Vrijdag 27/11/2020

Reizen

Zalig fris, die Belgische berglucht

Wie heeft het buitenland nodig als je zo kunt wandelen in de Ardennen?Beeld Marjolein van Rotterdam

Met versoepelende maatregelen komt er ook weer iets meer vakantie in zicht. Voor een huttentocht hoef je niet naar de Alpen. Stap in de trein, fiets het laatste stuk en voor je het weet zit je in een Ardense berghut te genieten van de natuur. Wij gingen je vóór het virus al even voor.

Patron Dirk gaat ons voor naar de slaapzalen. “Hier mag je je slaapzak uitrollen”, zegt hij, wijzend op de aaneengesloten stapelbedden van de zogeheten Tukhut. “Het is vrijheid, blijheid. Je mag slapen waar en wanneer je maar wilt.”

Het gebied is een walhalla voor wandelaars.Beeld Marjolein van Rotterdam

De Tukhut is een berghut. Doe drie berghutten op een rij en je hebt een ­huttentocht. En dat is ­precies wat ik ga doen, en wel in onze eigenste Ardennen. Fietsen van hut naar hut, logeren in een slaapzak, pasta eten aan een ­ruwhouten tafel en bij elke hut iets bergachtigs onder­nemen. Een wandeling over een bergrug, een fietsafdaling of met een kajak over een snelstromende rivier. Daar hoef je dus niet voor naar de Alpen, je kunt er klimaatneutraal heen ­fietsen vanaf station Luik, Eupen, Verviers of Trois-Ponts.

“Maar wel voor twaalven binnen en zachtjes op de slaapzaal, want klimmers staan vroeg op. Wandelaars ook, trouwens. Als ik jou was, zou ik morgen om 5 uur beginnen.” Weer beneden wijst de arm van Tukhut-Dirk richting de bar. “Met een huttenkaart kun je lokale bieren, wijn en wat versnaperingen krijgen. Warm eten maak je zelf in de keuken of haal je in het dorp. Ontbijt serveren we niet. Ik herhaal het maar: deze hut is self­supporting.” Ik maak me wel een beetje zorgen over het grote aantal slaapzakken. Naast me, boven me. Kom ik nog wel aan slaap toe?

Beeld marjolein van rotterdam

Aan de bar lacht hutgenoot Bas mijn gepieker weg. “Als je last hebt van gesnurk, snurk je zelf niet hard genoeg.” Het is zijn eerste keer in een berghut, maar hij vindt het nu al geweldig. “Meer heb je niet nodig en dat voor een paar euro! En het is nog gezellig ook.” De Nederlander heeft gelijk. De hutten doen in veel opzichten niet onder voor een echte hooggebergtehut. Aan de wand hangen bergfoto’s en ­edelweiss, in de kast staan stapels bordspellen, er zijn haken voor rugzakken en rekken voor ­stinkende schoenen. En de zogenaamde Matratzenlagers natuurlijk. De sfeer is een mix van sportkantine – klimmers, fietsers en wandelaars onder elkaar – en een jeugdherberg uit verloren tijden.

Trappen op voor alweer een mooi uitzicht.Beeld marjolein van rotterdam

Bas slaapt in de Tukhut met zijn Nederlandse klimclub. De hele dag hangen ze aan de rotsen. Ze ­klimmen, gaan terug naar de hut om te barbecuen en vallen dan in slaap. “Elke dag hetzelfde.” Alle beroemde rotsen in de buurt komen aan de buurt, inclusief de rotswand langs de Ourthe. “Die is leuk hoor. Kom morgen ook!”

Ik kies liever een dagtocht uit de map van patron Dirk. Hij tipt een rondje van 12,5 km – Sy-Bomal-Sy – “waarin alles zit wat de Ardennen te bieden hebben”. Bossen, beekdalen, rotsen, een zondagsmarkt en de beroemde Les Deux Tilleuls, twee ongelooflijk grote linden op een open plek in het bos. Plus een heuse couloir. Een wat? Dirk: “Stenen die eroderen, glijden naar beneden. Je daalt dan af over een soort puinbaan, die kan gaan glijden. Ik heb het in de beschrijving wat aangedikt, zodat mensen met kinderen goed uitkijken.”

Uitgestorven

Jaja, denk ik, als ik de volgende morgen voor die afgrond sta. Gelukkig herinner ik me dat Dirk ook heeft gezegd dat er altijd een voorzichtiger alternatief is. In dit geval: een lieflijk bospad dat ­geleidelijk naar beneden slingert.

De Chaveehut in Assesse.Beeld klimenbergsportfederatie

Bij de Chaveehut, 57 kilometer verderop, wil ik gaan kajakken op de Lesse, maar die blijkt vandaag onbevaarbaar. De hut zit vol ­klimmers, want een heel scala beroemde klimgebieden ligt in de buurt. Eigenaars Wil en Anke weten er alles van. “Wil is klim­routemaker”, zegt Anke. “We komen hier ons hele leven al om te klimmen. Maar ook als je niet klimt is het tof. Vooral bij Crupet, een van de mooiste dorpen van Wallonië.”

Wij wandelen dus, over een stuk van de GR575, langs de super­kitscherige druipgrot bij de kerk van Crupet. GR’s zijn populaire, rood-wit gemarkeerde langeafstandsroutes, maar dit pad wordt amper gebruikt. Eén keer doorkruist een spoorlijn het oneindige groen van varens en bomen. Dorstig loop ik een gehucht binnen. Niet meer dan een verlaten station, een houtkapbedrijf en wat huizen. Achter een van de huizen staat een parasol. Ah, leven! Een jonge vrouw in bikini rijst op van haar stretcher. Ja, natuurlijk heeft ze water. Geef maar, zegt ze, die flessen. “Het is hier uitgestorven, hè?”, zeg ik als ze terugkomt met het water. Een raadselachtige glimlach. “Het is hier heel rustig, ja.”

De Vennhut.Beeld klimenbergsportfederatie

Een goed vertrekpunt voor een Belgische huttentocht is de Vennhut (Vennhütte). Bereikbaar via bijvoorbeeld het hoogste punt van België, in Weismes. Stap af op de top en kijk uit over het landschap van De Hoge Venen, dat zich in volle glorie voor je uitspreidt. Of bij het állerhoogste punt van België, een trap van 22 treden achter café Le Signal de Botrange (700 m). De rest van de route gaat vrijwel bergaf. Voor je het weet sta je voor de hut.

De Vennhütte werd door de Belgische bergsportvereniging ­speciaal ingericht voor fietsers en wandelaars. De hut ligt in de Oostkantons, het Duitstalige en voor veel Vlamingen het meest onbekende deel van België. Volgens een van de wandelaars is de streek zo’n hut meer dan waard. “Ik kende de Oostkantons van ­vakanties, die waren fantastisch: de natuur is eindeloos. Er is hier nauwelijks iets veranderd en het is ongelooflijk stil.”

Bellende honden

Op het ‘toppentochtje’ de volgende dag – naar het hoogste punt in de buurt – moet ik de man gelijk geven. Vergezichten over glooiend gestreept grasland, een wit kerktorentje in de verte, een bankje op de Steinkopf (510 m) om naar korenvelden en bosranden te kijken. Onderweg: nul wandelaars en in de dorpen hooguit een enkele uitgeweken Vlaming. Zoals de mevrouw met een onwillig hondje. Ze maakt graag een praatje: “Ik moest zó wennen aan dat Duits. Ze zeggen ‘bellen’ als ze ‘blaffen’ bedoelen! Maar het is prachtig. Ik ga hier nooit meer weg.”

De Hoge Venen, dicht bij de Vennhut.Beeld De Agostini via Getty Images

Onderweg van de Vennhütte naar de Tukhut (70 km) is het al even uitgestorven. Hoe kan dat? Iédere fietser zou hier toch van de hellingen met heerlijk slingerende haarspelden willen zoeven (en oké, er ook weer op naar boven klimmen)? Het zijn geen Alpencols, maar hier ontbreekt elk verkeer, hoef je nooit te remmen, ruikt het naar dennengeur en platteland.

Bovendien is er bakker Coco in Rogery. Die verkoopt het lekkerste brood van België. De joviale, allang ­pensioenrijpe bakker schreeuwt dat hij alles zelf doet. Bakken in de nacht en de volgende dag gewoon weer in de winkel. “En daarna ga ik nog een beetje toeren in het groen!” Hij lacht zijn laatste tanden bloot.

De hutten zijn eenvoudig ingericht en spotgoedkoop.Beeld Marjolein van Rotterdam

Ook naar de Ardennen?

* De Tukhut bevindt zich ongeveer 40 km ten zuiden van Luik, aan de Ourthe, en is in Nederlandse handen (van de NKBV, de Nederlandse Klim- en ­Bergsportvereniging).tukhut.nl

* De KBF (Klim- en Bergsport Federatie) Vennhut in Burg-Reuland ligt in de Oostkantons, en is de ideale uitvalsbasis voor wandelingen, langlaufroutes en mountainbiketochten in de Belgische Eiffel.

* De Chaveehut is ook van de KBF en ligt verder westwaarts (57 km).

* In alle hutten logeer je voor 7 euro als je lid bent van een bergsport­vereniging. Niet-leden betalen ongeveer het dubbele. De hutten liggen op een dag fietsen van elkaar vandaan. klimenbergsportfederatie.be

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234