Donderdag 28/10/2021

InterviewFront 242

‘Zolang onze knieën het trekken, gaan we door’

Frot 242. Beeld MOTHMEISTER
Frot 242.Beeld MOTHMEISTER

Wie had destijds kunnen bevroeden dat veertig jaar na hun oprichting (in Aarschot, of all places) Front 242 nog altijd springlevend zou zijn? Wat heet: in niet-coronatijden verkoopt Deux Quat’ Deux met de vingers in de neus middelgrote zalen uit van Londen tot Parijs en van Praag tot São Paulo. En hun bekendste nummer, ‘Headhunter’, werd eind vorig jaar naar een meer dan terechte vijfde plaats gestemd in de eerste ‘New Wave 100’ van de digitale radiozender Willy. Eén plaats hoger dan ‘Love Will Tear Us Apart’ van Joy Division.

Patrick Codenys, toetsenist: “Weet je wat volgens mij het fundament is van de slechte relatie die Front 242 altijd heeft gehad met de geschreven pers? Toen wij begonnen, in de tijd van Napoleon, werden muziekjournalisten feitelijk betaald door de grote platenfirma’s: ze mochten overal backstage, en werden voor showcases naar Londen of Manchester gevlogen. Maar wij hadden geen grote platenfirma achter ons staan, omdat men toen nog geen idee had hoe je elektronische muziek in de markt moest zetten. Dat kwam pas in de jaren 90, met bands als Underworld, The Prodigy en Chemical Brothers.”

Richard ‘Richard 23' Jonckheere, frontman: “Elektronische muziek werd toen ook nog niet als echte muziek beschouwd. En wij niet als echte muzikanten, omdat we met de beste wil van de wereld geen instrument konden bespelen. Nog steeds niet, trouwens. Al hebben we met Tim (Kroker, red.) nu wel een drummer in de rangen.”

Jullie paramilitaire outfits deden ook niet veel goeds: men betichtte jullie van extreemrechtse sympathieën.

Codenys: “Volkomen uit de lucht gegrepen, lees er onze songteksten maar op na.”

Richard 23: “Na de allereerste editie van Pukkelpop – Leopoldsburg, 1985 – werd er zelfs geschreven dat wij fascisten waren. En inderdaad: vanuit een bepaalde hoek gefotografeerd deed het Front-logo op onze armbanden daadwerkelijk een beetje denken aan het logo van de SS. Incroyable.”

Codenys: “Rock-’n-roll zou toch rebels moeten zijn? Dan déden we eens iets dat buiten de lijntjes kleurde, was het nog niet goed. (lacht)

Rammstein kan ervan meespreken.

Codenys: “Welja, en KISS ook: die dubbele S stond zogezegd ook voor de SS. Maar KISS, dat zijn Joden!”

Richard 23: “Pas op, die commando-outfits droegen we enkel in de eerste jaren. Ze pasten goed bij onze muziek, en ze waren goedkoop – we kochten ze in de Stock Américain – maar we wilden niet worden als de Ramones, die hun leven lang aan hun imago waren vastgeklonken. Vanaf de late jaren 80 hebben we dus geregeld van outfit gewisseld. Al bleven we wel veelal zwarte kledij dragen, waar een zekere dreiging van uitging.”

Dat jullie het allemaal niet te serieus namen, mag blijken uit de door Anton Corbijn geregisseerde clip bij ‘Tragedy (for You)’ – mijn favoriete Front 242-nummer. Die stoere zwartleren jas boven die korte broek was toch pure comedy?

Richard 23: “Niet voor mij op dat moment. (lacht) Mon dieu, die Corbijn heeft me laten afzien! Die clip is gedraaid in Zuid-Spanje, in de woestijn waar vroeger spaghettiwesterns werden opgenomen. 45 graden was het, maar Anton stond erop dat ik nog iets ‘typisch Front’ zou dragen boven die korte broek. ‘Waarom je leren jas niet, Richard?’ Enfin, de clip mag er zijn.”

Codenys: “Mag ik nog even terugkomen op Rammstein?”

By all means.

Codenys: “De grootste vergissing die de meeste Belgische bands maken, is dat ze willen klinken als Britten of Amerikanen. ‘Wow, dit klinkt als Radiohead!’, hoor je dan, maar so what? Radiohead bestaat toch al? En waarom zou een Brit in ’s hemelsnaam geïnteresseerd zijn in Ozark Henry als hij Coldplay al heeft? Hoe goed Ozark Henry ook mag zijn. Rammstein heeft het in mijn ogen veel beter aangepakt: in essentie is hun muziek door en door Duits.”

Richard 23: “Internationaal scoren met Duitstalige teksten: faut le faire, hè?”

Codenys: “Zo hebben wij ook altijd een door en door Belgische band willen zijn.”

Wat maakt Front 242 zo typisch Belgisch?

Codenys: “De smeltkroes van geluiden. Wij Belgen zijn als sponzen: we absorberen alles. Vergeet niet dat we één van de eerste landen waren met zoveel tv-zenders: al in de vroege jaren 80 keken we hier naar ZDF, Avro, TF1, BBC, noem maar op. Die smeltkroes vind je in alles terug. We hebben iets Latijns, iets melodieus en zwierigs, maar ook iets Germaans, iets gedisciplineerds. ‘Tragedy (for You)’ is daar een perfect voorbeeld van. En ikzelf ook: mijn vader is een Vlaming, mijn moeder een Française.”

Richard 23: “Het nadeel aan een klein land als België is dat je hier al snel in cirkeltjes rondloopt. Wij hebben ons dat al heel vroeg gerealiseerd, en wilden dus zo snel mogelijk naar het buitenland. Zo ontdekten we ook nog eens iets nieuws, hè? Tijdens onze eerste tournee door de VS, in 1984, werden we niet betaald, maar dat deerde ons niet: we waren dolgelukkig dat we de kans kregen om een andere cultuur te leren kennen. Wat wisten wij van Amerika, buiten wat we zagen in films en tv-series?”

Codenys: “De VS waren destijds nog niet klaar voor elektronische muziek. ‘Je kunt je drumstel daar zetten, in het midden, en je gitaarversterkers ginder’, ging dat dan in pakweg Phoenix of Atlanta, in een zaal waar anders iedere avond een rockband optrad. ‘Ja maar, wij hébben geen drummer. En een gitarist al evenmin’ – ‘Hoe, maar jullie zijn toch een band?’ (lacht) Daniel (Bressanutti, red.), die altijd onze livemixen heeft gedaan, zat vóór onze optredens vaak drie of vier uur te zwoegen om het enigszins oké te laten klinken.”

Richard 23: “Maar het was een fantastisch avontuur. Ik was amper 21, hè?”

Richard 23. Beeld Gie Knaeps
Richard 23.Beeld Gie Knaeps

In de documentaire die Belpop in 2008 aan jullie wijdde, heeft Luc Van Acker het op een gegeven moment over jullie tweede Amerikaanse tournee, in 1994: ‘K’s Choice stond in Los Angeles voor twintig man op te treden, terwijl Front 242 op dezelfde dag voor een uitverkochte zaal van 7.000 man speelde.’

Richard 23: “Een Franstalige journalist is op dit moment de geschiedenis van de band aan het schrijven – 800 pagina’s, heeft hij ons beloofd – en als officiële Front-archivaris ben ik verantwoordelijk voor het aanleveren van de foto’s. Zo stuitte ik een paar weken geleden op een foto van een Amerikaanse concertaffiche van K’s Choice, waarop in koeien van letters ‘ONLY 5 DOLLARS!’ stond gekalkt. De platenfirma van K’s Choice wilde hen pushen in de States, begrijp je? Nu heb ik voor de rest absoluut niks tegen K’s Choice, maar destijds maakte het me wel pissig dat er in de pers vele pagina’s werden gewijd aan hun Amerikaanse avonturen, terwijl niemand iets over ons schreef.”

Codenys: “Als we willen opscheppen, dan zijn er tal van voorbeelden. In Santiago de Chile speelde dEUS voor 80 man, wij de dag erop in dezelfde zaal voor 650 man. Maar what’s the point? Het is geen competitie.”

Richard 23: “De tekenaar van SpongeBob SquarePants is een grote fan van ons, wist je dat? We zijn hier in Brussel eens iets met hem gaan drinken, en hij vertelde dat hij Front regelmatig opzette tijdens het tekenen. Meer zelfs: hij verzon het figuurtje SpongeBob SquarePants terwijl hij naar Front 242 aan het luisteren was! Eén keer traden we in Parijs op, en wie stond in de frontstage te pogoën? SpongeBob SquarePants!”

Een niet overdreven enthousiaste Herman Schueremans herinnerde zich – in die Belpop-docu waar ik het daarnet over had – dat jullie altijd buitengewoon luid speelden.

Codenys: “Hoe zeg je? (lacht) Nee, serieus, aan mijn oren mankeer ik niks.”

Richard 23: “Ik heb al dertig jaar de klok rond tinnitus. Maar in essentie is mijn gehoor nog goed voor mijn leeftijd.”

Wat is de meerwaarde van luid spelen?

Codenys: “Impact. Zeker in onze eerste twintig jaar speelden we korte, gebalde sets in echte commandostijl. Veel rook, veel stroboscooplichten, keiharde drillmuziek.”

Richard 23: “Luid spelen is een drug. Vergelijk het met…”

Pikant eten?

Richard 23: “Exact! Je blijft het doen, ook al weet je dat de volgende dag je popotin in brand staat.”

De tijden zijn veranderd, wat dat betreft.

Codenys: “Tegenwoordig kun je tijdens Front-concerten rustig een babbeltje slaan met je buurman: hoe surrealistisch is dát? De huidige geluidsnormen zijn een drama voor Front, ik ga daar eerlijk in zijn.”

Richard 23: “Er zijn wel trucs om ermee om te gaan. Daniel zorgt er altijd voor dat hij bij een traag nummer wat gas terugneemt, zodat hij er bij de volgende twee nummers weer vol tegenaan kan gaan. Je kunt even een vrij hoog decibelniveau aanhouden voordat het blok er weer op gaat.”

Codenys: “Om er voor onszelf een mouw aan te passen, zetten we op onze koptelefoons de muziek luider dan in de zaal. (lacht) Maar het blijft een probleem.”

Richard 23: “Pfff, tegenwoordig mag je sowieso niks meer. Bijna nergens kun je nog roken, je mag op steeds minder plaatsen drinken…”

Je mag niet meer vechten op het podium.

Codenys: “Wij vochten niet, dat was choreografie. (hilariteit)

Richard 23: “Ecoute, in de jaren 80 waren praktisch alle optredens van elektronische bands doodsaai. Wij hielden wel van de platen van The Human League, maar niet van hun optredens: die waren vervelend en bloedeloos. Op het podium hebben wij altijd de energie willen uitstralen die we kenden van de punk. De punkconcerten waar ik als herboren naar buiten ben gegaan, zijn niet op twee handen te tellen.”

Codenys: “Bon, we zijn geen 25 meer. Tegenwoordig zorgen we ervoor dat we om de zoveel heftige nummers een rustig nummer inbouwen.”

Richard 23: “Ik ben dan nog de jongste van de groep (58, red.), maar ook ik merk dat ik mijn tijd anders indeel. ’t Is hetzelfde als op het voetbalveld: vroeger dacht ik niet na en vloog ik er gewoon in; nu komt er wat meer strategie bij kijken.”

Jij voetbalt?

Richard 23: “Ik héb gevoetbald. Maar sinds ik ben geopereerd aan mijn beide knieën en aan mijn rug, fiets ik.”

Codenys: “Ik ben lang ref geweest in het amateurvoetbal, maar daar ben ik vijf jaar geleden ook mee gestopt. Nu is het podium onze sport. Tot de coronacrisis, dan toch.”

Richard 23: “De outfits voor wat onze nieuwe wereldtournee moest worden, ‘Black to Square One’, verhullen weinig, dus ik was serieus aan het diëten geslagen. (lacht) 7 kilo was ik kwijt toen plots alles gecanceld werd door corona. Je begrijpt: die 7 kilo waren in geen tijd terug, plus nog een kilo extra. Nu ben ik dus maar opnieuw op dieet gegaan, want het ziet ernaar uit dat we eind augustus op Sinner’s Day spelen in Oostende, en daarna aan onze wereldtournee beginnen.”

Jullie hebben tijdens die tournee geen nieuwe plaat te promoten. Sterker: jullie hebben al geen nieuw werk meer uitgebracht sinds 2003.

Richard 23: “We hebben een paar keer een poging gewaagd, maar niemand in de groep was echt tevreden. Waarom zou je het dan uitbrengen? Meerdere platenlabels hebben ons substantiële bedragen geboden om een plaat voor hen te maken, maar zo werkt het bij ons niet.”

Codenys: “Wat alles heeft veranderd in de muziekindustrie, is het feit dat bands amper nog platen verkopen. Dat heeft me alleen maar gesterkt in het idee dat het belangrijkste creatieve platform van Front 242 de concerten zijn. Je hebt lichtspots waarmee je kunt werken, je hebt choreografie, je hebt een decor, je hebt de directe respons van je publiek. Plus: het is nét dat tikje opwindender dan een heel jaar in een studio zitten zwoegen.”

Richard 23: “Da’s een understatement.”

Codenys: “Veel mensen zien ons als vernieuwers: ik beschouw dat als een compliment, maar ik weet ook wel dat de tijd van vernieuwen ver achter ons ligt.”

Richard 23: “Op onze leeftijd hebben we toch ook niks meer te bewijzen? We just have to serve. Zolang mijn knieën het trekken, dan toch.”

Front 242 speelt op 25 augustus op Sinner’s Day Special. Info en tickets via sinnersday.com.

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234