Donderdag 21/11/2019

Wie zal er voor de kinderen zorgen

Van de groenen moeten we omwille van de kinderen zorg dragen voor het milieu. Van rechts moeten we omwille van de kinderen streng besparen. In beide gevallen is er sprake van retorisch kindermisbruik.

"Wie zal er voor de kinderen zorgen", zingt/zong de ons te vroeg ontvallen Luc De Vos namens Gorki in het gelijknamige nummer. En ook: 'Wie smeedt voor hen het plan van morgen?' Zijn retorische vragen lijken de perfecte samenvatting van de argumentatie in uiteenlopende politieke debatten. We móéten iets doen, of onze kinderen zullen er het gelag voor betalen - die betoogtrant. Deze week was het weer zo-ver, in de overigens boeiende discussie over het klimaatbeleid. "Allereerst voor mijn kinderen", antwoordt een moeder in een filmpje van de Nederlandse klimaatactiegroep Urgenda, vertoond in Terzake, op de vraag waarom ze protesteert tegen het milieubeleid van haar regering. Daarbij aait ze haar meebetogende kinderen even liefde- als betekenisvol over het hoofd. De conclusie is helder: alle goede ouders staan aan haar zijde.

In dezelfde reportage expliciteert Urgenda-activiste Marjan Minnesma hetzelfde argument voor de slechte verstaanders. "Met de toekomst van je kinderen kun je niet gokken. Daar kun je niet van zeggen: 'We zijn het niet eens, we modderen nog maar wat aan.'" Het is haar verantwoording om het politieke klimaatdebat voor de rechtbank te beslechten, zoals nu ook in België het plan is. "Want hierover speel je geen politieke spelletjes."

Moralistisch gezagsargument

Met alle sympathie voor de klimaatzaak, maar wie de kaart van de kinderen trekt, bezigt een verderfelijk argument. De redenering balanceert op het randje van de antipolitiek, omdat ze zich verheft boven het gangbare politieke debat. Dat wordt gereduceerd tot inferieure 'politieke spelletjes'. Democratie als georganiseerd, vreedzaam meningsverschil wordt gelijkgesteld met het 'verkwanselen' van kostbare tijd.

Het schermen met de toekomst van 'onze' kinderen is een argument dat elke tegenspraak uitsluit, want eruit volgt dat wie er een andere mening op nahoudt een 'slechte ouder' is. Het gaat er niet om dat die andere mening juist is, het gaat om het democratische recht om er een andere mening op na te mogen houden, zonder dat daar een morele veroordeling aan vastgehecht wordt.

Kinderen inzetten als moralistisch gezags-argument is geen privilege van ecologisten. Exact hetzelfde werd de voorbije weken ter rechterzijde gedaan door voorstanders van het saneringsbeleid van de regering. Werkgeversorganisatie Voka publiceert een campagne met de in kinderhandschrift geschreven slogan 'Bedankt mama en papa' (en de mensen die vandaag gaan werken en meebouwen aan mijn toekomst).

Ook pensioenexperts laten hun opinie graag klinken als de waarheid uit een kindermond. "Werk langer, denk aan uw kinderen", roept econoom Gert Peersman in De Standaard. Waarop demograaf Patrick Deboosere repliceert: "Werk minder lang, denk aan uw kinderen en aan uzelf." Ook moraliserend, indien ernstig bedoeld, maar vooral een prikkelende tegengedachte die illustreert dat wat absoluut en ontegensprekelijk 'goed voor de kinderen' heet te zijn ook maar een ideologische constructie is.

Want zo bij elkaar opgeteld, wordt de doorsnede van goede, verantwoordelijke ouders in dit land wel erg smal. Alleen wie én voor het saneringsbeleid van de regering is én tegen haar klimaatbeleid, mag blijkbaar nog tot die categorie gerekend worden. Dat moet dan de microscopisch kleine minderheid zijn van groenen die de regering-Michel steunen.

'De pot op!'

Het verst in het moraliseren van het meningsverschil gaat Luc Coene, gouverneur van de Nationale Bank. "De mensen die gaan staken tegen de sanering, zeggen eigenlijk tegen hun kinderen: jullie kunnen de pot op. Ik vind dat bijzonder erg", zegt hij in Trends. Alleszins 'bijzonder erg' is dat hij vanuit zijn neutraal geachte positie een bij uitstek ideologisch debat probeert te beslechten door mensen met wie hij het oneens is uit te sluiten van het democratische speelveld. Oppositie voeren tegen het regeringsbeleid is niet langer een democratisch recht, het wordt een daad van morele onverantwoordelijkheid. Het is het argument van de ethische superioriteit: wat wij doen is goed, want het is in het belang van uw en onze kinderen.

Het is geen toeval dat het gegoochel met kinderen precies in dit soort discussies opduikt. Langer werken, besparen op overheidsuitgaven of werken aan een beter klimaat vergen een beleid op langere termijn. Een van de grootste tekortkomingen van het huidige politieke bestel is dat beleidsmakers gevangenzitten in een kortetermijndenken. Daaraan is het maar moeizaam ontsnappen door de druk van steekvlamdiscussies en opeenvolgende verkiezingscampagnes. Om het belang van die langere termijn concreter te maken, wordt de metafoor van de toekomst van onze kinderen bovengehaald. Het zullen immers die kinderen zijn die op lange termijn de vruchten plukken van wat nu beslist is, zo gaat de redenering.

Die metafoor van de onschuld is niet onschuldig. Het is een retorische truc om de abstracte toekomst synoniem te maken aan concrete kinderen. Voor vele ouders is onzekerheid over de toekomst die hun kinderen zullen beleven een bron van grote bekommernis. Door die kinderen in het 'toekomstdebat' te betrekken, wordt ingespeeld op het sluimerende schuldbesef dat zovele ouders treft. Ze zouden hun kinderen graag een zorgeloze toekomst kunnen garanderen, maar die zekerheid heeft nu eenmaal niemand. Hier wordt de illusie opgehangen dat die zekerheid wél geboden kan worden, als je maar de 'goede' politieke overtuiging volgt. En de goede overtuiging is de onze, dat spreekt vanzelf.

Zo wordt de indruk gewekt dat er maar één ware weg is die naar toekomstig welzijn leidt. Dat is een ontkenning van het wezen van politiek zelf, van het vreedzaam laten botsen van tegengestelde overtuigingen. De eigen wil als exclusieve norm opleggen is een kenmerk van totalitaire regimes. Niet toevallig zoeken die vaak hun verantwoording in een morele of religieuze grond.

Kalifaatdenken

Zoals de befaamde Belgische politicologe Chantal Mouffe opmerkte, verschuift zo de breuklijn tussen links en rechts naar een breuklijn tussen goed en kwaad: "Van een politiek discours evolueren we naar een moreel discours: wij, de goeie democraten, en zij, het kwaad." De tegenstrever is niet iemand die door debat overtuigd kan worden, maar een vijand die uitgeschakeld moet worden. Het is politiek kalifaatdenken.

Die verwarring van tegenspraak met vijanddenken typeert ons groeiende onvermogen om met meningsverschillen te kunnen omgaan. Tegenstrevers worden niet langer met politieke maar met morele argumenten bekampt. Dat is een riskante evolutie. Een andere mening kun je weerspreken, een foute mening kun je verbieden. De grens naar het fysiek uitschakelen van andersgezinden wordt dun. Zo ver zijn we gelukkig nog niet, maar de inflatie aan doodsbedreigingen voor spraakmakers en politici mag aanleiding geven tot enige ongerustheid.

Het is een bedje waarin links en rechts even ziek zijn. Je hoort het op links wanneer de Franstalige socialisten N-VA-politici blijvend associëren met het foute oorlogsverleden. Je hoort het op rechts wanneer vakbondsprotest wordt gecriminaliseerd tot een aanval op de democratie. En je hoort het dus, op links en op rechts, wanneer kinderen in het debat getrokken worden. Kinderen zijn het menselijke schild dat alle tegenargumenten moet afweren: wie ons tegenspreekt, raakt aan onze kinderen.

Het is de vertaling van het politieke meningsverschil in een Bijbelse taal. Een andere mening hebben, wordt een zonde. Het beeld van de ark van Noach is zelden ver weg in het vaak apocalyptisch gestelde klimaatdebat. Wie geen streng klimaatbeleid wenst, zal de wereld doen vergaan. En wie geen streng besparingsbeleid wenst, zal de welvaartsstaat doen vergaan.

De tegenstander wordt weggezet als een hedendaagse lichtzinnige Madame de Pompadour. Van haar komt de uitspraak 'Après nous le déluge' (na ons de zondvloed). Het is geen toeval dat die woorden vandaag weer over en weer gaan als vast verwijt in het politieke halfrond.

slacht het kalf met de gouden eieren
breek de boel af, leef in zonde
strooi het zout in elke wonde
maar spaar jezelf voor de laatste ronde

(Gorki, 'Wie zal er voor de kinderen zorgen')

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234