Woensdag 18/09/2019

Ziet Marc Verwilghen spoken of zijn ze er echt?

Het is niet omdat je paranoïde bent dat je niet achtervolgd wordt. Justitieminister Marc Verwilghen en zijn medewerkers herhalen het elke dag. Ze durven tegenwoordig vanop hun kabinet geen e-mail meer te versturen. Vertrouwelijke gesprekken voeren ze bij voorkeur per gsm. 'Die kan niet worden afgeluisterd.' De oorzaak van de onrust werd op 13 juni 1999, dag van de verkiezingen, tot leven gewekt door Tony Van Parys en koning Albert. In de laatste uren van rooms-rood zadelden zij Verwilghen bij koninklijk besluit op met een exclusief uit CVP- en PSC-ambtenaren bestaande 'coördinatiecel'. De zenuwoorlog rond Justitie.

DOUGLAS DE CONINCK

Aan de basis bestaat mijn administratie uit zeer waardevolle mensen, die zeker bereid zijn met een niet-CVP-minister te werken. Anderen blijken dat niet te kunnen en doen niet eens moeite om dat te verbergen." Dat was in Humo, medio februari. Het stond er niet met zoveel woorden, maar Verwilghen doelde kennelijk op het hoofd van zijn administratie, secretaris-generaal Jo Baret.

"De benoemingen", gaf Verwilghen als voorbeeld. "Tussen mijn beslissing en uiteindelijke publicatie in het Staatsblad liggen vaak wéken. En in die weken word ik dan geïnterpelleerd door oppositieleden van de CVP en de PSC die kijven: dat gaat niet snel genoeg! (...) Het mag stilaan duidelijk worden wié Justitie probeert te saboteren." Collega Bart Brinckman borstelde die week in deze krant een niet zo verheffend portret van de vroegere witte ridder: "Ja, Marc, wie is het nu? Zeg het."

Verwilghen liet de vraag onbeantwoord. Nochtans schijnt er echt wel een probleem te zijn. "Het is nu zover gekomen we elkaar geen e-mails meer durven te sturen", zegt een medewerker. "Kabinet en administratie delen hetzelfde gebouw en zijn aangesloten op dezelfde server. We hebben al eens een lekkentest gedaan. Onze vermoedens bleken te kloppen. Vertrouwelijke telefoongesprekken voeren we per gsm. De centrale is gemeenschappelijk en dus onbetrouwbaar."

Dat het kabinet-Verwilghen met een lekkenprobleem zat, wist de Wetstraat al langer. Amper twee uren nadat Verwilghen zijn veiligheidsplan presenteerde, bleken CVP'ers Stefaan De Clerck en Tony Van Parys het 250 pagina's tellende document al tot in de puntjes te kennen. Iemand had hun een kopie bezorgd. Dat was ook een van de reden waarom zeven kabinetsleden korte tijd later hun koffers moesten/mochten pakken.

VLD-senator Hugo Coveliers: "Elke week is er wat. Laatst weer dat gedoe rond de auto's van de Bende-speurders. Op 23 april was dat huurcontract afgelopen. De administratie heeft tot minder dan een week voor die datum gewacht om het kabinet in te lichten. Dus lees je de volgende dag in de krant: 'Verwilghen neemt Bende-speurders auto's af'. En terwijl ze daar op de zevende verdieping (waar het kabinet zit, ddc) dan heksentoeren uithalen om dat probleem opgelost te krijgen, zijn ze daaronder alweer iets nieuws aan het bekokstoven."

De vrees komt niet alleen 'van beneden'. In september van vorig jaar kwamen de vijf procureurs-generaal tijdens een vergadering op het kabinet de minister alarmeren. In het vooruitzicht van Euro 2000 was er heel dringend nood aan een nieuw wettelijk kader voor snelrecht. "Een van de magistraten die daar het hardst voor pleitte, was de Antwerpse procureur-generaal Christine Dekkers, de ex-kabinetschef van Stefaan De Clerck", zegt Verwilghens woordvoerster Rosanne Germonprez. "Een half jaar later zit zij dan tijdens die hoorzitting in de Senaat luidkeels het nut van snelrecht in twijfel te trekken. Je vraagt je af: zit daar een strategie achter?"

Zondag 13 juni 1999. De Belgen trekken naar de stembus. Koning Albert doet dat ook, maar heeft die dag nog een andere bezigheid: het ondertekenen van vier koninklijke besluiten. Die zijn hem voorgelegd door Tony Van Parys. "Gelet op de dringende noodzakelijkheid", klinkt het in de inleiding van het kb dat, zo staat er, verband houdt met "sommige administratieve bepalingen ten gunste van sommige ambtenaren in dienst bij het Centraal Bestuur van het ministerie van Justitie".

Op het kabinet kregen ze het kb pas onder ogen nadat trouw Staatsblad-lezer Coveliers ermee kwam aanzetten. "De pre-electorale paniek druipt hier toch vanaf", vindt hij. "Mij lijkt het zonneklaar dat de CVP wist dat ze de verkiezingen ging verliezen. Sommige gunsten voor sommige ambtenaren. En dat op 13 juni. Kom zeg."

Wat er plots zo dringend kan zijn op 13 juni wordt in het kb niet verduidelijkt. Uit de tekst valt wel op te maken dat de beslissing op 2 juni is goedgekeurd door de ministerraad. Dat is elf dagen voor de stembusgang en vier dagen na het losbarsten van het dioxineschandaal dat - zoals kon worden voorspeld - de politieke kaarten zou herschudden. Artikel 1 van het kb 99-2117 van 13 juni zegt: "Bij het ministerie van Justitie wordt een dienst van departementaal beheer opgericht, genaamd Coördinatiecel." Een coördinatiecel. Wat moet die gaan doen? Artikel 1: "De beleidsondersteuning ten behoeve van de secretaris-generaal en de verantwoordelijken van de besturen van het Ministerie; de beleidsvernieuwing ten behoeve van de secretaris-generaal; de coördinatie en de controle op de aanwending van de middelen; de audit op de werking van de departementale diensten; specifieke opdrachten bepaald door de secretaris-generaal."

Beleidsvernieuwing, ondersteuning, audit... Het lijken stuk voor stuk typische bezigheden voor een minister die net aan de slag is gegaan, niet meteen voor één die diezelfde avond zijn stemmen gaat zitten tellen op Teletext.

Tony Van Parys: "Dat is je reinste onzin. De oprichting van de coördinatiecel past in het hervormingsplan voor justitie voor de periode 1998-2000. Dat plan is goedgekeurd op de ministerraad van 7 oktober 1997, toen Stefaan De Clerck daar nog zat. Tenzij men overal spoken wil zien, zou men ervan moeten uitgaan dat wij toen al geweten zouden hebben dat Verwilghen ooit minister zou worden. Men moet niet beweren dat we hier op de valreep mee kwamen aanzetten. Deze herstructurering, met een forse versterking van de administratie, was een voorafspiegeling van wat Luc Van den Bossche nu doet voor de hele administratie. Is het omdat het van de CVP komt dat het de facto oude politieke cultuur is? In plaats van te zeuren, zou Verwilghen mij dankbaar moeten zijn."

13 juni 1999 is toch wel een bizarre datum? "Kan ik niets aan doen", zegt Van Parys. "Dit kb heeft destijds een hele weg afgelegd, zoals altijd. Ik kon in juni vorig jaar twee dingen doen. Die teksten laten liggen, en dan zou Verwilghen mij verwijten dat ik mijn werk niet heb afgemaakt. Ik koos ervoor om dat wel te doen. En zie: nu is het weer niet goed."

Op 13 juni 1999 ondertekent de koning nog drie andere kb's, hem eveneens voorgelegd door Van Parys. Een ervan heeft deze aanhef: "Toekenning van bepaalde toelagen aan sommige ambtenaren (...) bij het Centraal Bestuur van het Ministerie van Justitie". Coveliers schatert het uit: "Bepaalde toelagen voor sommige ambtenaren. Het is echt bij de beesten af." Ook dit besluit is door de ministerraad goedgekeurd op 2 juni. En ook hier gaat het om een geval van 'dringende noodzakelijkheid'. Artikel 15 van het kb 99-2119 zegt: "Een jaarlijkse forfaitaire toelage gelijk aan de kabinetstoelage van een adviseur kan worden toegekend aan de leden van de Coördinatiecel (...)." Dat is uniek voor de overheidsadministratie: wie deel uitmaakt van de cel ontvangt bovenop zijn wedde een toelage van 23.704 frank (bruto) per maand. Een lid van de cel wordt met dus tot op eenzelfde niveau getild als een lid van een ministerieel kabinet.

Tony Van Parys: "Inderdaad, dat is toen zo beslist. En dat was ook de hele filosofie achter de hervorming: de mensen meer middelen en armslag geven. Ik geef een voorbeeld. Justitie moet geïnformatiseerd worden. De privé plukt echter alle goede informatici weg, want daar verdienen ze het dubbele. Dus moesten wij een inspanning doen."

Artikel 9 van het kb geeft een impressie van het belang dat aan het motiveren van de ambtenaren werd gehecht. "Een maandelijkse forfaitaire toelage van 19.217 frank wordt toegekend aan het personeelslid belast met het besturen van de dienstauto van de secretaris-generaal."

Het vermelde bedrag is identiek aan wat een chauffeur van een federale minister ontvangt. Volgens Coveliers zijn de in de kb's vermelde getallen meer dan symbolisch: "Het komt hierop neer dat de CVP Verwilghen heeft opgezadeld met een officieel schaduwkabinet, tot op het niveau van de chauffeur van de baas ervan toe."

Even nagekeken. In tegenstelling tot wat Tony Van Parys zegt, wordt in de teksten van de ministerraad van 7 oktober 1997 niet gesproken over een coördinatiecel. Dat is wel gebeurd in een begeleidende nota van secretaris-generaal Jo Baret, daterend van 8 juli 1997: "Reeds sedert enkele tijd werd bij het secretariaat-generaal een coördinatiecel opgericht die de taak heeft de besteding van de beschikbare middelen te coördineren en te waken over de nuttige aanwending (...)"

In een nota waarmee hij later, op 26 februari 1998, om meer middelen vraagt, schetst Baret opnieuw de rol van de cel: "Zoals u weet, heeft deze coördinatiecel onder meer tot opdracht toe te zien op de nuttige aanwending van de middelen van het departement, het beleid te bepalen en de kwaliteitszorg te bewerkstelligen."

De coördinatiecel bestaat dus in 1997 al "enige tijd", zij het dan vooral in de hoofden en niet in het officiële organogram. Tussen juli '97 en februari '98 heeft ze er bovendien een paar bevoegdheden bijgekregen, zoals - niet min toch - "het beleid te bepalen". De cel, zo leert navraag, was eigenlijk een officieuze creatie van Baret en De Clerck. Die laatste kwam ook wel eens in aanvaring met zijn administratie en wou een soort task force "om de zaken vooruit te doen gaan".

Tony Van Parys, na het allemaal nog eens te hebben nagekeken: "Ja, dat klopt. Die kb's bestendigden een bestaande situatie. Maar wat dan nog? Toen ik daar zat, hoorde ik niets dan over de mensen die daarin zaten. En wat die toelage voor die chauffeur betreft: die kwam er na een berekening van de overuren die de bewuste chauffeur sinds 1996 had gepresteerd. De nieuwe formule is voordeliger dan de vorige."

Hugo Coveliers: "Van Parys is op de dag van de verkiezingen niet zomaar naar de koning gestapt. De officieuze substructuur van de CVP moest op de valreep worden gebetonneerd. En nu zitten ze er daar mee."

Jo Baret is een Vlaming en is ook de eerste - en tot op heden laatste - niet-magistraat die het ooit tot kabinetschef schopte op Justitie. Dat was in de laatste maanden van het ministerschap van Melchior Wathelet (PSC). De promotie tot kabinetschef bracht Baret in 1995 in de juiste graduele positie om secretaris-generaal en dus de absolute nummer 1 te kunnen worden op de administratie. "Nee, Baret is geen gemakkelijke mens, dat is waar", zegt Van Parys. "Hij staat op zijn strepen. Uiteraard draagt hij een duidelijk CVP-etiket. Maar hij is voor alles een uiterst loyale ambtenaar. Als Verwilghen er nu moeilijkheden mee heeft, dan heeft hij die enkel aan zichzelf te danken. Door dat interview."

De coördinatiecel zelf telt vier leden. Een van is Luc Falmagne, een civil servant van de PSC en een oude bekende van Baret op het kabinet-Wathelet. Daar was hij bevoegd voor personeelszaken. Dat is hij ook binnen de cel. Hij verhuisde mee met zijn bevoegdheid. Falmagne heeft de voorbije tien jaar zo'n tweeduizend mensen aan een baan geholpen, onder wie ook zijn broer. Alle door Falmagne geregelde benoemingen zijn gestoeld op artikel 185 van het gerechtelijke wetboek. Dat bepaalt dat er binnen de magistratuur te allen tijde 'bij hoogdringendheid' contractueel kan worden aangeworven. Zelf is Falmagne op papier een magistraat die vanwege 'uitzonderlijke kwaliteiten' naar het hoofdbestuur werd overgeplaatst. In de praktijk is hij nooit magistraat geweest.

Een tweede lid heet Patrick Van Wouwe en is 'logistiek coördinator'. Hij is van opleiding archeoloog en draagt een uitgesproken CVP-etiket. Van Wouwes loopbaan loopt parallel met die van Baret. De voorbije maanden was hij druk in de weer met het pingelen over een zo duur mogelijke dienstwagen voor zijn baas (zie kader).

Een derde lid is Kristel Geerts. Zij is een jonge Mechelse die haar benoeming mede dankt aan gewezen Vlaams minister-president Luc Van den Brande. Geerts is 'administratief coördinator'. Ook haar loopbaan kende rare capriolen. Op papier was zij als twintiger eerst griffier en daarna 'secretaris' op de rechtbank van koophandel in Antwerpen. Hoewel ze daar nooit heeft gewerkt, werd ze vanwege 'uitzonderlijke kwaliteiten' naar de administratie gedetacheerd. Verder is er nog Guido Dierckx. Hij is 'informaticacoördinator'. Volgens Van Parys is het vanwege de dreigende braindrain naar de privé dat er binnen de cel hogere lonen moesten komen voor informatici. Dierckx is echter licentiaat lichamelijke opvoeding en werkte tot medio 1998 als ambtenaar op het Centrum voor Informatieverwerking (CIV) van Justitie. Hij heeft nooit in de privé-sector gewerkt en, voor zover bekend, ook nooit last gehad van headhunters. Dierckx is de schoonzoon van de gouverneur van de Nationale Bank, Fons Verplaetse.

Tony Van Parys: "Ik ontken formeel dat het hier om politieke benoemingen zou gaan. Dat men eerst eens aantoont dat deze mensen voor deze functies niet de bekwaamsten zouden zijn. En dan nog... Als het dan toch allemaal CVP'ers zijn: dat Verwilghen ze buitengooit en VLD'ers in de plaats zet."

Marc Verwilghen wil nu zo snel als mogelijk van de cel af, maar is er nog niet helemaal uit hoe. "Als die kb's er niet waren geweest, dan was de obstructiecel, zoals we ze ook vaak noemen, allang opgedoekt", zegt Coveliers. "Momenteel is het zo dat tal van interne documenten van het kabinet vaak eerder op het CVP-hoofdkwartier liggen dan op het bureau van de minister. Dat kan toch niet."

Impasse? Die is er al. Het directiecomité bij Justitie weigerde eind vorig jaar zijn akkoord voor de kabinetstoelage aan de leden van de cel. De vier betrokkenen vermoeden daarin - vast wel terecht - de hand van Verwilghen. Hoewel ze voorheen ook al tal van voordelen genoten, zoals een toelage van zo'n 10.000 frank per maand, voelen ze zich te kort gedaan. Een van hen voert al maanden geen klap meer uit, uit protest tegen het niet toepassen van het kb van 13 juni 1999.

De vier kb's zijn toen wel snel in het Staatsblad verschenen. Artikel 12 van kb 99-2119 kan misschien verklaren hoe dat kwam: "Een bijzondere jaarlijkse toelage van 27.420 frank wordt toegekend aan het personeel van de diensten van de werkplaatsen van het Belgisch Staatsblad."

Een kabinetslid: "Op de duur gà je in complotten geloven."

Hugo Coveliers: 'Momenteel is het zo dat interne documenten van het kabinet vaak eerder op het hoofdkwartier van de CVP liggen dan op het bureau van de minister'

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234