Zaterdag 15/08/2020

Worldskills 2003: een uitputtingsslag voor beitel, truweel en slagroomspuit

'Dat ambachtelijke werk, zalig, je kunt er uren naar kijken.' Op het beroepswereldkampioenschap Worldskills 2003 in het Zwitserse Sankt Gallen komen 665 jonge vaklui uit 36 landen in een veertigtal ambachten tegen elkaar uit. Vijftien Belgen verdedigen de nationale driekleur.

SANKT GALLEN

Van onze medewerker

Mattias Creffier

Onder het oog van 180.000 toeschouwers meten de jongelui zich in een vierdaagse uitputtingslag in stielen gaande van het oeroude steenkappen over industrieel laswerk tot het meer artistieke haarkappen of een recent metier als webdesign. In alle competities is de toegemeten tijd krap en de beoordeling ongemeen streng. Winnaar wordt hij of zij die het hoofd koel houdt en de handjes laat wapperen. Een minimale uitschuiver met beitel of borstel leidt tot fataal puntenverlies. De handigsten aller Harry's worden vandaag bekendgemaakt.

België begon in 1999 na meer dan twintig jaar afwezigheid opnieuw mee te doen aan de Worldskills-competitie. Anno 2003 verdedigen een lasser, twee elektromechanici, twee draaiers-frezers, een patissier, een metser, een steenhouwer, een controletechnicus, een netwerkbeheerder, een grafica, een carrossier, een schrijnwerker, een schilder en een timmerman de nationale eer. Elke kandidaat is vergezeld van een jurylid voor dezelfde discipline. Die 'expert' treedt zo nodig op als vertaler maar dient verder elk contact met de kandidaat te vermijden. Niet alleen het eindresultaat telt, ook het respect voor veiligheid en hygiëne tijdens de werkzaamheden.

We beginnen onze rondgang in het laspaviljoen, waar Ward Hendrickx onder het helse gehuil van slijpschijven de reputatie van generaties Belgische scheepsbouwers hooghoudt tegenover concurrenten uit Korea, Japan en de Verenigde Staten. "We hebben het voordeel dat de kandidaat net onder de leeftijdsgrens van 22 jaar zit en al twee jaar heeft gewerkt", legt Marcel Claessens, Hendrickx' voormalige leraar uit het Provinciaal Instituut voor Technisch Onderwijs uit Stabroek, uit. "De Koreanen worden natuurlijk gedurende twee jaar klaargestoomd voor deze wedstrijd." Op de eerste competitiedag staan enkele basistechnieken op het programma. De juryleden beschikken onder meer over röntgenapparatuur om de zuiverheid van de lasnaden te controleren. Tegen het einde van de competitie maakt elke deelnemer een drukvat dat wordt getest met een drukproef van 80 bar. De beoordeling van het lassen gebeurt erg exact in vergelijking met andere disciplines. Omdat het laswerk in afgesloten cabines gebeurt, valt het spektakel wat tegen.

Metselen heeft meer potentieel als toeschouwerssport. Het werk is overzichtelijk en iedereen kan zijn mening kwijt over het al dan niet waterpas staan van een muurtje of de kwaliteit van het voegwerk. De jongste kandidaat van de Belgische delegatie, de achttienjarige Jan Teirlinck uit het VTI van Brugge, lijkt op kop te liggen met de opdracht van dag 1: een muurtje uit verschillende steensoorten met vensteropening. Achter hem prijkt niet alleen de nationale driekleur, maar ook de vlag van Brugge. "Technisch kan hij het zeker aan", zo luidt het commentaar van expert Richard Claus, zelf winnaar van een zilveren en een bronzen plak op de WK's van 1960 en 1962. "Het grootste probleem is de stress en de tijdsdruk. Daar kan het gebrek aan beroepservaring hem misschien parten spelen. Claus verbaast zich over de culturele rijkdom aan metseltechnieken en -gereedschap onder de deelnemers. "Het Koreaanse truweel zouden we op het eerste zicht niet herkennen, dat is een onregelmatige vierhoek met een vreemdsoortig handvat. De kandidaat van Saoedi-Arabië lijkt dan weer vooral met zijn handen te werken, je moet het eens gaan bekijken." Het Arabische bouwsel vertoont een markante scheefstand en evolueert in de loop van de dag tot een ware publiekstrekker.

Bij het schilderen hoopt België de wereld te kunnen verbazen met een in Waregem ontwikkelde spatel- en schraaptechniek die zich bijzonder goed leent voor een weergave van het Atomium met optisch diepte-effect. "Dat gaat hier zeker aanslaan", zo verzekert expert Arsène Wendelen. De man van de VDAB in Diest toont ons het papier waarmee kandidaat Jorn Van Den Eynde straks een deuropening moet beplakken: een ware nachtmerrie voor de behanger met fragiele zilverschilfertjes en parelmoer waarop elk spatje te zien is. De foutentolerantie bedraagt 1 millimeter op een hoogte van 202 centimeter.

Zo zitten er in elke proef een paar instinkers. De timmerkandidaat uit Duitstalig België, Stephan Schwall, heeft zich op de eerste dag duchtig verkeken op een plan dat bij nader inzien niet zo simpel is. "Ik heb hem gezegd, stop en denkt eerst na", zucht expert François Poulain, twee jaar geleden zelf nog deelnemer. Bij het steenkappen krijgen de kandidaten een blok 'Muschelkalk' voorgeschoteld, een verraderlijk afzettingsgesteente met harde en zachte laagjes. Omdat de steensoort vooral in Zwitserland voorkomt, is de thuiskandidaat aanzienlijk bevoordeeld. "Ik heb bij iedereen eens rondgevraagd, en niemand werkt graag in die steen", vertelt Dieter Obrie, de steenkapper uit Brugge. "Het is een beetje alsof ze bij ons alle kandidaten in een blauwe steen uit Henegouwen zouden laten werken."

Na de middagpauze beginnen de eerste meldingen van succes en tegenslag binnen te sijpelen. De twee elektromechanici hebben het maximum van de punten behaald, patissier Charles-Henri De Leeuw heeft de oven iets te vroeg geopend waardoor het biscuitdeeg ineengezakt is, een bericht dat later weer wordt ontkend. De onverwachte hitte - Zwitserland maakt de heetste junimaand mee sinds het begin van de metingen - zorgt voor problemen bij het maken van chocolade en suikerglazuur. Grafisch ontwerpster Julie Duculot heeft stevig de pest in vanwege de Engelstalige software en het Zwitsers-Duitse querty-klavier op haar computer. De opdracht, het ontwerp van een etiket voor een sportdrank voor +35-jarigen, raakt uiteindelijk toch grotendeels klaar. De Belgische kandidaten lijken psychologisch goed voorbereid op tegenslagen en hebben zich volledig ingeleefd in de rol van underdog, zoals wel vaker het geval is op internationale toernooien. De verwachtingen variëren van "niet als laatste eindigen" tot "voor de Nederlander eindigen". Enkel de expert computergestuurd frezen, Paul Van Praat, lijkt niet erg bekoord door de olympische gedachte en vindt "winnen belangrijker dan deelnemen".

Teambegeleidster Anne Beckers bekommert zich in opdracht van het Franstalige ministerie van Onderwijs om het fysieke en geestelijke welzijn van de Belgische ploeg. Beckers zweert bij stressreductie en teambuilding, zodat de kandidaten steun vinden bij elkaar. Daarbij komen oefeningen in 'sofrologie', een concentratietechniek die moet leiden tot innerlijke rust, harmonie en zelfvertrouwen. De zachte aanpak van Beckers staat in schril contrast met de driltechnieken van de Franse ploeg. Wanneer de Belgen om zes uur 's ochtends nog in bed liggen, komen les bleus al terug van de ochtendloop door de heuvels rond de kazerne waar verschillende teams verblijven. Alcohol is voor de Fransen uit den boze. De Belgische deelnemers lijken het soepelere regime te appreciëren. Schilder Jorn beschouwt zich allerminst als topsporter en hoeft niet elke dag om tien uur in bed. "We gaan niet slapen voor we de bar hebben gezien", beaamt steenhouwer Dieter. De Marokkaanse ploeg zoekt dan weer sterkte in godsdienstoefeningen. Over het kazerneplein waaien gezongen verzen uit de koran.

Vandaag zal blijken of de Belgische aanpak een medaille oplevert. Bij de twee vorige edities, Montréal 1999 en Seoel 2001, moesten de Belgen zonder eremetaal naar huis. Deborah Danblon, de communicatieverantwoordelijk van het Belgische Comité voor de Wedstrijd van Ambachten (Becowam), heeft er alvast niet te veel hoop op. "Een medaille zou natuurlijk een welkome bron van publiciteit zijn", zegt technisch delegatieleider Jean-Marie Méan. "We zouden ook graag op het koninklijke paleis worden ontvangen, maar dat verzoek is afgewezen." Méan betreurt dat de Belgische Worldskills-afdeling geen geld ontvangt van de Vlaamse Gemeenschap: "We hebben nog niemand gevonden om de bevoegde Vlaamse minister, Renaat Landuyt (SP.A), te overtuigen van het belang van deze wedstrijd." Becowam krijgt wel steun van de VDAB en van het Brussels en het Waals Gewest. "Pas wanneer we ons niet meer om geld moeten bekommeren, kunnen we tijd en energie investeren in een betere voorbereiding voor de jongeren", zegt Méan. "Nu moesten we bij de bank gaan lenen om hun verblijf te betalen." Te weinig Belgische jongeren kiezen volgens Méan bewust voor het beroepsonderwijs. Bij de huidige generatie ontbreekt het respect voor de leraars, die gedemotiveerd raken. Lasleraar Claessens stelt voor om bij de editie van 2005 in Helsinki enkele leraars het wereldkampioenschap te laten bijwonen: "Ik kan me geen betere manier voorstellen om mijn collega's opnieuw wat enthousiasme en vreugde voor het vak bij te brengen."

180.000 toeschouwers zien hoe jonge stielmannen en -vrouwen zich vier dagen lang meten in veertig disciplines, van het oeroude steenkappen over industrieel laswerk tot het meer artistieke haarkappen of een recent metier als webdesign

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234