Maandag 23/09/2019

Zo creëert Facebook een nieuwe verzuiling

Wat verbindt het verzet tegen een lezing van staatssecretaris Theo Francken (N-VA) met de roep om ontslag van Dyab Abou Jahjah? Een nieuwe verzuiling, waarin sommigen enkel in de comfortzone van het eigen gelijk kamperen. Niet langer ideologie of afkomst is bepalend, wel een algoritme. Bart Eeckhout

Mogelijk zullen sommige lezers van De Morgener aanstoot aan nemen dat in dit stuk de verdediging wordt opgenomen van het recht van staatssecretaris Francken om een lezing te geven aan de VUB. Dat moet dan toch maar even. Juist dat ongemak is namelijk tekenend voor een tijdsgeest waarin de vrijheid van meningsuiting vaak versmald wordt tot de absolute en exclusieve vrijheid van de eigen mening.

Anderhalf jaar na #jesuischarlie kan die erosie van de vrije meningsuiting verbazen. Of net niet. Want ook de principieel uiteraard zeer gerechtvaardigde solidariteit met de slachtoffers van de door terroristen uitgemoorde redactie van Charlie Hebdo werd al ten dele aangewakkerd door mensen die het vooral prettig vonden dat het tijdschrift provoceerde in een richting die hen goed uitkwam.

Wat de vreselijke jihadi-aanslag op Charlie Hebdo alleszins niet bewerkstelligd heeft, is een bezinning over polarisering. Met polarisering is op zich niets mis. Scherpte kan standpunten verhelderen, uit botsing komt vooruitgang. Eigen aan polarisering is wel dat er twee polen zijn. Het is het bewustzijn van en respect voor die andere pool dat onder druk staat.

'Charlie' had een tragisch maar uitstekend moment kunnen zijn om het respect voor de soms storend afwijkende 'andere' mening weer te koesteren als een bewijs van onze vrijheid en gelijkwaardigheid. Is niet gebeurd. Integendeel, er lijkt enkel meer verkramptheid te zijn. Uit het recht om uit te dagen volgt voor velen niet de nochtans logische plicht om zelf uitdaging te verdragen.

Links is daarin niet beter dan rechts. Dat bleek dus afgelopen week nog eens, toen een lezing van Theo Francken aan de VUB geannuleerd diende te worden, na volhardend extreemlinks protest voor de deur van de universiteitszaal. Een klein maar significant incident.

Significant is bijvoorbeeld dat als tegenargumenten nogal wat false equivalents worden rondgestrooid. Dat Francken zelf de vrije opinie inperkt door tegenstrevers te blokkeren op Twitter bijvoorbeeld (wat inderdaad een beetje onnozel is, maar waarmee voorts niemand het spreken wordt belet). Of dat Francken op eerdere lezingen journalisten uit de zaal had geweerd (wat bij navraag niet echt bleek te kloppen, maar wat wel met de allure van fake news verspreid raakte op sociale media).

Nog significanter is het spandoek 'Freedom for all' dat ter protest ontrold werd. De ironie dat 'vrijheid' ingezet wordt als argument om iemand het spreken te beletten, ontging de demonstranten. Zij menen oprecht dat andersdenkenden zoals een N-VA-staatssecretaris niet de vrijheid moet hebben om te spreken op 'hun' universiteit.

Safe space

Dat je dit soort verzet aan de universiteit krijgt, is niet helemaal toevallig. Vanuit progressieve Amerikaanse universiteiten komt het nogal problematische concept van de safe space overgewaaid. Oorspronkelijk waren safe spaces plekken op de campus waar holebi's gegarandeerd gevrijwaard bleven van pesterijen of agressie. Gaandeweg is het idee verbreed tot plekken waar enkel gelijkgestemden getolereerd worden en tegenspraak uit den boze is.

Sommigen menen dus blijkbaar dat de hele VUB een safe space moet zijn, waar bijvoorbeeld een flink rechtse blik op migratie ongehoord moet blijven. Op die rechtse koers valt zeer veel zeer legitieme kritiek uit te oefenen. Maar voor tegenspraak moet je wel bereid zijn de ander het woord te verlenen.

Dit komt niet uit de lucht vallen. De uitdijende safe spaces zijn de fysieke variant van wat we in de virtuele sociale media hebben leren kennen als de filterbubbel. Sociale media filteren nieuwsprikkels op basis van wat ze menen dat de gebruiker 'leuk' vindt. Zo komen al die gebruikers terecht in een stolp van zelfbevestiging. Enkel het eigen perspectief van de werkelijkheid dringt nog door.

Dat is om verschillende redenen een probleem. Facebook (en in veel mindere mate Twitter en andere) heeft een dominante en stilaan monopoliserende impact op hoe wij digitaal nieuws consumeren. Het is de Facebook-tijdslijn die onze nieuwsselectie bepaalt. Dat is nog zo makkelijk, maar het leidt er wel toe dat het eigen wereldbeeld niet meer wordt geconfronteerd met andere, storende, afwijkende visies.

U voelt hem al komen: nu valt het woord 'algoritme', de wiskundige code om relevante informatie uit de datamassa te ziften. Dat Facebook en andere tech-giganten als Google algoritmes inzetten om de voorkeuren van hun klanten te voorspellen, is geweten. Dat die klanten zo beter op hun wenken bediend worden maar ook geprikkeld worden met minutieus op het profiel toegesneden reclame eveneens.

Hoe Facebook & co. al die info bij elkaar harken? Door een analyse van onze vind-ik-leukjes en gedeelde foto's bijvoorbeeld. Het gebeurt ook steelser. Wie op Facebook zit, heeft vast wel eens zo'n geinige persoonlijkheidsquiz zien voorbijkomen. Met de data die we naïef vrijgeven over onze lievelingsgerechten of oude filmidolen geven we onze persoonlijkheid bloot. Wie stoofvlees met frieten als topgerecht aanduidt heeft een ander waardenkader dan wie diepvriespizza, tajine of geroosterde duif liket.

Team Trump

Op basis van psychometrie worden al die data gecombineerd in een ragfijn profiel. Michal Kosinki, de Poolse expert psychometrie die de Facebook-strategie uitdokterde, claimt dat hij op basis van 70 likes meer weet over jou dan je vrienden, op basis van 150 likes al meer dan je ouders en op basis van 300 zelfs meer dan je partner.

Sinds de verkiezingscampagne van Donald Trump weten we dat die profilering en targeting ook doeltreffend politiek ingezet kan worden. Een bijzonder verontrustend artikel op de Amerikaanse technosite Motherboard toonde in januari aan hoe het Britse bedrijfje Cambridge Analytica de massaprofilering ingezet heeft om eerst de brexitcampagne en vervolgens Trump succesvol te ondersteunen. Cambridge Analytica wordt gefinancierd door de radicaal-rechtse miljardair Robert Mercer. Het heeft Trump-adviseur Steve Bannon in de raad van bestuur zitten.

Cambridge Analytica claimt dat het een persoonlijk profiel heeft voor alle 220 miljoen volwassen inwoners van de VS. Of dat klopt, is onzeker, maar effectief is de strategie duidelijk wel. Terwijl Hillary Clinton op het dure, klassieke pad van de massa-advertenties bleef, viseerde team Trump kiezers met behulp van de data bijna op individuele basis. Zo werden zwarte kiezers in Florida bijvoorbeeld overspoeld met neerbuigende citaten van Clinton over zwarten, in een (bijvalrijke) poging om hen ontgoocheld thuis te laten blijven.

Zo ver is het bij ons nog niet. Maar ondanks ons meerpartijenstelsel is ook bij ons de polarisering niet uit de lucht. Extreemlinks en extreemrechts terzijde zijn de twee scherpst tegenover elkaar geprofileerde partijen N-VA en Groen. De twee lijken ook redelijk wel te varen bij die tegenstelling.

Is het toeval dat dit ook de partijen zijn met de meest performante aanwezigheid op sociale media? Geel en groen weten donders goed met welke impliciete of expliciete boodschap ze effect sorteren bij potentiële kiezersgroepen en hoe ze die groepen kunnen onderscheiden.

Dat kan omdat het nieuws zelf wordt gepolariseerd door sociale media. Er is nieuws dat we 'leuk' vinden en er is ander nieuws. Dat andere verdwijnt uit beeld.

Mensen met een open blik op migratie en empathie voor vluchtelingen en asielzoekers zullen in hun tijdslijn vooral berichten terugvinden over de ellende waaraan vluchtelingen trachten te ontsnappen of met kritiek op de repressieve kant van het beleid. Mensen die sceptisch of angstig staan tegenover de instroom van migranten zullen juist vooral berichten te lezen krijgen over conflicten, fraude of samenlevingsproblemen met nieuwkomers.

De injectie van vervalst nieuws maakt de cocktail van zelfbevestiging explosief. Wie voortdurend verzonnen berichten leest over asielzoekers die verkrachten, moorden en kerstbomen afbreken in Zweden, raakt er oprecht van overtuigd dat asielzoekers gevaarlijk zijn. Wie ingelepeld krijgt dat de bevoegde staatssecretaris journalisten aan de deur zet, moet wel geloven dat het goed is om die man het functioneren te beletten.

Een exoot in de bubbel

Zo raken we eraan gewend om altijd gelijk te krijgen. Rondom ons creëren we een safe space waarin tegenspraak amper nog voorkomt. Tot plots een exoot opduikt, die de bubbel verstoort. Die wordt niet als een gelijkwaardige andere beschouwd, maar wel als een moreel mindere. Die moet worden bestreden.

Die strijd verloopt bijzonder heftig. Als columnist bij De Standaard was Dyab Abou Jahjah een tijdlang het buitenbeentje. Tot de druk, na een betwistbare stellingname, te hevig werd. Ook Youssef Kobo moest opstappen op een CD&V-kabinet, na druk vanuit ongeveer dezelfde met N-VA gelieerde hoek.

In beide gevallen gaat het in essentie om een indringer in wat een bepaalde groep als zijn comfortzone afbakent. Die indringer wordt opgejaagd en uitgedreven. Theo Francken heeft ons mededogen helemaal niet nodig, maar het VUB-incident toont aan dat in tolerantie voor de andersdenkende sommigen op links geen haar beter zijn dan anderen op rechts.

Het is ook hier geen alleenstaand geval. De nieuwsselectie van sociale media maakt mensen gewoon aan nogal exclusieve zelfbevestiging. Sommige lezers verwachten dat ook klassieke media, zoals kranten, diezelfde veilige waarborg van het eigen gelijk geven. Nuance blijft cruciaal: het gaat om bepaalde groepen mondige, actieve lezers. Er zijn ook vele anderen, die juist wel het diverse en tegensprekelijke palet aan opinies appreciëren.

Toch is de druk op De Standaard en Abou Jahjah erg vergelijkbaar met de druk op De Morgen en haar columnisten Maarten Boudry en vooral Joachim Pohlmann, tevens woordvoerder van de N-VA. Al komt die druk dan vanuit de andere hoek. Ironie alweer: in sommige gevallen zijn het exact de mensen die een petitie tekenden uit solidariteit met Abou Jahjah die om het opstappen van Pohlmann roepen.

Dit terugplooien op een omgeving van gelijkgestemden komt bekend over. Het is een nieuwe vorm van verzuiling. Alleen gaat het nu niet meer om een verticale verzuiling volgens afkomst of ideologie. De zuil is horizontaal neergelegd en wordt op basis van algoritmes geweven met informatie uit ons gelikete netwerk.

Verzuiling 2.0, zeg maar. De nieuwe zuil werkt minder strak en hiërarchisch dan voorheen, maar opnieuw laten we ons wereldbeeld bepalen door de connectie met gelijkgezinden. De slinger van de geschiedenis keert terug, maar nooit op exact dezelfde manier. Na de verzuiling volgde vanaf de jaren 60 en 70 individualisering en emancipatie. Nu zitten we in een periode van op individuele maat gesneden verzuiling.

Dat is bij nader inzien een evolutie van jaren. "Onze relaties worden steeds monocultureler", voorspelde de betreurde moraalfilosoof Koen Raes al eind jaren 90 in Knack. Na de klassieke zuil zag hij in zijn boek Het moeilijke ontmoeten (1997) ook de traditionele familiebanden verpieteren. "Nu kies je de mensen met wie je omgaat, meestal gelijkgestemden met dezelfde leeftijd, cultuur, achtergrond en interesses. Steeds meer krijgen zelfgekozen relaties voorrang."

Raes voorzag problemen met die moderne 'connectiviteit'. Maar ook hij kon niet bevroeden dat algoritmes de samenklontering van gelijkgestemden van onszelf zouden overnemen en perfectioneren.

Geen ponykamp

Voor kranten en andere klassieke media biedt die tendens natuurlijk juist een kans om zich te onderscheiden. Dat kan door feiten en opinie weer beter te scheiden en anderzijds door een zo breed mogelijk menu van meningen aan te bieden, in de hoop inzichten te verruimen. 'Word liever slim dan boos', u kent de slogan onderhand wel.

Dat is het optimistische plaatje. Ik was er graag hoopvol mee geëindigd. Maar het is niet het volledige plaatje. Nieuwe generaties lezers lezen de krant niet meer van pagina 1 tot 28, maar komen steeds vaker eerst in aanraking met nieuwsartikels via de algoritmische selectie van hun socialemediatijdslijn.

Dus moeten we met zijn allen toch maar hopen dat we voldoende burgerzin en nieuwsgierigheid aan de dag blijven leggen om ook over het comfortabele muurtje van de eigen tijdslijn te blijven kijken. Het leven is geen ponykamp. En een samenleving is geen supportersvak van waaruit je enkel roepend en tierend communiceert met de per definitie foute overkant.

Met dank aan Armand Plottier

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234