Woensdag 16/10/2019

Wijn, kunst& architectuur

Voorlopig is Château La Coste nog een geheime tuin in de Provence, maar dat blijft niet duren. Het wijndomein is goed op weg om een van de bijzonderste van Frankrijk te worden. Terwijl oenoloog Matthieu Cosse wijnen op punt stelt die het terroir optimaal spiegelen, toveren topkunstenaars en -architecten het domein om tot een wonderlijk openluchtmuseum.

Op de smalle D14 van Aix-en-Provence naar Le Puy-Sainte-Réparade staat maar één pijl naar Château La Coste. Wie dit domein wil vinden moet het weten liggen, achter een zoveelste kronkel van de route départementale. De discrete bewegwijzering strookt met het karakter van de eigenaar Patrick McKillen, een vastgoedmagnaat uit Belfast. Château La Coste was al decennialang gerenommeerd voor zijn wijnen toen McKillen het domein in 2002 kocht. Zijn zus had Ierland jaren tevoren ingeruild voor de Provence en was verknocht aan de streek. Voor de McKillens was Château La Coste een buitenkans om hun drie passies samen te brengen: wijn, kunst en architectuur.

De zon rijst rood boven de wijngaarden als we de dreef oprijden. Aan de ingang staat een betonnen muur met in vergulde letters Château La Coste. Elegant, maar onopvallend. Een toevallige voorbijganger zou niet vermoeden dat het ontwerp komt van Tadao Ando, de Japanse architect die in 1995 bekroond werd met de Pritzker Prijs, de Nobelprijs van de architectuur.

De bescheiden ingang van Tadao Ando is een deur naar Wonderland. Aan onze rechterzijde zien we twee zilverkleurige gebouwen als kolossale, gekantelde blikken in de wijngaarden liggen. Het zijn de loodsen waar de druiven tot wijn worden verwerkt, gecreëerd door de Pritzker-winnaar van 2008, Jean Nouvel. Futuristisch maar zo goed ingebed in het landschap dat je zou denken dat ze er altijd zijn geweest.

De toegangsdreef leidt niet naar het kasteel van La Coste, een bastide uit 1682 omgeven door een klassieke Provençaalse tuin, maar naar een hypermodern bezoekerscentrum, ook van Tadao Ando. Het gebouw - laag, lang en in ruw beton - drijft op een meer waarin de hemel en de bomen zijn weerkaatst. Op de waterspiegel kruipt een spin van Louise Bourgeois.

Op dit vroege uur treffen we binnen alleen een barista en een schoonmaker aan. We bestellen een ristretto. Onze tafel biedt zicht op het water waarin twee kunstwerken staan: een mobiel van Alexander Calder en Infinity, een kegelvormige metalen sculptuur van Hiroshi Sugimoto. Het water is zo glad dat je zou denken dat de kegel op een omgekeerde kegel rust onder het oppervlak: zijn weerspiegeling.

In de verte zien we de wijngaarden, daarachter beboste heuvelflanken. De omgeving, magnifiek en desolaat, doet haast onwerkelijk aan.

Vorige week was het hier nog een en al bedrijvigheid, horen we even later van Matthieu Cosse, de maître de chai of keldermeester. "De druivenpluk is twee dagen geleden afgelopen", vertelt hij terwijl hij ons naar zijn werkplaats loodst.

Natuurlijk amfitheater

Al meer dan tien jaar produceert Cosse (°1971) wijn op zijn eigen Domaine Cosse-Maisonneuve in Cahors. Zijn interventie in La Coste begon in 2006 in de wijngaarden zelf met het invoeren van biologische landbouwtechnieken en een grondige reorganisatie. Hij liet nieuwe wijnstokken aanplanten, revitaliseerde de oude planten en paste 'surgreffage' toe, een techniek waarbij een jonge druivenplant op een bestaande wortel wordt geënt, wat een snelle productie toelaat.

Het domein La Coste beslaat 180 ha waarvan 120 ha wijngaarden. "Onze bedoeling is het beste uit het terroir te halen", legt Cosse uit. "We genieten goede condities zoals een kalk-kleibodem en een ligging in een natuurlijk amfitheater. Daardoor zijn alle exposities ten opzichte van de zon voorhanden, wat betekent dat elke wijnstok zijn ideale zonexpositie kan krijgen."

Trots leidt hij ons rond in de gebouwen van Nouvel, operationeel sinds 2008. In deze indrukwekkende halve cilinders van staal en glas komen de druiven in bakken van driehonderd kilo binnen, om zes tot twintig maanden later als wijn buiten te rollen. De enorme installaties van inox ogen hoogtechnologisch en zijn dat ook, maar toch komt er weinig mechaniek aan te pas.

"We proberen de integriteit van de druif te behouden", zegt Cosse. "Externe manipulaties beperken we tot een minimum. Daarom is de vatenruimte ondergronds. De persen voor de rosé en witte wijnen bevinden zich op de gelijkvloerse verdieping waardoor het sap door buizen naar de vaten kan vloeien zonder dat er een pompsysteem nodig is."

Dezelfde techniek wordt gebruikt om de druiven voor de rode wijn naar de kelder te brengen waar ze een kleine maand inweken en dan in barriques worden overgebracht.

Voorproeven

Château La Coste produceert elk jaar 700.000 tot 750.000 flessen, verdeeld over vijf categorieën. Alle wijnen zijn sinds 2009 biologisch gecertificeerd. Naast de bestaande reeksen Version Nature, Tête de Cuvée en Cuvée Lisa (die worden voortgezet) heeft Matthieu Cosse twee nieuwe reeksen ontwikkeld.

Les Pentes Douces is al te koop maar het paradepaardje van La Coste, de reeks Grand Vin, wordt pas deze maand gecommercialiseerd.

In de boetiek laat Cosse ons deze nieuwe wijnen degusteren, te beginnen met Les Pentes Douces Blanc 2009, een assemblage van Vermentino en Sauvignon blanc. Nog voor we de wijn smaken zijn we al verleid, zo aromatisch is zijn neus. Cosse spuwt na het proeven uit, maar dat vinden wij zonde.

Ook Les Pentes Douces Rouge 2009 bekoort, maar de grootste verrassing in de reeks komt van Bellugue Rosé 2010, een fijne, complexe rosé met aroma's van perzik en peer in de afdronk. Bellugue betekent 'vonk' in het Provençaals, een naam die deze rosé alle eer aandoet.

De laatste fles die Cosse opent heeft geen etiket. Het is, verklapt hij, de Grand Vin Rouge 2009 waarvan 20.000 flessen zijn geproduceerd, binnenkort te koop tegen 25 euro per stuk. We degusteren in stilte. Zo vol als de smaak van de Grand Vin is, zo fijn is zijn textuur. De noten van zwarte vruchten en kruiden voelen als fluweel in de mond.

Met welke wijn kan de Grand Vin Rouge vergeleken worden? Cosse denkt lang na voor hij antwoordt. "Je zou kunnen stellen dat het een synthese is van een mooie Médoc en een Rhône Nord. Maar ik vergelijk niet graag met andere wijnsoorten. De invloed van dit terroir is onmiskenbaar. Onze wijnen zijn hier geworteld en hebben niets van doen met de internationale standaarden. Ik ben alleen een tolk. Het terroir zo goed mogelijk vertalen in wijn, dat probeer ik te doen."

Kunstenparcours

Eenzelfde verbond tussen mens en natuur vinden we terug in het kunst- en architectuurparcours van Château La Coste, sinds juni open voor bezoekers.

"Het project is nog in opbouw", zegt Juliette Vignon, de coördinatrice van het kunstencentrum. "In de toekomst komen er nieuwe werken en gebouwen bij, onder meer een hotel dat normaal gezien in 2013 zal openen."

In een elektrisch autootje rijden we mee naar het hoogste punt van het domein.

"Het is de bedoeling dat de kunstenaars een dialoog aangaan met dit land, de Provence", legt Vignon uit. "Ze hebben zelf bepaald wat ze zouden maken en welke plaats het werk zou krijgen."

Het parcours volgt de plooien van het landschap. De wijngaarden ruimen plaats voor hoge bomen. In een bocht van het pad ontdekken we drie installaties van de Braziliaan Tunga, een soort triomfbogen waaraan een klomp ruw gesteente hangt. Even verder stappen we uit. Behalve bomen en een terrasmuur uit het Gallo-Romeins tijdperk is hier op het eerste gezicht niets te zien. We volgen Vignon het bos in tot bij een opening in de muur. Via een trap dalen we af naar een ondergrondse ruimte. Als onze ogen gewend zijn aan het duister, zien we het kunstwerk dat ons omgeeft: een ronde kamer gemaakt van gevlochten takken, als een omgekeerd nest.

"Tien mensen hebben hier wekenlang aan gewerkt", vertelt Vignon. "1.600 ton eik hadden ze hiervoor nodig."

Hoe langer we in Stone on wood van landart-kunstenaar Andy Goldsworthy blijven, hoe buitengewoner het werk gaat lijken. De takken zijn zo geplooid en verweven dat geen enkel uiteinde zichtbaar is.

Bij onze volgende halte, op vierhonderd meter hoogte, hebben we een vergezicht van de wijngaarden tot het massief van de Lubéron. Een diepe stilte heerst. Dit is een plek om afstand te nemen, tot rust te komen, en dat moet al eeuwenlang zo zijn, getuige de zeventiende-eeuwse kapel die hier staat en die gerestaureerd is door Tadao Ando. Het lichtspel dat de kunstenaar binnen heeft gecreëerd draagt bij tot de magie.

In de verste uithoek van het domein vinden we nog een werk van Tadao Ando, een houten paviljoen met vier verlichte glazen kubussen. Drie daarvan zijn gevuld en symboliseren respectievelijk water, afval en kooldioxide. De lege vierde kubus staat voor de toekomst: hoe zal onze planeet eruitzien? Four cubes to contemplate our environment is een ingevoerd werk; het werd in 2008 tentoongesteld in het Kennedy Center in Washington.

La Coste telt vijf werken van Tadao Ando. In een interview met het Japanse blad Casa zegt de sterarchitect dat hij het project ziet als een eerbetoon aan Paul Cézanne die de streek zo vaak heeft geschilderd.

"Het genie van Cézanne heeft een nieuwe wereld geopend. Het was de aanzet tot het kubisme van Picasso en andere moderne kunst. In deze omgeving, waar Cézannes genie vorm heeft gekregen, willen we zijn creativiteit verder laten leven door een laboratorium voor hedendaagse kunst te creëren."

Hier zijn de kunstenaars op La Coste glansrijk in geslaagd, op een manier die respect afdwingt. Tot die conclusie komen we bij Drop van Tom Shannon, een van de laatste kunstwerken op ons parcours. In de plaats van de aandacht naar zich toe te trekken, benadrukt ook dit werk de pracht van de natuur en van het licht, wat de bezoeker paradoxaal genoeg net attent maakt op het vernuft van de kunstenaar. Drop ziet eruit als een glanzend metalen ei dat horizontaal op een staander rust.

Als we tegen het ei duwen, draait het om zijn as, waarbij telkens nieuwe reflecties van de hemel en de bomen tevoorschijn komen, een schouwspel waar we uren naar zouden kunnen kijken.

We besluiten de tocht bij het muziekpaviljoen van Frank Gehry, een barokke constructie van balken, glasplaten en stalen buizen waar het publiek vanaf volgende zomer concerten zal kunnen bijwonen.

Na de lunch, een slaatje tomaat-mozzarella en Franse kazen, keren we te voet terug naar de wijngaarden, op zoek naar de werken die we nog niet hebben gezien zoals Aix, een sculptuur van Richard Serra, of Foxes van Michael Stipe. De hele middag dwalen we over het domein, alleen en blij als kinderen in een geheime tuin. Onderweg doen we ons te goed aan zoete groene druiven, vergeten door de plukkers.

Nobele taak

Voor we weggaan krijgen we twee flessen Les Pentes Douces 2009 cadeau van Mara McKillen, de zus van de eigenaar, die een klant advies geeft in de boetiek. Voldoening straalt van haar af. "Al in de tijd van de Romeinen werd hier wijn verbouwd. Het is een nobele taak om het werk van de vele generaties die hier aan de slag zijn geweest voort te zetten. Bovendien kunnen we rekenen op een uitstekend team."

Ze glimlacht en wijst naar buiten waar de schemer al over de wijngaarden inzet. "En de Provence heeft de kunst om alle zintuigen te behagen."

Praktisch

˚Château La Coste ligt 15 km ten noorden van Aix-en-Provence in het Zuid-Franse departement Bouches-du-Rhône en is niet te verwarren met het nabije Château de Lacoste in de Vaucluse, het voormalige kasteel van de Markies de Sade.

˚Het domein is elke dag open tussen 10 en 19 uur. De toegang tot het kunst- en architectuurparcours kost 18 euro (9 euro voor 10-18 jarigen, gratis onder tien).

˚De wijnen zijn ter plaatse te koop of via de website. In België zijn enkele La Coste-wijnen te koop in Delhaize.

˚Adres: Château La Coste, 2750 Route de la Cride, 13610 Le Puy-Sainte-Réparade

˚Website: www.chateau-la-coste.com

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234