Zaterdag 18/09/2021

Wie wil integreren in de nieuwe maatschappij zal moeten werken

Het huidige integratieproces zit in het slop. De vraag is hoe het dan wel moet. Velen geloven in een verplichte inburgering waarbij allochtonen op zijn minst de taal moeten leren van de maatschappij waarin zij terechtkomen. Maar ook 'zuivere' Belgen zullen zich moeten aanpassen. 'Moet niet evenveel tijd, geld en energie gestoken worden in het 'inburgeren' van autochtonen die niet klaar zijn voor de nieuwe samenleving van morgen?'

Koen Vidal

Het integratiebeleid dat de Belgische en Vlaamse overheden de jongste tien jaar uitstippelden, lijkt voor een groot deel mislukt. Dat blijkt toch uit tal van cijfers en feiten. De werkloosheidsgraad bij allochtonen ligt vier keer zo hoog als bij autochtonen, Turkse werknemers verdienen gemiddeld 32 procent minder dan 'zuivere' Belgen, slechts 1 procent van alle Turkse en Marokkaanse jongeren stoot door naar het hoger onderwijs, stemrecht voor migranten zit na al die jaren nog steeds in de pipeline. Ook het terugdringen van het Vlaams Blok, een van de afgeleide doelstellingen van het integratiebeleid, is mislukt.

Ongeveer een jaar geleden kende de discussie over het failliet van het integratiebeleid een korte maar hevige opstoot. De intellectuele voorhoede van de allochtone gemeenschap kroop toen in haar pen om de tekortkomingen van de sector aan de kaak te stellen. De woorden die in bepaalde opiniestukken gebruikt werden, waren hard. Het hele integratieconcept was 'racistisch', 'xenofoob' en 'mensonterend'. Allochtone politici à la Fauzaya Talhaoui en Nahima Lanjri waren excuus-Truzen die hadden toegegeven aan de fletse assimilatiepolitiek van het establishment. Johan Leman moest als peetvader van een voorbijgestreefd en paternalistisch beleid zo snel mogelijk ontslag nemen.

De discussie was misschien wel hevig, maar ook kortstondig. Na een stroom opiniestukken en lezersbrieven deemsterde het debat weg zonder dat er iets op het terrein leek te veranderen. Tot grote frustratie van zij die de polemiek hadden aangezwengeld. "Wat wij toen deden was blijkbaar not done", zegt Tarik Fraihi, medewerker van de Federatie Marokkaanse Democratische Organisaties en voorzitter van Centrum West. "Vraagtekens plaatsen bij het minderhedenbeleid is verboden. Volgens mij is die angst voor kritiek ingegeven door een nog grotere angst voor het Vlaams Blok. De integratiesector wil blijkbaar haar gebreken niet tonen uit vrees voor aanvallen vanuit het extreem-rechtse kamp. Dat is een gevaarlijke houding, want op die manier blijft de sector kaduuk draaien en blijft het Blok de enige kritische stem in het minderhedendebat."

Een van Fraihi's belangrijkste kritieken op het huidige integratiebeleid is dat allochtonen zelden om hun mening gevraagd worden. "Nog steeds worden allochtone verenigingen en organisaties niet erkend als volwaardige gesprekspartners en nog al te vaak worden hun standpunten genegeerd", schrijft hij in het jongste nummer van Samenleving en Politiek. "Kijk maar naar het onthaalbeleid voor nieuwkomers of het spreidingsbeleid in het onderwijs, waar allochtone verenigingen niet eens worden geconsulteerd." Fraihi heeft het over een mislukte, paternalistische integratiepolitiek. "Er wordt eerder een beleid voor dan met de verschillende allochtone gemeenschappen gevoerd. Waarom mogen wij onze eigen verantwoordelijkheid niet nemen? De hulp die ons wordt aangeboden is bijna altijd dwingend van karakter, steeds met de onderliggende boodschap 'ik weet wat goed voor u is'."

Een andere kritiek van mensen als Fraihi is dat het minderhedenbeleid vooral een welzijnsbeleid is met een hoog caritasgehalte. Integratie wordt daardoor gereduceerd tot het opvangen van uit de boot gevallen allochtonen. "De nadruk zou moeten liggen op degelijk onderwijs en degelijke tewerkstelling, niet op welzijn. Er moet met andere woorden een horizontaal beleid komen waarbij ministers van Arbeid en Onderwijs zich de vraag stellen of hun beslissingen ook de allochtone gemeenschap ten goede komen."

Misschien wel het belangrijkste structurele gebrek van het minderhedenbeleid is volgens Fraihi dat het een verdoken assimilatiebeleid is. "Wie voldoet aan bepaalde voorwaarden van het Belg of Vlaming zijn mag deelnemen aan het maatschappelijk leven, wie niet voldoet blijft buiten. Integratie is vaak niet meer dan het 'in de gratie' vallen bij de autochtone bevolking. We moeten af van dat concept en evolueren naar een samenleving waar verschillen niet geproblematiseerd worden en waar mensen en groepen het recht hebben om anders te zijn. Momenteel worden zoveel zaken onterecht als problematisch beschouwd: waarom is een school met 100 procent allochtonen per definitie een probleem? Er is toch onderwijsvrijheid, een allochtone ouder mag toch kiezen naar wat voor school hij zijn kind stuurt. Waarom is een bejaardentehuis voor alleen maar Turken een probleem? Een bejaarde Turk heeft toch het recht om, net zoals een autochtone Belg, te kiezen waar hij zijn oude dag het liefst doorbrengt. Ook voor allochtonen moet er keuze zijn."

Eigenlijk is Fraihi tegen het begrip integratie. "Omdat het een overbodig begrip is. Allochtonen zijn per definitie geïntegreerd, ze leven in België en maken daardoor automatisch deel uit van onze samenleving. De cruciale vraag is hoe je die samenleving organiseert zodat iedereen aan bod komt."

Niet iedereen is het eens met de visie van Fraihi. Onder meer VUB-professor Mark Elchardus vindt dat het begrip multicultureel op een realistischere manier moet ingevuld worden. "Voor de overheid is het praktisch en financieel onmogelijk om alle autochtone en allochtone cultuurbelevingen te subsidiëren. Kijk maar naar België, waar men al de grootste moeite heeft om drie culturen met drie verschillende talen te beheren. Ons land functioneert amper." Elchardus begeleidt momenteel een twintigtal jongeren die zich over het integratievraagstuk buigen. Dat moet resulteren in enkele concrete projecten die met het geld van het fonds van de verzekeringsmaatschappij P&V worden uitgevoerd. "Ik ben het eens met de analyse dat het integratieproces aan het mislukken is. Niet enkel in België maar ook in andere landen. Bijna overal waar bevolkingsgroepen via migratie met elkaar in contact komen, ontstaan er spanningen. Wat mij bevreemdt, is dat de discussie over dat fenomeen in het slop is geraakt. Ik hoor weinig nieuwe ideeën. Het debat is vastgelopen in een aantal droge stellingen over de inhoud van begrippen als integratie, multiculturaliteit, assimilatie." Elchardus ergert zich ook aan de politieke correctheid van het minderhedendebat. "Wat mij tijdens de discussies met die jongeren opvalt, is dat zij geen boodschap hebben aan politiek correcte oplossingen die onhaalbaar zijn. Wel zijn bijna alle deelnemers aan die discussie voorstander van een vorm van inburgering waarbij allochtonen de plicht hebben om de taal van het land te leren. Verplichte inburgering is voor hen geen heilig huisje meer."

Inburgering is een begrip dat ook goed ligt bij vele beleidsmakers. Zo ziet het ernaar uit dat het integratiebeleid van de Vlaamse regering in de eerste plaats een inburgeringsbeleid zal worden. Maar experts waarschuwen voor de beperkingen van zo'n inburgeringsbeleid. "Het is niet uitgesloten dat het beleid zichzelf zal vastrijden", zegt migratie-expert Johan Wets van de KU Leuven. "In het verleden is al gebleken dat de vraag naar taalcursussen vanuit de allochtone gemeenschap groter was dan het aanbod van de Vlaamse overheid." Vanuit de sector van de basiseducatie wordt al een tijdje gewaarschuwd voor het al te vrijblijvende denken omtrent inburgering. "We hebben al jaren te kampen met een acuut gebrek aan middelen om tot een behoeftedekkend aanbod te komen", schrijven Jef Van Doorslaer en Roger Jacobs van het Centrum voor Basiseducatie in Hasselt in een opiniestuk. "We werken dus met wachtlijsten. De inburgeringswil van migranten is met andere woorden veel groter dan wat de overheid kan beantwoorden." Uit een vergelijking met Nederland blijkt dat de overheid per nieuwkomer/allochtoon ongeveer 200.000 frank aan vormingscursussen moet investeren. Dat betekent dat Vlaanderen in totaal ongeveer 1 miljard frank per jaar moet investeren, een enorme som in vergelijking met het bedrag dat de Vlaamse regering in het jaar 2000 uittrok voor onthaalbeleid: 45 miljoen frank. Bovendien betwijfelen Van Doorslaer en Roger Jacobs of taalcursussen wel het juiste middel zijn om integratie te realiseren. "Dat die lesjes inburgering de kansen op een job nauwelijks verhogen, wordt er nooit bijverteld. Allochtonen als onvolwaardige burgers behandelen door hen het stemrecht te ontzeggen en hen tegelijk paternalistisch te 'dwingen tot emancipatie' is niet alleen wansmakelijk, het getuigt ook van een totaal ongeloofwaardige bekommernis om de integratie van onze 'vreemde medemens'."

Migratiespecialist Wets wijst op de gevaren van een onvolkomen inburgeringsbeleid: "Wat als een allochtoon aan alle voorwaarden tot inburgering voldoet en toch nog gediscrimineerd wordt? Er zijn heel veel allochtonen die de taal beheersen, die zich houden aan de vigerende wetgeving, zich aan de elementaire maatschappelijke spelregels houden en toch worden ze gediscrimineerd. Dat zorgt voor frustratie die kan leiden tot radicalisering." Daarvoor waarschuwt ook Tarik Fraihi: "Wie voortdurend als outsider behandeld wordt, radicaliseert. Dat verklaart de conservatieve, extreem-rechtse reflex die je momenteel bij nogal wat allochtonen ziet." Voor die allochtone outsiders bestaat trouwens een aparte term: de EAB, de Eeuwig Andere Burger. Fraihi: "Hoezeer allochtonen ook hun best doen om zich aan de autochtone maatschappij aan te passen, ze zullen altijd op hun vreemde naam en donkere uiterlijk worden aangesproken."

Als er dan toch over inburgering moet gesproken worden dan liefst over inburgering langs twee kanten, menen vele experts. Met andere woorden: niet enkel de allochtonen hebben plichten, maar ook de autochtonen moeten inspanningen leveren. "Men verwacht dat allochtonen zich inburgeren", aldus Piet Janssen, directeur van het Vlaams Minderhedencentrum (VCM), "maar moet niet evenveel tijd, geld en energie gestoken worden in het 'inburgeren' van autochtonen die niet klaar zijn voor de nieuwe samenleving van morgen?" Fraihi: "Men verwacht dat allochtonen aan zelfkritiek doen, maar zelfkritiek bij de autochtonen is onbestaande. In plaats van allochtonen allerlei verplichtingen op te leggen zou de overheid er beter aan doen om het racisme binnen haar eigen gemeenschap aan te pakken. Of werk te maken van een echt antiracismebeleid, waarbij bijvoorbeeld discriminerende werkgevers gesanctioneerd worden. Ook in het onderwijs heeft de overheid nog veel werk. Zo moeten autochtone jongeren meer kansen krijgen om kennis te maken met andere culturen. In de lessen geschiedenis zou men best afstappen van de klassieke eurocentrische aanpak en ruimte bieden voor andere beschavingen. Ook bij de media is er een groot gebrek aan kennis van andere culturen en redeneert men vaak vanuit een eenzijdig wereldbeeld."

Ook Saïda Sakali, kabinetsmedewerkster bij Vlaams arbeidsminister Renaat Landuyt (SP.A), is voorstander van een wederzijdse inburgering. "Inburgering heeft niets te maken het verwerven van een Vlaamse identiteit maar met voluit kunnen deelnemen aan de maatschappij. Het beheersen van de taal is daarvoor een noodzakelijk middel. Het is niet verkeerd om op dat vlak inspanningen te eisen van allochtonen, op voorwaarde natuurlijk dat ook autochtonen inspanningen leveren, zowel de overheid, de bedrijfswereld, als de burgers."

Sakali was een van die allochtone jongeren die een jaar geleden de integratiesector de gordijnen injoegen. "Ik had het huidige integratiebeleid als een alibibeleid omschreven en dat is niet in goede aarde gevallen. Plotseling was ik een rabiate islamiste. Ik blijf echter bij mijn standpunt. Zo kan er van een ernstig minderhedenbeleid pas sprake zijn als dat beleid horizontaal wordt gevoerd. Met andere woorden: dat niet enkel de ministers die rechtstreeks bevoegd zijn voor integratie maar alle ministers hun verantwoordelijkheid moeten nemen bij het wegwerken van discriminaties." In die zin gelooft Sakali sterk in het zogenaamde Trivisi-project van minister Landuyt, dat steun verleent aan bedrijven die bereid zijn om minderheidsgroepen meer kansen te geven. Het gaat dan niet enkel om allochtonen maar ook om vrouwen met kinderen, oudere werknemers en gehandicapten. "Ons uitgangspunt is dat een bedrijf een dwarsdoorsnede moet zijn van de maatschappij. Als minderheden in een bedrijf niet gerespecteerd worden, kun je niet verwachten dat ze in de maatschappij als volwaardige burgers worden beschouwd. We noemen dat evenredige participatie, diversiteit of equity. In die formule moeten alle partners inspanningen leveren: de overheid geeft geld en vormingspakketten aan bedrijven en in ruil zorgen die bedrijven voor meer en betere werkgelegenheid bij minderheidsgroepen als allochtonen. Ook de betrokken werknemers moeten een inspanning leveren door zich bij te scholen. Het is een formule die voor alle partijen voordelen oplevert. Minderheidsgroepen krijgen een eerlijke kans en bedrijven kunnen hun voordeel halen uit het feit dat ze tevreden werknemers hebben of werknemers met een buitenlandse ervaring." Volgens Sakali hebben al 150 bedrijven zich ingeschreven voor het Trivisi-programma, waaronder het informaticabedrijf Cisco Systems en de airconditioningproducent Daikin.

Diversiteit of evenredige participatie worden steeds meer de centrale begrippen van het minderhedenbeleid. Ook KU Leuven-antropologe Ching Lin Pang vindt dat het debat in die richting moet evolueren. Pang is ook coördinator van de antiracismenetwerken Raxen en Merib. "In plaats van vernietigende kritiek te leveren op integratie en integratiebeleid en zo het kind met het badwater weg te gooien, kan men best 'integratie' opnieuw herdenken in de zin dat diversiteit de norm wordt. Diversiteit op basis van nationaliteit, etnische afkomst, geslacht, leeftijd, seksuele voorkeur, handicap enzovoort moet door een zo groot mogelijk publiek aanvaard en gedragen worden. Onder de diverse doelgroepen vallen dan ook etnische minderheden en nieuwkomers." Pang zou bijvoorbeeld graag zien dat een instelling als de VRT het diversiteitsdenken zou toepassen: "De BBC doet dat al veel meer. Daar zie je bijvoorbeeld veel meer allochtone nieuwslezers op het scherm. Maar ook vrouwen en andere minderheidsgroepen komen veel meer in beeld. Het principe is dat je groepen die vaak als bedreigend of minderwaardig worden beschouwd als troef, als een verrijking uitspeelt."

Pang is verre van pessimistisch over de slaagkansen van diversiteit. De evolutie is niet meer tegen te houden. Allochtonen zullen op termijn een volwaardige maatschappelijk positie verwerven, in de eerste plaats omdat steeds meer mensen er rekening mee zullen moeten houden. Politieke partijen zullen in de allochtone gemeenschap een potentieel electoraat ontdekken. Verder zullen bedrijven allochtonen steeds meer als volwaardige consument gaan beschouwen om de eenvoudige reden dat allochtonen ook koopkracht hebben." Johan Wets is het daarmee eens. "Bedrijven zullen steeds meer rekening moeten houden met allochtonen omdat ze veel geld hebben. Jaarlijks sturen migranten wereldwijd zo'n 71 miljard dollar naar hun familie in het thuisland. Dat is 20 miljard dollar meer dan het mondiale budget voor bilaterale ontwikkelingshulp. Migranten creëren ook nieuwe jobs, indirect door hun uitgaven en hun belastingen en direct door de bedrijven die zij opstarten. Met een jaaromzet van meer dan 854,5 miljard frank in 1998, zorgde de kebabeconomie in Duitsland voor een aanzienlijke bijdrage tot de nationale economie. Integratie wordt niet enkel gerealiseerd door goedmenende overheden en assertieve allochtonen, het is ook iets dat voor een stuk automatisch zal gebeuren en onstuitbaar is."

Tarik Fraihi: 'Nog steeds worden allochtone verenigingen en organisaties niet erkend als volwaardige gesprekspartners en nog al te vaak worden hun standpunten genegeerd'Johan Wets: 'Wat als een allochtoon aan alle voorwaarden tot inburgering voldoet en toch nog gediscrimineerd wordt?'Saïda Sakali: 'Niet enkel de ministers die rechtstreeks bevoegd zijn voor integratie, maar alle ministers moeten hun verantwoordelijkheid nemen bij het wegwerken van discriminaties'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234