Zaterdag 20/07/2019

YEZERSKI & KARROUCHE

Norah Karrouche (1984) is historica door de week en schrijft in haar vrije tijd. San F. Yezerskiy (1983) combineert een voltijdse kantoorjob met een prille carrière als schrijver.

Zat volgt is oud nieuws maar nog geen geschiedenis. Op de vooravond van 1 mei vroeg de voorzitter van de socialisten in de Vooruit zijn publiek niet terug te blikken op het verleden, maar te kijken naar de toekomst. Op die manier liet hij maar weinig ruimte voor de nostalgie waar mensen doorgaans zo van houden. 1 mei staat nochtans bol van referenties aan het verleden. Voor de collectieve herinnering, zeker in een internationale beweging als die van het socialisme, geldt echter een eenvoudige wetmatigheid: hoe kleiner het residu, des te groter en te grijzer de vervlakking.

Dat wisten marxistische denkers in de jaren zestig in Parijs ook al. Daar groeide de bewustwording dat het marxisme vanuit geschiedfilosofisch oogpunt had gefaald en dat het vanuit de praktijk niet vol te houden was. Excessen te over, en geen enkele denker kon ontsnappen aan de geslotenheid van een systeem, een structuur waar geen ruimte was voor de bewegingsvrijheid van individuen.

Het marxistische denken was daarnaast uitermate eurocentrisch. Zo kon het de groeiende ongelijkheid tussen de oude metropool en de nieuwe wereld niet interpelleren en wist het geen weg met niet-westerse, lokale culturen.

Ook de sociaaldemocratie lijkt geen afdoend antwoord op vraagstukken over culturele eigenheid te kunnen formuleren, al krijgt de onderklasse in Vlaanderen steeds meer kleur. Links in Europa kan dus niet langer aan dat cultureel complexe heden ontsnappen. Dat besefte Anciaux maar al te goed toen hij Vermeersch afgelopen dinsdagavond trachtte te pareren door te stellen dat die nieuwe Vlaamse realiteit in de eerste plaats gaat over de keuzes van mensen, en niet over ismen.

Een aantal sociaaldemocraten, zoals Anciaux, is begrijpelijkerwijs wars van nostalgie naar de traditionele invulling van een begrip als neutraliteit omdat ze maar al te goed beseffen dat de houdbaarheidsdatum ervan al even is verstreken. Het maakt socialisten die gesteld zijn op de democratische verworvenheden uit het verleden bijzonder zenuwachtig.

Volgens liberale buitenstaanders echter heette de herziening van neutraliteit in de publieke ruimte een heuse coup, en wel een 'totalitaire', 'regressieve' en 'electoraal opportunistische'. Dat geeft dan weer blijk van de mate van wanhoop onder de grote Verlichtingsbakens van de Vlaamse politiek.

Of ze zijn potdoof en blind, of ze moeten wel helemaal walgen van wat zich bevindt in hun middens. Het was nu ook niet meteen een Paul Magnette die tijdens de vooravond een aantal keren compulsief 'Où sont les conservateurs?' door de microfoon kwam roepen, of fier de nieuwe kijk van de Vlaamse socialisten op die neutraliteit extra in de verf kwam zetten. Misschien was dat wél op zijn plaats geweest. Bijzonder radicaal is de interventie van de sociaaldemocraten nu ook weer niet.

Niet het radicale linkse denken of de culturele assertiviteit zijn hier de wetmatigheden. Of het nu gaat om de fysieke zichtbaarheid van een religieuze minderheid in het oude machtscentrum Europa, of de doden in een fabriek in Bangladesh, het zijn twee zijden van een zelfde fenomeen: het westerse imperialisme. Allicht zien vooruitgang en welvaart er anders uit dan geanticipeerd. Misschien hebben ook zij een humaan gezicht, laten ze de menselijke waardigheid intact.

Nostalgie is dus zeker misplaatst wanneer ze het verleden wil restaureren. Maar niet wanneer ze de sociaaldemocratie in staat stelt haar eigen verleden te reflecteren.

In een van de vergeten uithoeken van dat verleden situeert zich de kortstondige opflakkering van het tricontinentalisme, een antikoloniale stroming die eind jaren 60 vorm kreeg op het kruispunt tussen Afrika, Azië en Latijns-Amerika. De visie binnen het marxisme op vooruitgang was hen te westers, het antikoloniale nationalisme te benauwend. Zij wisten het gedachtegoed over de klassenstrijd te verzoenen met een open culturele geest. Twee werelden die elkaar voorheen niet vonden, voor even bevangen door een zeker revolutionair optimisme.

Dat optimisme wist een lid van die beweging, de Haïtiaanse dichter en schrijver René Depestre, in 1968 in een enkele zin veel beter te vervatten dan eender welke toespraak, open brief, manifest of televisiedebat: 'Je fais la révolution, donc je suis, donc nous sommes.'

Geen geschiedenis maar oud nieuws dus, en wel vanop een ander eiland dan het Vlaamse. De sociaaldemocraten kunnen daar nog wat van leren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden