Dinsdag 29/11/2022

Zeg niet te gauw een vrouw in het blauw

Slechts een op de drie politieagenten is vrouw. Hoe hoger op de korpsladder, hoe schaarser de dames. Joëlle Milquet, minister van Binnenlandse Zaken en Gelijke Kansen (cdH), heeft daarom een strijdplan klaar. 'Ik ben binnengestapt in een machocultuur', zegt Rita Ubachs, een van de allereerste damesflikken in ons land. 'Maar de nood aan vrouwelijke agenten is groter dan ooit.'

"Dat was wel wennen, die eerste vrouwen in uniform. Ineens moesten we damestoiletten voorzien, die hadden we helemaal niet bij de rijkswacht." Aan het woord is Peter De Waele. Toen hij dertig jaar geleden in het vak stapte, had hij alleen maar mannelijke collega's. Vandaag is hij woordvoerder van de eerste vrouwelijke commissaris-generaal van de federale politie, Catherine De Bolle.

De Bolle mag dan voor een opgefrist beeld zorgen van het management, de politiewereld blijft wel overwegend een mannenbastion, klaagt binnenlandminister Joëlle Milquet (cdH) aan. Zij zette twintig richtlijnen op papier om meer vrouwelijk bloed aan te trekken. Dat is nodig, staven de cijfers. Is slechts één op de drie politieagenten een dame, dan zijn vrouwen in hogere functies nog dunner gezaaid. Zo is maar 10,8 procent van de hoofdinspecteurs een vrouw, bij de hoofdcommissarissen is dat amper 3 procent.

De grootste pijnpunten zijn deze, vindt Milquet: te weinig vrouwen in de selectiecommissies, een gebrek aan gendermentaliteit bij juryleden, en te weinig oog voor de gelijkheid van mannen en vrouwen in het korps. Nochtans, zo benadrukt haar kabinet, halen vrouwelijke kandidaten betere scores op externe rekruteringsproeven dan mannen. "Hoewel vrouwen zich minder vaak kandidaat stellen voor een operationele functie, hebben ze over het algemeen wel een betere slaagkans", licht woordvoerster Ingrid Van Daele toe.

Vrouwenkransje

Welaan dan, wat houdt de dames tegen? Of zijn ze misschien niet welkom: is het mannenwereldje bang voor een vrouwenkransje? "Nee, er is zeker een evenwicht nodig tussen de m/v's in het vak, zowel op het veld als aan de top", erkent Peter De Waele, woordvoerder van de federale politie. "We staan ten dienste van de maatschappij, en dus moeten we een afspiegeling zijn van de bevolking. Hoe meer diversiteit je hebt, hoe rijker je organisatie is."

En daar gebeuren vandaag al inspanningen voor, maakt hij zich sterk. Zo heeft commissaris-generaal De Bolle vastgelegd dat er bij iedere selectiecommissie minstens één vrouw aanwezig moet zijn. "En dan bedoelt ze niet de secretaresse, maar wel degelijk iemand met stemrecht over de kwestie", duidt De Waele. "Op die manier wil ze de balans tussen mannen en vrouwen in evenwicht brengen. Terecht, want het leidt inderdaad tot een betere selectie. Niet dat mannen anders per se voor mannen kiezen, en vrouwen voor vrouwen. Maar je merkt toch dat er over elke kandidaat een diverser debat ontstaat."

Zelf heeft De Waele er een goed oog op: nu één op de drie politieambtenaren vrouw is, zal er een betere doorstroming op gang komen naar de hogere functies. Hoe groter de basis onderaan op de ladder, hoe meer vrouwen de treden zullen beklimmen. Al moet het mannenbastion dan eerst in eigen boezem kijken.

"Op vlak van gendermentaliteit kunnen er zeker nog inspanningen gebeuren", weet De Waele. "Zo is het niet uitzonderlijk dat juryleden bij vrouwelijke kandidaten polsen of ze nog een kinderwens hebben, terwijl die vraag nooit zou vallen bij een man. Ook de opleidingen om promotie te maken zijn niet altijd oudervriendelijk. Wil je het tot hoofdcommissaris schoppen, dan moet je een directiebrevet kunnen voorleggen. Om dat getuigschrift te behalen ben je soms vijf keer een week lang weg van huis, op stage. Daar schrikken vrouwen met kinderen dikwijls voor terug. Ook dat systeem moeten we dringend herbekijken."

Slakkengangetje

Vrouwen in uniform: ze komen vooruit, maar in een slakkengangetje, hekelt Gwen Merckx, ooit studiegenoot van Catherine De Bolle en nu korpschef van de lokale politiezone Rupel. "Bijzonder fijn dat de minister dat extra duwtje in de rug geeft, want het is nodig", zegt de voorvechtster van vrouwenzaken. "Het lijken eenvoudige maatregelen, maar op termijn zullen ze ongetwijfeld een groot effect hebben. Nu doen veel mannelijke juryleden er nog smalend over dat er ook vrouwen in de commissies moeten zetelen. Het botst op weerstand en hilariteit. Maar over vijf jaar zal niemand daar nog over struikelen."

Diversiteit in het korps is troef, zegt Merckx stellig. "Het is heel simpel: wil je het publiek een excellente dienstverlening bieden, dan moet je verstaan wat de verschillende bevolkingsgroepen vragen en verlangen. En wat is de eerste grote tweedeling in onze maatschappij? Die tussen man en vrouw, toch."

Veel meer dan vroeger komen agenten inderdaad in aanraking met vrouwen, treedt Rita Ubachs haar bij. Eind jaren zeventig was ze een van de allereerste damesflikken in ons land, vandaag is ze commissaris bij de Genkse politie. "Vroeger werd er veel meer gesproken met de vuisten dan met woorden. Als agent kreeg je vooral te maken met caféruzies. Kregen twee dronkaards het met elkaar aan de stok, dan was er brute mankracht nodig om de vechtersbazen uit elkaar te halen. Nu komen zulke interventies veel minder voor. Meer dan ooit moeten we ingrijpen na inbraak, diefstal of partnergeweld. Zo kom je als vanzelf meer in contact met vrouwelijke slachtoffers. En dat betekent dat ook de nood aan vrouwelijke agenten groeit. Want hoe je het ook draait of keert: wij luisteren beter, staan meer open voor de standpunten van een ander. Daardoor vullen wij het beroep toch anders in.Dat merk ik ook met de slechtnieuwsgesprekken: de mannen in het korps laten die toch liever over aan vrouwelijke collega's."

Andere tijden

Kortom: de tijden zijn veranderd en smeken om meer vrouwen met kepie. Het tegendeel was nochtans waar toen Ubachs als groentje begon."Ik ben binnengestapt in een regelrechte machocultuur", herinnert ze zich zonder veel moeite. "De mannen zagen ons niet graag komen, ze waren bang dat we de fijne jobs gingen afpakken. Als je dan zelf in zo'n caféruzie terechtkwam, was het van: 'Allez meiske, bewijs nu maar eens dat je het kunt.' Dan deden ze niks liever dan je in de vuurlinie te zetten. Ik heb veel heethoofden horen zeggen: 'Maar meneer de agent, we gaan toch niet op een vrouw moeten slaan?' Op die manier heb ik wel veel conflicten kunnen bedaren, terwijl mannelijke collega's de agressie soms alleen maar aanwakkerden. Zij liepen veel meer het risico dat die driftkikkers zich gezamenlijk tegen hen zouden keren."

Gezag afdwingen in een rok, Ubachs kent er alles van. "Niks was er in die tijd voor ons voorzien: geen aparte kleedkamers, geen deftig uniform. We moesten onze hemden bij het toenmalige Sabenapersoneel gaan halen. In geen geval konden we een broek dragen. We moesten een rok aantrekken, ook putje winter. 'Ben je een vrouw, dan moet je je ook zo kleden', was de commentaar. Wel zijn we er uiteindelijk in geslaagd om een broekrok los te weken. Met het argument dat wij toch ook achtervolgingen moesten doen."

Een treffelijk wapen in de holster? Nee, dat ging te ver, oordeelden de mannen. Dus kreeg Ubachs de lightversie van 725 gram, bijna twee keer zo licht als de standaardrevolver. Gevaarlijk, want de terugslag was des te groter. En een farde voor documenten? 'Vergeet het meisje, gebruik jij maar dit handtasje.'

"Je ziet, we komen echt wel van ver", verzucht de huidige commissaris. Maar als het een troost kan zijn: "Zo macho als toen maken ze ze vandaag niet meer."

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234