Donderdag 01/12/2022

'Zaak-Saelens heeft alles van klassiek misdaadverhaal'

Is het een verdwijning? Of toch een moord? En als hij werd vermoord, door wie en waarom? Vlaanderen smult van de zaak van de vermiste kasteelheer Stijn Saelens (34). De setting is die van een Agatha Christieroman, het mysterie niet minder groot. En dan is er nog de gelijkenis met de moorden van Beernem, vastgelegd in de tv-serie De bossen van Vlaanderen. Sue Somers

et beeld alleen al. Een beboste omgeving, een ijzeren hek met daarachter een park en, ergens in de verte, de contouren van een kasteel. Op de voorgrond een wit-blauw politielint en een agent die stug met de armen over elkaar pottenkijkers op afstand moet houden. De manier waarop Vlaanderen een week geleden kennismaakte met de verdwijning van kasteelheer Stijn Saelens prikkelde ongewild de fantasie.

"Het was bijna iconisch", zegt Ward Hulselmans, scenarist van misdaadfictie en bedenker van de eigenzinnige politiespeurder Witse. "Het begin van een zaterdagavondserie op Canvas." Behalve klassiek was het beeld ook verslavend, geeft Hulselmans toe. "Ook ik spel elke dag de kranten uit, op zoek naar meer informatie over de zaak. Mensen zijn altijd gefascineerd door de voordeur van hun buurman. Als die voordeur het hek van een kasteel is, gaat die fascinatie maal tien."

Familiale drama's boeien sowieso, weet Hulselmans. "Voeg daar een scheut extra's aan toe, zoals een kasteel, en de drama's hebben onze onverdeelde aandacht. De grote troef van dit verhaal is dat het over gewone mensen gaat, niet over adel. Die Stijn Saelens is een gewone man die het ver heeft geschopt, zij het met gekregen kapitaal. Hij is getrouwd met een dokteres wier vader in het dorp nog altijd bekendstaat als 'meneer doktoor'. Bovendien heeft hij de pretentie om in een kasteel te gaan wonen. Dat wekt automatisch de jaloezie van de Vlaming. Hij blijft de zaak volgen om in zijn vooroordeel te worden bevestigd dat het slecht zal aflopen."

Ook Jean-Paul Mulders, journalist, auteur en de afgelopen tien jaar lid van de jury die de Hercule Poirotprijs uitreikt voor de beste Belgische misdaadroman, is helemaal mee. Nochtans interesseren moord- en verdwijningszaken hem in de regel maar matig, zegt hij. "Maar ik stel vast dat ik automatisch naar het verhaal word gezogen. Het heeft alle ingrediënten van een klassiek misdaadverhaal. Een net niet aristocratische, upper-classomgeving, een kasteel en een misdaad. Dan kom je vanzelf bij Agatha Christie terecht. Als jonge lezer heb ik die boeken stuk voor stuk verslonden."

Tsjetsjeense gangsters

Bijna alle boeken van Agatha Christie zijn whodunits, met als vaste ingrediënten een detective - de fictieve Belg Hercule Poirot - die alle verdachten ondervraagt. Hij bezoekt de plaats van de misdaad en zet alle onderzoekselementen op een rij, zodat de lezer kan meespeuren. Op het einde van het verhaal worden alle verdachten op één plek samengebracht en het mysterie onthuld. De plot zit doorgaans ingenieus in elkaar en de lezer wordt meestal op het verkeerde been gezet.

"Dat hebben we het afgelopen weekend mogen merken", grijnst Hulselmans. "Eerst vijf verdachten opgepakt, die daarna allemaal werden vrijgelaten. Vier van de vijf verdachten waren Tsjetsjenen, wat het allemaal nog mysterieuzer maakt."

Volgens een piste die de speurders van de federale politie onderzoeken, zouden de vier Tsjetsjenen huurmoordenaars zijn die via een tussenpersoon, de veroordeelde hormonenhandelaar Pierre S., op Stijn Saelens werden afgestuurd om hem voor altijd het zwijgen op te leggen. Saelens had er immers mee gedreigd met zijn familie naar Australië te verhuizen, wat zijn schoonfamilie niet zinde. Hulselmans, laconiek: "Een gewone familie die plots Tsjetsjeense gangsters op haar dak krijgt, dat hoor je ook niet elke dag."

"We lezen graag over rijke mensen", zegt Mulders. "Kijk maar naar het succes van magazines zoals Point de Vue en Royals, die berichten over het reilen en zeilen van adellijke mensen en gekroonde hoofden. Die bladen geven ons een zeldzame inkijk in een wereld die ons tegelijkertijd fascineert en geruststelt. De idee dat wij een grijs, saai leven leiden en zij alleen maar spannende dingen doen, biedt ons troost."

Het zit er diep in, argumenteert Mulders. Al van in de kindertijd wordt onze fantasie gevoed met sprookjes over prinsen en kastelen. Later komen de strips. "Van De Rode Ridder over Kuifje tot Jommeke: overal duikt wel een kasteel op. Als we kasteel Molensloot niet kennen, dan zeker de koningin van Onderland. We worden grootgebracht in een wereld van verhalen met ondergrondse gangen, dubbele bodems en een bibliotheek met een draaiende boekenwand, waarachter zich een geheime kamer bevindt."

"Nu ik er zo over nadenk: de verdwijning van Stijn Saelens heeft wel wat weg van Cluedo", vervolgt Mulders, waarop hij uit het blote hoofd details uit het gerechtelijk onderzoek debiteert. "In een gang van het kasteel is een bloedspoor gevonden, en hulzen van een 9 millimeter-pistool. Het bloedspoor is meters lang en loopt tot buiten op de parking. Dit is niet verhaal van iemand die zijn eigen verdwijning in scène heeft gezet. Dat klinkt toch echt als: het was de kolonel met een loden pijp in de bibliotheek. Het spreekt alleszins meer tot de verbeelding dan een uit de hand gelopen caféruzie waarbij iemand een klap op zijn kop krijgt en sterft. Als we hier met een moord te maken hebben, dan toch één met een schoon randje."

Het is precies die cocktail, betoogt Mulders, de drang om alles te weten over rijke mensen en onze fascinatie voor moord en geweld, die van de verdwijning van Stijn Saelens een verslavend vervolgverhaal maken. "Er is ook elke dag nieuws in de zaak, het droogt niet op", zegt Hulselmans. "Vandaag (gisteren, SS) las ik dat Saelens helemaal niet zo rijk was. Hij blijkt behoorlijk wat geld te hebben verloren op de beurs en heeft schulden gemaakt. En voilà, onze honger is weer aangescherpt en onze vooroordelen bevestigd."

Gentilhommière

"We denken graag dat bewoners van kastelen nobele mensen zijn", zegt royaltywatcher Jan Van den Berghe, die met Noblesse oblige een boek schreef over de Belgische adel. "Maar het kasteelleven is al lang niet meer weggelegd voor de adel. Te duur geworden. Een kasteel is tegenwoordig veel meer een teken van armoede, men heeft het geld niet meer om het gebouw te onderhouden. Tenzij het gaat om parvenu's en andere poenpakkers. De nouveaux riches, de geldadel. Alleen de allerrijksten kunnen het zich nog permitteren om een kasteel te betrekken."

Al heeft Van den Berghe in het geval van kasteel Carpentier in Wingene een voorbehoud. De woonst van projectontwikkelaar Stijn Saelens is voor Van den Berghe niet echt een kasteel. Hij heeft het veeleer over een 'gentilhommière'. "Dat zijn overblijfselen van de nouveau riches uit de 19de eeuw. De textielbaronnen die rijk werden met hun fabrieken en die in een herenhuis in de stad woonden. In het weekend trokken zij zich terug in hun buitenverblijven, bescheiden kasteeltjes op het platteland."

Ook Van den Berghe zegt te delen in een 'Agatha Christie-gevoel'. "Ik waan me zo in de jaren dertig, de periode dat de Britse adel oppermachtig was. Dit verhaal heeft alleszins alle ingrediënten van een van haar thrillers. Bovendien blijft het spanningsveld gehandhaafd: de suspense wordt opgebouwd, we willen allemaal weten hoe het afloopt." Mulders: "Er komen ook steeds meer clous bij. En met die Tsjetsjenen hadden we de onverwachte wending. We zitten stilaan met een kluwen aan intriges waarbij het verhaal nog alle kanten uit kan."

Hulselmans geeft toe dat hij in de verleiding komt om het verhaal te gebruiken voor zijn werk. "Dit is veel te smakelijk om te laten liggen. In een auto van twee Tsjetsjenen is een wegbeschrijving gevonden naar het kasteel met daarop de naam van een crimineel die iedereen in het dorp kent. Dat is toch gefundenes fressen voor een scenario?" Mulders heeft zijn twijfels: "Ik vraag me toch af of een uitgever of een producent de schrijver van dit verhaal niet zou terugsturen naar zijn schrijftafel met de woorden: 'Niet zo vergezocht, alstublieft'."

Voor Katrien Ryserhove klinkt niets meer vergezocht. Ryserhove schrijft boeken en geeft lezingen over de moorden van Beernem, die begonnen met de verdwijning van, jawel, een kasteelheer in 1915. Daarmee zet ze het werk van haar overleden vader voort, die vier boeken over de moorden schreef. Wingene, waar Stijn Saelens verdween, ligt naast Beernem. Het opzoekingswerk van Katriens vader Alfons culmineerde in 1991 in de televisieserie De bossen van Vlaanderen, die op de toenmalige BRT werd uitgezonden.

"De moorden splijten Beernem tot vandaag nog in tweeën", zegt Ryserhove. "Aan de ene kant heb je de groep mensen die ervan overtuigd zijn dat de moorden het werk zijn van de gegoede burgerij, al dan niet uitgevoerd door hun hulpjes. En er zijn de non-believers, precies die gegoede families, die daar lijnrecht tegenover staan."

In mei 1915 verdween baron Henri d'Udekem d'Acoz, een grootoom van prinses Mathilde, in kasteel Lakebos in Ruddervoorde. Zijn lichaam werd in september van dat jaar teruggevonden in het Aanwijs, een bos in Beernem. Hij werd in de rug geschoten en levend begraven. Hoewel het duidelijk was het dat om het lijk van d'Udekem d'Acoz ging, liet de burgemeester van Beernem, Etienne de Vrière, optekenen dat "een onbekende persoon van het mannelijke geslacht" werd gevonden.

Het bizarre was dat een maand voordien, in augustus, de jachtwachter van het bos, Camiel 'Sassen' Dierickx, op mysterieuze wijze was verdwenen. Had hij het schot op de baron gehoord en wist hij wie de daders waren? En werd hij daarom uit de weg geruimd? Zijn lichaam werd nooit meer gevonden, al doen in de streek van Beernem geruchten de ronde dat zijn lichaam in de fundamenten van een huis in Hertsberge is verwerkt.

Koninklijke bemoeienis

Drie weken na de vondst van het lichaam van d'Udekem d'Acoz nam de Duitse bezetter het onderzoek over van het stuntelende Brugse parket, weet Katrien Ryserhove. "Er waren immers twee Duitse verdachten. Het ging om officieren die ingekwartierd waren in kasteel Lakenbos. Cécile Van Outryve d'Ydewalle, de echtgenote van d'Udekem d'Acoz, had een verhouding met een van hen." Echtelijke trouw was niet bepaald aan d'Outryve d'Ydewalle besteed: voordien was ze ook al de minnares geweest van ridder Etienne de Vrière, de burgemeester van Beernem.

Uit het opzoekwerk van vader Ryserhove blijkt dat de moord op d'Udekom d'Acoz beraamd werd door een jaloerse Etienne de Vrière, en dat dat wellicht met medeweten gebeurde van Cécile Van Outryve d'Ydewalle, de echtgenote van het slachtoffer. Maar voor de Duitse krijgsraad werden in 1916 de twee ingekwartierde officieren van kasteel Lakebos veroordeeld voor de moord. "Onder meer op basis van een belastende getuigenis van burgemeester De Vrière", aldus Ryserhove.

De vier daaropvolgende moorden, die op René de Baene in 1921, op Hector De Zutter in 1926, op Etienne Van Poucke in 1927 en op Omer Van Haecke in 1944, zijn volgens Katrien Ryserhove allemaal te wijten aan het feit dat zij meer wisten over de moord op Henri d'Udekem d'Acoz. "Namelijk dat die beraamd werd door Etienne de Vrière. René en Hector waren twee dorpsfiguren die, als ze een pint te veel op hadden, in het café gingen rondbazuinen wie de moordenaar van d'Udekem d'Acoz was."

Om aan te geven hoe gevoelig het dossier ligt, heeft Ryserhove een anekdote klaar. "Louis De Lentdecker wilde voor de televisiereeks Beschuldigde sta op, waarin zowel fictieve als echte assisenprocessen werden nagespeeld, het dossier van Hector De Zutter uitspitten. Het hof is tussengekomen en de BRT heeft het uitdrukkelijk verbod gekregen die aflevering te maken. Louis heeft mijn vader toen aangemoedigd de zaak verder te onderzoeken. Het is dat werk dat ik voortzet."

Ergens hoopt Jean-Paul Mulders dat de verdwijning van Stijn Saelens nooit tot zo'n volkssage uitgroeit. "Het is bijna een moordspel geworden, wat enig medeleven in de weg staat. Er is waarschijnlijk nog altijd een moord gepleegd, hé. En die begint stilaan de allures te krijgen van de perfecte misdaad. Als er niet snel een doorbraak komt in het onderzoek, zullen we nog weken zoet zijn met dit verhaal."

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234