Maandag 26/07/2021

Olympische Spelen

Ziehier: de vrouwelijke Phelps

Van de fabuleuze Katie Ledecky (19) wordt als beste fondzwemster van de planeet verwacht dat ze in haar eentje een dijk kan opwerpen tegen de aussies. Dat is nodig, want het Amerikaanse zwemteam lijkt minder sterk dan anders.

In de nacht van zondag op maandag zwom Katie Ledecky naar haar eerste gouden medaille van de vier die ze verwacht te halen. Een echte Michael Phelps is ze dus niet, eerder een halve, want die haalde er wel eens acht. Maar Katie Ledecky is phelpsiaans in haar overwicht. Ze zwom op grote kampioenschappen twaalf individuele finales en won ze alle twaalf.

In de serie van de 400 meter zondagochtend moest ze inhouden om al meteen haar eigen wereldrecord niet te breken. Dat deed ze dan in Rio rond de klok van elf netjes in de finale, zoals het hoort. Haar oude besttijd was 3:58.37, gezwommen toen ze 17 was. Gisterennacht deed ze daar weer bijna twee seconden vanaf: 3:56.46.

Katie Ledecky zwemt alle afstanden op de vrije slag vanaf de 200 meter tot en met de 800 meter en ook de twee vrijeslagestafettes. Zaterdag was ze zelfs de slotzwemster op de 4x100, maar was ze als niet-sprintster voorlopig nog niet opgewassen tegen de snelheid van de Australische zusjes Campbell.

Estafettes zijn altijd een feest en worden haast altijd aan het eind van een sessie ingepland. Zo ook in Rio, en dus lag Ledecky na de persconferentie en het uitzwemmen en de trip naar het olympisch dorp pas om 2.45 uur in bed. Twaalf uur laten zwom ze dan die 400 meter en dat bijna-wereldrecord. Nog eens acht uur later haalde ze op die afstand haar eerste goud op, mét een record.

Ze zwemt als een vent

Katie Ledecky kent u misschien nog van de Olympische Spelen in Londen. Ze was toen 15 jaar, zette de Engelsen een neus en won de 800 meter met maar liefst vier seconden voorsprong. Het wereldrecord van de Engelse Rebecca Adlington bleef toen nog even staan, maar een jaar later zwom ze ook dat van de tabellen.

Ze heeft nu al elf keer een wereldrecord verbeterd en heeft nu alle records van de 400 tot de 1.500 meter. De 200 meter vrije slag staat nog op naam van de Italiaanse Federica Pellegrini, maar die zwom haar 1:52 in Rome in 2009, het laatste grote toernooi waarop de drijvende pakken toegelaten waren. Ledecky's beste prestatie op die afstand is 1:54, maar verwacht wordt dat ze daar deze week flink onder gaat. Nu het om puur zwemmen gaat en de pakken verboden zijn, is Ledecky haast niet meer te verslaan.

Wat haar geheim is? Ryan Lochte moest niet lang nadenken, nadat ze samen hadden getraind in Colorado Springs. "Katie zwemt als een vent. Die slagen, hoe ze water 'pakt', het is mannentechniek door een vrouw uitgevoerd. Never seen that before."

Ledecky zwemt om te zwemmen en om te winnen. Haar furie staat haaks op de persoon die ze in het normale leven is en haar ouders denken dat ze weten waar die drive vandaan komt. "Toen ze 6 was," aldus haar moeder, "had ze een hele zomer geprobeerd om de 25 meter te zwemmen. Er was aan het eind van de zomer een meeting voor de kinderen, maar zij moest afhaken met een oorontsteking. Dat wilde tenminste de dokter, maar zij krijste de boel bij elkaar en we stopten haar oren vol met watten. Ze zwom in éen ruk naar de overkant en we haalden de beloofde chocolademelk. Ze heeft altijd graag gezwommen."

Katie Ledecky komt uit de Amerikaanse upper class. Haar ouders zijn afgestudeerd aan Harvard en Yale, broer ook, en de oom is de multimiljonair-eigenaar van een professionele ijshockeyclub. Haar afkomst spoort niet met het harde bestaan van het afstandszwemmen, en er is nog van alles wat niet klopt. Toen ze haar lichaam in kaart brachten, was de conclusie: remarkably unremarkable, doodgewoon dus. Zo heeft ze niet het lichaam van Phelps met die lange torso en die grote handen en voeten.

Haar grote geheim is haar waterligging en haar enorme motor gekoppeld aan haar techniek. Vooral over de motor heeft iedereen het. Op training in lange sets moeten alle mannen, ook olympiërs, eraan geloven. Conor Dwyer, een Amerikaanse sprinter, herinnert zich nog een zware training. "Toen ik het zwaar begon te krijgen, ging zij gewoon door. Elke 100 meter was ze voor mij. Ik ben dat inmiddels gewend, maar ik heb al mannen helemaal van slag het zwembad weten verlaten."

Zes procent verschil

Op de wereldkampioenschappen in Kazan vorig jaar won Katie Ledecky alles van de 200 meter tot en met de 1.500 meter. Die langste afstand is niet olympisch en uitgerekend daarop benadert ze de mannen het dichtst, dichter dan de beste vrouw ooit in de buurt is gekomen van de beste man in het zwemmen. Op de 400 meter - zowel bij de mannen als bij de vrouwen - is haar wereldrecord 10 procent minder dan dat van de mannen.

In zwemmen is 10 procent het gemiddelde verschil tussen de prestaties van mannen en vrouwen. Op de 200 meter is de tijd van Federica Pellegrini (1:52) ongeveer 10 procent trager dan de 1:42 van Paul Biedermann. Maar op de 1.500 meter is Ledecky's wereldrecord 15:25.48, en dat van de mannen staat op 14:31.02 op naam van de verdachte Chinees Sun Yang. Het verschil is 54 seconden en dat is maar 6 procent.

Hoe verder moet worden gezwommen, des te beter Ledecky wordt. Maar sinds dit jaar heeft ze ook haar zinnen gezet op de kortere afstanden zoals de 100 en 200 meter. Geleidelijk aan maakt ze daar ook progressie, identiek aan Michael Phelps die ook sneller is geworden, en verkleint ze de kloof. Haar trainers zijn er vast van overtuigd dat haar werkethiek uiteindelijk moet resulteren in een dominantie van de 100 tot de 1.500 meter.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234