Zaterdag 03/12/2022

'Wij het aanhangwagentje van Standard, is het dat wat u bedoelt?'

Tussen de vele clubs die Roland Duchâtelet zopas snel even kocht, zat ook Charlton Athletic - ooit de voetbalploeg met de grootste aanhang ter wereld, nu troosteloos vechtend tegen de degradatie in de Engelse tweede divisie. Maar de 'Addicks' zijn vol goede hoop.

"Het zweven", zegt Roy Austin (82), na even te hebben nagedacht over zijn prilste herinnering aan The Valley. "Het zweven. Ja natuurlijk, definitely."

Roy zit met enkele andere oudjes met een groot glas bier voor zich aan een tafeltje in de supportersclub. De zaal is onwennig leeg, er is nog slechts drie uur te gaan voor de aftrap van het treffen tegen Oxford, twee divisies lager, voor de FA Cup. "Normaliter moeten we vanavond makkelijk winnen, maar dat weet je tegenwoordig natuurlijk nooit."

Roy schat dat hij zes was. Late jaren dertig. Aangekomen op het hoogste punt, met een adembenedend zicht op de mensenmassa in de vallei, werd hij door zijn vader omhoog gehesen en overhandigd aan de man die voor hen stond. Die hief als op een afgesproken teken zijn armen en hees de minuscule Roy over zijn hoofd verder vooruit.

"Ik werd over de hoofden van al die mensen heen gehesen, altijd maar verder en verder naar beneden. Tot je werd neergezet aan de grasmat, waar de andere kinderen zaten."

David Robinson, 72 jaar, overkant van de tafel: "Tegenwoordig noemt men dat crowdsurfen. Voor ons was het de gewoonste zaak, op zondag."

Roy: "Als je dat ooit hebt beleefd, je vader die je met een blind vertrouwen overhandigt aan de massa, aan die duizenden Addicks, dan is er in je hart nooit in je leven nog plaats voor een andere club."

David: "Dat is ons probleem. Eens Addick, altijd Addick. Wij waren, als je afging op het aantal supporters, de grootste club ter wereld."

Roy: "Zeventigduizend mensen."

David: "Zeventigduizend mensen en twee toiletten."

Roy: "Een voor de mannen en een voor de vrouwen."

In trance

Aan de hoofdingang van het stadion van Charlton Athletic staan ontelbaar veel namen en data in tegels gebeiteld. Overleden fans. 'Addick for life' is een van de clubslogans. Charlton Athletic heeft best wel wat gemeen met Standard Luik. De kleuren, de talloze jaren van 'net niet', de hondstrouwe fans met disproportionele buiken en gehavende gebitten.

In Luik moet je aan de ingang van het stadion langs de beeltenis van Roger Claessen, de spits die in de jaren zestig tijdens een Europese match werd afgevoerd met een gebroken been, een fles whisky leegdronk, onder protest van de dokter weer het veld op rende en het doelpunt van de kwalificatie binnenkopte.

Hier, aan de zuidoostkant van Londen, fotograferen vaders hun zoontjes bij het standbeeld van Sam Bartram, doelman bij Charlton van 1934 tot 1956, tweeëntwintig seizoenen lang en goed voor 579 wedstrijden. Roy en David hebben 'm nog in actie gezien. "Hij kwam voor de aftrap de kinderen aan de rand van het veld groeten", zegt Roy. "Of we wel ons best deden op school. Dat we moesten luisteren naar mama en papa."

In zijn biografie beschreef Sam Bartram de legendarische thuiswedstrijd tegen Chelsea, 1937. Er was smog, en die werd altijd maar dikker. Rondom het stadion waren er alleen arbeidershuisjes en fabrieksschouwen. De Theems was vlakbij. De smog werd nog dikker, de keeper zag geen hand voor ogen meer. Hij zette enkele stappen vooruit, naar waar de penaltystip moest zijn, zo alert als mogelijk is voor de nakende tegenaanval van Chelsea. Met zijn zicht leek ook het geluid in het stadion te zijn verdwenen, schreef Sam Bartram. En die bal, die tegenaanval van Chelsea, die kwam er maar niet. "Vanuit het mistgordijn verscheen een figuur."

Een politieagent.

"Wat sta jij hier te doen?"

"Wat dacht je? Ik ben de doelman."

"De wedstrijd is een kwartier geleden stilgelegd."

De Addicks zouden dat jaar, 1937, nipt naast de titel grijpen. Tien jaar later, in 1947, zouden ze de FA Cup winnen, de enige trofee van betekenis ooit. Tot eind jaren vijftig bleef Charlton Athletic een van de grote Londense clubs naast Tottenham, Chelsea, Arsenal, West Ham, Crystal Palace, Fulham en Queens Park Rangers.

Spartelen

In 1957 degradeerden The Addicks en begon een jarenlang uitzichtloos spartelen in lagere divisies. In 1984 was de club failliet en beval de gemeente de sluiting van The Valley wegens instortingsgevaar. Het verder wegzakkende team ging z'n thuiswedstrijden elders spelen en zag z'n aanhang slinken tot een paar duizend fanatiekelingen. Zij zetten inzamelacties op, deelden pamfletten uit aan stemlokalen, overschaduwden met hun acties de lokale verkiezingen.

David: "Volgens de normale economische logica was de club toen verdwenen. Maar we zijn met z'n allen gaan helpen bij de verbouwing van het stadion. Het heeft geduurd tot 1992, toen konden we terugkeren naar The Valley. Tussenin zijn we een generatie kwijtgeraakt. U zult het vanavond zien: de meeste fans van Charlton hebben een zekere leeftijd. Dertigers en jonge veertigers zijn er nauwelijks. Wel twintigers, en ook tieners. We bestaan weer."

Er was Wembley, 25 mei 1998. Een Servische doelman genaamd Saša Ilić groeide in de play-offs voor promotie naar het Premiership boven zichzelf uit. Charl- ton was verondersteld een figurant te zijn in die nacompetitie, maar Ilić hield negen wedstrijden na elkaar de netten schoon.

Roy Austin: "Die man was niet eens prof. Die was hier aangekomen, gevlucht voor de oorlog in zijn land: 'Ik kan keepen.' Hij werd onze derde doelman, toen tweede, toen eerste. Het klopte helemaal niet, maar zo krijgen heldenepossen vorm. Ik was daar, bij die wedstrijd tegen Sunderland. Wembley, 25 mei 1998. Wie won, ging naar het Premiership. Wij waren verondersteld kansloos te zijn. Vier-vier na verlengingen. Strafschoppen. Niemand miste en onze zevende ging erin. Ik zie Saša naar die bal gaan, rechter benedenhoek."

David: "Het is een fractie van een seconde stil gebleven in ons vak. Het drong niet door."

Roy: "Ik wou springen, ik wou juichen. Het lukte niet."

Elke supporter die er bij was, vertelt er dertien jaar later nog altijd over met tintelende tot vochtige ogen. Mensen zegen neer, wendden zich als in trance tot hun vaders daarboven, bleven urenlang gillen. Na 41 jaar was Charlton Athletic terug.

Abramovich

Het feest zou acht seizoenen blijven duren, met zelfs een zevende plaats in 2006. De club zakte een seizoen later weer weg, tot een degradatie naar de Football League One, derde divisie. De Addicks vochten terug, promoveerden weer. Er werd geld tegenaan gegooid, met exploitatieverliezen van 7 miljoen pond in 2012 en 4,5 miljoen pond vorig jaar. Wat de club nodig had, wist iedereen nu, was een investeerder. Een gek. Zo iemand als Roman Abramovich.

"En nu is hij er dan", zegt Barnie Razzell van de Charlton Athletic Supporters Trust (CAST), in 1984 motor achter de reddingsoperatie. "Een Belg, wie had dat nu gedacht? Ja, natuurlijk gaat die ons terugbrengen naar 1998. Ik bedoel: als mister Duchâtelet de club koopt, zal het toch niet zijn om ons door het toilet te spoelen?"

De Addicks hebben nu al dagenlang als maniakken de zoektermen 'Roland' en 'Duchâtelet' zitten inbrengen. Veel wijzer zijn ze niet geworden. Ken Sinyard is bestuurslid bij de CAST. "Wat we over hem weten? De man is puissant rijk geworden met technologie in auto's, hij heeft een eigen politieke partij gehad. Hij wou gratis geld uitdelen aan iedereen, en it didn't work out. Nu verzamelt hij clubs. Zes in totaal, als ik goed heb gevolgd. Het zou fijn zijn als hij eens tot hier zou komen en ons willen ontmoeten. Het contract van de helft van onze kern loopt deze zomer af. Wij zouden graag vernemen wie hij wil houden en wie niet. De spelers zelf ook, denk ik zo."

In een bericht op de website beloofde Roland Duchâtelet deze week dat de fans erop mogen rekenen dat hij de resultaten van de club "op de voet zal volgen". Verder liet hij weten: "Dit is een nieuw tijdperk voor Charlton en een opwindende periode voor mijzelf en het bestuur. Wij zullen ons best doen ervoor te zorgen dat er in de jaren die komen meer redenen zijn om trots te zijn en met de club geassocieerd te willen worden."

Aan het eind van de mededeling wordt droogjes aangekondigd dat vanaf heden ene Katrien Meire het op alle fronten voor het zeggen krijgt op The Valley. Zij is een Vlaamse juriste met een korte loopbaan als hoofd internationale relaties bij Standard Luik.

In de ogen van Ken Sinyard en zijn vrienden is zij een zwaluw die op een dag lente moet brengen. Er zijn ook al twee spelers van Standard overgekomen, de 23-jarige Zweedse middenvelder Astrit Ajdarević en de Franse doelman Yohann Thuram. "Ik weet niet of wij nu echt een doelman nodig hadden", zucht Ken Sinyard. "We hadden er al vier. Is die trouwens goed, die Ajdarević?"

Als statistieken konden spreken niet. De Zweed werd in Luik een teveel aan kilo's verweten en kwam sinds 2012 amper aan spelen toe. "En Reza Ghoochannejhad, wat moeten we daarvan denken? Hij gaat op het WK voor Iran spelen, toch? Ze zeggen dat die ook hierheen komt. Hoe kan het dan dat hij in een jaar maar tien wedstrijden speelde voor Standard?"

Ja, hoe zou het komen?

Afgaand op wat hij online kan terugvinden, had Sinyard eerder graag Michy Batshuayi zien overkomen. Die staat in de belangstelling van Arsenal. Ook Mehdi Carcela, niet zo lang geleden bij het Russische Anzji ploegmaat van Samuel Eto'o, lijkt wel wat. En William Vainqueur, ook. De bepalende figuur, bij Standard. "Wij kunnen wat gebruiken op het middenveld."

Bij Charlton is het grote talent Jordan Cousins, een 19-jarige verdedigende middenvelder. Everton zou 5 miljoen voor hem willen betalen. Het mag een geluk heten dat Standard op die positie met een luxeprobleem zit, maar de suggestie wekt afgrijzen: "U wilt toch niet zeggen dat de betere spelers van Charlton naar Luik zouden vertrekken? Dat kan nooit de bedoeling zijn."

Charlton Athletic staat momenteel twintigste in de tweede divisie, met maar drie punten ademruimte voor degradatie naar de beerput van derde divisie. Strikt genomen zou je deze positie moeten vergelijken met die van een in degradatienood verkerend clubje uit de Belgische tweede klasse. Een thuiswedstrijd op The Valley lokt echter nog altijd makkelijk 17.000 mensen.

Er is een perszaal en die zit op woensdagavond na een troosteloze 2-2 tegen vierdeklasser Oxford tjokvol. Er zijn cameralui, fotografen, pr-jongens, bezorgers van koffie en belegde broodjes. In het midden staat BBC-radiocommentator Peter Finch. Zijn voltijdse bezigheid bestaat erin de rest van de natie op de hoogte te houden van alles wat er gebeurt in en rond Charlton Athletic. Dat is zijn beroep, en die vaststelling alleen zet de zaken in perspectief.

Peter Finch: "Mijnheer Duchâtelet zou wel eens duidelijkheid mogen verschaffen over de hiërarchie. Ik begrijp dat hij een hekel heeft aan voetbalmakelaars - wie niet, trouwens? - en via het uitbouwen van een eigen Europees netwerk van clubs met spelers wil gaan schuiven. Zo verkoopt of verhuurt hij ze zonder tussenkomst van makelaars. Dat is allemaal wel aardig, maar dan moet er ergens naar de betrokken spelers toe toch duidelijkheid bestaan over wat promotie is en wat degradatie? Wij krijgen nu die Thuram: schitterende keeper, naar men zegt. Maar daar zal het toch niet bij blijven? U bedoelt dat wij de mindere club zouden zijn ten opzichte van Standard Luik?"

Yohann Thuram is een voorbeeld van hoe Roland Duchâtelet wil schaken met spelers. Thuram, dik salaris, zou deze zomer de ter discussie staande Eiji Kawashima komen vervangen, maar die deed het bij het begin van het nieuwe seizoen geweldig. Hij pakte aan de lopende band punten voor Standard en bleef, logisch, onder de lat staan. Verwacht wordt dat hij na zijn WK met Japan voor een smak geld kan vertrekken, waarna Thuram als nummer 1 kan terugkeren. Inmiddels zijn er al 17 spelers van de Luikse club her en der gestald. Duchâtelet verhuurt of verkoopt ze aan zichzelf, zonder dat er ergens een makelaar zijn percentage komt opstrijken. Hij heeft een zwarte lijst aangelegd van onbetrouwbaar bevonden makelaars, maar in de ogen van Duchâtelet zijn ze dat ongeveer allemaal.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234