Donderdag 02/07/2020

Getuigenis

"Zelfs familie mag je niet vertrouwen"

Turken protesteren tegen de mislukte coup in juli van 2016. President Erdogan wijst de uitgeweken imam Fethullah Gülen aan als aanstoker van de coup.Beeld EPA

Sinds Turks president Erdogan de aanhangers van zijn politieke tegenstander Fethullah Gülen vogelvrij heeft verklaard, is ook in België het hek van de dam. De teller staat op tachtig geregistreerde haatmisdrijven in amper acht maanden tijd. Slachtoffers vertellen hun verhaal.

Het is vroeg in de ochtend als een vrouw de rolluiken van haar winkeltje omhoog trekt. De zon schijnt fel, wolken zijn nergens te bespeuren en de wimpels aan de vitrine hangen er roerloos bij. Alles wijst op de start van een heerlijke zomerdag. Ze draait het slot van de deur open en wandelt terug naar de toonbank. Nog geen minuut later rinkelt de bel. Een man stapt met stevige tred binnen, stopt halverwege de winkel en kijkt haar dreigend aan.

"Jij vuile landverraadster! Jouw soort hoort hier niet thuis, teef! We willen jullie hier niet in onze wijk. Als jij en je hond van een man niet snel jullie zaakje sluiten, zullen we je aanpakken! Je verdient het niet te leven."

Zo snel als hij gekomen is, wandelt de man weer weg. Achter de toonbank staat de vrouw te trillen op haar benen. Ze barst in tranen uit en zwalpt naar de deur. Ze draait het slot om. Ze sluit de rolluiken. Buiten gaat de zomer door, binnen wordt alles donker.

Het had zomaar een scène kunnen zijn in een joods winkeltje in het Duitsland van de jaren 30, maar het is er wel degelijk een die zich heeft afgespeeld in het België van 2016. Sinds de nacht van 15 op 16 juli vorig jaar is het leven voor een zowat drieduizend Turkse Belgen drastisch veranderd. Van de ene dag op de andere worden ze aangevallen, bedreigd en gechanteerd. Hun winkels worden gemeden, de plaatsen waar ze samenkomen worden vernield, hun voordeuren worden beklad. Ze zijn paria's binnen hun eigen gemeenschap.

Turkse Belgen van de derde en zelfs vierde generatie, geboren en getogen in Limburg, Antwerpen of Gent, moeten plots vrezen voor hun leven voor een politiek conflict dat zich drieduizend kilometer verderop afspeelt. Hun misdaad? Sympathie hebben voor de Turkse imam Fethullah Gülen, een man die praat over verzoening en integratie in het land waar je woont. De aanstoker van de haat? Recep Erdogan, een politicus die praat over haat en verzet tegen het land waar je woont.

"Ons leven in België is een nachtmerrie geworden", zucht Mehmet Özturk uit Limburg. "Onze gemeenschap is compleet verdeeld. Er is geen grijze zone meer. Je bent zwart of je bent wit. Een landverrader of een goede Turk."

De man herkent zich in de anekdote die in het begin staat beschreven. "Ook in onze winkel in Heusden-Zolder hebben we zulke situaties meegemaakt. Maanden aan een stuk zijn we bedreigd en onder druk gezet om te sluiten. Er gingen op internet lijsten rond met winkels die moesten worden geboycot en de onze stond vaak helemaal bovenaan. We hebben veel klanten verloren omdat de aanstokers iedereen bang maken. Kwamen ze bij ons winkelen, dan werden ze ook bestempeld als landverraders."

Einde van de vriendschap

Özturk heeft maanden volgehouden, maar brak onlangs toch. "Mijn vrouw en ik gingen eraan onderdoor. We hebben niets te maken met wat er in Turkije gebeurt, maar worden er nu wel het slachtoffer van. In mei vorig jaar had ik een overnamebod van 150.000 euro. In februari heb ik moeten sluiten met schulden." Om zijn gezin met twee kinderen te onderhouden, zoekt Mehmet nu een andere bron van inkomsten. Zijn situatie is verre van uniek.

"We zien dat overal in België gebeuren", bevestigt Ibrahim Anaz. Hij is voorzitter van ondernemersorganisatie Betiad. "Tientallen winkels hebben de deuren al moeten sluiten en evenveel gezinnen zijn daar financieel door getroffen." Betiad zelf verloor sinds deze zomer meer dan zeshonderd leden, twee derde van het ledenbestand. "Omdat onze organisatie ook gelinkt is aan de Gülen-beweging vreesden al die mensen dat ze zouden worden aangevallen als ze lid bleven."

Zelfs wie geen eigen zaak heeft, krijgt financieel te lijden onder de gespannen situatie binnen de Turkse gemeenschap. "Ik ben ontslagen door mijn baas omdat die maanden onder druk is gezet", getuigt een man uit Gent die anoniem wil blijven uit vrees voor vergelding. "Vlak na de staatsgreep werd hij door zijn familie en vrienden al verplicht om mij te ontslaan, maar hij hield stand. Ik werkte al jaren voor hem en we waren vrienden geworden. Hij weet dat ik niets te maken heb met de mislukte staatsgreep in Turkije. Eind december werd het hem echter te veel. Erdogan-aanhangers waren begonnen met zijn klanten lastig te vallen en de winkel kreeg het moeilijk. Begin dit jaar heeft hij me met veel pijn in het hart moeten ontslaan. De hardnekkigheid waarmee men alle gülenisten in België opjaagt, is onvoorstelbaar."

En het gaat verder dan het boycotten van een winkel. Veel verder. "Mijn vrouw was in alle staten toen ze hoorde dat we moesten onderduiken", zucht Bahattin Koçak. Hij is een bekend figuur in Beringen en broer van ex-politicus Selahattin. Vlak na de staatsgreep kreeg de islamleraar zo veel doodsbedreigingen dat zelfs de autoriteiten hem adviseerden om te vertrekken. Twee keer kort na elkaar dook hij onder. "De doodsbedreigingen vlogen in die periode in het rond. Niet alleen tegenover mij."

Een en ander werd opgestookt in de plaatselijke moskee, bevestigt een getuige die uit veiligheidsoverwegingen anoniem wil blijven. Voor gülenisten is het al sinds 15 juli volstrekt onmogelijk om nog naar een moskee te gaan waar Erdogan-aanhangers de plak zwaaien of waar ze gekend zijn. Het is hen duidelijk gemaakt dat ze beter wegblijven. Zelfs als ze niet meer leven.

"Toen ik nog contact had met kennissen die naar de moskee in Beringen gingen, hoorde ik dat de imam in de preken opriep tot vergelding", zegt onze bron. "'Zelfs als ze gestorven zijn, mogen jullie de lijken van deze landverraders niet naar hier brengen,' zei de imam, 'want ik weiger ze de laatste rituelen toe te dienen.'"

Via dergelijke haatspeeches bleef de situatie in de zomer explosief en werden mensen opgehitst. Dat zorgde ervoor dat er met de regelmaat van de klok ruiten sneuvelden in gebouwen van Gülen-verenigingen, dat mensen op internet en op straat met de dood werden bedreigd en dat restaurants of winkels werden geboycot.

"Ik dacht dat de storm rond september zou gaan liggen", vertelt Bahattin Koçak. "Maar het bleef duren. Tot vandaag nog." Hijzelf werd op de eerste schooldag belaagd door meer dan dertig boze ouders. "Ze stonden in de leraarskamer en eisten mijn ontslag op de gemeenschapsschool waar ik les geef. De directie wilde daar niet van weten, maar veel ouders hebben hun kinderen voorlopig uit de islamles gehaald. Tijdens die discussies scholden ze ook op elkaar. Niemand mocht nog met 'landverraders' als ik te maken hebben."

Overheid doet mee

Koçak was mentaal gekraakt en vertrok op ziekteverlof. Toen hij opnieuw aan het werk ging, kwam er meteen een bommelding binnen. De dader vergiste zich van school, maar Koçak was zo aangedaan door het feit dat hij vandaag weer thuis zit. "Ik kan het niet aan te weten dat mijn leerlingen gevaar zouden lopen door mijn situatie. Stel je voor dat er op een dag een zot écht zo ver gaat... Ik zou het mezelf nooit vergeven."

Na talloze klachten bij de politie - er zijn al meer dan tachtig pv's van haatmisdrijven opgemaakt - zijn de aanstokers zich meer gaan bekommeren om hun anonimiteit. Maar hun acties worden er niet minder driest door. Zo werden in november een aantal wagens en een schoolbus in brand gestoken. Die laatste behoorde toe aan het Lucerna-college in Houthalen, een school die is opgericht door de Gülen-beweging en die geregeld het mikpunt is van vandalen. Van de daders is geen spoor.

Mehmet Bukey, de zoon van de vader wiens auto's in vlammen opging, wil niet gezegd hebben dat het vaststaat dat het Erdogan-aanhangers waren, maar vindt het opvallend dat ze net zijn familie uitkozen. "Iedereen weet dat we sympathie hebben voor Gülen en het gebeurde in dezelfde nacht als de schoolbus. En dan nog in exact dezelfde gemeente."

Ook de laatste weken flakkert het geweld weer op. Zo werd een gemeenschapscentrum in Genk bekogeld met stenen. "De sfeer wordt weer zeer grimmig", zegt een man uit Antwerpen. "We houden ons zo veel mogelijk koest, gaan naar andere moskeeën of komen op geheime plaatsen samen om te bidden, maar toch gaat de haat niet weg. Het zit overal. Zelfs in je eigen familie of bij vrienden die je al jaren kent. Ik kan je verzekeren: als een oude vriend je plots ijskoud zegt dat hij je zal neerschieten, dan voel je de grond onder je voeten wegzakken."

Voor Riza Dogan, een journalist die in Brussel werkt en in 2015 al hardhandig werd aangepakt door een lid van de partij van Erdogan, zijn het voorbeelden van een tactiek die doet denken aan de jodenvervolging in de jaren 30. "De boycots van handelszaken, het zwartmaken van een deel van de bevolking, het bedreigen van mensen en het vernielen van hun bezittingen: dat komt allemaal akelig dicht in de buurt van wat zich toen afspeelde. En zelfs overheidsmedewerkers van Turkije die in België verblijven doen eraan mee."

Zo heeft Dogan twee klachten lopen tegen de voormalige persattaché van de Turkse ambassade. "Die man heeft mij tot twee keer toe met de dood bedreigd op sociale media. Met naam en toenaam. 'Maak je niet druk, we zijn je aan het opsporen', schreef hij in een bericht. Dat zoiets kan in een land als dit is onvoorstelbaar."

Advocaat Walter Van Steenbrugge, die een cliënt verdedigt die in Turkije wordt gezocht voor 'terreurdaden', bevestigt dat de angst voor ontvoeringen erg leeft binnen de Turkse gemeenschap. "Op het hoofd van mijn cliënt is een bedrag van 35.000 euro gekleefd. Hij woont al drie jaar in België en heeft niets te maken met de staatsgreep, maar dat wordt in Ankara betwist en dus wil men hem berechten. De kans op een eerlijk proces heeft hij echter niet."

Van Steenbrugge zegt bewijzen te hebben van het feit dat de Turkse geheime dienst pogingen plant om arrestaties uit te voeren op Belgisch grondgebied. Via officiële weg heeft Turkije ons land in december al om de uitlevering gevraagd van zes leden van de Gülen-beweging die hier zouden verblijven. Minister van Justitie Koen Geens (CD&V) moet daarover beslissen. Op zijn kabinet was echter niemand bereid om commentaar te geven. Diplomatiek liggen de dossiers immers te gevoelig.

"We merken wel vaker dat de politiek zich niet durft uit te spreken", zegt Bahattin Koçak. "Wij zijn slechts een minderheid, hé. We hebben dat al met zoveel woorden te horen gekregen: 'Ja maar, hoe groot is jullie achterban?' Het lijkt alleen maar om stemmen te gaan. Je voelt je machteloos als je zoiets hoort. Alsof je niet meetelt. De politie noteert onze klachten, het parket behandelt het onderzoek met de laagste prioriteit en de politiek blijft zwijgen. Ondertussen ondergaan honderden mensen in dit land een lot dat je niemand toewenst."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234