Dinsdag 31/01/2023

Zo word je rijk

De aandelenhandel is in topvorm. Deze week nog brak de Brusselse Bel20-index door de muur van de 3.000 punten. Het komt er dus op aan te weten waar je je geld moet beleggen. Schrijver en journalist P.J. O'Rourke, ooit een radicale hippie en nu de goeroe van het Amerikaanse vrijemarktdenken, weet er alles over. In dit eerste deel van zijn artikel legt hij de fundamenten bloot van de beleggingsindustrie.

Wat moet een mens eigenlijk met zijn geld? Voor een bepaalde leeftijd - laten we zeggen een jaar of 26 - is het antwoord eenvoudig: maak het allemaal op, en dat van je ouders ook als je daar de kans toe krijgt. Na een bepaalde leeftijd is het antwoord ook eenvoudig: geef geen cent meer uit. Pot het allemaal op. Stuur je kleinkinderen op hun verjaardag een kraakvers honderdfrankbiljet. Maar in de periode ertussenin, tussen de allereerste tekenen van haaruitval en je eerste hoorapparaat, word je verondersteld te 'investeren'. Dat zegt de investeringsindustrie namelijk. Dat zeggen ook alle tijdschriften en nieuwsbrieven over investeren. En je investeringsconsulenten zijn ook al unaniem in hun advies: investeer. Prima. Maar investeren veronderstelt een bepaalde basiskennis van investeringen, en daarmee bedoel ik niet weten welke bedrijfsobligaties zullen stijgen en welke zullen dalen, maar nog veel essentiëlere kennis dan dat. Zoals: wat is in 's hemelsnaam is een bedrijfsobligatie?

Er zijn twee grote categorieën investeringen: schuld en aandelenvermogen. Schuld betekent het uitlenen van geld. Een bedrijfsobligatie van General Motors is bijvoorbeeld een 'schuldinstrument'. Je leent geld aan GM en GM belooft je dat geld te zullen terugbetalen, met interest. Je spaarrekening is ook een schuldinstrument. Je leent geld aan de bank en de bank belooft dat je het weer mag afhalen. Wel jammer dat je minder interest krijgt dan als je een sok vol oude stuivers onder je bed zou bewaren. En je zichtrekening is ook al een schuldinstrument. Je leent geld aan de bank en de bank... rekent er beheerskosten voor aan?... plus kosten voor kaarten en cheques? Dat verklaart waarschijnlijk waarom pistoolzwaaiende lui het zo vaak op banken gemunt hebben en zo zelden op GM. Verschillende bedrijven, zoals Standard & Poor's, geven obligaties een bepaalde rating tussen AAA en D om je te helpen inschatten hoe veilig je investering is. Een D-obligatie is zoals geld dat je aan je jongere broer leent, terwijl een AAA-obligatie geld is dat je aan je jongere broer leent als je zelf een maffiabaas bent. Staatsobligaties krijgen geen rating en worden als 'risicoloos' beschouwd - tenzij blijkt dat Vince Foster nog leeft en Irak de bom heeft, natuurlijk.

Obligaties die als rating BB of lager krijgen, worden junk bonds genoemd. Junk bonds zijn gewoon leningen met een hoog risico, die om die reden ook meer interesten opleveren. Het negatieve saldo op je kredietkaartrekening is in wezen een junk bond die VISA van je heeft. Er is geen onderpand, behalve de Banana Republic-sweater die de hond net heeft opgepeuzeld. En VISA weet precies wat je Standard & Poor's-rating zou zijn als je er een had. VISA weet meer over je dan je ouders en je psychotherapeut samen. Er is een goede reden waarom je via je kredietkaartrekeningen zo uitgemolken wordt.

Junk bonds zijn - anders dan de naam doet vermoeden - geen echte rotzooi. De meeste van die leningen worden wel degelijk terugbetaald. De benaming 'junk' is afkomstig van de beroemde (en bij momenten ook opgesloten) Michael Milken, die voor het speculatieve (en nu verdwenen) beleggingsfonds Drexel Burnham Lambert werkte. Milken kwam met een briljante marketingstrategie op de proppen om junk bonds te verkopen. Ouderwetse obligatiemakelaars verkochten junk bonds meestal door te zeggen: "Tjonge, die zijn riskant". Milken verkocht ze door te zeggen: "Jeetje, die leveren veel interest op". De ouderwetse makelaars hebben het hem nooit vergeven; vandaar dat alle soorten effecten met hoge opbrengst nu 'junk bonds' genoemd worden.

Schuld betekent in feite dat je geld verhuurt aan iemand. Aandelenvermogen betekent dat je iets van hem koopt. Als je een gewoon aandeel van een bedrijf koopt in plaats van een bedrijfsobligatie, dan bezit je dus een deel van dat bedrijf. Je krijgt dan ook niet zomaar je lening terugbetaald, je deelt in de winst. Meer bepaald: je deelt in de winst die overblijft nadat het bedrijf belastingen heeft betaald, zijn obligatieschulden heeft terugbetaald en zijn andere voorafgaande verplichtingen is nagekomen, enorme bonussen heeft uitbetaald aan de bedrijfsleiders, een deel van de winst heeft gebruikt om andere bedrijven en Indonesisch vastgoed te kopen en een ander deel van de inkomsten heeft gereserveerd voor het geval het volgend jaar nog meer bedrijven of Indonesisch vastgoed moet kopen. De winst die dan overblijft krijg jij dus, of beter gezegd - aangezien er allicht enkele miljoenen gewone aandelen in omloop zijn - je krijgt 0,0001 procent van die winst.

Dat is je 'aandelendividend'. O ja, en omdat je ook een van de eigenaars van het bedrijf bent, mag je ook stemmen over bedrijfsaangelegenheden. Dat betekent dat je om de zoveel tijd iets in de bus krijgt wat een 'bewijs van volmacht' heet. Met dat document kun je stemmen voor de mensen die zichzelf die enorme bonussen uitbetalen. Als je dat niet wil, kun je ook naar de jaarlijkse algemene vergadering van het bedrijf gaan (die dit jaar in Indonesië plaatsvindt). Van helemaal achterin de zaal mag je dan als een soort Ralph Nadir-kloon schrille vragen gaan staan schreeuwen.

Gewone aandelen koop je zelden voor het dividend en bijna nooit voor het stemrecht (tenzij je ineens 1.000.001 aandelen koopt). Je koopt aandelen omdat je een bepaalde mening hebt: je denkt dat andere mensen later zullen denken dat de aandelen meer waard zijn dan jij nu denkt dat ze waard zijn. Economen noemen dit - een zeldzaam voorbeeld van begrijpelijke economische terminologie - 'De Theorie van de Nog Grotere Gek'.

Over gekken gesproken, je kunt ook nog beleggen op de goederenbeurs. Dat is een plaats waar je duizenden varkensbuiken koopt en toch niet weet wat je vanavond zult eten. Ten eerste ben je namelijk bankroet doordat je op de goederenbeurs rotzooit en ten tweede ben je niet helemaal gek. Je hebt die duizenden varkens dan ook niet echt aan huis laten leveren. Je hebt wel een futures contract, een termijncontract, afgesloten met iemand die beloofd heeft dat hij je over een paar maanden varkensbuiken zal leveren als jij nu voor varkensbuiken betaalt. Je hebt dat gedaan omdat je denkt dat de prijs van varkensbuiken zal stijgen en dat je het leveringscontract zult kunnen doorverkopen en voor de rest van je leven... nou ja, 'het zwijn uithangen' is misschien niet de meest geschikte beeldspraak in dit verband. Als de prijzen dalen, blijf je natuurlijk zelf met de buiken zitten. Zullen je huisgenoten vreemd van opkijken.

De reden waarom je bankroet gaat op de goederenbeurs - of bezwijkt onder de cholesterol in de worstjes - is dat je er durft om te wedden dat je meer over het product in kwestie weet dan de fabrikanten en de consumenten zelf. Neem het iets minder lachwekkende voorbeeld van de veefutures. De producenten - de veefokkers - hebben een tamelijk goed beeld van hoe het met de kweek staat: zij kunnen namelijk hun kalveren tellen. Als ze de indruk hebben dat het een schitterend jaar met een grote veestapel wordt, zullen ze al vroeg veefutures verkopen zodat ze zelf niet het slachtoffer worden van de dalende prijzen als al dat rundvlees tegelijk op de markt komt. Op dezelfde manier heeft een consument - laten we zeggen Burger King - een goed beeld van hoe het met de hamburgerbusiness gesteld is. En de mensen bij Burger King weten hoeveel runderen ze nodig hebben om al hun hamburgers te maken (ongeveer twee). Als ze denken dat het slecht gaat met Whoppers, zullen ze geen veefutures kopen, maar proberen te profiteren van de komende overvloed aan rundvlees.

Door dat alles kun jij dus hoog kopen en laag verkopen. De producenten en consumenten van een bepaald product weten een heleboel over de markt voor dat product, en jij weet dat je beleggingsportefeuille vol zit met rottend vlees.

Als je een future koopt, doe je eigenlijk een derde soort investering die noch schuld noch aandelenkapitaal is. Niemand is je namelijk iets verschuldigd, maar je bezit eigenlijk ook nog niets. Wat je gekocht hebt is een van die zogenaamd supercomplexe en naar verluidt ook vreselijk afschrikwekkende dingen die 'derivaten' genoemd worden.

Weet je nog hoe in 1995 een halfgeschoolde en halfwassen dilettant in Singapore wat met derivaten aanmodderde en Engelands oeroude en nobele Barings Bank op de knieën dwong, waardoor iedereen in de House of Lords nu noodgedwongen frieten verkoopt? Te oordelen naar hoe het Barings in Singapore en jou op de goederenmarkt verging, zijn derivaten inderdaad tamelijk griezelige dingen. Toch deden jullie beide in feite niets anders dan een deal sluiten met andere mensen in de markt.

Een derivaat is dus een deal over kopen en verkopen, en niet het kopen of verkopen zelf. Als je een derivaat in je bezit hebt, heb je dus alleen de overeenkomst die je gesloten hebt. Je hebt beloofd een bepaalde prijs te betalen of aan te rekenen voor een bepaald goed dat op een bepaald tijdstip geleverd zal worden. Wat het allemaal nog een beetje verwarrender maakt, is dat die belofte zelf ook weer gekocht en verkocht kan worden. Derivaten worden zo genoemd omdat hun waarde 'afgeleid' is van andere, meer voor de hand liggende investeringen, zoals het bezitten van varkens, vaarzen, Barings of iets anders. Die dingen worden dan de 'onderliggende goederen' genoemd. Het derivaat is de deal; het onderliggende goed is datgene waar de deal over gaat.

Er zijn vier soorten derivaten: futures, forwards, opties en swaps. Een future is, zoals we al leerden, iets waarvoor je nu de gangbare prijs betaalt maar dat je pas later krijgt, zelfs als je het dan niet meer wil.

Een forward betekent dat vandaag een prijs bepaald wordt voor een transactie die pas morgen voltrokken zal worden. Het verschil tussen een future en een forward is dat je bij een forward pas met enige vertraging bij de neus genomen wordt.

Een optie is de aankoop (of verkoop) van een gegarandeerde prijs. Een aandelenoptie betekent dat je in plaats van een stom pak aandelen te kopen voor X frank, je een belofte van iemand koopt om je dat stomme pak te verkopen voor X frank, als en wanneer je je stom genoeg voelt om het te kopen.

Bij een swap gaat het meestal om verschillende munteenheden of interestvoeten of iets anders dat geweldig fluctueert, en waar grote bedrijven weleens mee in de knoop raken. Een currency swap zou er bijvoorbeeld kunnen komen als Black & Decker voor 100 miljoen frank uitstaande vorderingen in Franse franken heeft door kaasboren te verkopen aan de Parijzenaren. Procter & Gamble van zijn kant heeft nog voor 100 miljoen frank lires te goed door pastashampoo te verkopen aan de Florentijnen. Black & Decker vreest dat de Franse frank in waarde zal dalen voor het dat geld in handen krijgt. Procter & Gamble vreest dat de lire in waarde zal dalen. Dus gaan ze over tot een currency swap: ze ruilen Franse franken en lires ter waarde van 50 miljoen frank. Nu heeft elk bedrijf dus twee dingen om zich zorgen over te maken: Fransen franken en lires. Deze techniek wordt hedging genoemd, indekking tegen wisselkoersrisico's. Hedging geeft investeringsprofessionals een beter gevoel, net zoals je ook minder last hebt van hoofdpijn als je een betonblok op je tenen laat vallen.

Derivaten kunnen zelf ook voor behoorlijk wat hoofdpijn zorgen. Je kunt opties op futures swaps kopen, bijvoorbeeld. En er zijn derivaten in elke markt - landbouwproducten, aandelen, obligaties, munteenheden, edele metalen enz. Ik vroeg ooit aan een bedrijfsleider uit Wall Street of hij mij alstublieft wilde uitleggen wat derivaten zijn, en hij antwoordde: "Een derivaat is elk financieel instrument dat jij begrijpt en je baas niet."

Derivaten zijn riskant, maar om dat risico gaat het ook net. Derivaten zijn een manier om risico te kopen en te verkopen. Grote risico's betekenen grote opbrengsten. Sommige mensen kunnen zich meer risico veroorloven. Sommige mensen houden van meer risico. En sommige mensen zijn net zo'n angsthazen als ik.

Of je het leuk vindt of niet, met derivaten heb je hoe dan ook te maken. Je hypotheeklening met herzienbare rentevoet is eigenlijk een derivaat: je hebt een lening gekregen die op dit ogenblik goedkoper is dan een lening met vaste rentevoet. In ruil daarvoor neem je een risico. Dat risico houdt in dat de interest die je in de toekomst moet betalen berekend zal worden aan de hand van een formule waarin de obligatierente op lange termijn voorkomt en de onderbroekenmaat van je bankdirecteur. In dit geval is het onderliggende goed bankiersvet.

Er is maar één verschil tussen een derivaat kopen en je schoonbroer voorstellen om in ruil voor zijn motorboot de borgsom te betalen als hij de gevangenis ingaat op verdenking van seks met minderjarigen. In de financiële wereld kun je zo'n deal altijd in een 'pakket' stoppen en samen met een aantal andere derivaten aan iemand anders doorverkopen. In de echte wereld zal men waarschijnlijk niet echt veel geld veil hebben voor je 'investeringsopportuniteit', omdat men weet dat je schoonbroer van plan is ertussenuit te knijpen met een meisje dat nagelverlengingen doet en aan de andere kant van het land een nieuw leven wil beginnen onder een valse naam. Maar door het waterkansje dat je zus eerst zijn benen breekt en je schoonbroer alsnog voor de rechter komt, zal iemand die van risico's houdt heel misschien toch nog z'n geld terugkrijgen, en een prachtige schuit met Mercury-buitenboordmotor erbovenop. En dat allemaal voor de prijs van die paar drankjes die hij je ooit in een bar heeft aangeboden.

© Los Angeles Times Syndicate

Vertaling: Wim Coessens

Volgende week: Wat doet de beleggingsindustrie eigenlijk, en hoe kun je daar zelf je voordeel mee doen?

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234