Donderdag 20/02/2020

Ziek van technologie

Over de muisarm hoor je niet veel meer, maar de mobieltjeselleboog speelt de laatste tijd vervelend op. Is het werkelijk zo erg?

De digitale revolutie heeft van ons een kneus gemaakt. Het begon toen we de typemachine inruilden voor een computer en massaal ziek thuis zaten met een muisarm.

Daarna kwamen de deukdijen, groeven in de bovenbenen door te lang klem zitten onder een bureau. Toen kregen we allemaal een Blackberryduim en eenwhat's app-vinger, omdat we zo nodig duizenden keren per dag op de veel te kleine toetsen van onze mobieltjes moesten drukken. En nu slapen we ook al slecht, door het blauwe licht van onze tablets die de hormoonhuishouding in de war schopt.

Onze kinderen hebben het gamen ontdekt en lopen na urenlang skiën voor het beeldscherm een Wii-knie op. Mentaal gaat het ook al bergafwaarts: we hebben last van technostress, nervositeit door iedere piep die een nieuwe mail aankondigt en het gevoel altijd bereikbaar te moeten zijn. En van brain freeze - verlamde hersenen door de overdaad aan informatie die we tot ons nemen.

Door de komst van de social media lijden we aan fomo,fear of missing out, de angst om leuke dingen mis te lopen. En de paniek dat ons mogelijk een telefoontje ontgaat, veroorzaakt het fantoom-vibratiesyndroom - het idee dat je mobieltje afgaat of trilt terwijl dat niet zo is.

Angst voor straling

De afgelopen maand kwamen er drie nieuwe aandoeningen bij. Eerst waarschuwden artsen voor de gameboyrug: jongeren zouden zo vaak voorovergebogen zitten over hun consoles, smartphones en tablets dat ze een kromme rug ontwikkelen. Een week later wees wetenschappelijk onderzoek op het bestaan van de Facebookdepressie: te veel tijd doorbrengen op de vriendensite maakt ongelukkig. En onlangs nog dook het elektrohypersensitiviteitssyndroom op: de verkoop van mobieltjes aan jonge kinderen wordt aan banden gelegd vanwege de angst voor straling.

Gaan we aan technitis ten onder? Leiden de technologische innovaties die ons leven makkelijker en leuker moeten maken in werkelijkheid ons fysieke en psychische Waterloo in? De techniekgeschiedenis ontzenuwt die bezorgdheid. Iedere nieuwe uitvinding levert klachten op bij gebruikers, uit angst, onwennigheid, onkunde. Maar naarmate de mens zich aanpast en de innovatie in zijn leven integreert, verdwijnt ook het ongemak, constateert Peter Paul Verbeek, hoogleraar filosofie van mens en techniek aan de Universiteit Twente.

Zo bracht de komst van de trein in de negentiende eeuw een heel scala van aandoeningen met zich mee, die in vakbladen uitputtend werden beschreven. Vooral de rug zou kwetsbaar zijn omdat het reizen per trein als 'een reeks van kleine en snelle stoten' werd gezien. Daaruit konden weer nerveuze klachten ontstaan.

Er werd, vooral in Groot-Brittannië, zelfs een serieus etiket op geplakt: railway spine. De reiziger, die zich tot dan toe hooguit met de snelheid van paard en wagen had voortbewogen, zag opeens het landschap in een streep aan zich voorbijtrekken terwijl tegelijkertijd in de coupé de sigarenrook van de overbuurman zijn neus beroerde. Logisch dat een gevoel van desoriëntatie ontstond. Maar ze wenden aan de snelheid en na verloop van tijd werd railway spine als diagnose afgeschreven.

De introductie van de lopende band, begin vorige eeuw, bracht ander fysiek en geestelijk ongemak. Verbeek: "We dachten de ideale slaaf te hebben gevonden maar in plaats daarvan werden we zelf de slaaf. We konden het tempo van de band helemaal niet bijhouden." Het leidde tot stress en armklachten. Totdat er boeken verschenen over zenmeditatie aan de lopende band, vertelt Verbeek lachend. "Toen kwam de ontdekking dat zo'n band ook iets rustgevends heeft."

Wii-itis

Niet verwonderlijk, zegt hij, dat ook de computer tot aanpassingsproblemen heeft geleid. RSI - repetitive strain injury, de paraplu waaronder in de wetenschap de muisarm valt - nam aanvankelijk epidemische vormen aan. Een jaar of vijftien later is het computergebruik alleen maar toegenomen maar wordt het stil rond de aandoening. Het aantal meldingen is de afgelopen tien jaar meer dan gehalveerd.

Verdwenen zijn de klachten niet, zegt Monique Frings-Dresen, hoogleraar beroepsziekten aan het Coronel Instituut voor Arbeid en Gezondheid (AMC). Maar werknemers herkennen ze eerder en werkgevers nemen sneller maatregelen. Ook het gebruik van andere apparatuur speelt mee: het touchscreen vergt veegbewegingen over het scherm en die leiden tot minder druk op de pols.

Het lijkt erop dat door die nieuwe techniek de klachten aan de wandel gaan, zegt Frings, richting de nek. "Alles draait om een statische houding en te veel spanning. Als je urenlang verkeerd voor een tablet zit, krijg je ook pijn, maar ergens anders."

Dat aandoeningen komen en gaan, duidt op een mismatch tussen mens en techniek die gaandeweg wordt opgelost, zegt Verbeek. "Wij hebben blijkbaar in het begin steeds het gevoel dat wij ons aan de techniek moeten aanpassen terwijl we andersom hadden verwacht. Iedere nieuwe techniek trekt ons uit ons middelpunt maar daarna leren we ons ermee te verstaan. Waarom kregen we allemaal RSI? Omdat we dachten dat we de hele dag met de muis aan de slag konden. Terwijl pianisten allang wisten dat ze nooit langer dan twee uur achtereen moeten oefenen."

Nu de muisarm uit het zicht verdwijnt, doen zich nieuwe kwalen voor die net als RSI te wijten zijn aan overbelasting, maar die een andere, hippe naam krijgen. Kinderen die zich met pijn in de schouders bij de dokter melden omdat ze dagen achtereen tennis hebben gespeeld op hun nieuwe Wii hebben Wii-itis. En fanatieke mobiele bellers die urenlang hun arm in een vreemde bocht houden en daar een tintelend gevoel aan overhouden, lijden aan een mobieltjeselleboog.

Achterdochtig

Radioloog Alexander van Straten wordt er achterdochtig van: "Plak er een etiket op en je hebt een ziekte. Internet helpt enorm om dat in het hoofd van mensen te krijgen. Natuurlijk zijn die klachten reëel, maar je komt er simpel vanaf: even rustig aan doen."

Nog ernstiger, zegt hij, zijn de gecreëerde syndromen. Hij heeft zich geërgerd aan de publiciteit rond de gameboyrug - een aandoening die volgens hem valt in de categorie van de railway spine: dubieus en niet gestoeld op deugdelijk onderzoek. Hij maakt zich ook druk over de 'bangmakerij' van de Belgische overheid, die om onverklaarbare redenen heeft besloten om kindermobieltjes te verbieden. "Er is geen bewijs voor de schadelijke effecten van straling."

Er kleeft een vorm van negativiteit aan al die nieuwe aandoeningen, zegt Verbeek, een moreel oordeel soms: vroeger was alles goed en toen kwam de techniek en die bracht ellende. "We weigeren in te zien dat er altijd een verwevenheid is geweest tussen mens en techniek. Wat nu de computer is was vroeger een nieuw werktuig, dat óók ons leven op zijn kop zette."

Onthaasten

Onterechte bezorgdheid dus over technitis? Niet helemaal. Een half jaar geleden publiceerde de Universiteit van Amsterdam een rapport over technostress, 'een risico in opkomst'. De signalen zijn serieus: we onthechten nooit meer van ons werk en rusten onvoldoende uit.

Hoe lang duurt het voordat ook die overbelasting wordt aangepakt? Er zijn al bedrijven die hun werknemers na sluitingstijd geen mail meer sturen. En gestreste Amerikaanse managers kunnen naar onthaastingsweekends waar de smartphone streng verboden is.

Alleen de verkeersveiligheid blijft mogelijk een probleem. Bellende en appende verkeersdeelnemers veroorzaken veel aanrijdingen. In Dubai nam twee jaar geleden tijdens de wereldwijde Blackberrystoring het aantal ongelukken met 20 procent af. Amerikaanse artsen publiceerden vorig jaar in een vakblad een overzicht van ruim 80 gevallen van zogeheten silent death: voetgangers - veelal jonge mannen - die dodelijk verongelukten omdat ze op straat met een koptelefoon op aan het bellen waren. Ze staken blind over en hoorden de waarschuwende claxon niet.

Directeur Jos de Blok van thuiszorgorganisatie Buurtzorg twitterde eind vorige maand over de opkomst van een nieuwe techniek-gerelateerde aandoening: "Deze week al drie meldingen van ouderen die gestruikeld zijn over de stofzuigerrobot."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234