Woensdag 13/11/2019

Ze bleven maar slaan

Maandag 26 september, dag 2 van het proces

Bij het voorlezen van de akte van beschuldiging zit Dumitru Ciurar te stralen. De gelaatsuitdrukking van de 41-jarige Roemeen lijkt aan te geven dat hij blij is hier te zijn. "Dumitru verklaarde geen spijt te hebben", leest advocaat-generaal Bart Van der Veken voor. "Zijn reactie was dat mijnheer Van Looveren al in een slechte toestand was. Hij was al slecht te been. Dumitru is van oordeel dat hij niets fout doet door oude mensen een duwtje te geven en hun juwelen af te nemen."

Dumitru zit gelukzalig om zich heen staren als de aanklager vertelt hoe het Robert Van Looveren verging: "Vroeger ging hij geregeld naar de Meir om dvd's te kopen, dat kan nu niet meer. Nu verblijft hij in een rusthuis en kan hij zich enkel nog verplaatsen met een rollator. De geweldimpact op zijn hersenen heeft gezorgd voor restletsels die zodanig ernstig te noemen zijn dat hij nog nauwelijks dagelijkse activiteiten kan uitoefenen."

Eric Boon, Dumitru's pro-Deoadvocaat, vraagt het woord: "Ik zou de leden van de jury op iets willen attenderen. De indruk zou kunnen ontstaan dat mijn cliënt aan het lachen is. U moet weten, hij heeft een IQ van 70 à 75, hij is als kind mishandeld in Roemeense weeshuizen. Dan vertoont men niet altijd het sociale gedrag dat van u wordt verwacht. Hij heeft een vreemde gelaatsuitdrukking en bij een reconstructie leidde dat tot een misverstand met de onderzoeksrechter, die vroeg: 'Mijnheer vindt het grappig, of wat?' Wij hebben soms de indruk dat hij lacht, terwijl dat niet zo is."

Er zijn vier tolken gemobiliseerd voor het assisenproces dat net zo lang gaat duren als dat in Tongeren. Rechts van Dumitru zitten Stelian Ciurar (36), Andrei Dragoi (23) en Hegedus-Petru Rostas (21). In wisselend samengestelde groepjes van twee beroofden de Roemeense Roma-zigeuners tussen 25 mei en 2 juni 2009 vijf Antwerpse bejaarden. Christiana Van den Eynde (73) en Frans Van Genechten (81) zijn niet meer onder ons. Clara Desoete (87), Robert Van Looveren (66) en Anna Tutelaars (93) zijn dat wel, al is "zijn" wellicht niet het gelukkigst gekozen woord.

Op één na, strafpleiter Jan De Man, zijn de advocaten van de verdediging jong en strijdvaardig. "Ik weet wat men zegt", zegt Johan Van Genechten, de raadsman van Andrei Dragoi, tot de jury. "Men zegt: 'Nu krijgt dat crapuul ook nog eens dure advocaten.' Het zal een succes zijn als wij hier over twee jaar iets voor betaald krijgen."

Tijdens het vooronderzoek is de vier gevraagd hoe lang ze al in deze contreien rondzwerven. Onthouden is helaas nu niet hun sterke punt. Ze werden, zeggen ze, meermaals in een vliegtuig richting Roemenië gezet. Vanuit Nederland, België en Duitsland. Om dan meteen weer terug te keren. Hebt u, vraagt de voorzitter, Christiana Van den Eynde bestolen?

Dumitru, via zijn tolk: "Ja."

Hebt u haar geslagen?

Dumitru: "No-no-no."

Hebt u haar geduwd?

"Een klein duwtje maar. Met de deur. Ik wou haar zeker geen pijn doen."

Stond Stelian Ciurar op de uitkijk?

Dumitru: "No-no-no."

Hebt u de buit met hem gedeeld?

Tolk: "Honderd euro. Om de huur te betalen, en om eten mee te kopen."

De vier zijn naar hier gekomen met een cunning plan. Dumitru, de oudste, neemt alle schuld op zich. Bij alle wandaden waarover uitleg wordt gevraagd, knikt hij driftig ja en wijst hij met zijn vinger naar zichzelf. De anderen, zegt hij, hebben niks gedaan. Probleem 1: in de rechtszaal krijgen we beelden van bewakingscamera's te zien waarop de zigeuners hun slachtoffers schaduwen en heel herkenbaar in duo opereren. Probleem 2: hun discussies over hoe Dumitru aan te wijzen als enige dader zijn gevoerd in een politiecel die vol verborgen microfoons hing. Op de tape is te horen hoe Stelian zegt te hebben vernomen dat Belgische rechters vooral lastig doen over "bendevorming". Dus als Dumitru alles heeft gedaan en de anderen niks, "is er geen bende". Probleem 3: af en toe valt iemand uit zijn rol, zoals Andrei Dragoi, tijdens een verhoor: "We waren op zoek naar vrouwen die door niemand vergezeld waren. Aan de manier van lopen kun je zien of iemand rijk is."

De voorzitter wendt zich tot Stelian Ciurar, die niet zo heet omdat hij familie is van Dumitru, maar omdat hij na een arrestatie voor diefstal in Polen een nieuwe achternaam nodig had en die kreeg na een schijnhuwelijk met diens zus. "Ik weet hoe ik op deze beklaagdenbank ben terechtgekomen", zegt Stelian, zware basstem. "Leugens. Ik ben onschuldig. Ik heb alleen honderd euro gekregen, om de huur te betalen en eten mee te kopen. Het geld was niet voor mij persoonlijk."

Hebt u Robert Van Looveren bestolen?

"Weet ik niets van af."

Hebt u Frans Van Genechten bestolen?

"Weet ik niets van af."

Nu is het de beurt aan Dragoi. Voor hij bejaarden halfdood hielp slaan, verdiende hij de kost door in homobars voor 25 euro per beurt mannen te pijpen.

Hebt u Clara Desoete bestolen?

"Nee, ik ben daar niet geweest."

Wie dan wel?

"Dumitru."

Bij de start van het proces heeft zich in de rechtszaal een opgewonden Roma-vrouw gemeld met een beduimeld A4'tje dat moest doorgaan voor de geboorteakte van beklaagde nummer vier, Hegedus-Petru Rostas. Het document pretendeerde dat hij is geboren op 3 juni 1991. Wat zou betekenen dat hij op de dag van de overval op Anna Tutelaars 17 jaar en 364 dagen oud was. Iemand in de gevangenis had gezegd dat je in België niet voor de rechtbank komt als je ten tijde van de feiten jonger was dan 18. Iemand is aan de slag gegaan met Photoshop.

Hebt u Anna Tutelaars geslagen?

"Ja, maar één keer slechts. Toen ik daar binnen kwam lag zij op de grond. Haar neus bloedde. Dumitru riep: 'Waar is het geld?' Zij wou niks zeggen, en hij heeft haar geslagen. Ik heb haar ook geslagen, omdat Dumitru me daartoe verplichtte."

Dinsdag 27 september, dag 3

Na de dood van haar hondje, een paar weken eerder, was Kai-Mook de nieuwe lieveling geworden voor Christiana Van den Eynde (73). Elke ochtend nam ze de tram aan halte Halewijn op Linkeroever, vlak bij haar flatje in de Blancefloerlaan, en spoorde ze naar het Astridplein. Daar kon je tot 11 uur een koffietje krijgen voor 1 euro. Meestal sprak ze af met haar vriendin, Anne Vercauteren. Foto's tonen een kokette, zelfbewuste dame over wie kleindochter Wendy een tekst komt voorlezen: "Elke dag ging ze nog naar buiten, of het nu droog was of regende, dat maakte niet uit. Ze wou altijd buiten zijn. Wij staan hier nu voor ons oma, om haar rechten te verdedigen. Het mooiste recht is haar ontnomen. Om van je mooie oude dag te genieten en menswaardig te sterven."

Christiana Van den Eynde maakte zich altijd op, trok een leuk jurkje aan, en verloor kostbare tijd met het kiezen van passende schoenen en juwelen. In de rechtszaal laten speurders ons kijken naar de stills van de bewakingscamera's aan de uitgang van de Zoo, in het station Opera, en in de tram. "De twee mannen spreken nauwelijks met elkaar", zegt rechercheur Mario Pletinckx. "Ze houden hun blikken strak op haar gericht."

Het laatste beeld van Christiana Van den Eynde als mens is dat van de uitgang van halte Halewijn, 14.20 uur. Ze stapt naar haar woning. De mannen volgen. Nieuw beeld van de bewakingscamera, 14.57 uur. Het zijn dezelfde camerastandpunten als daarstraks, de mannen stappen nu in omgekeerde richting. "Ze gedragen zich anders", zegt de rechercheur. "Ze zijn uitgelaten, ze praten, ze lachen." De buit: vier ringen, een gsm, een armband, een witte diamant, een paar honderd euro en een halsketting.

Geconfronteerd met de beelden houdt Stelian tijdens het vooronderzoek vol dat hij en Dumitru die dag "naar het strand zijn gegaan". Dat ze om 14.20 uur uit de tram stapten op Linkeroever en 37 minuten later weer instapten richting Antwerpen. Dat Dumitru zich in de tussentijd heeft verwijderd en mogelijk kans heeft gezien om iemand te beroven. Hij, zegt hij, weet daar niets van af. Als een speurder opmerkt dat nabij de tramhalte geen strand is, en ook al geen zee, schakelt Stelian over op "zwembad". Als hij verneemt dat er ook geen zwembad vlakbij is, overweegt Stelian een nieuwe strategie: "Tot slot van het verhoor vroeg Stelian, puur hypothetisch, wat er zou gebeuren indien hij toch zou zeggen dat hij de vrouw geslagen had."

Het verslag van wetsdokter Werner Jacobs geeft een impressie van wat er zich heeft afgespeeld in de flat van mevrouw Van den Eynde: breuk van het linkersleutelbeen, breuken in diverse beenderen in het gezicht, hersenvliesbloeding, trauma aan een bovenkaak. Christiana Van den Eynde overleed op 19 juli 2009.

Dumitru Ciurar wordt op 14 oktober 1969 geboren in het Roemeense stadje Teius. Hij groeit op in een van de kindertehuizen van het Ceausescu-regime. Zijn vader heeft hij nooit gekend, zijn moeder maakt er een eind aan met een overdosis slaappillen. "Ik werd geslagen, had honger en kou", zegt Dumitru. Gewerkt heeft hij nooit, alleen gebedeld. Hij trok naar Tsjechië, Polen en Spanje en moest zijn muntjes afstaan aan andere zigeuners. In 2005 trekt hij naar Nederland, om er daklozenkranten te verkopen. Hij heeft in België enkele veroordelingen op zijn naam staan voor diefstal, bedreigingen, vechtpartijen en illegaal verblijf. "Een goede, meelevende man", zegt Andrei Dragoi over Dumitru. Dumitru zelf blikt als volgt terug op zijn leven tot dusver: "Hij geeft de Roemeense staat de schuld. Hij was het leven in armoede beu en heeft zich toegelegd op het beroven van bejaarde en weerloze mensen. Dat zijn immers makkelijke doelwitten."

Stelian Ciurar wordt geboren op 23 januari 1975, ook hij groeit op in Teius. Hij is elf als zijn vader sterft aan gangreen. Psychiaters beoordelen hem als licht zwakzinnig. "Stelian ging van zijn achtste tot zijn twaalfde naar de lagere school", zo krijgt de man een paar goede punten mee. "Hij kan lezen en schrijven. Hij kocht sigaretten van Serviërs en verkocht ze. Stelian ging ook bedelen in Polen."

Met Violetta Rostas, van wie hij in 2005 scheidde met het oog op zijn schijnhuwelijk, heeft Stelian twee zonen. Samen leefden ze in België en Nederland van de verkoop van daklozenkrantjes. "Violetta legt de speurders uit dat zigeuners niet vaak naar school gaan", zegt de aanklacht. "Werken doen ze niet. Met de krantenverkoop verdienden zij en Stelian ongeveer 2.400 euro per maand. Samen verbleven ze voor enkele maanden in Antwerpen en keerden dan terug naar Roemenië. Als het geld op was, keerden ze terug."

Het dossier gaat niet verder in op de kwestie van de 2.400 euro, wat wel erg veel lijkt. Advocaten die zich in de zaak hebben verdiept nemen aan dat dit eerder het bedrag is dat Stelian er gemiddeld op maandbasis doorjoeg in speelzalen.

De vier zigeuners hebben op 8 mei 2009 met Violetta hun intrek genomen in kamer 22 van Hotel Madison vlak bij de Franklin Rooseveltplaats. Violetta tref je in die dagen aan op de De Keyserlei, met een kartonnen bord en een tekstje over honger en ontbering. De opbrengst moet ze afgeven aan Stelian, over wie ze verder nog zegt: "Mijn man is een familiemens."

Andrei Dragoi, geboren op 3 november 1987, is een neef van Stelian. Ook hij bracht zijn jeugd door in Roemeense kindertehuizen. Hij werd al eens in België in een jeugdinstelling geplaatst, maar sloeg na een week op de vlucht. "Hij omschrijft zichzelf als een behulpzame, eerlijke en sociale man, hoegenaamd niet agressief", zegt het dossier. "Hij zou naar eigen zeggen nooit iemand bestelen, enkel overwegen om iets weg te nemen dat aan niemand in het bijzonder toebehoort, zoals een geldsom die ergens onbeheerd ligt. Tot diefstal gaat hij niet over."

Hegedus-Petru Rosta wordt op 14 oktober 1990 geboren in Berlijn, maar keert als kind met zijn ouders terug naar Teius. Hij is de enige van de vier die kan bogen op enige ervaring op de arbeidsmarkt. Eerst als bouwvakker in Roemenië, later als toyboy in Antwerpse homobars. Over het stadje Teius, 8.000 zielen, weten we niet veel. Twee spoorlijnen kruisen er elkaar, zegt Wikipedia. Na de val van Ceausescu was er grote voedselnood. In Nederland zamelt de stichting 'Arnemuiden helpt Teius' al twintig jaar fondsen in voor het stadje. Met dat geld werd een bejaardentehuis gebouwd.

Vanuit de getuigenstoel verhaalt Nicole Van Cauwenbergh hoe ze haar moeder, Christiana Van den Eynde, elke dag om vier uur belde. Nu kreeg ze een bezettoon, wat vreemd was, want behalve zijzelf was er nagenoeg niemand met wie haar moeder belde. Ze bleef proberen, en hoorde een basstem die "hallo" zei. Ze sprong in de auto.

Nicole Van Cauwenbergh: "Het was het eerste wat ik zag. Haar benen, haar rok. Heel die gang vol bloed. Ik hoorde haar zachtjes ratelen. Ik heb een deel verdrongen, weet ik. Nu pas, nu ik de politiemensen hoor, herinner ik het me. Haar oog. Het oog van mijn moeder was weg (aarzelt). En nu zitten zij daar, zielig te doen. Mijn moeder was 59 jaar oud toen mijn vader stierf. Ze heeft nooit een andere man gewild. Ze bewaarde heel veel spulletjes. Alles hebben ze doorzocht, alles. Nu zitten ze daar en zeggen ze: 'Het was maar een duwtje.' Ik wil zeggen: 'Gij hebt mijn moeder gedood.' En ik zou graag hebben dat ge nu naar mij kijkt. Alstublieft. Dat ge de waarheid zegt. Het was geen duwtje."

Tonny Van der Heyden, kleinzoon: "In het ziekenhuis zeiden ze: 'Ge zoudt beter niet gaan kijken.' Ik heb het toch gedaan. Hadden ze me niet gezegd dat het mijn oma was, ik had haar niet herkend."

Anne Vercauteren, vriendin: "Chrisje was mijn maatje. We gingen elke dag naar de zoo, naar het olifantje kijken. Ik ben haar kwijt. Ik ben in zekere zin ook gestraft. Ik mag van mijn kinderen niet meer buiten komen. Ik moet thuis blijven."

Maandag 3 oktober, dag 7

Elke hedendaagse boef weet dat je voor twee zaken moet uitkijken: kredietkaarten en telefoons. Die laten digitale sporen na die de politie in een mum van tijd tot bij je brengen, zoals ook bij de vier Roma-zigeuners is gebeurd. Tijdens het vooronderzoek draait Stelian de logica om, zo legt een speurder uit. Het feit dat er al in de eerste uren met de telefoons van de slachtoffers naar nummers in Roemenië is gebeld, is een bewijs dat hij niet wist dat ze gestolen waren. "Stelian zei ons dat hij nooit gaat stelen met een gestolen gsm op zak. Daarna corrigeerde hij zichzelf en zei: 'Dat was hypothetisch bedoeld. Ik bedoel, ik ga nooit stelen.'"

Erica Caluwaerts is de advocate van Stelian. De jonge strafpleitster is geleerd dat je op tijd en stond moet onderstrepen wat in het voordeel van je cliënt pleit: "Mijnheer de advocaat-generaal, mag ik stellen dat er nergens DNA-sporen van mijn cliënt zijn aangetroffen?"

"Dat mag u. Maar dat gebeurt zelden bij iemand die op de uitkijk staat."

Als de speurders in de namiddag van 31 mei 2009 het signaal van Christiana's gsm traceren, komen ze uit bij de gsm-zendmasten aan de De Keyserlei en de Franklin Rooseveltplaats. Ze luisteren een gesprek af tussen Stelian en een vrouw, ver weg in Roemenië.

- "Wanneer kom je naar huis?"

- "Snel. Ik zit nu in het casino."

De speurders vinden beelden terug van het telefoongesprek, op de beveiligingscamera van speelhal Panache, Breydelstraat. De juwelen van Christiana zijn verkocht, Stelian zit de opbrengst te vergokken aan een elektronische pokertafel.

Vrijdag 30 september, dag 6

De vraag kan gesteld worden wat het nut is van het in elkaar timmeren van een bejaarde, als je die ook kunt opsluiten in het toilet. Het antwoord ligt vervat in de getuigenis van Clara Desoete. Zij werd gespot in een bus.

Vanop de getuigenstoel straalt de dame wanhoop uit. Ze beseft dat er zoveel meer van haar wordt verwacht, maar zegt: "Ik weet niks meer van de overval. Niet met hoeveel ze waren of wat ze gedaan hebben." Volgens de wetsdokter is het leven van Clara Desoete gered door Gentiel, haar man. Hij kwam gelukkig snel na de overval thuis en belde de hulpdiensten.

De overval op Clara Desoete, volgens de aanklacht gepleegd door Dumitru en Andrei, leverde 400 euro op en voor 600 euro juwelen. Een deel van het geld werd na de overval via Western Union naar Teius gestuurd. Stelian had er een openstaande rekening bij een garagist.

Robert Van Looveren, de oude man uit Merksem die daags na Clara aan de beurt kwam, heeft drie dagen semi-bewusteloos doorgebracht in zijn flatje, te midden van uitwerpselen en bloed. Hij leidde een iets minder geregeld sociaal leven en werd bij toeval ontdekt. Verslag van de wetsdokter: "Kaakbeenbreuk, zichtbare verwondingen in het gezicht en knieën, borstfractuur." En nogmaals: "De patiënt weet zelf niet meer wat er gebeurd is."

Frans Van Genechten werd aangevallen in een parkje aan de Heilig Kruisstraat in Mortsel. Hij was met de tram vanuit het centrum van Antwerpen naar huis, hij droeg een horloge van namaakgoud. De heer Van Genechten overleed op 19 juli.

Dinsdag 4 oktober, dag 8

Een rechercheur van de Antwerpse federale politie laat ons kijken naar een foto van het ondergoed en de beha van Anna Tutelaars. "Volledig onder het bloed", zegt de rechercheur. "Ik wil erop wijzen dat mevrouw hier nog twee lagen kledij bovenop droeg."

De aanklager heeft een technische vraag voor de wetsdokter. Over rotsbeen. Dat is een deel van onze schedel, ter hoogte van de oren: "U zei dat het rotsbeen, dat werd gebroken bij de heer Van Genechten, het hardste been is uit ons lichaam?"

"Dat is correct."

"De breuk kan er dus enkel zijn gekomen door een harde stamp?"

Woensdag 5 oktober, dag 9

Jan De Man is de raadsman van Hegedus-Petru Rostas, de enige van de vier over wie de psychiaters aangeven dat hij in dit leven misschien ooit nog tot iets nuttigs in staat mag worden geacht ("Betrokkene heeft een intacte voeling met de realiteit"). De Man is het oneens met een door wetsdokter Jacobs gemaakte gevolgtrekking. Hij heeft in het labo een bloedspat opgemerkt in de Zara-jeans van Hegedus-Petru. Het bloed is van Anna Tutelaars. Volgens Jacobs gaat het om een "dynamische bloedspat" die het lichaam heeft verlaten na een vuistslag en op de jeans is beland. Zo'n spat springt in principe niet verder dan een meter. Rostas stond dus niet zo maar wat te kijken. Hij heeft mevrouw Tutelaars mee verrot geslagen.

"Uw stelling", oppert Jan De Man, "is dat dynamische bloedspatten met een hogere snelheid door de lucht vliegen en dieper doordringen in de vezels dan trage?"

"Het hangt ook af van het materiaal."

"Kan zo'n high velocity bloedspat verder gaan dan één meter?"

"Wel ja, het kan ook honderdenéén centimeter zijn..."

"Kan het ook een meter en vijf centimeter zijn? Een meter twintig?"

"Dat is wellicht al voorgekomen (zucht)."

"U zegt dat mevrouw Tutelaars werd gestampt. Waarom zit er geen voetafdruk in het dossier die toelaat te vergelijken met de voetmaten van de beklaagden?"

"We kunnen bij een nog levende persoon toch moeilijk een schoen plaatsen in een open wonde?"

De voorzitter roept getuige Anna Tutelaars. Ondersteund door een familielid begeeft het minuscule dametje zich naar de stoel. Ze oogt zo fragiel dat je je amper een stemgeluid kunt voorstellen. Of zij ons kan vertellen wat er die dag is gebeurd.

Anne Tutelaars: "Ja, dat kan ik. Ik stond op de Groenplaats te wachten op tram 4. Ik was gaan eten in het centrum. Zoals gewoonlijk was ik vooraan in de tram gaan zitten. Het was één uur toen ik aan het Kiel aankwam. Ik ben mijn buurvrouw tegengekomen, we hebben even gebabbeld. Twee mannen vroegen mij de weg naar de dokter, in het Nederlands. 'We hebben een accidentje gehad', zeiden ze. Die persoon sprak goed Nederlands, zoals u en ik. Ik ging binnen en toen hebben ze me aangevallen, langs achteren. Ze hebben héél veel geslagen. Volgens de uitleg van die mannen moet ik geroepen hebben. Ze hebben mij voor dood achtergelaten. Ze wisten van geen ophouden. Dan ben ik naar de telefoon gegaan en heb ik mijn zoon gebeld. Blijkbaar heb ik ook de dokter gebeld, ik weet het niet meer, ik tracht zoveel mogelijk te vergeten.

"Ik was heel actief, ik ging alle dagen naar de stad. Ik kan nu niet meer alleen weg. Mijn zicht gaat achteruit, ik heb draainissen in mijn hoofd. Het is een heel triestig leven. Ik kan niet meer in mijn tuin werken. Zodra ik mijn hoofd naar beneden doe, krijg ik draainissen. Koken gaat ook niet meer. Gelukkig is er vriendschap, van mijn buren en mijn zoon. Maar ik ben zo bang geworden. Als ik thuis ben en er belt iemand, dan zal ik niet opendoen. Mijn leven is kapot.

"Ik zag graag juwelen, en mijn man wist dat. Hij gaf me bij elke gelegenheid een juweel. Op zijn sterfbed (zes jaar voor de overval, DDC) gaf hij me zijn ring, en zei: 'Niet voor in de kast, hé. Ge moet hem dragen.' Dat heb ik gedaan, elke dag. Tot die dag. Daar heb ik zoveel spijt van, ik was fier op mijn juwelen (stilte). Als ik hoor hoe het met de anderen afliep, denk ik: ik heb een goede engelbewaarder gehad."

Hegedus-Petru Rostas vraagt het woord, via de tolk: "Ik weet dat het te laat is, maar ik wil zeggen dat ik ongelofelijk veel spijt heb. Ik vraag u vergiffenis."

Anna Tutelaars: "Ik vind dat schoon, dat gij vergiffenis vraagt, maar het is heel moeilijk voor mij. Het is nu zo."

Dumitru Ciurar wenkt zijn tolk, die zegt: "Mijnheer de voorzitter, ik wil zeggen dat het mij spijt. Ik heb dit niet gewild. Ik heb niet stilgestaan bij de gevolgen. Ik wil u vragen om mij te vergeven, mevrouw."

Anna Tutelaars: "Ik vraag mij af waarom deze persoon geen Nederlands spreekt. Toen u mij de weg vroeg naar de dokter, sprak u wel goed Nederlands."

"Ik ken maar een paar woorden, zoals 'dokter'. Maar alstublieft, vanuit het diepst van mijn hart: vergeef mij. (opgewonden) Toe, vergeef mij. Alstublieft."

"Ik heb toen Nederlands met u gesproken. Over de dokter, en over de weg naar de dokter. Wie heeft mij die slagen gegeven? Kunt u mij dat zeggen?"

"Ik spreek geen Nederlands, echt."

"Ik heb zeventien hechtingen gehad, drie op mijn bovenlip. Wie doet zoiets?"

"Misschien heb ik dat gedaan. Misschien bent u gevallen, met uw hoofd tegen het cement."

"Ik kan u niet geloven."

"U bent met uw hoofd tegen een kastje gevallen. Een kastje."

Anna Tutelaars geeft te kennen dat het goed geweest is, zo. Ze wil weg van hier, weg van het proces dat ze niet wou missen. Ze heeft altijd gemeend dat het later beter zou zijn. Haar zoon was een van de stichters van De Morgen.

"Ik zal ermee moeten leven", zegt Anna Tutelaars. "Voor de tijd die ik nog heb."

Het proces wordt maandag voortgezet.

Dumitru Ciurar (41).

Stelian Ciurar (36).

Andrei Dragoi (23).

Hegedus-Petru Rostas (21).

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234