Vrijdag 13/12/2019

Zeg niet bosjesman, maar zeg San-man

Sinds jaar en dag reizen westerse wetenschappers zuidwaarts om onderzoek te doen bij Afrikaanse inheemsen. Die laten zich echter niet meer zomaar als proefkonijn gebruiken.

Al eeuwenlang lopen wetenschappers de deur plat bij traditionele Afrikaanse volkeren. Antropologen zijn gefascineerd door de diversiteit in talen en culturen die Afrika rijk is. En genetici zijn tomeloos geïnteresseerd in de grote genetische diversiteit van inheemse volkeren, waarmee ze de menselijke evolutie aan de hand van gemeenschappelijke voorouders in kaart brengen.

Maar nu is er ruzie in het onderzoeksveld. Het San-volk uit Zuidelijk Afrika - bekend om hun unieke kliktaal - stelde onlangs als eerste inheems Afrikaanse volk een gedragscode op voor wetenschappers. De San eisen medezeggenschap over de vraagstelling, methode en uiteindelijke rapportering van studies. Achterliggende boodschap: de inheemsen hebben hun buik vol van al die wetenschappers die op verre westerse universiteiten carrière maken op hún cultuur en hún unieke genenpakket.

De druppel die de emmer deed overlopen was een studie uit 2010. Onderzoekers van de Penn State University publiceerden in Nature het genoom van vier mannelijke San uit Namibië. De San-mannen hadden toestemming gegeven, zo hadden de onderzoekers vastgelegd op film. Maar volgens critici konden de vier mannen - allen analfabeet - onmogelijk de gevolgen van hun toestemming inzien. Hoe konden ze begrijpen dat hun bloedeigen genoom in een onleesbaar westers tijdschrift zou verschijnen? Daar kwam nog bij dat in de publicatie de San werden beschreven als 'bosjesmannen' - een zeer beladen term.

In een ingezonden brief aan Nature reageerde een San-leider laaiend op de publicatie. Die zou getuigen van 'absolute arrogantie, onwetendheid en culturele bijziendheid'. De San belegden enkele bijeenkomsten met wetenschappers, met de nieuwe gedragscodes als resultaat.

"Die codes zijn natuurlijk volstrekt legitiem", vindt Wouter van Beek, emeritus-antropoloog aan de Universiteit Leiden. Van Beek heeft tientallen jaren ervaring in onder meer Mali en Namibië. Over de jaren heen heeft hij de omgang van wetenschappers met de inheemsen ten positieve zien veranderen. "Vroeger hoorde je nog weleens van onderzoekers die beweerden dat ze hun publicatie zouden voorleggen aan onderzochte inheemsen. Vervolgens lieten ze nooit meer van zich horen."

Zulke verhalen zijn nu ondenkbaar. In de eerste plaats komt dat door een ethische inhaalslag aan westerse universiteiten. Steeds vaker beschikken die over ethische commissies die toetsen of hun wetenschappers zich wel aan de regels voor fatsoenlijk onderzoek houden.

Uitzondering

Daarnaast zijn Afrikaanse inheemsen al lang niet meer de traditionele jagers-verzamelaars zoals we die kenden, maar weten ze tegenwoordig prima wat er elders in de wereld speelt. Meerdere Afrikaanse inheemse volken richtten in de afgelopen decennia organisaties op om wetenschappelijke publicaties in het oog te houden. En de inheemsen worden steeds intensiever bij het onderzoek betrokken.

De beledigende publicatie uit 2010 is tegenwoordig meer uitzondering dan regel. Bart Ferwerda, geneticus aan het Amsterdam Medisch Centrum, werkte tot enkele jaren terug aan de Universiteit van Pennsylvania, waar hij de genetica van Afrikaanse populaties bestudeerde. Ook hij juicht de nieuwe richtlijnen toe. "Zo'n term als bosjesmannen is echt beledigend - alsof Nederlanders in een publicatie ineens kaaskoppen worden genoemd."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234