Dinsdag 19/10/2021

Lesbos na de crisis

Zomer in Lesbos, na de drenkelingen: één terrastafeltje bezet en het is verdomme hoogseizoen

Toen de bootvluchtelingen kwamen hebben de inwoners van Lesbos alles gedaan om te helpen. Nu worden ze afgestraft met lege restauranttafeltjes en uitgestorven hotels. Want bij het horen van de naam Lesbos denkt de toerist alleen nog maar aan drenkelingen.

WINTER 2015

Als je vreemde stemmen hoort op de heuvel, is er iets aan de hand. Normaal klinkt het ruisen van de zee. Misschien het gemekker van een schaap. Maar die ochtend in februari 2015 hoort ondernemer Dirk Braam (59) geroezemoes. "Verwacht jij iemand?", vraagt hij de vrouw die dan nog zijn echtgenote is.

Ze wonen sinds 2011 in dit lichte huis op Lesbos. Braam heeft het aanvankelijk laten aanleggen als vakantiehuis. Als eigenaar van een reisorganisatie zag hij in de jaren 80 en 90 vele landen. Lesbos was het mooiste eiland van allemaal.

De reisorganisatie heeft hij voor een leuke som verkocht en op Lesbos zette Braam een nieuw bedrijfje op dat samenwerkte met touroperator Corendon. Een lucratief en tamelijk stressvrij bestaan. Hij bezoekt de hotels voor de folders en regelt de hostess en de touringcars die de mensen van het vliegveld halen. Nederlanders hebben een belangrijk aandeel in de toeristenstroom hier. Vaak een tikje oudere vakantiegangers, die rust en natuur zoeken en 's avonds in de haven een visje weg prikken.

Om Lesbos aantrekkelijker te maken voor jongeren, heeft Braam met twee anderen de eerste nachtclub van Molyvos geopend. In de Oxy kon je 's zomers tot zonsopgang dansen met een waanzinnig uitzicht over de baai. Maar nu is het februari, dan heerst op Lesbos de stilte. Dus wat zijn toch die stemmen buiten? Moet je kijken, zegt zijn vrouw. Braam stapt het trapje bij het zwembad op en ineens ziet hij hen. Op het pad langs het huis telt hij tien, twintig, nee zeker veertig mensen, druipend van het zeewater.

"We are looking for the police office", zegt een van hen. Ze komen uit Syrië en hebben vanaf Turkije in een rubberboot de oversteek gemaakt. Braam loopt het huis in om thee voor hen te zetten. Wat moeten ze hier nu toch mee?

LENTE 2015

Met het voorjaar keren de hitte en de toeristen terug. Maar dit jaar komen daar de bootmigranten bij. Tientallen, honderden, duizenden. Als Braam vanaf de rand van zijn zwembad richting Turkije kijkt, ziet hij de boten als zwarte stipjes in het blauwe water steeds groter worden. Soms ziet hij tien stipjes tegelijk.

Gearriveerde migranten willen met de veerboot naar Athene. Daarvoor moeten ze naar de haven aan de andere kant van het eiland. Busvervoer is er nauwelijks, dus lopen ze de 60 kilometer, duizenden mensen, lussend door de groene heuvels. Het doet Braam denken aan plaatjes uit geschiedenisboeken. Een exodus.

Braam en zijn vrouw hebben vijf slaapkamers in het huis op de heuvel. Heeft hij een keus? Ze stellen hun woning open, zodat de meest getraumatiseerde migranten een dag of twee kunnen bijkomen. Gefascineerd luistert hij naar hun verhalen. Braam had zich nooit beziggehouden met het conflict in het Midden-Oosten. Hij was altijd een commerciële levensgenieter geweest, veel geld verdienen, het breed laten hangen. Ineens lijkt dat minder belangrijk. Het voelt alsof hij zich midden in de geschiedschrijving bevindt. Dat heeft ook iets moois.

ZOMER 2015

Vissers verslepen rubberboten en helpen mensen aan land, soms meer dood dan levend. Restauranteigenaren delen voedsel uit, dorpsbewoners brengen droge kleren. Dit kunnen ze als dorpje van tweeduizend zielen toch niet aan, zeggen de inwoners van Molyvos tegen elkaar, er zal toch wel snel hulp komen? Van Athene, van de EU, van de internationale organisaties? Maar het wordt zomer en de hulp komt niet.

Intussen kamperen migranten op een parkeerplaats aan de rand van het dorp. Mensen doen er hun behoefte, afval slingert rond, binnen de kortste keren is het een mesthoop.

Dit is de eerste plek die toeristen zien als ze Molyvos binnenrijden. Sommigen reageren ontzet, anderen vragen of ze kunnen helpen. Klachten horen ze bij Corendon nauwelijks. Maar Braam heeft genoeg ervaring om te weten dat dit de doodsteek voor het eiland is. Toeristen gaan op vakantie om hun problemen te vergeten, niet om te worden geconfronteerd met wereldleed.

Misschien wel 60 procent van de bewoners van Molyvos is financieel afhankelijk van het toerisme. Er moet iets gebeuren, schrijft Braam in een opiniestuk in de lokale krant, de opvang van bootvluchtelingen moet beter georganiseerd. Anders raakt Lesbos als vakantiebestemming voorgoed besmet.

HERFST 2015

De foto's van drenkelingen hebben in alle kranten gestaan, de toeristen blijven weg. In plaats daarvan brengt de herfst de ngo's naar Lesbos. Ze koloniseren ons eiland, schamperen sommige Grieken bij het zien van al die buitenlanders met hun goede bedoelingen.

Braams vrouw is inmiddels terug naar Nederland. De hele situatie had veel druk gezet op hun toch al wankele huwelijk, ze besloten uit elkaar te gaan.

Dus zit hij die woensdag 28 oktober alleen bij het Aegean Café, waar hij zo vaak komt, als de kustwachtboot met alarmerende lichtsignalen op de kade afstevent. De dorpsbewoners weten dat ze dan klaar moeten staan. Braam veert op. Dorpsgenoten komen aangesneld met aluminiumfolie en dekens. In noodtempo worden er onderkoelde lichamen de kade op gedragen. Het is zo hectisch dat Braam niet weet wat te doen.

Een restauranteigenaar neemt een blauw kleurende baby in zijn armen en probeert het kind onder zijn vest op te warmen. Het lukt niet. Nog nooit hoorde Braam zoiets afschuwelijks als de schreeuw van de vader, toen die ontdekte dat zijn kind het niet ging halen.

WINTER 2016

Als de kou inzet en Molyvos leegloopt, vertrekt Braam vaak voor langere tijd naar zijn huis in Leiden. In zijn stamcafé vragen vrienden hoe het gaat op het eiland. Bij een biertje vertelt hij de bizarre verhalen van migranten, over gebombardeerde huizen en ouders die hun kind verliezen op zee. Na 5 minuten verslapt de aandacht. Dan willen mensen weer kletsen over voetbal.

Later op de avond zijn er altijd wel een paar die roepen dat 'ze' onze banen inpikten of dat het terroristen zijn. Kom kijken, zegt Braam, en biedt zelfs aan tickets te betalen. Als je het met eigen ogen ziet, piep je wel anders.

Ze komen natuurlijk niet. Hij trekt dat soort types niet meer. Hij wist hun nummers uit zijn telefoon.

Terug op Lesbos maakt hij met twee eilandbewoners en een Macedonische hulpverleenster plannen voor een hulpproject voor vluchtelingenkinderen in Libanon. Hij weet ook wel dat het een druppel op een gloeiende plaat is. Liever één druppel dan helemaal geen druppel.

ZOMER 2016

De ober van Aegean Café zet een espresso voor Braam neer. De kater bonkt in zijn hoofd. Hij heeft vanochtend vanuit de Oxy de zon zien opkomen. De club is deze zomer drie dagen per week open in plaats van zeven, dan is het nog net rendabel.

Sinds maart komen er nauwelijks migranten aan. Verkopers in de souvenirshops in de knusse klinkerstraatjes van Molyvos zitten als vanouds tussen hun aanbod van olijfolie en leren tasjes. De stranden zijn opgeruimd, de zee schittert aanlokkelijk in de zon. Niets herinnert nog aan de tragedies van afgelopen jaar.

Zo werkt het echter niet met beeldvorming. De verdrinkende mensen staan bij elke potentiële toerist op het netvlies gebrand. Braam heeft Corendon gesmeekt dit seizoen de vluchten naar Lesbos niet te schrappen. Ze sturen nu één toestel per week, dat met moeite vol komt. Vorig jaar werkte Braam nog met zes mensen in het lokale reisagentschap, nu besteedt hij het werk uit aan één collega.

De haven weerspiegelt de stilte. Eén terrastafeltje bezet en het is verdomme hoogseizoen. Nu moet het geld worden verdiend voor de winter.

Braam kan desnoods terug naar Nederland. Maar voor de andere inwoners van Molyvos is dit een ramp. Eerst alles gedaan om migranten te helpen, nu afgestraft met lege restauranttafeltjes en uitgestorven hotels. Ze voelen zich verraden.

De eigenaars van zijn favoriete restaurant hebben hun zaak begin dit jaar gesloten. Ze runnen nu een Grieks winkeltje in Keulen. Vorige week heeft een dorpsgenoot met financiële problemen zelfmoord gepleegd.

Na een paar ouzo komen de nachtmerrieverhalen soms boven. Vissers hebben lichamen aangetroffen in hun netten, vrijwilligers kinderen zien sterven. Was dit in Nederland gebeurd, dan zat het hele dorp nu bij de psycholoog. Maar in Griekenland doen ze niet aan nazorg. Ook niet aan voorzorg trouwens.

Verdomme, zijn aansteker is leeg. Door al dat gedoe is hij na twintig jaar weer begonnen met roken. Hij vraagt een vuurtje aan de Griek verderop. "Hou maar", zegt de man met zonnebril. Braam geeft de aansteker terug. "Nee echt, ik heb nog een andere", zegt de man.

Dat is nou typisch Lesbos, denkt Braam. Alles delen, al had je niks. De mensen van Molyvos verdienen deze ellende niet.

Alles hebben ze op Lesbos gedaan om de migranten te helpen en nu worden ze afgestraft met lege hotels en terrassen.

De souvenirverkoper

Archontia Vourou (48)

"De zaken zijn dit jaar met 90 procent verslechterd. Onze bestsellers zijn de lokaal geproduceerde olijfolie en honing, of een pakketje met ouzo en kruiden van het eiland. De uitstalling van potten en flesjes die je hier in de winkel ziet staan, moest ik vorig seizoen drie keer bijbestellen. Nu heb ik nog niet een keer hoeven aanvullen.

"Mijn familie moet leven van deze winkel en van het toeristentreintje. Daar rijdt het net voorbij. Je ziet het, het is leeg. Ik ben bang dat ik mijn zoons niet meer kan laten studeren. Als het volgend jaar niet aantrekt, moeten we de zaak sluiten en emigreren. Dan worden we zelf vluchteling."

De restauranthouder

Jorgos Voursoukis (38)

"Mijn restaurant serveerde altijd typisch Griekse gerechten, maar dit jaar zijn we overgegaan op de Italiaanse keuken. Daar hoop ik me meer mee te kunnen onderscheiden. Belangrijker nog is dat je de bereiding voor Italiaanse gerechten meer op het moment zelf kunt doen. Griekse schotels zoals moussaka moet je op voorraad hebben. Omdat er zo weinig klanten zijn, moesten we steeds veel weggooien. Nu serveren we dus alleen nog versbereide maaltijden, zodat we minder verspillen.

"Mijn omzet in juni was de helft van juni vorig jaar. Ik heb een extra baantje moeten nemen als nachtwaker van een leegstaand ngo-kamp."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234