de jongedames die in allerlei schandalen rondom Berlusconi verwikkeld raakten, zetelen nu in het Europees Parlement. Om over de minderjarige Letizia maar te zwijgen. Papi heeft het toch mooi voor elkaar gekregen. Maar er is - zo beweert het boek in een smeuïg taaltje - weinig eerbaars aan het parcours van ’s lands eerste minister.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234