Vrijdag 18/10/2019

Woonwagenbewoners

"Wij zijn Belgen onder de Belgen, toch worden we overal verjaagd"

Een jonge vader staat voor zijn caravan op het terrein aan de Dantestraat in Anderlecht. Beeld Tim Dirven

In Anderlecht hebben woonwagenbewoners tot donderdag gekregen om hun biezen te pakken. Waar ze naartoe moeten weten ze niet. Maar in Anderlecht is al zeker geen plaats, zegt de burgemeester. 

"Hoe ik me voel? Dat is een goede vraag", zegt Robert Petrebost, een 64-jarige man die in een zomerhemd een sigaretje rookt. "Ik voel me in de hoek gedreven." Petrebost woont in het middelste van een groepje van tien caravans, die momenteel nog op een vergeten stuk industrieterrein staan, langs het kanaal in Anderlecht. 

Nu spelen er nog kinderen tussen de caravans, wassen enkele vrouwen witte lakens, maar tegen 5 uur de volgende ochtend, moeten ze daar allemaal weg, aangezien de gemeente de plek laat ontruimen. Er staat 'Beduine' op de zijkant van Petrebosts caravan, omdat nomaden in theorie altijd kunnen vertrekken. "Maar waar we nu naartoe moeten, weten we echt niet", zegt hij.  

De officiële reden waarom de gens de voyage weg moeten, is omdat er op het terrein problemen zijn met de hygiëne, zo stelt het gemeentebestuur. Voorzieningen voor elektriciteit of water zijn er niet. "En het privéterrein is eigenlijk niet toegankelijk voor hen", zegt burgemeester Eric Tomas. "Dus hun verblijf daar is absoluut illegaal. Ik heb de eigenaar ook gevraagd om een hermetische afsluiting te plaatsen, zodat ze nadien niet meer binnen kunnen." 

Wijzen naar elkaar 

Maar de bewoners, die aangeven dat ze contact hebben gehad met de eigenaar, om zich hier te kunnen vestigen, begrijpen heel weinig van die uitleg. De eigenaar, het bedrijf Zemu, wil op termijn een kantoorgebouw neerzetten op de locatie, maar lijkt voorlopig geen bezwaar te hebben tegen de woonwagens. "C'est pas nous", zegt een medewerker van het bedrijf. "Omdat de gemeente veel zorgen had met het terrein, heeft de burgemeester ons opgedragen om het te ontruimen."

De zorgen met het terrein lijken weliswaar legitiem. Naast de caravans staan nog de resten van een bidonville van Roemeense seizoensarbeiders. De in elkaar geflanste huisjes waren gelukkig al verlaten voordat ze maandag om een onbekende reden in vlammen opgingen. 

Maar daar hebben de woonwagenbewoners naar eigen zeggen niets mee te maken. Zij zitten in een situatie die ze onderhand al lang genoeg kennen: iedereen wijst naar elkaar, omdat niemand gezegd wil hebben dat ze niet welkom zijn. "Overlast is er niet", klinkt het bij burgemeester Tomas. "Maar wij hebben geen publiek terrein beschikbaar voor die mensen in Anderlecht." 

Wat de woonwagenbewoners dan ook niet kunnen begrijpen is dat het gewest geld biedt aan de gemeenten om terreinen ter beschikking te stellen. De gemeenten staan achter dat plan, maar kijken om het uit te voeren vooral naar elkaar.  

Beeld Tim Dirven

"Ondertussen is het aantal woonwagenbewoners in Brussel verdubbeld, terwijl het aantal terreinen gehalveerd is", zegt Koen Geurts, coördinator bij vzw Foyer, die al jaren ijvert om meer terreinen aan te leggen. "In 2012 is het wonen in een woonwagen door de Brusselse regering erkend als een volwaardige woonvorm – net zoals in Vlaanderen. Maar in het Brussels gewest blijven er nu nog vijf terreinen over: drie daarvan zijn privéterreinen en een is onteigend." 

Vanuit het kabinet van de Brusselse minister-president Rudi Vervoort (PS), klinkt het dat een terrein vinden in het hoofdstedelijk gewest geen sinecure is. Een van de vele voorwaarden is dat het terrein niet "te kort bij woningen" mag liggen, schrijft de woordvoerder. Wel benadrukt hij dat er flinke subsidies worden uitgekeerd aan OCMW's en aan projecten om Roma te helpen. 

Maar omdat er dus bijna letterlijk geen plaats meer is voor de woonwagenbewoners, die al sinds de 19de eeuw in ons land wonen, voelt dit voor Robert Petrebost aan als "racisme". "Wij zijn Belgen onder de Belgen", zegt hij. "En toch hebben ze ons overal al verjaagd. Mijn grootvader is hier geboren, al deze families zijn hier geboren, maar ikzelf ben ook al vaak behandeld als een kruimeldief." 

'Onbegrijpelijk'

Dat de Roma nu ineens weg moeten, terwijl ze al jaren op het terrein staan, maakt de situatie "totaal onbegrijpelijk", zegt ook John Lind van vzw Foyer, die optreedt als een woordvoerder van de gemeenschap. Enkele maanden geleden stonden er volgens hem nog 45 caravans op deze plek. 

Naast een caravan, waar een gezin met twee kleine kindjes woont, praat hij over het leven van de moderne nomaden die steeds meer de gevangenen lijken van hun eigen vrijheid. De jonge vader van de twee kinderen denkt eraan om naar een camping in Stekene te trekken, waar hij hoopt dat hij ze naar school kan sturen. 

"Uiteindelijk hebben wij gewoon structuur nodig", zegt Lind nog. "De mensen hier hebben er genoeg van om opgesloten te zitten in een aparte samenleving. In een woonwagen is er niets stabiel en onze kinderen blijven achter zonder opleiding."

Beeld Tim Dirven

Waar Lind nu mee zit is dat als de woonwagens vertrekken, al het werk van de vzw ook in het niets verdwijnt. Vrijwilligers komen nu meerdere keren per week langs op het terrein om de kinderen les te geven. 

Een van hen is Barbara Lebrun (26), die hen Franse woordjes leert. Na de dood van haar grootvader besloot ze om iets belangrijks te doen, zegt ze. En via vrienden kwam ze dan hier in Anderlecht terecht. De lerares, ook een influencer, probeert de buitenwereld via YouTube kennis te laten maken met de gemeenschap, omdat ze merkt dat er nog veel vooroordelen over bestaan. "Ik ben hier echt kapot van", zegt Lebrun. "Ik vond de kinderen heel dankbaar om les aan te geven. Ik ga wenen als ze weg zijn." 

Beeld Tim Dirven
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234