Zaterdag 27/11/2021
De sfeer zat er zondag alvast goed in.

AchtergrondWK wielrennen

WK wielrennen kost Vlaamse en lokale overheden handenvol geld: is het dat waard?

De sfeer zat er zondag alvast goed in.Beeld Photo News / Filip Lanszweert

Goed weer, veel volk aan de kant van de weg en een spannende strijd om de medailles: de opening van het WK wielrennen was zondag een schot in de roos. Een opluchting voor de Vlaamse overheid, de organiserende gemeenten en de provincie Vlaams-Brabant, die samen 16,3 miljoen euro investeerden. Ze rekenen op een economische return van 30 miljoen euro.

De organisatie van het WK kost iets meer dan 20 miljoen euro. Om dat geld te verzamelen gingen organisatoren Flanders Classics en Golazo in de eerste plaats aankloppen bij de overheid. Vooral Vlaanderen zag wel iets in de organisatie van zo’n WK om de regio in de kijker te zetten. “Een Brits bureau heeft vooraf een economisch haalbaarheidsonderzoek gedaan, al was dit was natuurlijk precovid”, zegt Michaël Devoldere, woordvoerder van minister van Sport Ben Weyts (N-VA). “Voor de coronacrisis rekenden we op 30 miljoen euro inkomsten voor de economie. De huidige coronacontext maakt het minder voorspelbaar. Er zal achteraf hoe dan ook een grondige economische impactanalyse gebeuren, zodat duidelijk wordt wat het WK heeft opgebracht voor Vlaanderen.”

De internationale wielerunie UCI kwam in een impactstudie over het WK in het Oostenrijkse Innsbruck in 2018 nog tien miljoen euro hoger uit. Dat was vooral dankzij toeristen uit het buitenland, die geld uitgaven aan hotels en restaurants: goed voor 33,3 miljoen euro, een gemiddelde uitgave per toerist van 114 euro per dag. De wielerteams, die met ongeveer 2.000 mensen afzakken naar zo’n WK, droegen 2,5 miljoen euro bij. De media tot slot – er waren ongeveer 800 geaccrediteerde journalisten – spendeerden ongeveer een half miljoen euro.

Nieuwe fietspaden

Professor Wim Lagae, sporteconoom aan de KU Leuven, heeft zijn bedenkingen bij dit soort impactanalyses. “Deze inschattingen vertrekken van een aantal premissen. En deze methodologie bepaalt in belangrijke mate de uitkomst. Zo wordt er geen rekening gehouden met het feit dat er ook minder uitgaven kunnen zijn doordat heel veel wegen afgesloten zijn bij zo’n WK. De lokale slagers en bakkers kunnen zo minder verdienen tijdens deze periode. En sommige toeristen zullen misschien net niet naar ons land komen, omdat ze afgeschrikt worden door het WK. Zulke impactanalyses kunnen dus best met een korreltje zout genomen worden.”

Lagae hecht meer belang aan een sociale kosten-batenanalyse. “De uitdaging bestaat in het creëren van een langetermijnimpact van het WK via een intensief natraject. Toerisme Vlaanderen wil de toeristische prikkels verduurzamen, terwijl Sport Vlaanderen de ambitie heeft om het WK als hefboom voor het fietsbeleid in te zetten. Utrecht is hier gidsstad voor de Vlaamse steden. Zes jaar na de start van de Tour de France draait hun Tour de Force-fietsversnellingsproject er nog op volle toeren. Op die manier kan zo’n evenement een echte katalysator zijn om maatschappelijke baten te genereren. Of die ambitie gelukt is, kan men pas veel later indirect meten.”

Citymarketing

Nog een gevolg van zo’n WK dat moeilijk in cijfers kan gegoten worden, is de publicitaire waarde in de vorm van citymarketing. De gemeente of regio wordt in de kijker gezet, zeker bij wielerwedstrijden kan dat mooie plaatjes opleveren. Het WK wordt uitgezonden in meer dan honderd landen met een cumulatief kijkcijfer van 250 miljoen. Zij leren de streek beter kennen. Bij het WK in Innsbruck gaf de impactstudie aan dat zestig percent van de kijkers aan dat ze graag Tirol zouden willen bezoeken na het bekijken van de tv-uitzending. Ook op sociale media worden de tweets en Facebook-berichten veelvuldig gedeeld, met een bereik op Facebook van ongeveer 4,1 miljoen.

Met andere woorden, het WK zal inderdaad voor de nodige publiciteit zorgen. In hoeverre zich dit later ook in sociaal-economische baten vertaalt, is afwachten. Maar dat zal iedereen snel vergeten zijn als Wout van Aert of Remco Evenepoel zondag omstreeks 17 uur op het Ladeuzeplein in Leuven met de regenboogtrui zouden pronken. Het Bruto Nationaal Geluk zou dan de hoogte inschieten.

Hoe wordt het WK gefinancierd?

De Vlaamse overheid besliste al in 2018 om 13 miljoen euro opzij te zetten voor de organisatie van het wereldkampioenschap. Daarmee financiert ze ongeveer twee derde van het totale budget. Ook de plaatselijke overheden doen hun duit in het zakje. Gaststeden Leuven (1,5 miljoen euro), Antwerpen (800.000 euro), Brugge (360.000 euro) en Knokke-Heist (230.000 euro) dragen samen 2,9 miljoen euro bij. De provincie Vlaams-Brabant doet daar nog eens 400.000 euro bovenop. De commerciële werking zorgt voor het andere derde, vooral dankzij sponsoring en het vipgebeuren. Commercieel nadeel bij zo’n WK is dan ook dat er geen tickets kunnen verkocht worden voor de wedstrijden en dat de tv-rechten weinig opbrengen. Er zijn afspraken gemaakt tussen de organisatoren en de Vlaamse overheid over ‘het gebeurlijke overschot’: het restvermogen dat in de eindafrekening kan overblijven, zodat er eventueel middelen kunnen terugvloeien naar de Vlaamse kas. Maar dat zal weinig waarschijnlijk zijn, er wordt van uitgegaan dat de organisatie break-even zal draaien.

Waaraan wordt het WK-budget besteed?

De grootste kost is – misschien enigszins verrassend – de zogenaamde hosting fee, die aan de Internationale Wielerunie UCI betaald moet worden: bijna zeven miljoen euro. In ruil daarvoor zal de UCI onder meer zorgen voor het prijzengeld en de medailles voor de winnaars, de wedstrijdcommissarissen, de tijdsopmeting en een accreditatiesysteem voor de pers. Maar daarmee zijn lang niet alle organisatorische kosten gedekt. De gaststad – de gastregio in dit geval – zal ook nog 2,5 miljoen euro aan kosten hebben. Niet verwonderlijk, het lokale organisatiecomité telt 62 fulltimers bij Golazo en Flanders Classics, daar komen nog eens 400 à 500 losse medewerkers bij en ongeveer 4.000 vrijwilligers. Omwille van corona waren er dit jaar nog wat extra kosten, zoals 125.000 euro voor CO2-meters, coronaprotocollen... En ook heel wat basismateriaal en verzekeringen zijn in prijs gestegen. Verder slorpte de marketingcampagne om het WK in de kijker te zetten de nodige middelen op.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234