Zondag 25/10/2020

InterviewFamilieklap

Zoë en Bouba Kalala: ‘Als Zoë mijn zus niet was, waren we een koppel’

Bouba: ‘Als Zoë echt boos was, brak ze mijn PlayStation-spelletje in twee.’Beeld Bob Van Mol

De oudste is 25 en net afgestudeerd. Haar zoektocht naar een droomjob is begonnen, al weet ze wel waar ze heen wil. De ­ander (23) deed als jongste deel­nemer ooit mee aan De mol, werkte bij ­StuBru en ging onlangs aan de slag als adviseur sociale media bij sp.a. Zoë en Bouba Kalala, zus en broer.

BOUBA

“Mijn zus en ik weten alles van elkaar. Er gaat geen dag voorbij zonder dat we elkaar gehoord hebben. Wij weten zelfs op elk moment van de dag waar de ander is. En vaak belt Zoë ook gewoon zomaar: ‘Wat ben je aan het doen? Wat ga je eten?’

“Onze WhatsApp staat trouwens vol met filmpjes van honden. Als we een hond tegenkomen, filmen we die stiekem. Onlangs kreeg ik van Zoë wel zes van die filmpjes na elkaar, zonder één woord uitleg: een hond op de trein, nog eens diezelfde hond op de trein, een hond op straat… (lacht)

“Ook met onze moeder hebben we zo’n sterke band. We waren altijd met ons drietjes, zonder papa. Al heel klein wisten we wat er gaande was, mama heeft nooit alsof gedaan, ook als het financieel even tegenzat. Dan wisten mijn zus en ik dat we ons moesten aanpassen en niet om spullen moesten vragen. In de week werkte mama op kantoor, in het weekend in de horeca, en toch bleef er tijd over om samen te gaan picknicken en te zwemmen.

“Heel af en toe dook papa weer eens op: ‘Ik kom je straks halen om naar zee te gaan!’, liet hij bijvoorbeeld weten. Dan stond ik vruchteloos op hem te wachten aan de voordeur, zoals in de film, tot ik besefte: putain, hij gaat niet komen hè. Ook dan stond mama klaar om me mee te nemen naar de airshow of de motorcross. Zo was ze. Nu ik volwassen ben, vraag ik me af waar ze de tijd en de energie vandaan haalde.

“Ik denk, of vrees, dat mijn lat nu heel hoog ligt, op het vlak van meisjes. Ik heb nog maar één keer een lief gehad. Mijn voorbeeldfiguren, mama en Zoë, zijn dan ook nogal on point. (lacht) Ik heb eigenlijk ook gewoon een Zoë nodig. Hoe zij eruitziet, haar haren, haar stijl, hoe ze is. Als ze mijn zus niet was, zouden wij samen zijn, haha!”

(Zoë gilt: “Dat zeg jij!”)

“Wij waren als kleine kindjes ooit in Brussel toen het begon te sneeuwen. Daarna gingen we lekker warm terug naar huis, en was ik Zoë ineens kwijt. Bleek dat ze voor het raam stond te huilen, omdat ze aan al die daklozen in de stad dacht. En dat waren niet zomaar wat traantjes, hè: ze was gewoon ziek van verdriet. Dat snapte ik als kind totaal niet, wij kenden die mensen toch niet?

“Haar spreekbeurt in het zesde studiejaar ging niet over ijsberen of paarden, maar over kindsoldaten in Oost-Congo. Dat was hard, haar klasgenootjes begrepen er niks van, maar de meester zei: goed. Zoë wilde al voor ngo’s werken voor ik wist wat een ngo was. Ook haar studies en haar stage bij het Vlaams Parlement deed ze niet met het idee: ik ga veel money maken om met een dikke koesj te rijden, nee: ik ga op een hoge functie geraken om dan anderen te kunnen helpen.

“Pas op, wij konden ruziemaken hoor, als kind. Wij hadden een tijdje de gewoonte om al ruziënd naar de keuken te gaan en een zo groot mogelijk mes te nemen. Dan stonden we zo tegenover elkaar: ‘Wa gade doen, hè?’ En als ze echt boos was, brak ze mijn PlayStation-spelletje in twee. Wat eigenlijk kei-erg was voor mama, want die spelletjes kosten veel geld.

“Eén keer heb ik Zoë een mep verkocht. En wat doet zij? Ze neemt de afstandsbediening van de tv en begint op haar eigen hoofd te meppen, om een nog grotere bult aan mama te kunnen tonen. Ik riep: ‘Maar mama, ze heeft het erger gemaakt!’ Dat klonk natuurlijk superongeloofwaardig. Zelfs mama had toen zoiets van: ‘Vecht het uit, ik heb hier niks mee te maken’.” (lacht)

Zoë: ‘Ik heb gehuild toen hij uit ‘De mol’ lag. Maar ik vond het superleuk om hem bezig te zien, Bouba was helemaal zichzelf.’Beeld Bob Van Mol

ZOË

“Onlangs lag ik in bed, ik was al ingedommeld en had mijn gsm op vliegtuigmodus gezet. Plots werd ik wakker met het besef: ik moet iets sturen naar Bouba. ‘Hé, ça va?’, schreef ik. En meteen kreeg ik terug: ‘Neeeee...’ Hij had blijkbaar een rotdag gehad. Misschien is het toeval, maar zulke dingen gebeuren wel vaker, alsof wij elkaar aanvoelen van een afstand.

“Ik was altijd heel beschermend. Op de speelplaats in de lagere school deed ik mijn eigen ding, maar ik hield wel altijd één oog op Bouba gericht. En nog altijd kan ik er niet tegen als iemand kritiek heeft. Toen onlangs in de kranten stond dat Bouba van job ging veranderen, verschenen er overal van die racistische tweets. Zelf trok hij zich dat niet aan, maar ik heb toen een woedende Instagram-story gemaakt die massaal werd gedeeld.

De mol, dat was echt waanzin. Na de eerste aflevering waren we met mama in Leuven te voet onderweg naar een restaurant. Overal kwamen mensen aan het raam staan kijken. Zo vreemd, Bouba was toen nog maar net negentien. Ineens was ik ‘de zus van’, in plaats van andersom. Van de ene op de andere dag stonden ze in de rij voor een selfie. Als we uitgingen, moesten we echt rond hem dansen, in een cirkel, om te vermijden dat hij constant aangeklampt werd. Hij is zelfs een paar keer buitengezet door een café-uitbater, omdat het binnen té heftig werd.

“Eén keer was er een kerel die maar bleef babbelen en aan zijn mouw trekken, toen heeft mijn vriend Felix die vent letterlijk opgepakt, in het midden van een zin, en een paar meter verderop weer neergezet. (lacht) Nu is die waanzin wel overgewaaid. Zeker in Brussel, daar geeft niemand er nog om. Ik heb wel gehuild toen hij eruit lag. Ik vond het superleuk om hem bezig te zien, Bouba was helemaal zichzelf.

“En nu is hij beschermend voor mij. Ik ben net afgestudeerd en een job aan het zoeken die aansluit op mijn studies Handelswetenschappen en Gender en Diversiteit. Hij zei vandaag nog: ‘Je moet niks doen dat je niet graag doet, hè, ik help je wel als het nodig is!’ Ik kijk er wel écht naar uit om te beginnen werken, na zeven jaar studeren. Al mijn vrienden zijn al aan het werk en ik moet nog altijd zeggen: ‘pas op, studentenbudget!’.

“Over een aantal jaar gaan Bouba en ik samen een consultancybedrijf beginnen. We hebben al een plan: we willen werken rond inclusie en diversiteit. De samenleving wordt diverser en zaakvoerders beginnen zich te realiseren dat het goed is voor hun bedrijf als ze mensen van kleur aannemen. En niet alleen in de poetsploeg, nee, ik heb het echt over hogerop klimmen. Voor mijn businessplan is er ruimte op de markt, zeker weten. Ik ga me bezighouden met de inhoudelijke kant, mama krijgt ook een rol, en Bouba kan voor de klanten zorgen en zo. Al zal ik hem wel moeten temmen op bepaalde vlakken.”

(Bouba: “Tesla’s voor iedereen!”)

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234