Vrijdag 21/02/2020

Wilfried Martens is uiteindelijk een echte staatsman geworden

Beeld kos

Wilfried Martens was misschien niet de grote ideologisch bevlogen politicus, maar hij deed wat nodig was - ook als dat grote offers vroeg, zegt Marc Hooghe. Hooghe is politicoloog aan de KU Leuven.

Als tiener heb ik nooit veel anders geweten dan dat Wilfried Martens premier was van ons land. De man met de dikke brilglazen was zo'n vertrouwde verschijning dat het daarna wennen was aan het feit dat een andere politicus zijn intrek nam in de Wetstraat 16.

Het premierschap maakte hem niet noodzakelijk populair bij mijn generatiegenoten. Elk jaar moest er wel iets bezuinigd worden in het onderwijs, of bij de uitkeringen voor jongere werklozen, en dat was voor ons natuurlijk allemaal de schuld van de premier. En om het helemaal erg te maken: we wisten allemaal dat Martens in 1968 het manifest van de CVP-jongeren voor progressieve frontvorming mee had ondertekend. Hoe kon zo iemand dan vijftien jaar later pleiten voor harde bezuinigingen?

Voor aanhangers van de Vlaamse beweging geldt een vergelijkbaar verhaal. Zij herinneren zich dat Martens in de jaren vijftig van de vorige eeuw zijn eerste stappen in de politiek zette als vurig flamingant, inclusief toespraken op de IJzerbedevaart. Martens koos echter niet voor een Vlaams-nationalistische partij, maar ging aankloppen bij de christendemocraten, die toen nog de machtspartij bij uitstek waren. De afgelopen jaren ontpopte hij zich almaar meer tot de verdediger van een goed functionerend Belgisch model, tegen alle kreten voor radicale avonturen in.

Drijfveren
Het is gemakkelijk om in dat traject een verraad te zien van de jeugdige idealen, en Martens was er inderdaad niet de man naar om in een machteloos hoekje van de oppositie te zitten kniezen. Maar tegelijk is de rode draad in zijn leven toch veel sterker gebleken dan we destijds dachten. Martens heeft dan misschien de radicale flamingantische idealen van zijn jeugd afgezworen, uiteindelijk heeft hij grotendeels eigenhandig de huidige Vlaamse autonomie mogelijk gemaakt. Hij heeft daarmee meer verwezenlijkt voor Vlaanderen dan alle schreeuwers op de IJzerbedevaart samen.

Hoewel kritiek mogelijk is op het feit dat de staatsschuld gedurende zijn regeerperiode enorm steeg, kunnen we ook niet rond de vaststelling heen dat de principes van het Belgisch sociaal model gehandhaafd bleven, in een periode dat Margaret Thatcher systematisch alle verworvenheden van de Britse sociale zekerheid aan het afbreken was. Martens heeft altijd gekozen voor de lange mars door de instellingen, en hij heeft in die functie heel wat verwezenlijkt.

Alle stukken die gisteren in de kranten verschenen, twijfelen een beetje tussen die twee benaderingen: Martens als machtspoliticus, of Martens als verantwoordelijk staatsman. Als je zijn memoires leest, ga je dan ook op zoek naar de drijfveren voor zijn keuzes. Eerlijk gezegd heb ik ze niet gevonden in dat nochtans vuistdikke boek. Het zou gemakkelijk zijn als hij ergens zou schrijven dat hij zich vergist had als voorzitter van de CVP-jongeren, en daarna eerder had geopteerd voor een rechtsere koers.

Martens laat zich echter nooit op dat soort bochtenwerk betrappen. Hij stelt zijn eigen carrière eerder voor als een reeks noodzakelijke beslissingen. Misschien was er in 1982 inderdaad niet veel alternatief voor een devaluatie van de Belgische frank. Acht jaar later was er inderdaad nood aan een grondwettelijke kunstgreep om de monarchie veilig te stellen, nadat koning Boudewijn had geweigerd de abortuswet te ondertekenen. In al die omstandigheden deed Martens wat, volgens hem, nodig was, en daarbij leek het vaak van ondergeschikt belang of hij het hiermee eens was of niet.

Martens heeft een bijzonder lange politieke carrière gehad, en allicht is zoiets nu niet langer mogelijk. Voor een stuk speelt daarin persoonlijke ambitie een belangrijke rol. Hij heeft altijd gekozen om in het centrum van de macht te staan, en om vanuit die functie dingen te realiseren. Hij was ook niet te beroerd om in het Europees Parlement op zoek te gaan naar dubieuze bondgenoten, om er zo voor te zorgen dat zijn geliefde Europese Volkspartij zou meespelen in het parlementaire machtsspel.

Maar zijn persoonlijke ambitie en zijn plichtsbesef hebben elkaar ontmoet, en elkaar verder versterkt. Er hoeft dus niet noodzakelijk een conflict te zijn tussen ambitie en staatsmanschap: Martens deed 'wat nodig was'. Het sprekendste voorbeeld daarvan is allicht dat hij in 1978 verder wou gaan met het regeringsoverleg, ook op het ogenblik dat zijn zoon bijzonder zwaar gewond was. Gelukkig sprak André Cools toen de gevleugelde woorden: "Allez, Vanden Boeynants, telefoneer naar Melsbroek!", waarmee hij Martens naar zijn zoon stuurde.

Persoonlijk geluk
Dat plichtsbesef heeft uiteindelijk een zware tol geëist, zowel in zijn persoonlijk leven, als voor de electorale sterkte van zijn partij. Ook zijn persoonlijk geluk heeft hij uiteindelijk pas in de allerlaatste jaren van zijn leven volledig leren kennen.

Die grote bereidheid tot zelfopoffering betekent tegelijk dat dit soort staatslieden niet meer van deze tijd is. Tegenwoordig zouden de partijstrategen veel vroeger ingrijpen en zou er veel vroeger voor allerlei strategische spelletjes gekozen worden. Dat soort politieke stratego zorgt echter voor enorme risico's, zoals we in eigen land twee jaar geleden merkten, en zoals de Verenigde Staten nu ervaren.

Enkele jaren geleden moest Martens met gezin en al terugkeren uit Disneyland om de gevolgen van de politieke impasse te helpen oplossen. Allicht deed hij dat toen enkel omdat hij vond dat dat nodig was. Dertig jaar geleden was Martens inderdaad een politicus, die, terecht, veel kritiek kreeg, maar hij is uiteindelijk een echt staatsman geworden. Onwillekeurig vraag je je toch af of de huidige generatie politici nog in staat zal zijn op dezelfde manier die transitie te maken.

 
Dertig jaar geleden was Martens een politicus, die, terecht, veel kritiek kreeg, maar hij is uiteindelijk een echte staatsman geworden.
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234