Zondag 29/03/2020

Woensdag werd het oude Wallonië begraven

Beeld UNKNOWN

Als formateur Di Rupo binnenkort de sociale zekerheid op de snijtafel van de regeringsonderhandelingen legt zou 'de marge' wel eens heel klein kunnen zijn. Pascal Verbeken over de symbolische, en politieke betekenis van de sluiting bij het Luikse ArcelorMittal. Journalist Pascal Verbeken is schrijver van het boek en maker van de tv-reeks Arm Wallonië.

Een paar jaar geleden sprak ik de Arcelor-arbeider die in 2005 op de knop drukte waardoor de hoogoven van Seraing (Haut Fournaut 6) werd stilgelegd. Hij was aangeduid om het vonnis te voltrekken na lottrekking. Geen enkele collega was bereid gevonden om het vuur te doven. "Toen het lot op mij viel, stortte ik in", zei hij. "On ne tue pas sa famille et sa région."

Na een tijdelijke heropstart van de hoogoven in 2008, doekt ArcelorMittal (née Cockerill) nu de hele warme lijn in het Luikse industriebekken op. Definitief. Ongeveer duizend arbeiders worden werkloos, drie- à vierduizend gezinsleden delen mee in de ellende. Voor de wegkwijnende wijken rond de Arcelor-fabrieken - met werkloosheidscijfers van 35 à 40 procent - betekent het de nekslag.
"On ne tue pas sa famille et sa région..."

Nog groter dan het sociale massacre is het symbolische gewicht van de sluiting. Na een lange doodsstrijd is eergisteren het oude Wallonië gestorven. De staalfabrieken en hoogovens van Cockerill belichaamden als geen andere de triomf van een regio die eind negentiende eeuw de derde industriële macht ter wereld was, na Amerika en Engeland. De Waalse staalfabrieken waren vermaard om hun innovatieve machineproducten. China, India en Rusland werden ontsloten met Waalse locomotieven en spoorwegrails. De Henegouwse Edouard Empain bouwde de Parijse metro en legde overal ter wereld tramlijnen aan. Altijd was de basis: witheet, vloeibaar staal. Ook in de glasnijverheid (Glaverbel) en de chemie (Solvay) waren Waalse bedrijven wereldspelers.

In de gloriejaren werkten er bij de Cockerill-fabrieken 40.000 arbeiders, waaronder duizenden Limburgers. Op de werkvloer liepen tientallen nationaliteiten rond. De fabrieken waren een kosmopolitische microkosmos waaruit een typisch Waalse, travaillistische cultuur ontstond. Die was niet georiënteerd op de kerktoren, zoals in Vlaanderen, maar op het Maison du Peuple, waar de Parti Socialiste over het heil van de arbeider waakte. Vandaag ondergaan de volkshuizen hetzelfde lot als de fabrieken: een na een gaan ze dicht.

De gloriejaren van de Waalse staalindustrie hadden ook een gitzwarte achterkant. Nergens in Europa werden arbeiders meedogenlozer uitgebuit, nergens waren ze minder beschermd. Uit die uitwas is het Waalse strijdsyndicalisme geboren dat na de Tweede Wereldoorlog bijna bij machte was om een revolutie te ontketenen en het Belgische regime te laten springen. Groot is het contrast met het beeld van de kleumende vakbondsmilitanten bij een uitdovend protestvuurtje, eergisteren voor de hoofdzetel van ArcelorMittal in Seraing. De vertegenwoordigers van de staalvakbonden kon je tot de overkant van de Maas horen roepen, maar alleen uit onmacht.

En toch leeft de erfenis van dat verdwijnende Wallonië verder. Het lijkt me onwaarschijnlijk dat de Cockerill-catastrofe geen enkel effect zou hebben op de regeringsonderhandelingen. Elio Di Rupo en Paul Magnette zijn geen karikaturen van buikige, bierdrinkende volkssocialisten die zelf hun sigaretten rollen, maar ze blijven emotioneel diep verbonden met de arbeiderswereld. Het is simpelweg de wereld waarin ze opgegroeid zijn, de wereld waarin hun ouders altijd gewerkt hebben: vader Di Rupo als mijnwerker, vader Magnette als arts in de arbeidersbuurten van Charleroi.

En Laurette Onkelinx mag dan naar Schaarbeek verbannen zijn, ze blijft een meisje van Ougrée, Seraing dat op het speelplein van de kleuterschool al de rook van Cockerill inademde. Vader Gaston Onkelinx heeft vierentwintig jaar in de Cockerill-fabrieken gewerkt en moet nog elke keer zijn woede verbijten wanneer hij langs de gesloten Ateliers Centraux rijdt. Als burgemeester van Seraing woonde hij tientallen begrafenissen bij van Cockerill-arbeiders die hun trouw aan het bedrijf hadden bekocht met een dodelijke arbeidsziekte. Ook zijn broer is eraan kapot gegaan. Verbrande longen. Laurette is die verhalen niet vergeten.

Ook het tijdstip waarop de hoogovens gesloten worden, is bepaald revolterend voor stamboomsocialisten. Het item over Cockerill zat gisteren helemaal vooraan het journal télévisé van de RTBF. De drie volgende items gingen over het casinokapitalisme dat als een windhoos door de financiële markten trekt, economieën vernielt en miljoenen EU-burgers verarmt.

Als formateur Di Rupo binnenkort de sociale zekerheid op de snijtafel legt, zou 'de marge' wel eens heel klein kunnen zijn.
"On ne tue pas sa famille et sa région..."

 Je kon de leden van de staalvakbonden tot de overkant van de Maas horen roepen, maar dan uit onmacht  
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234