Dinsdag 03/08/2021

‘Wouter, ge hebt u laten rollen’

augustus 2010, ’s avonds. Na een thriller van een voetbalmatch laten verschillende Anderlechtspelers zich in tranen op de grasmat vallen: 2-2 gelijk tegen Partizan Belgrado. Weg Europese droom. Wouter Beke laat er geen traan om. De 36-jarige interim-voorzitter van CD&V bevindt zich uitzonderlijk in het Constant Vanden Stockstadion, maar hij is allesbehalve een voetbalsupporter. Bovendien zitten zijn gedachten toch al elders. Eerder die avond is hij er immers in geslaagd om samen met de andere onderhandelaars een eerste echte doorbraak te bereiken. Twaalf principes werden er afgesproken over de herziening van de financieringswet. Twaalf principes waarin iedereen zich kon vinden, van responsabilisering tot solidariteit tussen de entiteiten van de federale staat. Er werd gelachen. Er was algemene tevredenheid. De voorzitters gingen uiteen, alleen cdH-leidster Joëlle Milquet spoedde zich nog naar de vergadering van de werkgroep-Brussel. Ze zou zich daar wel druk maken, zo werd algemeen verwacht, maar ach, nu ook weer niet drukker dan anders.

Na de match Anderlecht-Belgrado rinkelt Bekes gsm. Steven Vanackere met slecht nieuws. De vicepremier, die samen met Vlaams Parlementslid Eric Van Rompuy de vergadering over Brussel bijwoonde, brengt zijn voorzitter op de hoogte van de zware clash tussen Joëlle Milquet en N-VA’er Ben Weyts. Milquet heeft de vergadering, samen met de andere Franstaligen, met slaande deuren verlaten. “Dit is ondraaglijk. Ik tolereer dit niet langer”, riep ze uit bij het buitengaan. Beke beseft meteen hoe laat het is.

’s Anderendaags zal in La Libre Belgique het fatale zinnetje “c’est reporté” verschijnen. Versta: het nog prille en zo bejubelde akkoord dient eigenlijk enkel om echte hervormingen uit te stellen. Een off the record-quote, door alle betrokkenen toegewezen aan cdH.

Diezelfde woensdag 25 augustus komen de zeven partijen nog even bijeen, maar van de oorspronkelijke euforie over het principeakkoord is geen spoor meer terug te vinden. Preformateur Elio Di Rupo zucht diep: “Ik marcheer tussen twee ravijnen op een weggetje van amper 10 centimeter.” “Dat is alleszins gemakkelijker voor u dan voor mij, Elio”, grapt De Wever nog. Er wordt niet gelachen.

Na de plenaire vergadering begeeft Beke zich naar het hoofdkwartier van de CD&V, waar de rest van de ‘G4’ wacht op nieuws van de voorzitter. Premier Yves Leterme, Vlaams minister-president Kris Peeters en federaal vicepremier Steven Vanackere zitten klaar. Beke licht omstandig het akkoord toe, maar ziet de gezichten betrekken. Ze vinden dat hij een inschattingsfout gemaakt heeft, dat de principes weinig voorstellen, onderling tegenstrijdig zijn en geen garantie beiden op een grondige hervorming van de financieringswet.

Peeters neemt geen blad voor de mond, en ook Leterme kan zich niet vinden in het principeakkoord: “Wouter, ge hebt u laten rollen.” Beke pruttelt tegen. “Ja maar, Bart De Wever ging er ook mee akkoord”, antwoordt hij.

De G4 hamert erop dat Beke nu vooral moet zorgen dat er genoeg ‘beton’ wordt gegoten onder die principes. Die taak ligt in handen van CD&V-expert Wim Coumans, die al vaker aan de onderhandelingstafel aanschoof en nu de partij moet vertegenwoordigen in de high level-groep. Ver zal die groep niet komen. Eind augustus zakt de preformatie als een pudding in elkaar.

Cadeautje van Leterme

Wouter Beke heeft het, niet voor het eerst en ook niet voor het laatst, moeilijk om intern zijn gezag te vestigen sinds hij Marianne Thyssen als CD&V-voorzitter heeft vervangen. Het ontslag van Thyssen komt, ondanks de zware nederlaag, uiteindelijk toch nog onverwacht snel. Op zondag 13 juni verzamelt CD&V in het hoofdkwartier om de binnensijpelende uitslagen te volgen. Hoe meer resultaten er op het scherm verschijnen, hoe bedrukter de kopstukken eruitzien. Thyssen vindt dat uitgerekend zij het hoofd nu niet mag laten hangen. “Mannekes, ik heb mijn roze vestje bij, we gaan voor de camera’s niet als een geslagen hond verschijnen!”

De volgende dag komt de klap. De roep om een verantwoordelijke voor het verlies is niet van de lucht. Kris Peeters krijgt het stille verwijt dat hij zich niet wilde engageren in de riskante strijd, maar ook Yves Leterme komt onder vuur te liggen. Thyssen blijft hem loyaal verdedigen: “Yves heeft zware inspanningen gedaan. Vergeet niet wat hij in het verleden voor ons betekend heeft.” En Thyssen zelf? Niemand die haar autoriteit in vraag stelt, maar in haar hoofd groeit het idee om haar voorzitterschap niet te lang meer te rekken. Ze vindt dat ze niet kan aanblijven na de nederlaag, maar is ook persoonlijk ‘op’. Thyssen heeft al te dikwijls moeten schipperen tussen premier Yves Leterme en minister-president Kris Peeters, ten koste van het partijbelang.

Ze laat die gedachte doorschemeren aan woordvoerders en getrouwen Luk Vanmaercke en Peter Poulussen. Ook trekt ze naar Jean-Luc Dehaene, al lang een goede vriend en collega in Europa, om raad te vragen. “Wat wilt ge me zeggen?”, vraagt Dehaene op zijn directe manier. Thyssen: “Op termijn blijf ik dit niet doen.” De oud-premier uit Vilvoorde knikt. “Niemand kan u dat kwalijk nemen, Marianne. Ik zal u steunen, wat ge ook doet.”

Op dat moment denkt Thyssen nog aan “het einde van de zomer”. Ze is bereid om een paar weken of maanden te onderhandelen voor CD&V, al sluimert het besef dat ze dan ook tot het bittere eind moet aanblijven. In het weekend van 19 en 20 juni komen de zaken in een stroomversnelling. De CD&V-voorzitster gaat fietsen met haar echtgenoot, en hakt de knoop door.

Om 100 procent zeker te zijn dat ze de juiste beslissing neemt, besluit ze de volgende dag om er nog met een goede vriend, een niet-politicus, over te spreken. Vanaf dan loopt de communicatie evenwel mank. ’s Avonds staat er een Algemene Vergadering van de partij op het programma, maar Thyssen beslist om die één dag uit te stellen. Fout, want de pers slaat aan het speculeren en dinsdagochtend moet Luk Vanmaercke hemel en aarde bewegen om de journalisten af te houden. Het wordt naar eigen zeggen “de enige dag in zijn carrière dat hij gedwongen is te liegen tegen de pers”.

Behalve een kleine kring van medewerkers licht Thyssen nu ook de twee regeringsleiders in, Leterme en Peeters. “Ik zie dat ik u niet meer op andere gedachten kan brengen”, concludeert Leterme meteen na haar mededeling. Peeters probeert dat wel, tot drie keer toe, maar Thyssen zwicht niet. Ze wil het nieuws wel graag zelf de wereld in sturen. Helaas, iemand is haar voor.

Eenmaal terug in haar bureau stelt ze tot haar ontzetting vast dat het nieuws al op een website staat. “Marianne Thyssen neemt ontslag omdat ze er mentaal en fysiek helemaal onderdoor zit”, leest ze. Boosheid maakt zich van haar meester, de verdenking gaat uit naar Leterme, die zich wel vaker niet kan bedwingen als er nieuws te melden valt. Het is een bitter afscheidscadeau, maar Thyssen staat kranig de massaal opgekomen pers te woord en lanceert in één beweging Wouter Beke als interim-voorzitter. “Er mag geen gat vallen. Wouter kan het, doet het graag en verdient het”, verantwoordt ze haar keuze binnen de G4.

Bij de Italiaan

Het eerste wat Beke doet in zijn nieuwe functie, is het politieke bestuur samenroepen. Op donderdag 24 juni organiseert hij met een aantal kabinetschefs zijn backoffice en belt hij De Wever. Een dag later krijgt hij telefoon. PS-voorzitter Elio Di Rupo nodigt hem uit voor een etentje.

Het wordt een lunch bij een Italiaan in Brussel-centrum. Na de kennismaking neemt Di Rupo als eerste het woord. Hij geeft aan hoe hij de zaken ziet, en benadrukt dat hij zeker een akkoord wil sluiten. Maar niet ten koste van alles. “Ik moet u zeggen Wouter, dat er een stroming is in Wallonië - én in mijn partij - die ervan overtuigd is dat het nooit genoeg zal zijn voor de Vlamingen. Nooit genoeg. Dat is ons in 2007 duidelijk geworden, en wordt door de verkiezingsuitslag bevestigd.” De term ‘plan B’ valt, Beke trekt behoorlijk grote ogen. Di Rupo haast zich om zijn discours te nuanceren.

“Het is hoe dan ook mijn bedoeling om voor een grote staatshervorming te gaan, zoals we die in het verleden met onze partijen al meermaals gerealiseerd hebben.” De PS-voorzitter zet uitvoerig de verdiensten van de rooms-rode regeringen in de verf. Met Dehaene aan het roer, aldus Di Rupo, was het mogelijk te saneren én te hervormen.

De PS-voorzitter laat blijken dat hij goed op de hoogte is van de inhoud van de Octopusnota, die hij al laten analyseren heeft. Er wordt gesproken over assen, Di Rupo stuurt aan op het aanhalen van de banden tussen CD&V en cdH, net zoals hij ook de banden met de Vlaamse socialisten aanhaalt. Beke is niet van plan zich te laten doen.

“Elio, ik heb u goed begrepen, maar mijn as zal met de N-VA zijn”, besluit de CD&V-voorzitter.

“Dan sluit ik een bondgenootschap met de cdH”, antwoordt Di Rupo prompt.

Maar eerst moet Di Rupo met Bart De Wever rond de tafel gaan zitten. Dat gebeurt tijdens het weekend van 3 en 4 juli in Vollezele. Maandag wordt Beke op de hoogte gebracht door de twee kingmakers. “Er is gesproken over ‘vazen’ (later de hors leviers genoemd) en over een propere oplossing voor de splitsing van B-H-V”, lichten De Wever en Di Rupo hun CD&V-collega in. “Het gaat om de kinderbijslag, eventueel justitie, en ook op fiscaal vlak moet er iets te regelen zijn.” De Wever vraagt Beke uitdrukkelijk om input vanuit zijn partij, ook Di Rupo geeft aan dat CD&V “broodnodig is om akkoorden te kunnen sluiten.”

Het valt Beke op dat er geen woord gevallen is over een overheveling van grote delen van de gezondheidszorg, een van de speerpunten van de partij. Beke is niet van plan om het erbij te laten.

Op 13 juli verzamelt de G4 van CD&V samen met een topdelegatie van de PS (behalve Elio Di Rupo ook Laurette Onkelinx, André Flahaut, Philippe Moureaux en Anne Poutrain) op het PS-hoofdkwartier aan de Keizerslaan. Kris Peeters torst een hoop bagage met zich mee: na de verkiezingen heeft hij zijn werkgroepen rond fiscale autonomie, gezondheidszorg en arbeidsmarktbeleid weer opgestart. Maar al gauw ontspint zich een discussie over ‘plan B’. Voor Beke is het gesprek een déjà-vu.

“L’approche des francophones c’est la région”, geeft Moureaux aan. “Je hebt Brussel en Wallonië. In Brussel zijn er Franstaligen en allochtonen. De band tussen de twee gewesten is heel hecht.” Vooral Brusselaar Steven Vanackere schrikt. “We waren verbaasd over de naturel waarmee de Franstaligen spraken over het einde van het land. De separatistische tendens was sterker bij de PS dan bij ons”, aldus een CD&V’er achteraf.

Wat Beke gedurende de maand juli meer en meer begint te storen, is de houding van N-VA. Terwijl de CD&V’ers het vuile werk opknapten en een hele batterij voorstellen uitschreven, gaat N-VA met de pluimen lopen in de media. Beke zelf wordt afgeschilderd als een ‘meeloper’ van De Wever.

Hij beseft dat er al een tijdje druk gepraat wordt over welke bevoegdheden overgeheveld moeten worden, maar een hervorming van de financieringswet komt daarbij niet ter sprake. Beke spreekt de N-VA-voorzitter aan, maar die laat verstaan dat hij een “afspraak” heeft met Di Rupo om het daarover niet te hebben. Beke dringt aan. “Waarom?”, vraagt De Wever laconiek. “Als de PS ‘den Belgique’ failliet wil laten gaan, wie ben ik dan om hen tegen te houden?”

“Bart, België zal niet failliet gaan. Als het mechanisme van de financieringswet niet wordt aangepast en de deelstaten dus niet kunnen beslissen over eigen inkomsten, zullen de belastingen verhogen. Niet het land, maar de Vlaamse gezinnen en bedrijven worden daar het slachtoffer van.”

Na de semaine familiale legt Beke de financieringswet op de onderhandelingstafel, tijdens het eten van ossobuco met een rode, licht gekoelde Sancerre. Pas op 16 augustus - tijdens de bewuste vergadering waarin De Wever onwel wordt afgevoerd (zie hiernaast) - sluit de N-VA-voorzitter zich openlijk aan bij Bekes eis tot hervorming.

Opvallend: Joëlle Milquet protesteert niet. Zij heeft ’s ochtends een bezoek gebracht aan Beke om eens van vrouw tot man te praten. “Wouter, wat wíl Bart De Wever nu eigenlijk nog?”, vraagt ze hem.

“Dat weet ik niet”, antwoordt de CD&V-voorzitter droog. “Maar ik weet wel wat ík wil: doorgaan op de hervorming van de financieringswet.”

“Kan je De Wever overtuigen dat we het dan daarover gaan hebben?”

“Oké, ik zal contact opnemen met hem.” Later zal Milquet evenwel ontkennen dat ze het over de financieringswet hebben gehad.

Na enkele moeilijke dagen slagen de onderhandelaars er uiteindelijk toch in om het op 24 augustus eens te raken over de befaamde twaalf principes. Maar lang duurt de euforie dus niet. Beke neemt Elio Di Rupo apart: hij vreest dat als de zaak nu wordt opgeblazen, het dan héél moeilijk wordt om de zeven terug aan tafel te brengen.

“Elio”, dringt Beke aan, “Gij en Bart moeten een aantal zaken onder uw tweeën afkloppen als ge erdoor wilt geraken.” Maar de PS-voorzitter hapt niet. Hij is ervan overtuigd dat De Wever de liberalen erbij wil, en weigert een bilateraal contact. Bekes pendelwerk blijkt een maat voor niets.

Op zaterdag 28 augustus is Di Rupo het beu. Hij stelt de zeven partijen voor de keuze: gaan ze akkoord met zijn compromisvoorstel of niet? Vijf partijen stemmen voor, N-VA en CD&V stemmen tegen. Toch hopen de Franstaligen om de christendemocraten nog van koers te doen veranderen, zodat het zes tegen één wordt.

De druk op CD&V om de N-VA te laten vallen wordt opgevoerd. Joëlle Milquet is de enige die Beke er rechtstreeks over aanspreekt, maar de G4 is ervan overtuigd dat er “verschillende krachten” bezig zijn om een regering te vormen zonder de N-VA, “zelfs binnen onze eigen partij”. Daarom stemt de top voortdurend de violen, met Peeters als grote dirigent.

‘Ieder zijn stijl’

Dat laatste heeft de preformateur goed begrepen. Woensdag 1 september trekt Elio Di Rupo rechtstreeks naar het Martelarenplein. In de hoop in Vlaams minister-president Kris Peeters een ‘soepelere’ gesprekspartner te vinden, omzeilt de PS-voorzitter Wouter Beke. Het is Peeters die zijn voorzitter op voorhand inlicht.

“Wouter, maak u geen zorgen, als Di Rupo onze lijn wil breken zal hij bot vangen”, belooft Peeters. De N-VA lossen is voor de Vlaamse minister-president nog minder een optie dan voor Beke. Met zoveel woorden zegt Di Rupo het niet, maar hij peilt wel “de draagkracht van bepaalde standpunten van Wouter”. En vangt, zoals Peeters beloofd had, bot. Meer nog: de minister-president stelt ze nog wat scherper. “Ieder zijn stijl”, lacht hij achteraf tegenover partijgenoten.

Twee dagen later geeft de preformateur zijn opdracht terug aan de koning, nadat Beke in een persoonlijk onderhoud met Di Rupo nog een ultieme verzoeningspoging heeft gewaagd. Di Rupo herhaalt wat hij enkele dagen tevoren al zei: “Wouter, ik ben er zeker van: Bart wil geen akkoord. Hij wil de liberalen. Mais c’est sans moi!”. Op de vergadering met de zeven voorzitters daarna op vrijdag 3 september - die de laatste zal zijn tot op de dag van vandaag - rondt de PS-voorzitter af. “Dat was het dan collega’s, ik stop”, kondigt hij met enige pathos aan. “Ik ben blij u beter te hebben leren kennen.” De Wever reageert nog: “Je suis désolé.”

Beke zit erbij en kijkt ernaar. De grote jongens waren nauwelijks geïnteresseerd in zijn verzoeningspogingen. Hij voelt zich “een onnozelaar”, zeker wanneer hij achteraf verneemt dat Anne Poutrain al tijdens de vergadering gefotografeerd werd met de afscheidsspeech van Di Rupo in handen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234