Woensdag 27/05/2020

ReportageTownships

‘Ze hebben hier zelfs geen geld voor zeep’: lockdown in een Zuid-Afrikaanse sloppenwijk? Onmogelijk

De meeste mensen van Freedom Charter hebben geen stromend water, koelkast of wc, waardoor ze hun behoefte moeten doen in een van de dixietoiletten.Beeld Bram Lammers

Zuid-Afrika, dat sinds 26 maart op slot zit vanwege corona, versoepelt vanaf 1 mei enkele aspecten van de lockdown. Maar in sloppenwijken als Freedom Charter in township Soweto zal  daar weinig van te merken zijn. ‘Zeg eens: hoe ziet iemand met corona eruit?’

Voor een land in lockdown is het opvallend druk in de straten van sloppenwijk Freedom Charter in het Zuid-Afrikaanse township Soweto. Om er te komen moet je een treinspoor oversteken. Overal hangen groepjes jongeren: sommigen voetballen, anderen roken een joint. Sithembiso Yingwane (37) lacht. “Je moet eens zien hoe snel deze straten leeg zijn zodra het leger verschijnt.”

Dat gebeurde drie keer in de eerste weken van de lockdown, die sinds 26 maart in heel Zuid-Afrika van kracht is. “Iedereen schiet dan naar binnen. Alleen blijft het leger steeds maar een uur. Daarna is iedereen voor je het weet weer buiten.”

Yingwane woont in Freedom Charter, een plek met een trotse historie. In 1955 kondigde de huidige regeringspartij ANC hier, samen met haar bondgenoten in de strijd tegen de apartheid, het Vrijheidshandvest (het Freedom Charter) af. Dat werd de blauwdruk voor een gedroomd multiraciaal en eerlijk Zuid-Afrika. ‘De rijkdom van ons land, erfgoed van alle Zuid-Afrikanen, zal aan het volk worden teruggegeven’, klonk het. Maar 65 jaar later is een wijk met beschamende armoede alles wat op deze plek overblijft.

In Freedom Charter lijkt er geen angst te heersen voor corona. Naast een gebrek aan informatie over Covid-19 is er vooral ook een gebrek aan degelijke voorzieningen.Beeld Bram Lammers

Yingwane komt van de markt aan de betere zijde van het spoor. Ook daar vind je geen gouden bergen, maar de straten zijn er tenminste geasfalteerd. Woningen hebben er riolering én een kraan. Het was er druk, zag Yingwane. De overdekte marktplaats was vanwege de lockdown weliswaar gesloten, maar op de stoep ging een deel van de handel gewoon door. Vrouwen verkochten uien, tomaten, aardappelen. Voor de supermarkt stond een rij van honderd meter – niemand die afstand hield.

Nu loopt Yingwane over het treinspoor terug naar huis. Hij is een stevige man in een diepblauw joggingpak en met een warme lach. Hij werkt in een kliniek twee wijken verderop in Soweto. “Nee, niet hier.” Hij wijst naar zijn sloppenwijk. “In Freedom Charter is helemaal niets. Geen school, geen bibliotheek, geen supermarkt. En ook geen ziekenhuis.”

In de wijk is weinig veranderd sinds de uitbraak van het coronavirus in Zuid-Afrika en de lockdown die volgde, vertelt hij. Er is, ondanks beloftes over voorlichtingscampagnes, nooit iemand langsgekomen om de bewoners van Freedom Charter ook maar de meest basale informatie te verschaffen over Covid-19 en de manieren om jezelf tegen een besmetting te beschermen. “De regering zou in ieder geval zeep moeten uitdelen”, zegt Yingwane. “Zelf hebben de mensen daar het geld niet voor.”

Tijd winnen: de winter is op komst

Soweto is niet het enige township waarin de lockdown niet door iedereen wordt nageleefd. Dat geldt ook voor het nog dichter bevolkte Diepsloot. De politie lijkt vooral de toegangswegen af te sluiten, zodat het virus niet kan binnendringen. Het is er druk op straat. Ook hier wordt nauwelijks op corona getest. Een recente presentatie van de overheid maakte duidelijk dat de lockdown in Zuid-Afrika niet bedoeld is om een verdere uitbraak van corona geheel te voorkomen, maar om de piek ervan af te vlakken en vooral ook uit te stellen, van juli naar september. Zo wil de regering tijd winnen om onder meer het aantal bedden op intensieve zorg te vergroten. Het land wil na 30 april stap voor stap weer opengaan. De regering bekijkt tot die datum per dag of ze sommige aspecten van de lockdown kan versoepelen. Vooral de naderende winter, van juni tot en met augustus, baart zorgen. Veel Zuid-Afrikanen krijgen dan griep en het zal dan volgens epidemioloog Cheryl Cohen “heel, heel moeilijk” worden om gevallen van corona te herkennen.

Elias Mokhabi wacht hem achter het spoor op. Hij woont, evenals als Yingwane, al heel zijn leven in Freedom Charter – vijftig jaar. Hij is ruim een kop kleiner. Ze lopen naar de hoofdweg van hun sloppenwijk, die geleidelijk afloopt richting een moerassig laagland. Slechts een handvol huizen is er van steen gemaakt. Ertussen staan krotten van golfplaat bovenop elkaar gepakt. Overal spelen kinderen. Op een straathoek is een groep mannen aan het dobbelen. Door geulen in de onverharde weg lopen stroompjes vuil water naar beneden, waarin vrouwen met behulp van plastic teiltjes de was hebben gedaan. Als het regent, kampt wie onderaan de helling woont met overstromingen.

Zo iemand is Doris Harrison (39). Zij komt net terug van de gemeenschappelijke buurtkraan. Ze heeft een rasp en een pan in haar handen. “Hoe kunnen wij de hele dag binnen blijven, zoals de regering wil?”, vraagt zij. “Alleen al voor water moeten we naar buiten.” Ze wijst naar de groene dixietoiletten, die om de twintig meter langs de straat staan. “Zelfs als we naar de wc willen, moeten we naar buiten. En niet iedereen heeft een koelkast. Dus we moeten elke dag ons huis uit voor boodschappen. Een lockdown werkt niet in een sloppenwijk.”

Veel weet Harrison niet over het coronavirus, dat geeft ze onmiddellijk toe. Ze kijkt Yingwane en Mokhabi vragend aan. “Zeg eens, hoe ziet iemand met corona er precies uit? En waarom moeten wij voor dit virus opeens zo bang zijn? We hebben hier toch wel ergere virussen?”

Doris Harrison en haar 69-jarige moeder voor hun woning. ‘Ik ben mijn inkomen kwijt. We overleven op moeders pensioenuitkering.’Beeld Bram Lammers

Doelt ze op hiv? Harrison knikt. In Zuid-Afrika overlijden nog altijd elk jaar 71.000 mensen aan aids. De teller van Covid-19 staat pas op 48. Harrison: “We horen dat we mondkapjes en handschoenen moeten kopen. Maar wie heeft daar geld voor, nu we door de lockdown niet meer mogen werken?”

Want wie een baantje heeft in Freedom Charter, werkt bijna zonder uitzondering op basis van een nulurencontract. Dus geldt: geen werk, geen loon. Harrison herschikt de doek die ze om haar hoofd heeft geknoopt. “Ook ik ben door de lockdown mijn inkomen verloren”, zegt ze. “Ik werkte in een winkeltje met kantoorartikelen.”

Het afkondigen van de lockdown, die zeker tot en met 30 april zal lopen, was volgens haar een verkeerde beslissing. “De overheid belooft ons geld te geven nu we niet kunnen werken, maar ik denk niet dat die steun er écht komt.” Ze schudt haar hoofd. “Ik woon met mijn moeder van 69 in huis. We overleven op haar pensioenuitkering.” Die bedraagt omgerekend nog geen honderd euro per maand: drie euro per dag, voor met z’n tweeën.

Nadat ze afscheid hebben genomen van Harrison, slaan Mokhabi en Yingwane linksaf. Een doel lijkt hun wandeling niet te hebben – gewoon een blokje om. “De overheid zegt allerlei noodfondsen op te zetten”, moppert Yingwane. “Maar het is allemaal zo vaag en complex. Mensen hier vertrouwen het niet. Ze zijn gefrustreerd. Zij vermoeden dat voor de zoveelste keer valse beloften worden gedaan. De regering kan beter – gewoon concreet – elke dag voedselpakketten uitdelen.”

Van 'social distancing' is nauwelijks sprake in Freedom Charter. Beeld Bram Lammers

Het is een heel ander geluid dan er klinkt in de rijkere wijken van Zuid-Afrika – dat in economisch opzicht het meest ongelijke land ter wereld is. De elite en middenklasse prijzen juist het kordate optreden van de regering. De populariteit van president Cyril Ramaphosa is onder hen sinds de aankondiging van de lockdown snel gestegen. Zij hebben dan ook het geld om de lockdown uit te zitten. Zij kunnen best een tijdje van huis uit werken. Hun meest gehoorde klacht rond 26 maart was slechts dat zij een paar weken lang de hond niet meer mochten uitlaten – die is nu aangewezen op de tuin.

Maar zelfs die schaarse middenklassekritiek verstomt, nu de lockdown op het eerste oog effect lijkt te hebben. Het aantal geregistreerde coronabesmettingen stijgt relatief traag. Al is de vraag hoeveel die cijfers zeggen, zolang er in townships als Soweto nauwelijks wordt getest.

Zo sprak Yingwane, op de weg terug van de markt, kort met zijn vriend Robert Dlamini. Die had op televisie gehoord over mobiele coronatest­centra, maar iets dergelijks nog niet gezien in Soweto. Hij vond dat er op centrale plekken in het township medische tenten zouden moeten verrijzen, zoals er vóór de lockdown tenten stonden waar mensen zich gratis konden laten testen op hiv. “Waarom kan dat met corona niet?”, vroeg hij zich af. “Nu weet niemand in de townships of hij besmet is of niet. Dat voedt de verwarring onder de mensen.”

Elias Mokhabi heeft praktisch de hele wandeling lang gezwegen. Maar tegen de tijd dat hij en Yingwane terugkeren op de hoofdweg van hun sloppenwijk, vertelt hij plotseling enthousiast dat hij twee voetbalteams uit Freedom Charter coacht. Hij grijnst. Zelf was hij ooit een snelle, wendbare middenvelder. Hij maakt ter bewijs een schijnbeweging zonder bal.

Het blijkt te gaan om teams van The Freedom Charter Foundation. Dat project zette Yingwane in 2016 in zijn vrije tijd op poten. Het doel is om kinderen uit de wijk meer structuur te bieden, vertelt Mokhabi. Om te zorgen dat zij niet gaan drinken of experimenteren met drugs. De amfetamine tik (crystal meth) en het op heroïne gebaseerde nyaope vormen een reusachtig probleem in Freedom Charter. De puberende voetballers werden tot de lockdown elke dinsdag, woensdag en donderdag na schooltijd opgepikt. Zij trainden en kwamen dan net voor donker thuis. Nu de trainingen stilliggen, maakt Mokhabi zich zorgen. “Als zij door verveling en de groepsdruk op straat de verleiding niet kunnen weerstaan, is het bijna onmogelijk hen weer op het rechte pad te krijgen.”

Sithembiso Yingwane (l.) en Elias Mokhabi: ‘Hier is niets. Ook geen ziekenhuis.’Beeld Bram Lammers

Op de kruising, waar nog steeds wordt gedobbeld, spreekt Christopher Mbangwa trainer Mokhabi en Yingwane aan. “Ik woonde hier al toen het Vrijheidshandvest hier 65 jaar geleden werd afgekondigd”, vertelt hij trots. “Dertien was ik toen.” Dat hij nog steeds in Freedom Charter woont is niet zijn eigen keus, geeft hij toe. “Ik sta sinds 1996 op de wachtlijst voor een sociale woning elders in Soweto.”

Maar door de corruptie bij de toewijzingen van zulke huizen, kreeg hij er nooit een. Dus leeft hij nog altijd in een klein, geel huisje, hooguit twaalf vierkante meter groot, zonder toilet of stromend water, ingeklemd tussen de krotten van kuchende en snotterende buren.

“Ja, ik ben bang voor het coronavirus”, geeft Mbangwa toe. “Ik ga nog wel naar buiten, maar niet te lang.” Hij is een van de weinigen in Freedom Charter die de lockdown steunt. “We moeten de regering gehoorzamen”, zegt hij. En dus wast Mbangwa elke twintig minuten zijn handen. “Ik zit niet meer aan mijn gezicht.” Hij heeft goed opgelet bij het televisiekijken. “Want ze zeggen dat het virus héél gevaarlijk is. Zeker voor iemand van 78 als ik.”

Hij gaat weer naar binnen, zegt hij. Maar als Yingwane en Mokhabi aanstalten maken om verder te lopen, schuifelt de oude man toch nog even naar de kleine voetbalcoach toe. Wat ze zeggen, is niet goed te verstaan. Wat wel opvalt, is dat ze, geheel onbewust, ook nu een volle minuut lang vriendschappelijk elkaars hand vasthouden.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234