Donderdag 17/10/2019

www.exhibitionism.com

Elektronisch exhibitionisme, zo zou je het kunnen noemen: de drang van mensen om hun privé-leven uit te smeren op het internet. Zowel gewone stervelingen als beroemdheden bezondigen er zich aan, en van die laatste categorie is Melanie Griffith wel een treffend voorbeeld. Toen ze onlangs uit de ontwenningskliniek kwam, slingerde ze prompt de schriftelijke neerslag van haar verblijf op haar website.

De verpleegsters van het chique Daniel Freeman Hospital in Los Angeles hadden het niet bepaald gemakkelijk gehad met la Griffith. Roepend en zich vastklampend aan haar man Antonio Banderas was de 43-jarige Hollywoodster de marmeren hal van de kliniek binnengewankeld. Griffith sméékte de staf gewoon om haar te helpen om van haar pillenverslaving af te komen. In de week die daarop volgde, kon het personeel uitgebreid kennismaken met de bruuske stemmingswisselingen van de ster. Nu eens stampvoette ze over het slechte eten, dan weer charmeerde ze vriend en vijand door het zoetgevooisde babystemmetje op te zetten dat haar in films als Working Girl wereldberoemd had gemaakt.

De echte schok kwam er echter pas toen Griffith naar huis mocht en haar crisis prompt omtoverde tot een soap: ze slingerde haar recovery journal op het internet, op de webstek Melanieonline.com. "Hi, welcome to Avalon", klinkt het gesuikerd als je op de site aanmeert. Pimpelpaarse trappen, diepblauw water en schapenwolkjes worden vervolgens je deel, en het volgende, zielsverheffende stukje proza: "Dag vrienden. Vandaag is dag negentien in mijn afkickperiode van pijnstillers. Ik voel me zo ongelofelijk goed! Mijn energiepeil is geweldig. Mijn gedachten zijn kristalhelder en mijn hart pompt krachtig nieuw bloed! Wat een wonder om van al die chemicaliën af te zijn! Ze zeggen dat benzodiapines en opiaten tot drie weken in je systeem blijven zitten, dus heb ik nog twee dagen te gaan! Het leven is mooi!!!!!"

Het zeemzoete dagboek maakt geen gewag van de uitputtende strijd die Griffith tegen de pillen moest voeren, noch verklapt het de samenstelling van de cocktail vermageringspillen die haar ooit voluptueuze figuur herleidde tot een vel-over-been-schim van zichzelf.

Wat op het eerste gezicht misschien niet veel meer lijkt dan wat new-agegewauwel of puberale spielerei, is volgens ingewijden echter big business. Griffith slaagt er als geen ander in om haar bekendheid tot de laatste druppel uit te melken. Ze weet maar al te goed dat miljoenen fans en celebrity watchers op haar site zullen neerstrijken en er, aangemoedigd door haar kreetje let's go shopping, onder meer 'Goddess Beads' zullen kopen: door Griffith zelve gepatroneerde kralenkettingen. Haar site is trouwens nog maar een onderdeeltje van een grotere onderneming: OneWorldLive.Com, opgericht om beroemdheden (Cindy Crawford is er nog zo een van) hun eigen webstek te bezorgen. Melanie Griffith is overigens geen newbie op het internet. Toen bleek dat snoodaards de domeinnaam van tweehonderd beroemdheden, waaronder Melaniegriffith.com, hadden geregistreerd om daar later grof geld uit te kunnen slaan, lobbyde zij in Washington net zolang tot de namen werden vrijgegeven en zij de hare kon overkopen voor de schappelijke som van zeventig dollar. Griffith moet als een der eersten de potentie van OneWorldLive.Com hebben ingezien; het bedrijf was nog maar opgericht of ze investeerde er flink wat geld in. Momenteel is ze er zelfs vice-president strategic relationships, en vrijwel dagelijks trekt ze naar kantoor om vergaderingen bij te wonen of toetsenborden te geselen. "Ik wil mijn kinderen honderd miljoen dollar kunnen nalaten en ik ben er niet van overtuigd dat films maken daartoe het beste middel is", zou de actrice hebben gezegd.

Terwijl andere dotcom-bedrijven momenteel druk ploeteren om het hoofd boven water te houden, gaat het OneWorldLive.com blijkbaar wel voor de wind. Volgens OneWorld-stichtster Liz Edlic zal het bedrijf dit jaar tachtig miljoen dollar winst maken, waarvan het leeuwendeel op het conto van Griffith valt te schrijven: "Ze werkt keihard, zowel op kantoor als bij het aanspreken van haar Hollywood-connecties." Over ongeveer een jaar zou het bedrijf naar de beurs gaan en Griffith maakt zich sterk tegen die tijd nog een aantal beroemde vrienden op de site te krijgen. John en Kelly Travolta en Pierce Brosnan zijn er daar enkele van.

Griffith is echter niet de enige die de commerciële mogelijkheden van het net doorziet. Het wemelt in cyberspace al van de beroemdheden, elk met hun eigen drijfveren en objectieven. Sommigen, zoals David Bowie, willen vooral de treurige fansites een hak zetten die hun sterimago met beroerde foto's en met de haren getrokken berichten meer kwaad doen dan goed. Anderen zijn gewoon on line om de filmstudio's ter wille te zijn, die vinden dat ze zo hun nieuwe prent moeten promoten. Maar de meest mercantiele geesten onder hen beseffen dat er op het net wel een zaakje valt te doen. Zo brengt Tracey Ullman op Purpleskirt.com kleren van modeontwerpers en probeert Monica Lewinsky on line extra grote handtassen te slijten. Michael Douglas gebruikt cyberspace dan weer om de tabloids af en toe een neus te zetten en het roddeljournalistengild de loef af te steken, bijvoorbeeld door op Michaeldouglas.com zelf de geboorte van zijn zoon Dylan bekend te maken en foute berichten over zijn huwelijk met Catherine Zeta-Jones kordaat recht te zetten. "You know as much as I do now", staat er als tongue in cheek bij vermeld. Daarnaast voert Douglas op zijn site propaganda tegen nucleaire bewapening. Aan de andere kant van het politieke spectrum bevindt zich dan weer de acteur Charlton Heston, bekend van onder meer Ben Hur, die zijn roem net gebruikt om het recht op vuurwapenbezit te promoten. "You can take my gun when you pry it from my cold, stiff fingers", klinkt het op zijn site uitdagend.

In het kielzog van de supersterren etaleren ook steeds meer gewone stervelingen hun emotionele hebben en houden op het internet. Eerst had je de puberale 'Hallo-ik-ben-Tom-en-ik-houd-van-mijn-goudvis-en-modelbouw'-sites, maar van lieverlede werden dergelijke exhibitionistische webplekjes professioneler van aanpak en steeg het niveau van de mensen die blijkbaar de behoefte voelen om hun zielenleven in flesjes op te rollen en aan de cybergolven toe te vertrouwen, in de hoop dat gelijkgestemden het op een of andere verafgelegen kust weer uit de branding opvissen. Momenteel vind je boekhouders en advocaten, dokters en kinesisten aan gene zijde van de modem. Een mooi staaltje van Belgisch 'exhibitionisme' op het net vind je bijvoorbeeld op http://users.chello.be/cr26845/, alwaar ene Sigikid, een jonge, mooie Brusselse advocate, van haar leven kond doet. Ze bezingt er haar liefde voor Brussel, pluche knuffeldieren en Arabische volbloeden, etaleert er zichzelf in een lijvig fotoalbum en verschaft de bezoeker van haar website - en dat waren er intussen al meer dan 12.000 - het antwoord op prangende vragen als deze: "Wil je weten hoe ik in deze wereld overleef? Eén antwoord: chocolade. Ik kan gewoon geen dag zonder. Zet me een week lang zonder chocolade en ik geraak compleet gefrustreerd. Dat gaat zelfs zover dat onze voormalige secretaresse geregeld naar de buurtwinkel stapte om extra chocolade voor me te kopen als ik aan een zwaar dossier moest beginnen. Maar ik was niet de enige op kantoor die op chocolade werkte. Een oudere advocaat nam er zelfs mee naar de rechtbank en at stiekem een stukje terwijl hij een zaak aan het pleiten was."

But why?, is de vraag die daarbij onvermijdelijk in je oprijst. Wat drijft drukke, in het leven kennelijk geslaagde mensen ertoe uren, dagen, weken te besteden aan het op poten zetten van een digitale inkijk in hun leven, en aan het niet zelden dagelijkse, tijdrovende up-to-date brengen daarvan? Volgens Bob Vansant, psychotherapeut en auteur van boeken over een rits van psychosociale thema's, zijn dergelijke initiatieven niet veel minder dan een noodkreet om meer intieme relaties. "Heel wat mensen hebben wel genoeg functionele relaties", oppert hij. "Op het werk bijvoorbeeld, in het kader van de struggle for life. Wat ze mankeren, is een stuk warmte, gezelligheid, intieme relaties. Het internet is dan een voor de hand liggend medium om zich te outen: zie eens wat ik heb, zie eens wat ik ben. Maar dat etaleren is tegelijk een kreet om graag gezien te worden, om warmte en genegenheid te vinden. Men zoekt een vorm van contact die minder functioneel is dan in de dagelijkse werkrelatie."

Volgens Vansant is het een populair misverstand te denken dat het hier per definitie om fysiek onaantrekkelijke of sociaal gehandicapte mensen gaat. "Vaak zijn het personen die wat beroep of carrière betreft juist hoog scoren in de maatschappij. Maar ze missen kennelijk de intimiteit. We leven in een turbosamenleving waarin alles geregeld is en heel snel gaat. Hoe moet je dan nog aan intieme vrienden geraken waar je eens een avondje mee kunt doorzakken of die je gezellig kunt knuffelen? De aaibaarheidsfactor van heel wat mensen is bijzonder laag omdat ze in die manische samenleving van hot naar haar hollen, met alle gevolgen van dien. Men gebruikt dan hét medium bij uitstek om toch een zekere vorm van intimiteit te creëren: het is enerzijds veilig omdat men zich niet fysiek tot de ander moet richten, maar aan de andere kant kun je er toch een heleboel op kwijt. Het nodigt uit om meer intimiteit prijs te geven doordat je tegelijkertijd afstand kunt bewaren. In die zin is het heel dubbel. Als het internet een opstapje is tot verder en dieper menselijk contact, vind ik dat positief. Maar blijft het bij een pure cyberrelatie, dan keert het medium zich al vlug tegen de mens. Dan krijg je eenzaten. Dan heeft het toch iets zieligs, vind ik."

Sigikid zelf ziet het anders. "Voor mij is dat internetgedoe een soort externe memory", zegt ze. "Zo onthoud ik zelf beter dingen die gebeurd zijn of die ik gezien heb. Het geeft me de mogelijkheid zelf na te denken over bepaalde zaken. En voor de rest: ik heb niets te verbergen, vandaar dat het gerust publiekelijk mag. En blijkbaar vinden genoeg mensen hun weg naar mijn webpage en blijven ze het leuk vinden die dingen te lezen. Gewoon om te weten waar andere mensen mee bezig zijn. Het is ook altijd leuk om feedback te krijgen van lezers die via mijn site op muziek of films zijn gestoten die ze daarna zelf zijn gaan appreciëren. Daarnaast is die webpage natuurlijk handig als mensen een beter beeld van me willen krijgen. Ik zit nogal veel op chats, en als mensen dan wat meer over je willen weten, kun je ze gewoon doorverwijzen in plaats van altijd hetzelfde te moeten vertellen. De persoonlijke webpage is eigenlijk gegroeid uit mijn paardenwebpage. Na verloop van tijd vroegen mensen me wie ik was. Ik zette er een paar persoonlijke pages bij, en zo kreeg ik de smaak te pakken."

Haar adres en echte naam probeert ze toch een beetje voor zichzelf te houden. 'Sigikid' is maar een schuilnaam, ontleend aan haar favoriete fabrikant van pluchen beesten "Ik geef zo al genoeg aanwijzingen; je weet maar nooit welke freaks er zich zoal op het net verschansen. Eentje slaagde erin mijn adres terug te vinden via het net, en dat vond ik niet zo leuk."

Jean-Paul Mulders

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234