Maandag 03/08/2020

Wraak op papier en schermRed Harvest

Door Jo Smets

Wel, dat valt op papier best mee. Wraak en vergelding hadden sinds het einde van de jaren zestig eigenlijk meer succes in beeld dan in woord. Tot een echt (sub)genre van wraakthriller kwam het binnen de misdaadfictie nooit helemaal, terwijl er in de misdaadcinema, toch meestal een afgeleide van populaire geschreven fictie, betekenisvol mag worden gesproken van de revenge movie. Van Sam Peckinpah’s Straw Dogs, Michael Winners Deathwish, Clint Eastwoods The Outlaw Josey Wales of Meir Zarchi’s I Spit on Your Grave uit de jaren zeventig, over Sean Cunninghams Friday the 13th, Mark Lesters Commando of Adrian Lynes Fatal Attraction uit de jaren tachtig, tot Clint Eastwoods Unforgiven of zelfs Alex Proyas’ The Crow in de jaren negentig en Steven Soderberghs The Limey of Chan-wook Parks wraaktrilogie Sympathy for Mr. Vengeance, Oldboy en Sympathy for Lady Vengeance: wraakfantasieën zijn gesneden koek voor het scherm.

Gewraakt

Wraak maakt historisch natuurlijk wel essentieel deel uit van de westerse populaire geschreven verhaalcultuur. Logisch, want vergelding als een middel om gerechtigheid te krijgen voor een onrecht behoort tot de pijlers van onze rechtssystemen. De maatschappij wordt nog steeds als ‘slachtoffer’ beschouwd van de acties van een crimineel, de crimineel moet ‘zijn schuld tegenover de maatschappij terugbetalen’. Het huidige principe van vergoeding of schadeloosstelling (ver-geld-ing) verschilt niet veel van de prijs die ooit op lichaamsdelen werd gezet om te voorkomen dat er nog enkel geamputeerde mannen op straat zouden rondhinken. Wraak is een poging tot het rechtzetten van een vergrijp jegens een persoon of een groep door opzettelijk een agressieve, schade berokkenende actie te ondernemen tegen de vermeende vergrijper. Vaak gaat het om de eis van wederkerigheid, van gelijke munt, van een kwaad voor een kwaad - oog om oog, tand om tand, enzovoort. Soms vraagt wraak echter om een vergelding die het oorspronkelijke onrecht overtreft. Vetes tussen clans waarin bloedwraak geldt, afrekeningen tussen maffiafamilies of gangsterbendes, al dan niet raciaal en etnisch getint, vertonen vaak een logica van de overtreffende trap. Gezichtsverlies is dodelijk, sterke signalen zijn noodzakelijk. Interessant in dit verband zijn twee recente titels die de dynamiek van initiatie in bendes en vergelding tussen bendes in een stedelijk misdaadmilieu beschrijven: In het duister, de eerste standalone thriller van de Brit Mark Billingham en Vergelding, het fictiedebuut van Joop van Riessen, waarin de gewezen hoofdcommissaris van de Amsterdamse politie hoofdinspectrice Anne Kramer opvoert, de chef van het bureau Zware Criminaliteit van de Centrale Recherche, die via een klokkenluidende beroepskiller zicht krijgt op een patroon van criminele wraakacties. Wraak lijkt in deze verhalen nauwelijks een legitieme probleemoplossende strategie. En toch wordt agressief en destructief gedrag makkelijker begrepen of zelfs gerechtvaardigd als er sprake is van wraak. Een verlangen naar wraak wordt als causale factor genoemd in ruwweg 20 procent van moorden, aanrandingen en criminele schade aan eigendom in Groot-Brittannië. Bij ongeveer 61 procent van alle schietpartijen in scholen in de VS tussen 1974 en 2000 bleek wraak de hoofdmotivatie. En ook bij rekrutering voor wat na 11 september als ‘terrorisme’ wordt beschouwd, ontbreekt volgens onderzoek het wraakmotief zelden.Wellicht omdat wraak zo nauw geassocieerd is met agressie en geweld, wordt het in onze cultuur ook als immoreel, irrationeel of beide bestempeld. Wraakvertellingen evolueren mee met heersende begrippen van retributieve rechtvaardigheid. Waren ze ooit rechtvaardigend van toon, finaal moesten ze de morele actor toelaten de orde en causaliteit van gebeurtenissen, acties en reacties in een ethisch kader te plaatsen, zodat hij of zij echt deel kan uitmaken van een ethische, door een rechtssysteem beschermde maatschappij: van Homeros’ Odysseia en Aeschylos’ Oresteia naar Seneca’s Thyestes en Shakespeares Othello, van Edgar Allen Poe’s The Cask of Amontillado naar de graphic novel V for Vendetta van Alan Moore en David Lloyd.

Zin voor wraak

Winston Churchill zou tijdens een Britse strafexpeditie tegen een Pathaanse stam in Afghanistan ooit getuige zijn geweest van de executie van een gewonde officier. Over de beul schreef hij: “Op dat ogenblik was ik mij van niks meer bewust dan van het verlangen om deze man te doden.” Het lijkt een moment van intellectuele eerlijkheid vanwege een man die de wereld ook op de volgende platitude vergastte: “Niets kost meer, niets levert minder op dan wraak.” Het verlangen naar wraak werd lang door de sociale en psychologische wetenschappen als een psychologische disfunctie beschouwd. Wraak was een ziekte, vergiffenis een geneesmiddel. In het jaar van Darwin lijkt een evolutionair perspectief lonender. Natuurlijke selectie deed een psychologisch systeem van wraak ontstaan dankzij de pay-off van fitness verbonden aan de mate waarin het afschrikking bood voor toekomstige vergrijpen of onrechten. Vergiffenis ontwikkelde om waardevolle relaties in weerwil van zulke schade (en van te grote nadelen verbonden met afschrikking) in stand te houden. Aan zo’n oeroud mechanisme appelleert misschien de koppige fictie van de moreel gerechtvaardigde wraak, die de wet met de voeten treedt of zich voltrekt in een parallelle wereld die toch al aan orde en recht ontsnapt (zoals de onderwereld). Waarom zouden we anders aanvaarden dat onze wraakhelden steeds weer worden onderschat door de boosdoeners? Komaan, de eenzame wreker mag na twee verhalen toch geen onbekende meer zijn? De waarneming van wraak verschaft daarbij niet zelden genot, wat niet betekent dat de voltrekking van wraak ook zoet moet zijn (in de westerse morele duiding is er alvast een bittere nasmaak). In het Pashtunwali, het pre-islamitische stelsel van ongeschreven regels van de Pathanen, wordt wellicht om die reden gesteld dat wraak een gerecht is dat het best koud wordt opgediend. Wraak is weinig gewonnen met blinde woede of sadistisch plezier, heeft alles te maken met zorgvuldig afwegen en plannen.De misdaadfictie heeft dit snel begrepen. Dashiell Hammett, deken van de hardboiled misdaadfictie, legde in Red Harvest de figuur vast van de koele, anonieme intrigant die de misdadigers hun come-uppance geeft en als hij zijn hachje erbij in lijkt te schieten, keihard terugslaat - with a vengeance (wat zoveel betekent als: en hoe!). Minder subtiel, niet minder doeltreffend was Mickey Spillanes Mike Hammer (de naam alleen al), die in I, The Jury tegelijk jury, rechter en beul speelt. De figuur van de koele, hyperprofessionele manipulator met erecode heet in de jaren zestig Parker, Richard Starks meesterlijke schepping. De laconieke, stoïcijnse gangster-killer is een nihilistische antiheld, van grote invloed op populaire misdaadfictie (zowel in woord als in beeld). Die invloed is merkbaar bij Lee Child, het brein achter stille wreker en supercommando Jack Reacher. In Sluipschutter (Gone Tomorrow) is Jack voor de 13de keer back with a vengeance. Child deinst nooit terug om fysiek geweld in geuren en kleuren te vertellen, maar zijn boeken bloeien pas open als Reacher alle registers opentrekt en zowat alles op zijn baan verpulvert. Zoals de achterflap van Persuader zegt: “Some would call it vengeance. Some would call it redemption. Reacher would call it... justice.” Reacher is de ultieme eenzaat, een nomade zonder familie, zonder bezittingen, zonder verplichtingen, zonder angst. Zijn erecode is veel moreler dan die van Parker. Zijn training maakt hem veel alerter voor potentieel gevaar, waardoor hij voortdurend moet wikken en wegen over de wenselijkheid van een interventie in een situatie. Als de situatie hem niet eerder tot actie dwingt, natuurlijk. In Sluipschutter bevindt Reacher zich op een bijna verlaten metrotrein in New York waar hij een vrouw opmerkt die op een lijst met kenmerken van zelfmoordbommendragers - courtesy of de Israëlische contraterrorismebestrijding - elf op elf scoort…

Wraak van zin

Al is de wraakvertelling geen echt subgenre in de literaire misdaadfictie, toch is de motivationele toestand van wraakzucht in moderne sociale noir cruciaal. Noem het Zeitgeist of spleen, maar de fundamenteel ontevreden, aan relatieve frustratie lijdende noir-loser blijft mentaal alert door op vergelding of gerechtigheid te broeden. Hij of zij bezit bepaalde overtuigingen en houdingen over de morele juistheid of de wenselijkheid van wraakzuchtige handelingen om bepaalde doeleinden te bereiken, zoals om een moreel evenwicht te herstellen, om de overtreder mores of een lesje leren, of om gezichtsverlies te vermijden. Tussen de onderhuidse verontwaardiging en verbolgenheid die alle kenmerken heeft van het gevoel onrechtvaardig behandeld te zijn, en de daadwerkelijke uitoefening van wraak, steekt echter vaak een mensenleven.Mystic River van Dennis Lehane is wellicht het meest opmerkelijke, eigentijdse voorbeeld van een wraakgeschiedenis waarin misdaad versus onschuld, straffeloosheid versus onrecht, schuld versus boetedoening geen duidelijk object hebben. Een machteloos verlangen naar vergelding leidt tot verblinding - blinde wraak - en tragisch foute genoegdoening. Wraakzucht hoeft echter niet altijd met tragiek te worden verbonden. In Ongrijpbaar, Michael Connelly’s pas verschenen 21ste boek, zijn twee onderliggende motieven van vergelding aanwezig. Enerzijds, een prove-you-wrong-motief, het verlangen om het ongelijk te bewijzen van de persoon die een vermeend onrecht heeft begaan. Anderzijds, een verlangen naar gerechtigheid en moreel herstel, de wil om een dwaling van het recht, of zelfs een misdadige samenzwering binnen het gerecht tegen een al gestigmatiseerd lid van de samenleving, aan de kaak te stellen. In plaats van een flik of advocaat, die deel uitmaken van het gerechtelijk apparaat, introduceert Connelly opnieuw journalist Jack McEvoy (uit The Poet). Hij is een van de oude rotten bij de Los Angeles Times, maar krijgt op een dag zijn ontslag in de vorm van een “RIF form - as in, reduction in force”. McEvoy wordt inderdaad ‘gedownsized’, is het slachtoffer van de dood-door-internet en de wereldcrisis die de Noord-Amerikaanse krantenindustrie treffen. Zich zomaar laten afschepen of in alle stilte de bittere pil slikken ligt niet McEvoys aard. Al snel wordt het ontslag niet alleen een klassiek geval van sour grapes (wie wil er vandaag nog voor een krant werken die nauwelijks tijd gunt voor onderzoek, verslaggeving, diepte?). Het wordt ook de trigger voor plannen van indirecte vergelding: één, het plan om die halve roman die in zijn la ligt eindelijk af te maken en zo succes te oogsten; twee, een fantastisch stuk te schrijven, de beste manier om door corporatisme behekste bazen lik op stuk te geven. Toeval wil dat er net een dame belt die McEvoy vertelt dat de LAPD beweert een zwarte tiener te hebben geklist die bekend zou hebben een verslaafde stripdanseres te hebben vermoord, maar dat die informatie vals is.Connelly’s thematisering van de dood-van-de-krant is een schot in de roos. In de laatste week dat hij aan het boek werkte, vroeg de L.A. Times warempel het faillissement aan. De verontwaardiging en zucht naar rechtzetting om het downsizen laten zich overigens ook in onze contreien voelen. Getuige daarvan een post op De Spanningsblog, waarin een zekere Arno Ruitenbeek schrijft hoe Connelly, zijn favoriete schrijver, hem tot in het diepst van zijn ziel raakt met The Scarecrow, “het trieste verhaal van een collega-misdaadverslaggever die, net als ik, door nieuwlichters en bezuinigers zijn baan verliest”. In de strijd van “de 50-plusjournalist die zich moet zien te redden in de digitale wereld” ziet de onfortuinlijke Ruitenbeek nog een “element van herkenbaarheid”. Tragische herkenbaarheid is ook de crux van George Pelecanos’ nieuwe boek The Way Home, een coda voor The Turnaround. De schrijver laat zien hoe een slecht beheerd systeem van retributieve en correctionele gerechtigheid kleine overtreders veel harder kan straffen dan hun vergrijpen verdienen en toont zich van zijn meest geëngageerde, meest kwetsbare kant. Het boek mengt literaire subgenres tot een pakkende, polemisch getinte studie van de adolescent Chris Flynn en zijn weg terug naar huis, naar rehabilitatie. Er is de coming-of-age-vertelling gecombineerd met jeugdinstellingsdrama (zoals dat in de jaren zestig literair en filmisch vorm kreeg). Mannelijkheid betekent in die context (ver)geldingsdrang: “When you or one of your own is attacked, retaliation is mandatory, no matter the consequences or repercussions. It has to be on.” Er is het vader-zoonconflict, gekoppeld aan de dagelijkse strijd om zingeving, tegen frustratie en wrok. De vader “looked into the mirror and saw what others saw, a guy who went to work every day, who took care of his family, who made what would always be a modest living, and would pass on, eventually, without having made a significant mark.” En er is de whodunit, die op gang wordt gebracht als Chris op het rechte pad op een verborgen schat stuit. De uitdaging is bewust doorzichtig en weinig spectaculair, evenals de manier waarop de plot afwikkelt. Maar de morele dilemma’s waarmee Pelecanos’ jonge antiheld wordt geconfronteerd en die hem van wraakroepend object van vergelding naar wraaknemend subject van bevrijding moeten brengen zijn allesbehalve transparant en des te fundamenteler.

Dashiell Hammett (1894-1961) schreef even sober en efficiënt als zijn meest enigmatische personage, The Continental Op(erative), was in het uitspelen van de misdaadfracties in het mijnstadje Personville (Poisonville voor de inwoners). De grote schoonmaak verglijdt van business naar personal, van ordehandhaving naar vergelding als de Op er wordt ingeluisd voor de moord op een/zijn gangsterliefje. Samen met The Glass Key een grote bron van inspiratie voor de cinema: voor Akira Kurosawa’s Yojimbo, Sergio Leone’s For a Fistful of Dollars en Walter Hills Last Man Standing, maar beslist ook voor de sublieme rip-off Miller’s Crossing van The Coen Bros.

I, The Jury

19 dagen had Mickey Spillane (1918-2006) nodig om zijn eerste misdaadroman met oorlogsveteraan en private eye Mike Hammer te schrijven, een meesterlijk stukje schaamteloos exploitatieve wraakpulp dat hem een huisje up-state in New York moest bezorgen en in 1953, toen al 1,6 miljoen exemplaren waren verkocht, door Harry Essex en de geniale cameraman John Alton in 3D werd verfilmd. Spillanes wraakmotief is duidelijk, zo blijkt uit de promotekst: “Het was een nek-aan-nekrace tussen Mike en Pat Chandler, Hoofdinspecteur Moordzaken, om de moordenaar het eerst te strikken. Maar de wet kon geen armen breken om een kerel te doen praten, en ook zijn tanden niet inslaan met de loop van een revolver om hem eraan te herinneren dat hij geen geintjes maakte. Mike kon dat wel - en hij deed het ook.” Of zoals het derde Hammermysterie zegt: “Vengeance is mine!”

Pop. 1280

De geheel onbetrouwbare, zelfs een vleugje zwakzinnigheid veinzende verteller van deze briljante parabel heet Nick Corey, sheriff van Pottsville County. Slechts 1.280 zielen telt het “47ste grootste district in de staat”, en als enige ordehandhaver lijkt Corey, mikpunt van spot, niet veel meer te doen te hebben dan zijn feeks van een vrouw en haar broer in toom te houden, zijn uitdager bij de verkiezingen het hoofd te bieden en zoveel mogelijk werk te ontlopen. Tot hij ontdekt dat zijn positie hem de kans biedt ongestraft wraak te nemen. Grootmeester van surreële noir Jim Thompson (1906-1977) laat de aanvankelijk onschuldig klinkende ik-vertelling afglijden in het koele vertoog van een psychopatische geest. Bertrand Tavernier verplaatste in 1981 in Coup de torchon de actie naar Franstalig West-Afrika, met Philippe Noiret en Isabelle Huppert in de hoofdrollen: bullseye!

The Godfather

Mario Puzo (1920-1999) wou per se een commercieel boek schrijven met deze kroniek van een fictieve Siciliaanse maffiafamilie in New York City (Long Beach, NY), geleid door Don Vito Corleone. Op zich was de waanzinnig populaire roman allicht in de vergetelheid geraakt, had Francis Ford Coppola er niet een meesterlijke, tragische wraakvertelling van gemaakt, met Al Pacino als de ijzige benjamin van de familie die orde op zaken stelt en zelfs zijn schoonbroer koud maakt.

The Hunter

Donald E. Westlake (1933-2009) publiceerde van 1962 tot 1974 onder de schuilnaam Richard Stark 20 romans met koele kikker Parker als antiheld. The Hunter was de eerste in de reeks, de wraakodyssee van een voor dood achtergelaten gangster die zijn deel van de buit terug wil. In 1967 door John Boorman verfilmd als Point Blank met een ziedende Lee Marvin in de hoofdrol.

First Blood

David Morrell (°1943) debuteerde in 1972 met First Blood, een messcherpe studie van geweld over Vietnamveteraan John Rambo die het voorwerp van een mensenjacht wordt en een stel politieagenten en leden van de National Guard over de kling jaagt. Morrell beschrijft Rambo’s gewelddaden als welhaast instinctieve acties, hemzelf en zijn nemesis, Police Chief Teasle, als slachtoffers van ontmenselijkende oorlogen in respectievelijk Vietnam en Korea.

Point of Impact

Stephen Hunter (°1946) werd wereldberoemd dankzij een trilogie rond Vietnamveteraan Bob Lee Swagger, a.k.a. ‘The Nailer’, een aan lager wal geraakte supersniper die in Point of Impact uit 1993 door een overheidsorganisatie benaderd wordt om een aanslag te verijdelen door de scherpschutter die zijn vriend en spotter omlegde. Swagger wordt er echter in geluisd, maar zet een ingenieuze wraakactie op touw. In 2007 verfilmd door Antoine Fuqua als Shooter, met Mark Wahlberg in de hoofdrol.

The Ax

Donald E. Westlake (1933-2009) bewees in 1998 nog niks van zijn pluimen of streken te hebben verloren met dit verbijsterende verhaal over Burke Devore, kaderlid bij een papierfabrikant en goede huisvader, die ontslagen wordt, zijn wereld ziet ineenstorten, zijn gezin ziet lijden en dan maar besluit om de concurrenten bij sollicitaties om zeep te helpen. In 2005 schitterend verfilmd door Costa-Gavras als Le Couperet.

Hannibal

Thomas Harris (°1940) schreef met Hannibal Rising, waarin de moordzuchtige, kannibalistische psyche van Hannibal Lecter wordt gereduceerd tot simpele wraakmechaniek, een boek te veel. De echte wraakvertelling is namelijk Hannibal, verschenen in 1999, het derde luik van wat een trilogie had moeten blijven met Red Dragon en The Silence of the Lambs. Hier worden de gastronomische dimensies van wraak echt duidelijk: een van Lecters slachtoffers, de schatrijke Merger, wil wraak nemen op Lecter door hem als varkensvoer op te dienen, terwijl the good doctor een corrupte FBI-agent zijn eigen hersenen serveert. Ridley Scott verfilmde met evenveel goede smaak als de estheet-killer.

Mystic River

Onschuld, onrecht, schuld, gerechtigheid, wraak, vergelding, boete, verlossing vormen een troebele hellepoel in deze eerste standalone thriller van Dennis Lehane (°1965) uit 2001, over drie mannen die een vreselijk geheim uit hun kindertijd delen, elkaar in tragische omstandigheden (de moord op de dochter van één van hen) terugvinden en een door verkeerde noties van gerechtigheid en vergelding ingegeven einde bewerkstelligen. Clint Eastwood wist in 2003 de complexiteit van het boek te verbeelden, met Kevin Bacon, Sean Penn en Tim Robbins in een groots triumviraat.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234