Woensdag 08/12/2021

Zestien dagen van glorie die eeuwig mogen duren

Nog voor de eerste slag in het water of op een bal hebben de Olympische Spelen van Peking alle (sport)harten veroverd

In het mooiste stadion ter wereld, in het grootste land van de planeet, start de duurste pr-campagne ooit met het verbluffendste spektakel aller tijden. Vandaag, 08-08-08, begint de gelukseeuw van China.

De bedelaars zijn gedeporteerd, de hoeren verjaagd, de wezen geplaatst en de (meeste) hutongs gesloopt, de spuug geschrobd, de taxichauffeurs opgevoed en iedereen heeft een mondje Engels geleerd. Hello , weiyoefrom?, bye-bye, laat de Ào Yùn Huì of Olympische Spelen beginnen en een beetje snel, voor die Oeigoeren of de Tibetanen het in de gaten krijgen dat China en Peking zichzelf in zestien dagen van glorie zal vermarkten als geen enkele andere natie of stad ooit tevoren.

Bijna vijftien jaar nadat ze in het Palais des Congrès in Monaco met hun eerste olympisch dossier ongenadig de woestijn in waren gestuurd en hun verdriet ver voorbij het wereldse tranendal beleefden, hebben de Chinezen eindelijk wat ze toen zo graag wilden: de hele wereld komt op bezoek. Vanavond defileren meer delegaties dan er landen zijn en niemand is thuisgebleven. Zelfs Taiwan, - pardon - Chinees Taipei, zal er zijn.

Acht jaar duurde het voor ze de vernedering hadden doorgeslikt en op 13 juli 2001 reikten ze voor een tweede en laatste keer de internationale (sport)wereld de hand. Het was in Moskou - in de perceptie toch iets meer Peking dan Monte-Carlo - en ze speelden alle andere wereldsteden van tafel. China triomfeerde, een dag later zou Jacques Rogge als voorzitter van het Internationaal Olympisch Comité worden verkozen.

Rogge was niet voor China, hij was van Europa en dus Rome of Parijs, maar Rogge is een zondagskind en zoals het er nu naar uitziet, straalt over zestien dagen de glorie van Peking 2008 ook op hem af en kan hij nog eens vier jaar verder.

Nu al is Peking 2008 meer Sydney dan welke andere moderne Spelen ook. Ondanks alle politie, alle veiligheid en de duizenden ordehandhavers is dit niet het gespannen sfeertje van Barcelona, het commerciële gedoe van Atlanta of het verkrampte klaarkomen van Athene. Het gras en de bomen zijn hier veel echter dan in 2004.

Jazeker, Peking 2008 zijn cleane Spelen. Nooit heeft deze stad er mooier bijgelegen, zeker rond het olympisch epicentrum, maar dat is van alle olympische steden. Het was bijna verademend vast te stellen hoe het op de Chinese foor van Di'anmen Dajie afgelopen woensdagavond nog even heerlijk uit de putjes stonk als in oktober van vorig jaar.

Je kunt de hoeren uit de stad jagen, maar het hoerige haal je er nooit uit. Peking is wel degelijk Peking gebleven: ondanks het halveren van het verkeer - vandaag was het de beurt aan de oneven kentekens - staat het verkeer nog steeds de hele dag heerlijk vast in de bocht op de tweede ring.

Er is een leger journalisten dat het anders wil. Zij hebben vaak geen officiële accreditatie van de Olympische Spelen maar zijn er toch omwille van die Olympische Spelen. Zij kunnen nergens in, maar zijn er voor het randgebeuren. Ze kennen Peking niet beter dan wij, sportjournalisten. Maar wij zijn de simpelen, al blij met een dode mus gereïncarneerd als rijdende bus, op tijd nog wel, we verheugen ons over het goedkope lekkere eten, of gratis water. En we hebben de sport.

Die tienduizend zijn er voor de deur die niet goed is gesloten, een politieman die niet op de juiste plek staat, de cameraman die hard is aangepakt. Een familie Britse betogers die een vaantje pro-Tibet aan een paal hing, is opgepakt. Breaking news.

Er is één regel: we zijn er en we zullen berichten want er zal nieuws zijn. De meeste ramptoeristen zijn behuisd op Gulou Dajie. Op de lange rechte weg naar de Olympic Green zit het Beijng International Media Center, een opvangtehuis voor kaartloze journalisten. Het eten is er nog beter, nog goedkoper, alleen de sfeer is anders.

Van hen kwam het bericht eerder deze week dat internet niet helemaal vrij toegankelijk was. Het klopte en de toon was gezet: sportjournalisten die normaal niet eerder steigerden dan bij Wifi als stroop, gingen nu als een bezetene elk uur de verboden websites raadplegen en werden steeds bozer in hun boosheid. Tot het tijd was om hun sportverhaal te tikken.

Andere journalisten ontpopten zich tot kenners van het verschil tussen smog of mist. Eerlijk: het lijkt op mist wat de hele week al boven ons hoofd hangt, maar het kan best smog zijn. Het heeft een voordeel: het ruikt niet, maar dat zegt niks. Zyklon B rook ook niet. We weten het niet of we nu een maand in een gaskamer zitten, maar de kleur van de Kleenexjes zegt dat het meevalt.

Nog andere journalisten trokken naar hutongs die er niet meer waren, gesloopt voor torenflats en berichtten over gedeporteerde burgers. Als die vaak stinkende rioolputjes van hutongs er wél nog waren geweest, zoals de sloppenwijken in Atlanta destijds naast het olympisch stadion, dan was dáár over bericht. Wat een olympische stad doet, het is zelden goed. Toen Barcelona zijn waterfront opschoonde en opengooide zijn ook vissershuisjes platgewalst maar toen was het feest. Peking heeft 12 miljard dollar uitgegeven voor een gigantische ecologische Photoshop van de stad maar dat is dan weer fout.

Ook de eerste grote facelift van Peking kwam er naar aanleiding van sport: de komst van de Aziatische Spelen in 1990 zorgde voor veel nieuwe (en inmiddels al vervallen) bouwsels. Cijfers met betrekking tot de totale investering zijn moeilijk te krijgen. Dit zijn de duurste Spelen ooit. Sydney deed het met 5 miljard dollar, Athene kwam uit op 12 miljard euro, maar 9 had ook gekund als ze niet zo laat waren geweest met alles.

In Peking waren ze te vroeg. Kostprijs? In Athene pochte de directeur van CITS, het Chinees bureau van toerisme, dat er voor de Spelen een totale investering van 62 miljoen dollar gepland was. In 2008 is een bedrag van 40 miljard dollar afgesproken tussen de verschillende communicatielijnen. 2 miljard is het operationeel budget, de kostprijs om de Spelen te organiseren en waar winst of verlies wordt op berekend na aftrek van marketing- en ticketinginkomsten. We weten het: China ís een totalitaire en vooral erg gecontroleerde staat. Niemand die met zekerheid kan zeggen of die 150 miljoen dollar die wordt genoemd voor de openingsceremonie van vanavond wel klopt. Tussenbedenking: als het Jacques Rogge al menens was om dat gigantisme van de Spelen te beteugelen, dan heeft Peking hem aardig liggen gehad. Niemand komt ooit bij Peking in de buurt en we moeten nog beginnen.

Overigens heeft het Internationaal Olympisch Comité aardig geleden. In weerwil van de officiële praat, hebben de Chinezen gewoon hun goesting gedaan. Ze dachten altijd enkele stappen vooruit, wisten van gesprekken waar ze niet konden van weten en gaven geen openheid van zaken. De beslissingslijnen zijn pas recent duidelijk geworden. BOCOG wordt gemastermind door een voor het IOC onzichtbare Xi Jinping, sinds maart van dit jaar vicepresident van China en de gedoodverfde opvolger van Hu Jintao in 2012. Slaagt Peking 2008, dan is Xi de nieuwe man. Hij ligt op koers. Het buitenland is grotendeels om: nog voor de eerste slag in het water of op een bal hebben de Olympische Spelen van Peking 2008 alle (sport)harten veroverd.

De opschoning in het noorden is een meesterwerk. De sportfaciliteiten zijn geen stadions of zwembaden, maar kunstwerken. Een Vogelnest als nationaal stadion, de Waterkubus als zwembad, de Waaier als nationaal indoorstadion, China heeft architectonische monumenten gebouwd waar toevallig in kan gesport worden.

Het is geen toeval dat de Olympic Green in de noord-zuid-as ligt van het politiek-historische centrum. Het begint met het beladen Tian'anmenplein, daarboven volgt de oude Verboden Stad, met nog iets verder het mooie park Jinghsan. Wat verder de Trommeltoren en de Klokkentoren en perfect op de as, maar recht en buiten het feng shui zuid-noordkrachtveld zijn de monumenten van het postmoderne Peking zichtbaar (als de mist, c.q. smog het toelaat tenminste): Bird's Nest en Water Cube.

Het zal schitterende beelden opleveren vanmiddag, weliswaar lichtjes vertraagd om betogers er uit te kunnen filteren.

Wat wij wellicht niet goed beseffen, is waarvoor deze Spelen in de eerste plaats moeten dienen: voor de consumptie door het eigen volk en als een showcase voor de nieuwe globale machtspositie die het bewind zich aanmeet.

Een beoogd effect op iets langere termijn is het komaf maken met het ingebakken minderwaardigheidscomplex van de Chinees tegenover de wereld. Het bruto nationaal geluk wordt de aanstaande twee weken beleefd via podia en medailles. Een medailleobsessie als antwoord op een onverwerkt verleden. Twee semesters lang wordt hier in de middelbare scholen onderwezen hoe het Middenrijk - het land dat ooit het middelpunt was van de wereld - is vernederd door buitenlandse machten als Groot-Brittannië, Frankrijk, Duitsland, Japan, Rusland en de VS.

De internationale kritiek van vandaag wordt afgedaan als een krampachtig vasthouden van het imperialistische Westen aan een verleden dat nooit meer terugkomt. Natuurlijk wil China hier de VS kloppen op sportgebied en is het nu niet, dan over vier jaar in Londen.

De Chinese attitude tegenover moderne sport weerspiegelt perfect het ongemak van de Chinezen met betrekking tot hun nationale trots. Voor de Chinezen gaan internationale sportconfrontaties dieper en fundamenteler dan een matchke tegen een ander land. Ze zijn de uiting van een internationale aanvaarding, een signaal dat China de eeuw van vernedering en schaamte achter zich heeft gelaten en een vol lid is geworden van de internationale gemeenschap.

De Chinese exuberantie waarmee deze Spelen nu al worden beleefd, geeft aan hoezeer China hunkert naar internationale erkenning en het belang dat wordt gehecht aan sport is voor China een uiting van internationalisme. De officiële slogan van Peking 2008 is dan ook 'Eén Wereld, Eén droom'.

Het begrip Middenrijk houdt in dat China zichzelf als het politieke en culturele centrum ziet van de regio, vandaar ook de latente behoefte om het dissidente Taiwan - Chinese Taipei in sporttaal - terug bij het moederland te brengen.

Als er één kwestie een domper kan zetten op het bruto nationaal geluk van deze Spelen dan de kwestie Taiwan, eerder dan een verdwaalde terrorist die toch wordt gevangen in het web van spionnen, verklikkers en metaaldetectoren. Taiwan heeft ervoor gezorgd dat China jarenlang niet op het sporttoneel is verschenen en nog ligt die kwestie erg gevoelig.

In het park rond het Internationaal Olympisch Comité in Lausanne staan een tiental beelden, liefst twee daarvan zijn van Chinese oorsprong. Een wandelaarster uit de Volksrepubliek en een tai chi-beoefenaar uit Taiwan. Het evenwicht is broos. Als de dood zijn de Chinezen dat Taiwan van deze Spelen gebruik zal maken om zich nog verder los te scheuren van Peking. Dat er vanavond een verdwaalde atleet het T-gebaar zal maken, tot daar aan toe, dat zal CCTV er wel uit filteren, maar wat als de atleten van Taiwan een gebaar stellen?

Als we straks op 24 augustus de boeken sluiten, de computers afkoppelen en de koffers dichtklappen zullen we Mo li hua kunnen neuriën, van achteren naar voren dromen.

Het jasmijnlied zal de 302 medailleceremonies inleiden, als een baken van zuiverheid voor wat daarna volgt: het hijsen van de vlag en het volkslied, voor sommigen met de hand op de borst. Meer dan ooit zullen op deze Spelen de beschavingen botsen. China vs. Amerika, of het Westen, meer dan ooit hier in Peking zal het spel de metafoor zijn voor het echte leven.

Ondanks alle politie, alle veiligheid en de duizenden ordehandhavers is Peking 2008 nu al meer Sydney dan welke andere moderne Spelen ook

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234