Zondag 08/12/2019

Portret

Wouter Vandenhaute, het bijtertje dat altijd en overal zijn gelijk wil halen

Beeld Jan Aelberts

Hij had al een restaurant, een productiehuis, twee zenders en een korf kassei­koersen, maar de maag van Wouter Vandenhaute (55) blijft rammelen. Nu wil hij Ander­lecht kopen, om de club de 21ste eeuw in te sleuren. Een inkijk in de stormachtige boven­kamer van een van Vlaanderens kleurrijkste ondernemers.

Wouter Vandenhaute is een machtig man en Vlaanderen herbergt weinig moedigen die vrank hun mening durven te zeggen. Dat merk je als je Vanden­hautes omgeving opbelt voor sappige petites histoires en psychologische ontboezemingen. Na een korte verontschuldiging worden telefoons ingeklikt. Anderen willen alleen off the record praten, want “Vlaanderen is klein en met Wouter wil je geen miserie”.

Wim Lybaert, die Woestijnvis na vijftien jaar trouwe dienst verliet om zijn eigen productiehuis te starten, wil wel wat kwijt. Maar: “Mocht ik een slechte ervaring met Wouter hebben gehad, zou ik ze niet vertellen. Mijn Woestijn­vis-periode was voor 95 procent fantastisch. Ja, hij heeft ­vijanden gemaakt, niet iedereen is in vrede bij hem vertrokken. Maar zelfs die mensen beseffen wat hij voor ons gedaan heeft. Tot de overname van VIER en VIJF hebben de creatievelingen bij Woestijnvis altijd kunnen werken zonder stress of financiële besognes. Die vrijheid was uitzonderlijk. Wouter heeft ons altijd afgeschermd van alle shit. Natrappen zou ondankbaar zijn.”

Visie

Over één zaak zijn vriend en vijand het eens: Vandenhaute is mateloos ambitieus. Begin jaren 90 durfde hij tijdens liederlijke etentjes al eens een lijstje met dromen op te dissen: een eigen productiehuis, een eigen zender, een eigen restaurant, een magazine, een voetbalclub... “Als er drank bij kwam kijken, gooide hij zijn kaarten op tafel”, zegt Gui Polspoel, die destijds met hem samenwerkte bij Supersport. “Mij vertelde hij dat hij ooit baas van Anderlecht zou worden en de Champions League zou winnen. Wouter is een bijtertje. Voor zijn dromen is hij bereid om los door muren te lopen. En je moet hem nageven: met die vastberadenheid heeft hij een bewonderenswaardig parcours afgelegd.”

Als het leven een computer­spel was, is Vandenhaute al een paar levels gestegen, vaak door boven zijn gewicht te boksen en allianties aan te gaan. Zijn kandidatuur om Anderlecht op te kopen is daar een staaltje van.

Vandenhaute is al jaren kind aan huis in het Constant Vanden Stock­stadion, maar heeft niet de financiële armslag om zich daar in de hot­seat te werken. Daarom klikte hij zich vast aan Ghelamco-baas Paul Gheysens, die daar wel de poen voor heeft.

“Ik vermoed dat het initiatief van Wouter kwam”, zegt sport­journalist Hans Vandeweghe, die zich jarenlang een fiets­vriend van Vanden­haute mocht noemen. “Gheysens wil absoluut het Eurostadion in Brussel bouwen, maar heeft een club nodig die daar in wil spelen. Het huidige Anderlecht-bestuur weigert dat. Als Gheysens zich inkoopt, krijgt hij zijn zin. En met Vandenhaute heeft hij een man met voetbal­verstand die hij de dagelijkse leiding kan toevertrouwen. Wouter heeft die opportuniteit goed gezien. Hij is een meester­schaker. Hij zou een zegen zijn voor Ander­lecht. Die club is mismeesterd, daar kun je veel meer mee doen.”

Maar de kaarten liggen slecht: bij Anderlecht lusten ze Gheysens niet. Het verklaart allicht waarom een briesende Vandenhaute enkele weken geleden verschillende kranten­journalisten opbelde om het nieuws van zijn kandidatuur uit de pers te houden. Die ­power­play gebruikte hij in het verleden wel vaker. Collega’s gewagen van tirades waar geen noot tussen te krijgen valt. “Wouter kleineert en intimideert als hij zijn zin niet krijgt. Als je met hem een discussie krijgt, kan dat zo heftig worden dat omstanders zich uit de voeten maken. Hij móét en zal zijn gelijk halen.”

5.000 euro in het rood

Vandenhaute komt uit een middenklasse­nnest uit Huise, aan de voet van de Vlaamse Ardennen. Zijn ouders worden omschreven als artistieke Agalev’ers avant la lettre. Ruimdenkende intellectuelen ook, die op familiefeesten oeverloos discussieerden met nonkels en tantes. Zijn vader gaf les in Gent en stond bekend als een gezellige mens die graag zijn pintje dronk op café. Zijn grootvader aan moederskant was CVP’er Louis Kiebooms, ex-hoofdredacteur van Gazet van Antwerpen. Geen klassieke ondernemersfamilie, dus.

“Op mijn dertigste had ik een huur­appartementje in Leuven, een Golf diesel van drie jaar oud en een bank­rekening die 200.000 frank (5.000 euro) in het rood stond”, vertelde Vandenhaute ooit in De Standaard.

De jonge Vandenhaute ging op ‘sportkot’ in Leuven, tegen de zin van zijn vader, maar deed nooit wat met dat diploma. De sport­journalistiek riep luider dan de turnzaal. Hij begon zijn carrière bij deze krant, als verslaggever van de wedstrijden van SV Waregem. Dat deed hij prima, maar zijn ambities lagen hoger. Toen chef sport Jules Hanot hem een contract wilde aanbieden, antwoordde hij: “Ik blijf hier niet, hoor. Ik ga naar de BRT.”

Daar etaleerde hij zoveel branie dat hij in het vaarwater kwam van Carl Huybrechts. “Wij waren concurrenten op de sportdienst”, zegt Huybrechts. “Ik presenteerde Sportweekend en hij het sportblokje in Het journaal. Gaandeweg pikte Wouter steeds meer krenten uit onze pap, waardoor de kijker alle essentiële momenten al in het nieuws te zien kreeg. Wij werden daar gek van, maar Wouter trok zich er niks van aan: ‘Ik doe gewoon mijn opdracht’.

“Het zat me zo hoog dat ik op een avond Sport­weekend opende met de woorden: ‘Nu Het journaal al de kaas van tussen ons brood heeft gegeten, ­proberen wij ons in Sport­weekend staande te houden tegen de commerciële zender. (lacht) Daarvoor kreeg ik een blaam van de directie. Maar na die valse start is er een goede band tussen ons gegroeid. Hij wist altijd goed waarmee hij bezig was, maar ik had nooit verwacht dat hij zo’n grote speler zou worden. Eerlijk: het Belgisch voetbal zou zijn voetbalverstand goed kunnen gebruiken.”

Vandenhaute combineerde zijn tv-werk met voetbal­interviews voor Humo. “In het begin schreef hij niet fantastisch”, zegt een Humo-ancien. “Maar hij legde zijn stukken steevast voor aan de oude rotten en leerde snel bij. Na een paar maanden had je een jonge blaag die alle grote Europese vedetten wist te strikken. Uiteraard ging hij daarvoor ‘zijn faire deel’ opeisen bij Guy Mortier. Die verzette zich, maar Wouter haalde zijn slag thuis. Dan weet je: die gast is geen uil.”

Op feestjes blikt Vandenhaute graag terug op die periode. Hoe hij Marco van Basten uit zijn hotel wist te smokkelen om samen met hem de stad in te duiken. Of over die keer dat Ruud Gullit geen tijd meer had voor het afgesproken interview in Milaan. “Je kunt me vanavond wel spreken in Rome, waar we met de ploeg op hotel zitten.” Terwijl Gullit van Milaan naar Rome vloog, scheurde Vandenhaute in een kleine gehuurde Fiat Panda vijfhonderd kilometer naar het zuiden. Liever het onmogelijke doen dan te moeten ­opgeven, was toen al zijn motto.

'Behandeld als een hond'

In ’91 schreef hij samen met Mark Uytterhoeven tv-geschiedenis in Het huis van wantrouwen. Een talkshow waarin er met politici en BV’s luchtig gesoebat kon worden: dat was revolutionair. ­Van­den­haute fungeerde vooral als aangever voor Mark Uytterhoeven, hét creatieve brein van het programma. Maar achter de schermen ving hij alle rotzooi op. Uytterhoeven had het lastig met de druk van het succes.

“Helse toestanden hebben we meegemaakt”, vertelde Vandenhaute ooit in een interview in De Standaard. “Soms daagde hij dagenlang niet op. Ik ben toen op overlevings­modus overgeschakeld. Als het me te veel werd, ging ik uithuilen in het park vlakbij. Ik was op. 

"Mark behandelde me als een hond, maar het was sterker dan hemzelf. Hij is geen klootzak, integendeel, hij is een topgast. Hij heeft altijd meer met het leven geworsteld dan ik. En ik ben blij dat ik die worsteling heb mogen meemaken. Ik ben daar zelf veel beter uitgekomen. Het heeft mijn referentie­kader voorgoed helder gemaakt. En ik heb er een vriend voor het leven aan overgehouden.”

Die band is de laatste jaren wat verwaterd. “Ze zien elkaar wat minder vaak, maar blijven wel vrienden”, weet een ingewijde. “De voorbije jaren hebben veel vedetten Wouters schip verlaten, maar Mark is hem altijd trouw gebleven. Uytter­hoeven is jaren vorstelijk betaald om geen klap uit te voeren. Het enige wat hij moest doen, was genieten van de Franse zon, video’s van onafgewerkte programma’s bekijken, af en toe de key people ontvangen voor barbecue- en brain­storm­sessies met sloten rosé, en, als de nood het hoogst was, naar België komen om een programma recht te trekken.”

Na Het huis van wantrouwen besefte Vandenhaute dat zijn talent áchter de schermen lag, in het fixen, onderhandelen en ­bluffen. Toen Filmnet hem vroeg als voetbal­commentator, overtuigde hij hen om de ­betaalzender Supersport op te zetten. Bliksemsnel had hij een ploeg van kleppers rond zich: Stef Wauters, Renaat Schotte, Gui Polspoel, Jan Eelen, Olivier Goris...

“Wouter heeft een ongelooflijke neus voor talent”, zegt Hans Vandeweghe. “Ik heb hem eens gezegd hoe straf ik het vond dat hij altijd zijn wagon aan de juiste locomotief wist te hangen. ‘Je hebt gelijk’, zei hij, ‘maar die locomotieven zijn daar ook nooit slechter van geworden.’ En daar had hij ook gelijk in.”

“Supersport was te ambitieus en te duur”, zegt Polspoel. “Voor elke buitenlandse wedstrijd gingen wij ter plaatse. Dat kostte fortuinen, terwijl de door­braak op de abonnee­markt uitbleef. Na een tijd draaiden de bazen de kraan dicht. Maar Wouter was er wel in geslaagd om hen warm te maken voor dat project. Hij heeft een enorme overtuigings­kracht. Hij blijft op mensen inpraten tot ze plooien om van zijn gezaag af te zijn.”

Vandenhaute had voor zichzelf ook een riant contract en dito ontslag­premie onderhandeld. Met dat geld startte hij Woestijnvis en het klasse­restaurant Couvert Couvert op. “Ik ken niemand die zo straf kan onderhandelen”, zegt een ex-Woestijnvisser. “Kijk naar het exclusiviteits­contract met de VRT dat hij voor Woestijnvis binnenhaalde: 30 miljoen euro per jaar, zeven jaar lang! Hij heeft Aimé Vanhecke (destijds algemeen directeur bij de VRT, RL) daar gewoon uitgekleed.”

Bij zijn eigen mensen ging de Woestijnvis-baas minder ver. Hij wilde dat ze zich goed voelden. Lieven Scheire kreeg ooit de raad om een manager te zoeken, omdat hij niet kon onderhandelen. “Ik ging altijd onmiddellijk akkoord met het lage openings­voorstel, maar grommelde dan achteraf over wat ik maar gekregen had. Vandenhaute werd daar zot van, hij vond dat er met de Neven­effecten niet te praten viel. ‘Zég dan wat je wilt’, zei hij dan. Uiteindelijk raadde hij me aan om iemand te zoeken die voor mij kon onderhandelen.”

Ook Wim Lybaert liet zich door Vandenhaute inpalmen. “Wouter heeft een jongens­achtig enthousiasme en een enorme drive. Zelfs als je eigenlijk niet wilt, zeg je ja tegen hem. In ’97 combineerde ik mijn job bij VT4 met freelance­montagewerk bij Woestijnvis. Wouter wilde me in vaste dienst en nodigde me uit in een mooi restaurant in Brussel. Ik weigerde, omdat ik goed zat bij VT4 en me niet volledig durfde te engageren voor zo’n nieuw productiehuis. Enkele weken later kwam hij met een tegenvoorstel, in een nog chiquer restaurant. Daar ben ik gezwicht. Tijdens zo’n gesprek is hij heel charmant en open, mensen verwachten dat niet van een baas. Hij geeft je het gevoel dat je belangrijk bent. Ook zijn speeches zijn vaak erg sterk. Hij kan mensen het gevoel geven dat ze iets groots aan het bouwen zijn.”

Beeld Jan Aelberts

Heilige huisjes

Grootsheid. Voor minder doet de kleine ex-speler van SV Huise het niet. Het imago van de geldwolf wordt door zijn omgeving onterecht genoemd. Geld is een middel, geen doel op zich. ­Van­den­haute wil creëren, vernieuwen, stof door de gangen blazen, vanuit de rotsvaste overtuiging dat hij het beter weet. “Zijn grootste drijfveer is een oprechte passie voor sport”, zegt Vandeweghe. “Maar er speelt ook een stuk ijdelheid: Wouter wil meetellen op het hoogste niveau. Dat hij daar geld mee verdient, is eerder een fijne bijkomstigheid. Dat geld laat hem toe om nog hoger te mikken.”

Een tiental jaar geleden probeerde hij de Tour de France te kopen. Hij had ook plannen voor een radicaal nieuwe wedstrijd­kalender met een ­Cham­pions League van topkoersen waarin de beste renners ter wereld tegen elkaar zouden uitkomen, en een business­model dat de ploegen stéúnde, in plaats van dood te knijpen. “Dat was het beste plan voor het internationale wielrennen dat ooit op tafel heeft gelegen”, zegt Vandeweghe. “Helaas liep het stuk op het conservatisme van de Inter­nationale Wieler­unie (UCI) en Tour-organisator ASO.”

De woestijnvos gaf niet af, uiteraard niet. Hij kocht de Ronde van Vlaanderen, richtte Flanders Classics op en bracht daar nog een korf andere kassei­klassiekers in onder. Ook daarmee sloopte hij heilige huisjes. Hij voorzag elke wedstrijd van een eigen smoel, en trok, wrong, en zeurde net zo lang tot ze zíjn geprefereerde plek op de kalender kregen, soms tegen de belangen van andere ­organisaties in.

Zijn stoutste zet was de hertekening van de finale van de Ronde van Vlaanderen, waarin er voortaan in rondjes rond Oudenaarde werd gereden. Dat liet hem toe om op de Oude Kwaremont, Paterberg en Hotond tientallen vip­tenten op te trekken, waar witte hemds­kragen bij champagne en zalmfilet met uitjes konden netwerken, met de belangrijkste eendagskoers van het jaar als decor. Plots was Vandenhaute een volks­vijand die de koers slachtofferde op het altaar van de ­commercie.

“Wouter is een emotionele mens, reken maar dat die kritiek hem geraakt heeft”, zegt Lybaert. “Maar hij laat zich daar nooit door doen. Hij is overtuigd van zijn gelijk.”

“Met de Ronde van Vlaanderen heeft hij ook gelijk gekrégen”, vindt Vandeweghe. “De nieuwe finale slaat aan. En die plaatselijke rondjes komen de verkeersveiligheid ten goede. Vroeger waren er veel meer ‘afstekers’, die als gekken door de ­Vlaam­se Ardennen raceten om de renners zo vaak mogelijk te zien.”

Met de commercie valt het overigens nog wel mee. De Ronde van Vlaanderen is winstgevend, de andere kassei­klassiekers hebben het moeilijker. “Vandenhaute vertrouwde me toe dat hij aan de koers nog geen euro heeft verdiend”, zegt Renaat Landuyt (sp.a), burgemeester van Brugge. “Daarom verwacht ik dat er binnenkort betalende publieks­zones komen. Dat is nu ­eenmaal de economische realiteit. Je kunt dit soort evenementen niet meer overlaten aan folkloristische organisaties. Bovendien slaagt Flanders Classics er zo misschien in om zijn verlieslatende koersen te redden.”

Vandenhaute verhuisde ook de start van de Ronde van Brugge naar Antwerpen, dat heel wat meer betaalde. “Maar Vandenhaute heeft het ­correct gespeeld”, benadrukt Landuyt. “Hij heeft ons niet gebruikt om de prijs op te drijven. En hij had de klasse om het slechte nieuws te verpakken bij een goed etentje.”

Andermans bord leegeten

Wie hem kent, omschrijft Vandenhaute als een extreem competitie­beest: in het zakenleven, maar ook op de fiets. In de winter komt hij tien kilo aan, maar in het voorjaar leeft hij sober, omdat hij wil presteren in het hooggebergte en zijn vrienden eraf wil rijden. “Hij leeft heel intens”, zegt Polspoel. “Hij is thuis in het culinaire milieu en kan zich daar flink in laten gaan, maar na een zware nacht haspelt hij ’s anderendaags wel 150 kilometer af.” Vandenhaute zegt dat hij onderneemt zoals hij fietst: hij eet eerst het bord van de ander leeg voor hij aan zijn eigen bord begint. Maar af en toe laat hij ook een bord vallen. Humo, bijvoorbeeld.

Begin deze eeuw mondden de overname­gesprek­ken met Guy Mortier uit in een hoog­op­lopende ruzie in een Antwerps visrestaurant. Vandenhaute wilde Humo bevolken met een horde Woestijnvissers, onder wie Bruno Wyndaele als hoofdredacteur. Mortier weigerde. Daarop ging Vandenhaute door met zijn eigen weekblad en plukte hij drie Humo-journalisten weg. Maar de club van Mortier zette alle zeilen bij en won het duel. Na acht maanden gooide Bonanza de handdoek in de ring. In de verhelderende terugblik op 20 jaar Woestijnvis die Humo afgelopen zomer publiceerde, verklapten meerdere Woestijnvissers dat “niemand bij ons dat blad wilde”, vanwege de hechte band met Humo én te weinig verstand van bladen maken. “Zijn tv-sterren hebben Wouter toen overtuigd: stoot dat blad af of je bent ons kwijt”, zei Belga Sport-maker Luc Kempen daarover. “Dat was typisch Wouter”, schetst een andere ex-Woestijnvisser. “In al zijn energie loopt hij zichzelf soms voorbij. Als hij iets in zijn hoofd heeft, móét dat gebeuren.”

De berg op

Een ander voorbeeld is de overname van VT4 en VijfTV. In 2010 leken de gouden tijden voor Woestijnvis bij de VRT voorbij. De openbare omroep zat in besparings­modus en na de ­commotie over het riante exclusiviteits­contract jeukten de vingers om Woestijnvis een lesje in nederigheid te leren. Vandenhaute had weinig trek in zo’n krimp­scenario met onvermijdelijke ­ontslagen. Een verkennende snuffelbeurt bij VTM draaide op niets uit. Dus vouwde hij zijn lijstje nog eens open. ‘Een eigen zender, juist ja.’

Voor de aankoop van de SBS-zenders schraapten hij en vennoot Erik Watté de oorlogskas van De Vijver leeg, en gingen ze leningen aan bij vier ­banken, ter waarde van 110 miljoen euro. Het was het grootste risico uit hun carrière.

Liesbeth Wyns, Woestijnvis-pionier van het eerste uur, vroeg zich in Humo af of het wel verstandig was om nog een analoge zender te kopen. “Klassieke tv was over z’n hoogtepunt heen. Ik vond het ook een beetje flauw dat Wouter zich achter economische argumenten verborg, terwijl zijn persoonlijke ambitie ook een factor was. Wouter en Erik benadrukten heel fel dat ze die zenders voor ons gekocht hadden: om óns te ­kunnen laten werken. Ik geloofde daar niet in. Konden we echt niet bij de VRT blijven en het met een beetje minder doen? Zoals in de pioniers­jaren. Ik vond dat het bedrijf zichzelf verloochende.”

Beeld Photo News

Jan Eelen wees ook op verzadiging: “Er was niets moeilijks meer aan Woestijnvis: Wouter moest er gewoon voor zorgen dat wij ons ei konden leggen en onderling geen ruzie maakten. Dat is niets voor Wouter: die wil de berg op. Dat kun je alleen met vallen en opstaan. Het probleem is: als Wouter Vandenhaute valt, sleurt hij veel mensen mee.”

Emotionele chantage

En of Wouter viel. Kijkcijfers en reclame-inkom­sten wogen niet op tegen de enorme budgetten die in VIER werden gepompt om de strijd tegen VRT en VTM te winnen. Het aureool van Woestijnvis vervaagde, en een hele vloot schermgezichten ­verliet – soms met slaande deuren – het pand.

Nog voor de lancering van VIER hadden De ­chinezen dat al aangedurfd. Arnout Hauben, Elke Neuville, Mikhael Cops en Steve Verhaeghe geloofden niet in VIER en wilden bij de VRT liever de opvolger van Man bijt hond maken. Hun afscheid sloeg in als een bom. Vandenhaute deed er alles aan om hun vertrek te verhinderen. Hij beschouw­de het als verraad. “Er is toen niet alleen met ­advocaten gedreigd, hij pleegde ook emotionele chantage”, zegt een ex-Woestijnvisser. “Steve Verhaeghe is onder die druk gezwicht en alsnog op zijn stappen terug­gekeerd.”

Zelf beweert Vandenhaute dat hij geen talent heeft voor rancune, “anders had ik al lang een maagzweer”. Over het vertrek van Anne­mie Struyf en Bart De Pauw zei hij twee jaar geleden in De Standaard: “Ik ben Annemie laatst tegen­gekomen op een afscheids­feestje. We hebben elkaar een kus gegeven en oprecht gevraagd hoe het ging. Bart De Pauw heeft mij bij zijn vertrek ook als mens hard aangepakt. Maar ik zie Bart graag, hij wéét dat. Hij was kwaad en ontgoocheld, en heeft dat geuit. Mensen zeggen soms: reageer toch, hij spuugt in de soep waar hij zo lang van gedronken heeft. Maar ik zeg en public nooit iets over onze creatieven.”

“Je mag Wouter een stamp tegen zijn kloten geven, zonder dat dat zware gevolgen heeft”, zegt Vandeweghe. “Hij zal daarover zagen, maar hij zal je ook elke keer een hand geven. Dat is de spirit van de sportman: de slechte kilometers wegen niet op tegen de vele goede die je samen hebt afgelegd.”

Na de tegenvallende start van VIER kreeg De Vijver het steeds moeilijker. Voor het eerst in ­vijftien jaar moest er worden gehakt. Producer Lies­beth Wyns, al jaren hét klankbord van Vanden­haute, was een van de eersten die mocht vertrek­ken. Wyns wil niet reageren, maar ­verklaarde eerder dat ze enkel drogredenen te horen kreeg. Veel ex-Woestijnvissers zeggen dat dat ­ontslag slecht viel. “Het deed de sfeer omslaan. Het gevoel van de vrolijke vriendenclub lag aan ­diggelen. De Vijver was een echt bedrijf geworden, waarin ieders kop kon rollen.

“Liesbeth was zijn vertrouwelinge. Ze ging mee op reis, gaf zijn drinkbussen aan bij het fietsen. Wel­licht was ze te duur geworden, maar de manier waarop ze is afgedankt, getuigt van weinig empathie. Wouter is zelfs niet naar haar afscheids­feest gekomen. Daar heeft hij getoond dat hij bereid is om over lijken te gaan. Zoals een echte ondernemer.”

Dumpen

Zowel bij Flanders Classics als VIER trok Van­den­haute managers aan, onder andere van Ernst & Young en KBC, om hen na enkele maanden weer te dumpen. Niemand van hen blikt graag terug, maar ‘een verschil in visie’ wordt vaak aangehaald. “Wouter heeft het moeilijk om de controle los te laten”, zegt een van de vertrekkers. “Als je zijn visie niet volledig deelt, vlieg je eruit.”

Voordien stond Vandenhaute vooral bekend als een veel­eisende baas die zijn mensen pushte, maar ook zijn groot hart kon tonen. Luc Haekens werkte ooit tegelijk aan Man bijt hond en Napels zien. ­Gek­ken­werk. Na een tijd zat hij kapot en smeekte hij Vandenhaute of hij een van beide programma’s mocht laten schieten. Dat was géén optie. Tot Haekens crashte en Vandenhaute hem huilend aantrof. “Jij hebt dringend vakantie nodig”, concludeerde de Woestijnvis-baas, waarop hij hem een strandvakantie samen met zijn vrouw cadeau deed.

Wim Lybaert bevestigt ook dat Vandenhaute verscheidene werknemers met één pennentrek van hun schulden verloste. “Toen ik zelf een ­persoonlijke crisis doormaakte en hem op een zondag­avond belde, nam hij me de dag nadien meteen uit eten. Vier uur aan een stuk hebben we gepraat. Dat is óók Wouter.”

Welkom Telenet

Begin 2015 hikte De Vijver tegen het faillissement aan. De Amerikaanse versie van The Loft, die de meubelen moest redden, maakte de put nog dieper. Toch wist Vandenhaute zijn bedrijf nog te redden door Telenet aan boord te hijsen. Nadien nam hij ontslag als CEO en werd hij voorzitter van de raad van bestuur.

Sommige insiders vermoeden dat Vandenhaute het gehad heeft met tv en zich helemaal op de sport wil gooien. In De Tijd lekte al uit dat hij en Watté hun aandelen in De Vijver willen verkopen. “Zijn zender­project is niet echt gelukt”, zegt een ex-Woestijn­visser. “Telenet trekt nu aan de touwtjes. In tv-land valt er voor hem nog weinig te winnen. Hij heeft een nieuwe uitdaging nodig.

Een andere bron uit zijn dichte omgeving spreekt dat tegen. “Wouter beschouwt VIER niet als een mislukking. Hij heeft het duopolie van VTM en VRT doorbroken. Het verschil tussen VIER vandaag en het vroegere VT4 is enorm. De nieuwe zender is veel relevanter, en daar heeft hij behoorlijk veel schik in.

“Hoewel hij enkele keren flink op zijn tanden heeft gehad, blijft zijn balans indrukwekkend. Die mens is met niks begonnen, en is vandaag een van de rijkste mensen van België. Niet slecht, hè?”

Wouter Vandenhaute wenste niet te reageren op onze vragen. Hij houdt zich aan een zelfopgelegde, strikte interviewstop.   

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234