Dinsdag 27/09/2022

wil biënnale voor industrieel design in 'zijn' Kortrijk

Stefaan De Clerck

'Ik geloof

in de

kracht van vernieuwing'

Als de Kortrijkse burgemeester Stefaan De Clerck ontgoocheld was na het verlies van zijn absolute meerderheid, dan zal hij waarschijnlijk enkele uurtjes in een galerie of kunstatelier hebben verpoosd. Als het wat tegenzit, zoekt hij zo'n oase op. Kent u trouwens Stefaan De Clerck nog, de minzame ex-CVP-voorzitter die minister van Justitie werd? Bij tv-optredens steevast een meester in wollige taal en in zinnen die een eigen barokke leven gingen leiden, los van de boodschap. Er leeft nóg een Stefaan De Clerck: een man die gepassioneerd is door zijn stad en door de rol van architectuur en design. Heldere en klare taal spreekt deze De Clerck. 'In nationale politiek zijn woorden woorden, hier zijn woorden daden. Daar zit voor mij het verschil.'

Door Rudy Collier / foto's frank bahnmuller

We ontmoeten Stefaan De Clerck in de hectische dagen voor de gemeenteraadsverkiezingen. Hoewel hij op voorhand was ingelicht dat het interview na de verkiezingen zou verschijnen, wil hij toch per se praten, het onderwerp boeit hem te zeer. Plaats van afspraak: de Kortrijkse Kamer van Koophandel, waar die avond het boek Design x 50 wordt voorgesteld. Het is het nieuwste initiatief in een niet-aflatende stroom van activiteiten om de West-Vlaamse stad op de kaart te zetten als het centrum van design. Zijn verkiezingsadrenaline slaat meteen om in enthousiasme voor het desbetreffende boek, waarin 50 bedrijven uit de regio laten zien hoe alledaagse industriële voorwerpen kleur en schoonheid kunnen uitstralen. De inzet staat mooi op de cover van het boek: "Design is niet onschuldig, het is geen feestjurk die de alledaagse kleding bij bijzondere gelegenheden vervangt." Meteen legt De Clerck zijn nieuwe ambitie bloot: "We hebben hier de Interieurbiënnale, die de stad een magnifieke uitstraling geeft. Ik ben gepassioneerd door die biënnale, ik heb alle twintig de edities bezocht. Mijn schoonvader was de eerste voorzitter. Maar ik wil meer, ik wil bewijzen dat design niet enkel iets is voor de jetset, maar voor iedereen en dat het alom aanwezig kan zijn. Maar vooral dat design en creativiteit een belangrijke rol kunnen spelen in het in stand houden van het industriële weefsel. De Interieurbiënnale is trouwens ontstaan vanuit dat weefsel, dankzij Kunstwerkstede De Coene, een bedrijf dat wereldfaam verwierf en waarrond we trouwens nu een eretentoonstelling houden. In '68 trokken de gebroeders De Coene hier een expositieruimte op en kwam er een interieurbeurs. Zo is dat gegaan. Mijn grote droom is nu een biënnale te organiseren, afwisselend voor interieur en industrieel design. Vergeet niet dat we de grootste nog industriële streek van het land zijn, 40 procent van onze activiteiten is fabrieksgebonden. Als we willen overleven in sectoren als textiel en metaal, dan zal het van innovatie, creatie en design moeten komen. We zijn de enige regio die nog een industriële sokkel heeft. Zo'n regio is lang niet meer zo rijk als vroeger, het is nu vechten voor het bestaan. We moeten een gepersonaliseerde aanpak van de producten voorstaan, we moeten zaken maken die duidelijk van hier komen. De tijd dat we van hieruit eenvormige producten konden maken die we overal ter wereld kwijt konden, is voorbij. Je moet nu de niches aanspreken, dat wordt de strategie voor de streek. Het ambachtelijke, de eigen creatieve stempel moet eraf stralen. Anders dreigt delokalisatie naar Azië en Oost-Europa. In Kortrijk zijn er nog steeds veel toonaangevende bedrijven in de sectoren textiel, meubelproductie, verlichting en de verwerking van metaal en kunststoffen. Creativiteit in de industrie, daar ligt de sleutel. We kunnen niet meer alles op de klassieke productie zetten, we moeten de link leggen met de vormgeving. Design moet voor mij overslaan naar het proces van werken en leven. Het is niet iets voor de jetset, design draait niet om hebbedingetjes, het draait om het wezenlijke bestaan van de streek, het overleven zelfs. Design moet een creatieve, intellectuele commerciële dimensie krijgen. Zo'n biënnale voor industrieel design is een terechte ambitie voor deze streek."

De internationale uitstraling in ons land speelt zich evenwel af in de driehoek Antwerpen-Gent-Brussel. We zijn ondertussen verhuisd naar een terrasje midden in het ontspannen ogende stadscentrum, dat ruim voorzien is van verkeersvrije pleinen en straten. Is het niet moeilijk voor een West-Vlaamse stad als Kortrijk om internationaal mee te spelen? De Clerck, die snel een biefstuk naar binnen werkt: "We proberen ons daar ook niet tussen te wurmen. We concentreren ons op onze eigen driehoek, waar bovendien nog tweetaligheid heerst, stilaan ook al een uniek gegeven in dit land. In de driehoek Doornik-Rijsel-Kortrijk wordt steeds nauwer samengewerkt. We hebben ook Europese ambities, we verbergen dat niet. We zitten mee in het ADMIRE-netwerk van Europese designsteden. We zijn een nichestad en werken op Europees vlak ook samen met gelijkaardige steden. Geen hoofdsteden, eerder een netwerk van designsteden, zoals Leiden, Cardiff, Barcelona. Momenteel loopt er een Europees project." Het geloof van Stefaan De Clerck in architecten, design en ruimtelijke planning is immens en onwrikbaar. "Ja, ik spreek daarover met emotie, telkens weer. Ik geloof in de kracht van vernieuwing, ik wil ook die emotie overbrengen op de industriëlen. Ik wil hen daar vatbaar voor maken. Dat zal lukken. Men vraagt me weleens waarom we geen museum van industrieel design hebben. Ik hou niet van zo'n museum, dat is statisch, ik breng liever elk jaar een boek uit met de nieuwe realisaties uit de streek. Dat leeft en doet leven. Ik ben zelf ook geen verzamelaar, ik heb wel mooie dingen, gewoon omdat ik ervan hou. Als ik me kapotgewerkt heb of veel tegenslag moet verwerken, zoals na mijn aftreden als minister, ga ik naar een galerie of een atelier van kunstenaars die ik ken. Dat helpt me telkens enorm. Als het mij helpt, dan helpt het ook een gemeenschap. Ik zie dat als een bredere strategie, een stad heeft rustplekken nodig waardoor ze zichzelf kan worden. Het is mijn overtuiging dat als een stadsbestuur zorgt voor mooie dingen in de stad - terrassen, rustplekken -, mensen automatisch ook meer belangstelling gaan hebben om in hun eigen woonst kwaliteit na te streven. Dat geloof moet je hebben en uitstralen."

We hebben het over zijn metamorfose. Hier is hij helder, duidelijk en passioneel, terwijl hij als minister niet zelden de indruk gaf in de wind te praten. "Als woorden geen engagement inhouden, dan hoeven ze voor mij niet. Woorden moeten daden zijn. Elk woord hier in Kortrijk is een doel, als het gereduceerd wordt tot een woord is het niets. Dat gevoel had ik vaak in de nationale politiek, ja. Daar ben ik slachtoffer van geworden. Hier heb ik dat veel minder. Ik ben een executief, daarom heb ik ook voor de politiek gekozen. Keeping the ball alive, zoals ze in het basketbal zeggen. Ervoor zorgen dat het blijft bewegen, dat het allemaal niet stilvalt, dat is mijn taak. Hier heb ik de macht om de publieke ruimte te beïnvloeden, onder meer door architectuur, maar je moet in die macht geloven. We hebben hier zowat alle ontwerpen voor de nieuwe Leiebruggen die de overheid naar voren bracht, afgewezen en nieuwe ontwerpen voorgelegd. Elk jaar is hier een nieuwe brug gekomen, maar een doordachte en een mooie. Kijk, de wijze waarop je bouwt, zegt alles over hoe je leeft." Zonder aarzelen somt De Clerck op waar Kortrijk belangrijke stappen heeft gezet. Later op de avond zal een gepassioneerd medewerker me nog door gans Kortrijk leiden om de spectaculaire renovatie van de stad aan te tonen. Van een stad die afgleed naar een status van verfranste bidonville naar een stad die de eigen trots ontwikkelt, zo blijkt onder meer op het Buda-eiland, een wijk geprangd tussen twee Leiearmen. Hier steekt het artistieke de kop op. Ook de plannen om de oude Leiearm terug te geven aan de bewoners zijn al een stuk gevorderd, en er komen nog spectaculairdere plannen aan. De Clerck: "Ik weet dat politiek korte termijn is. Maar we zijn al een termijn ver, ik ben ervan overtuigd dat op tien jaar tijd het tij kan keren. Misschien dat het voor een aantal inwoners te snel gaat en dat ik daar een prijs voor moet betalen. Dat kan, maar 2010 wordt het magische jaar, dan moet de omslag gebeurd zijn. Het mooiste boek dat ik heb gelezen, is De utopische stad van Kabakov. Dat gaat over de wijze waarop men probeert idealen te realiseren via architectuur, kunst en design. Hoe creatieve krachten een stad vorm kunnen geven. Zeg maar dat ik blijf werken aan een utopische stad." n

Het boek en de vzw designregio kortrijk

Een van de motoren achter de vernieuwing van de stad en de promotie van architectuur en design is de vzw Designregio Kortrijk. Een samenwerkingsverband tussen de Kamer van Koophandel, de hogeschool VOKA, de Provinciale Industriële Hogeschool, de stichting Interieur, de intercommunale Leiedal en de stad Kortrijk dat vorig jaar gestalte kreeg. De vijf partners willen van de regio dé designplek in Vlaanderen maken. Overkoepelend designmeester is Marc Dubois, docent aan het departement Architectuur in Sint-Lucas Gent en Brussel. De vzw heeft zichzelf een aantal taken gegeven, waaronder het versterken van het onderwijsaanbod, het sensibiliseren van de stad en de regio voor vormgeving en design, het versterken van de voorbeeldfunctie van de overheid en het ontwikkelen van initiatieven die ondernemingswereld moet sensibiliseren voor design en productontwikkeling. Het boek Design x 50 is daar een eerste mooie aanzet toe. Vorig jaar werd een open oproep gelanceerd aan alle bedrijven uit het arrondissement om deel te nemen aan de publicatie. Daarna gebeurde er een selectie en in het boek worden nu voorwerpen en creaties getoond van vijftig bedrijven. Door producten uit hun alledaagsheid te halen en ze als design te presenteren krijgen ze plots een andere uitstraling, een andere trots ook. Kortrijk kent een hele rits bekende bedrijven: Alpro, Barco, Bekaert, Boss Paints, Delta Light, Lano, Lambert Aircraft, Mewaf, Novy en ga zo maar door. Het boek is meteen ook een staalkaart van wat de regio op industrieel vlak te bieden heeft. Maar de initiatiefnemers hebben ook een stapje verder gezet. Aan vijf bedrijven werd gevraagd een tandem te vormen met vijf designers en zo te werken aan een nieuw product. Designmeester Marc Dubois: "Een jaar was kort, er zijn nu prototypen gemaakt, maar die kunnen worden gecommercialiseerd. Zeker is dat het initiatief voor herhaling vatbaar is. Er is nu ook al vraag om het initiatief geografisch verder uit te breiden."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234