Woensdag 30/11/2022

'Wij geloven echt in Johnny's'

Met D'Ardennen vangen de debuterende regisseur Robin Pront (28) en acteur-scenarist Jeroen Perceval (37) de belgitude in een ongewoon rauwe 'thriller met een romantische fond'. En met hoofdrollen voor Johnny's en housemuziek.'Hier droom ik al van sinds mijn vijftiende.' Kurt Vandemaele

Rauwe 'flemish noir', zo bestempelt producent Bart Van Langendonck de film van zijn poulain Robin Pront. Een donker misdaaddrama over twee broers, en het liefje van een van beiden, die na een mislukte overval de greep op hun levens kwijt zijn. Het kan alle kanten uit. En het is adembenemend spannend.

Een van die broers is Jeroen Perceval, coscenarist van de film, hier in zijn beste vertolking sinds hij in Dagen zonder lief doorbrak met een kracht waarmee hij door de geluidsmur had kunnen gaan. Perceval blijft de eigenzinnigste Vlaamse filmacteur.

Maar niet alleen hij is goed. D'Ardennen is een film waarin zelfs de schaarse grassprietjes overtuigend zijn. Simpelweg omdat Pront niets aan het toeval heeft overgelaten. Dat zijn film geselecteerd was voor de festivals van Toronto en Chicago en in België nu - heel straf voor een debuutfilm - het 42ste Film Fest Gent mag openen, schrijft hij zelf graag toe aan Van Langendonck, die ook al Rundskop internationaal lanceerde en voor Pront geen lof genoeg kan krijgen.

Maar het helpt natuurlijk wel dat hij zelf een zeer beklemmende, sfeervolle film heeft gemaakt. Hoe geniaal Pront en Perceval bijwijlen ook zijn, als je hen samenzet, zitten ze al vlug te grollen en te dollen als twee jochies die net uit het ballenbad geplukt zijn.

Het zijn mannen die zich niet la-ten dicteren. Hun onvoorspelbaarheid is een van hun troeven. Na wat concentratie en ernst te hebben gevraagd, kunnen we starten.

Hoe hebben jullie elkaar leren kennen?

Perceval: "In een seksclub. (lacht) Nee, dat is niet waar."

Pront: "Nee, toen ik mijn eerste kortfilm deed, Plan B, was ik op zoek naar acteurs. Maar ik keek nooit naar Vlaamse films. Ik kende toen alleen Koen De Bouw en Jan Decleir. Dus ben ik snel wat dingen gaan bekijken en zo zag ik Jeroen in Dagen zonder lief. Ik wou meteen met hem afspreken, maar bij onze eerste ontmoeting herkende ik hem niet. Ik wist niet dat hij een pruik droeg in die film. Maar dat gesprek verliep zo goed dat ik dacht: als hij geen acteur was, zou hij even goed mijn vriend kunnen zijn. En hij zat vol geweldige verhalen.

"Jeroen is een enorm groot talent. Als ik nu een film in Vlaanderen doe, denk ik altijd: wat kan Jeroen spelen? Ik heb dat met niemand anders."

"Ik herken heel veel van mezelf in hem. Als je iets schrijft, zit daar altijd een stukje van jezelf in. En dat stukje weet hij beter te brengen dan om het even wie. Hij heeft een enorme naturel. En hij is ook een van de weinige acteurs die uit zichzelf een soort street credibility heeft. Je kunt dat er wel in krijgen bij veel acteurs, maar hij moet er geen moeite voor doen. (Kijkt naar Jeroen) Ik krijg straks 50 euro van jou, hè?"

Perceval: "Ja, dat kwam er heel vlot uit. (lacht)"

Waarom wou je voor je debuutfilm een verhaal brengen van mensen in de marge?

Pront: "Of ze uit de marge komen of niet, daar gaat het niet om. Ik probeer gewoon altijd met personages uit te pakken die met oplossingen komen aanzetten die groter zijn dan het probleem. Dat was ook al zo in mijn korte films. Je komt vaak zulke mensen tegen in het echte leven. Zelf ben ik opgevoed volgens het principe: je gaat naar school, je studeert en je probeert iets te maken van je leven. Maar ik ken ook mensen die heel andere leefregels hanteren, die leven van dag tot dag en zich nergens iets van aantrekken. Ik vond dat vroeger altijd een fascinerende levenshouding en ik had er wel een soort respect voor, omdat ik zelf totaal niet zo in het leven stond."

Dit project is begonnen bij jou, Jeroen, want het verhaal was eerst een theaterstuk van jou.

Perceval: "Ik ben ook een tijd omringd geweest door zulke figuren, maar ik heb de inspiratie voor het verhaal vooral gehaald uit het feit dat het gedaan was met mijn toenmalige vriendin. Wat me fascineerde was hoe sommige mensen die eerder instinctief leven, soms waanzinnige daden stellen uit liefdesverdriet."

Pront: "Het lijkt een misdaadverhaal, terwijl het evenzeer een liefdesverhaal is. Dat vind ik er zo goed aan. Ondanks het feit dat het zich in de marge afspeelt, hoop ik dat mensen er iets in gaan herkennen. Iedereen is wel eens zo verliefd dat hij rare dingen doet."

Een romantisch misdaadfilm dus. Met hier en daar een snuifje sociaal drama.

Perceval: "Een spannende thriller met een emotionele fond. Het is een film over de liefde. Daar gaat hij over. En over loyaliteit ook. Loyaliteit tot in het absurde. Wacht, ik heb het opgeschreven. Ik moest van Bart Van Langendonck, onze producer, mediatraining volgen omdat ze allemaal bang waren dat ik weer niets ging zeggen. En daarom. (Leest af van papieren) Waarom moet je komen kijken? Omdat het een retespannende, emotioneel geladen, meeslepende thriller is geworden. Een film die je hier nog niet hebt gezien. (Gaat verder zonder tekst) Een film met kloten zo groot als België. Nee, meer. De ene kloot is zo groot als de aarde, de andere als Mars. (lacht)"

Robin, je zegt dat het verhaal over mensen gaat voor wie de oplossing erger is dan het probleem. Mogen we dan zeggen: domme mensen?

Pront: "Nee, totaal niet. Zie naar die frauderende topeconomen, die zichzelf zo in de nesten werken. Als ze vroeger hun problemen op tafel hadden gelegd, zouden ze ze nog een oplossing hebben kunnen vinden. Maar die gáán maar door. Als je met je rug tegen de muur staat, doe je gewoon domme dingen. Ik denk niet dat je daar dom voor moet zijn. Ik vind mijn personages trouwens ook niet dom."

Perceval: "Voor mij zijn ze vooral slachtoffers van hun verleden, van het milieu waarin ze zijn opgegroeid. Mensen zeggen altijd: je kunt worden wat je wilt. Maar het begint al met waar je geboren wordt. Als je ter wereld komt in een of ander getto, als je een vader hebt die je verrot slaat, dan ben je meteen opgezadeld met zulke innerlijke wondes, dat je visie op de wereld helemaal vervormd is."

Jij komt uit een bevoorrecht cultureel milieu.

Perceval: "Jazeker. Om te beginnen heb ik al het geluk dat ik hier in België ben geboren. Dat wij een schitterend uitgebouwd sociaal systeem hebben. Maar ook dat ik bij mijn ouders ben geboren. En dat ik heb kunnen opgroeien met al die verhalen uit het toneel. En Robin heeft geluk dat zijn ouders miljonairs zijn... (schatert)"

Pront: "Nee, ik kom uit een heel gewoon gezin: mijn vader is chauffeur, mijn moeder lerares. Vlaamser wordt het niet, denk ik. Ik ben ook maar opgegroeid in een rijhuis in Edegem, daar is niets 'gangster' aan. (lacht) Weet je, ik wou gewoon een misdaadfilm maken. Omdat ik daar graag naar kijk en omdat hier niet veel misdaadfilms gemaakt worden. Als je een film maakt, probeer je je ook een beetje te onderscheiden van de rest."

Het stuk dateert al van 2003. Wanneer ben je aan een verfilming gaan denken?

Perceval: "Toen enkele regisseurs me begonnen te vragen of ze er een film van mochten maken. Maar ik wou gewoon wachten tot de juiste man zich aanmeldde. Eerst kwam Michaël Roskam. Maar door het succes van Rundskop kreeg hij opeens tal van andere aanbiedingen en had hij nooit tijd om te schrijven. En ik had echt iemand nodig met wie ik samen het script kon schrijven. Iets later kwam Robin vragen: 'Mag ik er een film van maken?' Ik kende hem en ik wist dat hij een toptalent was. En toen hebben we ons samen aan het schrijven gezet. Zonder hem zou dat script er nooit zijn gekomen."

Robin, je verwijst in je intentieverklaring onder meer naar This Is England, omdat regisseur Shane Meadows daar die typische Britse troosteloosheid wist te vangen.

Pront: "Het belangrijkste als je een film maakt, is dat je een universum creëert. En ik vind dat veel films dat hier ontberen. Er zit geen duidelijke visie achter. Ik vind het belangrijk dat je even de mensen meeneemt in een andere wereld. Daar voel je de hand van de regisseur. De film speelt zich af in Antwerpen, maar een van de dingen die ik niet wou, was dat je de kathedraal of de Boerentoren te zien zou krijgen. Dat heb ik er bewust allemaal uit gehouden. Wat er heel veel in komt, is de E19. Troosteloosheid, tja. Zot van A is het niet, hè.

"Ik denk dat het ook wel realistisch is. Ik weet het niet, ik wou gewoon een goeie winterse film, ik zie dat ook graag."

De acteurs klinken in ieder geval heel natuurlijk in het Antwerps.

Perceval: "Ik word er onnozel van als ik in films en in series gangsters standaard-Nederlands hoor praten. Of jongens die op straat rondhangen, of zelfs flikken. Ik geloof er geen reet van. Zulke mensen zie ik niet, die bestaan niet. Er zijn nog altijd van die tv-programma's waar mensen zo mooi praten. Dan denk ik: waar zie je die mensen? Ja, af en toe een professor, een dictieleraar, of een intellectueel. Maar ook daar zijn ze in de minderheid. Snap je?"

En daar dan die stampende electrobeats van Hendrik Willemyns overheen. Een bijzonder goeie vondst.

Pront: "Ook een idee van Jeroen. (lacht) Ik wist sowieso dat ik elektronische housemuziek wou. Maar ook iets melodieus. Ik wou geen platgedraaide dj-deuntjes."

Perceval: "En toen hoorden we Arsenal op de radio, en ik dacht: misschien moeten we daar iets mee doen. Ik zag dat wel bij D'Ardennen. Als je nu eens echt wilt spreken van een Belgische cultuur: de dancescene hier in België, die was legendarisch, over heel Europa."

Pront: "Ja, die Johnny en Marina-cultuur, daar moeten wij supertrots op zijn."

Perceval: "Dat is echt Belgisch, die stijl en die mode. Eind jaren 80, begin jaren 90 kwam men van heinde en ver naar hier om te feesten van woensdagavond tot dinsdagmorgen. De clubs waren doorlopend open. Die elektronische muziek, daar mogen we inderdaad echt trots op zijn. Ik ben in ieder geval trots. Ik ben ook een beetje een Johnny. De meeste van mijn goeie vrienden zijn Johnny's en de meest getalenteerde mensen die ik ken zijn Johnny's.

"Yeah, I believe in the Johnnies. (schatert)"

Jongens die ergens bij willen horen. Daar gaat het verhaal ook over: de angst voor de afwijzing.

Pront: "Niets zo grappig als iemand die zich uit onzekerheid een imago aanmeet. Ik was onlangs nog op de kermis van Edegem, en daar stonden jongetjes van vijftien, zestien jaar met zeven op een rij bij de botsauto's. Die ene had een onzeker kindersmoeltje. Eigenlijk hoorde hij er helemaal niet bij. Maar hij deed zich stoer voor. Dat vind ik enorm fascinerend."

Is het de angst voor de afwijzing die je ertoe heeft aangezet om acteur te worden, Jeroen?

Perceval: "Nee, ik ben acteur geworden omdat ik geen diploma had en acteren me nog de beste levensoptie leek. Maar angst voor afwijzing heb ik zeker gekend. Je wilt graag gezien worden. Als je acteert, wil je dat het mensen raakt. Tenminste, dat is de intentie van veel artiesten.

"Niet alle acteurs zijn artiesten. Daar ligt nog een verschil. Die drang om creatief bezig te zijn is in vele gevallen een gevolg van een uit de hand gelopen neurose. Als ik een tijd stilzit, en niet aan het spelen ben, dan heb ik mezelf niet meer onder controle. Ik moet creatief bezig kunnen zijn vanuit een soort noodzaak. Het is een helend proces. Voor Robin is het niet anders. Als hij niet schrijft of filmt, wordt hij gek. Als hij op vakantie gaat, dan belt hij een dag later al op: 'Hé jong, ik heb een goed verhaal voor een film...' (lacht) En zo is dat ook met acteren."

Je tegenspeler is Kevin Janssens. Hij is op het laatste nippertje ingevallen voor Matthias Schoenaerts. Hebben jullie het daar met elkaar over gehad?

Perceval: "We hebben erover gesproken, ja, maar dat was snel beklonken."

Pront: "Ik had een buikgevoel. En ik heb Kevin uitgenodigd en het was vrij snel duidelijk dat hij de man was die we nodig hadden."

En Veerle? Na The Broken Circle Breakdown was er zoveel rond haar te doen. Was je niet bang dat je film in haar schaduw zou komen te staan?

Pront: "Dat het haar film ging worden? Als je als regisseur vreest dat je acteurs te groot zullen zijn voor je film, geloof je niet in je film. Je moet juist dankbaar zijn dat er zulke mensen willen meedoen. Ik kan nog altijd niet goed geloven dat ik echt de top van de top heb kunnen vragen. Dat is het toffe aan werken in Vlaanderen. Ik kan hier morgen de telefoon pakken en naar Jan Decleir bellen en vragen of hij een script kan lezen. In Amerika moet je daar niet aan denken. Je kunt niet zomaar even Christian Bale opbellen om hem een film voor te stellen."

Jeroen, jij bent ook regisseur.

Perceval: "Beginnend regisseur."

Je korte film August won vorig jaar het Brussels Short Film Festival. Je bent niet echt een groentje meer. Heb je iets van Robin geleerd op de set?

Perceval: "Ja, natuurlijk. Ik heb vaak gedacht, terwijl ik stond toe te kijken: o, zo kan het ook. Robin wil van iedere scène iets speciaals maken. Je kunt denken: dit is een kleine overgangsscène tussen twee belangrijke scènes, een fragment dat we even nodig hebben. Nee, niets is toeval bij hem.

"Hij weet ook meteen: wacht eens, in die film hebben ze dat zo gedaan. Hij is een wandelende filmencyclopedie. Heeft voor alles een oplossing. Hij heeft alles gezien en herinnert zich alles.

"Plus, hij kan ook alles loslaten. Als hij ziet dat iets niet werkt, dan komt hij met een ander idee aanzetten. Het gebeurt wel eens dat ik op een set sta en me afvraag of de regisseur zelf wel weet wat hij aan het doen is. Bij Robin is die gedachte nooit bij me opgekomen. Ik vertrouw hem compleet. En dat is zalig, op een set staan en kunnen denken: oké, Robin zal het wel weten. Hij is gewoon een natuurtalent."

Pront: "Ik zeg niet dat ik zelf talent heb, maar ik denk niet dat regisseren iets is wat je kunt leren. Al van toen ik in het eerste jaar zat, kon ik zeggen: 'Die, die en die, daar gaan we nog iets van horen', en ik heb gelijk gekregen. Niet dat de anderen geen talent hadden.

"Maar het heeft ook met doorzettingsvermogen en ambitie te maken. Je voelt vrij snel aan wie over de nodige kwaliteiten beschikt."

Het feit dat je Gent mag openen, na die tegenvaller van vorig jaar...

Pront: "Je zult me geen slecht woord horen zeggen over Eriks film."

O ja, Erik Van Looy is een boezemvriend. Dat is loyaliteit. Daar gaat je film ook over.

Perceval: "Loyaliteit, dat is belangrijk. Wij mensen, wij hebben connectie nodig in het leven. Je carrière mag nog zo goed lopen, als je geen familie en vrienden hebt voor wie je kunt opkomen, voor wie je er kunt zijn, mensen die voor jou opkomen en die er voor jou zijn, dan ben je niets. Snap je? Voor mij is loyaliteit echt belangrijk. Dat is een essentie in het leven. Dat is wat een mens gelukkig maakt."

Maakt het je iets uit dat je de première mag doen in Gent? Is dat alleen van strategisch belang of betékent het ook echt iets voor jou?

Pront: "Wat ik nu meemaak, daar droomde ik van toen ik vijftien, zestien jaar was. Ik had toen om de ene of andere reden een perskaart (lacht), en toen ging ik daarmee naar het filmfestival en bekeek daar vier of vijf films per dag. Dat zijn mijlpalen in je leven."

En hoe gaat die droom verder? Adil El Arbi en Bilall Fallah bijvoorbeeld zijn al hardop aan het dromen van Hollywood.

Pront: "Ja, maar die zeggen: 'Ik wil Bad Boys 3 draaien.' Mij zou je al een geweer tegen mijn hoofd moeten zetten voor ik dat in overweging neem. En dan nog. Ik denk trouwens dat zij dat ook niet echt menen. Hoewel. (lacht) Nee, dat weet ik niet, moet je hen vragen.

"Ik wil gewoon goeie films maken, snap je? En altijd hoger mikken, dat wel. Zoals een voetballer de Champions League wil spelen. Maar je kunt ook met een hele goeie ploeg van Anderlecht de Champions League spelen.

"Ik ga niet naar Hollywood om daar een script te verfilmen dat eerder al door twintig regisseurs geweigerd is. Als ik daar ooit een topscript aangeboden zou krijgen waarmee je dan ook nog de betere acteurs aan de haak kunt slaan, ja, natuurlijk wil ik dat dan doen. Ik wil gewoon stappen vooruit zetten. En me bezighouden met zaken waar ik voor mezelf iets uithaal. Al die herrie eromheen, dat maakt niets uit. Het gaat niet om de interviews, de rode lopers of de feestjes. Je moet voldoening halen uit wat je doet."

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234