Donderdag 28/01/2021

Wie niet wint, verliest

CSC-ploeg van geletruidrager controleert rit op dak van Tour met miniem resultaat

Eerst was er de allerlangste beklimming van de hele Alpen, spannend-spannend-spannend, maar er gebeurt uiteindelijk niets. Eindelijk is de top daar, de afdaling, een zucht van opluchting. En dan: patat. Een geslaagde aanslag van de man die nooit iets durft. Van Cadel Evans.

Dit is stilaan een Tour als een thriller. Geen horror met rondspattend bloed, maar eerder van Hitchcocksignatuur: gradueel opgebouwde spanning waarin kort voor het einde de afloop nog hoogst onzeker is. En waarin de wendingen zich voordoen wanneer ze niet meer verwacht worden.

En reken maar dat 'de streek' van Evans aankwam. De kopgroep heeft net de hoogste col van de Tour beklommen, van Europa zelfs. De renners weten dat ze tot volgend jaar nooit meer zo hoog moeten gaan en als de Tourdirectie vriendelijk is met het uittekenen van het parcours, misschien nooit meer. De laatste keer dat de Bonette werd beklommen, was in 1993. Dat is anderhalve rennerscarrière geleden.

En dan gáát Cadel Evans. Een ex-mountainbiker die even zijn oude kunstjes liet zien. De anderen gaan mee, neen, moeten mee, tengere, broze rennerslijven in een halsbrekende afdaling, op leven en dood. Dat is heus geen literaire overdrijving, want maar een paar minuten eerder had de Zuid-Afrikaan John-Lee Augustyn hier zijn bocht gemist, een spectaculaire schuiver die meters lager eindigde in het grind van de Bonette. Hij kwam er redelijk ongedeerd af, klom naar boven en eindigde de rit nog als 35ste (zie p. 35).

Omdat er een motor was blijven staan op de plaats van het onheil, moest Evans even inhouden, anders had hij zich nog roekelozer de diepte in gestort. Al zijn gezellen dus mee. Behalve Denis Mensjov. Een belabberd daler, het is bekend. Ook bij Evans. En bij de ploegleiding. Een aanval die niet verwacht was, maar gepland. En voorbereid. Na de Dauphiné verkenden Mensjov en Evans de Bonette, toevallig op dezelfde dag. Het was barslecht weer, het sneeuwde zelfs. Mensjov deed de klim per fiets en de afdaling in de auto. Evans de klim per auto en de afdaling per fiets.

Silence-Lottomanager Marc Sergeant: "Als de Tourdirectie zo'n parcours uittekent, betekent dit dat ze spektakel willen. Wel, we hebben het gegeven. Ook bergaf wordt er gekoerst."

Afdalen: het is een kunst op zich en het niet kunnen is net zo onvergeeflijk voor een ronderenner als niet kunnen tijdrijden. Jan Ullrich heeft zichzelf minstens twee keer in de problemen gebracht: in 1996 moest hij, in het geel, in de afdaling van de Glandon de halve Festinaploeg laten gaan. Pas na een lange jacht bracht zijn ploegmaat Bjarne Riis hem terug. In 2001 dook diezelfde Ullrich in de afzink van de Peyresourde in de natuur, Lance Armstrong was zo attent hem op te wachten.

En wie kan dalen, kan het met succes gebruiken. Stephen Roche nam in 1987 in de afzink van de Joux-Plane 20 cruciale seconden terug van gele trui Pedro Delgado, een miserabele daler, die in 1984 in diezelfde afdaling zijn sleutelbeen brak. Delgado durfde Roche niet te volgen. Roche wint de Tour.

Mensjov gaf aan de aankomst in Jausiers 35 seconden toe op de groep-Evans. Dat is meer dan hij op Prato Nevoso terugwon. Hij ligt nu 1'13" achter op Schleck. In een gewone Tour is dat een klein verschil, dit jaar is dat lichtelijk dramatisch.

En het is Evans gegund. Hij viel aan. Hij nam initiatief. Hij won seconden. Hij richtte zich op na zijn nederlaag van zondag, door onverantwoord snel richting vallei te duiken. Sergeant kon zijn pret niet op: "Een aanval waar niemand het verwachtte. Heerlijk toch."

En zo zijn alle schijnwerpers weer op Cadel Evans en zijn Belgische ploegje gericht. Tot verwondering van CSC, waar dit niet de bedoeling was, en tot immense vreugde in het eigen kamp.

Het zou een interessant wetenschappelijk experiment zijn: Marc Coucke van kop tot lies opensnijden en grondig uitpersen, om zo inzicht te krijgen in de wonderlijke hoeveelheid adrenaline die een mens kan bevatten. Liters?

Like him or hate him, maar de hoofdsponsor van Silence-Lotto is een fenomeen. Op Prato Nevoso verloor zijn sterrijder Cadel Evans wat tijd, dus was de grote baas van Omega Pharma zo gespannen als een veer. Niet goed in zijn vel, wat ontgoocheld maar toch (over)beschermend voor zijn ploeg en zijn kopman.

In Jausiers was Evans de winnaar van de dag, en dan is het leven even hemelsblauw als het zomerse uitspansel hier in de Alpen. Dan is er energie te over. Ook al loopt er een manager rond, drie ploegleiders, een woordvoerder en nog een pr-man, het is de grote sponsor himself die aanwijst, dirigeert, motiveert, rondloopt, een fiets aanneemt, aan een renners zoekende Carl Berteele vraagt om even te wachten, als Mario Aerts aangefietst komt zijn renner tot bij de VRT-journalist brengt: "Kom Mario, een minuutje voor de radio."

Wat de ene dag kan irriteren, is een paar uur later charmant, grappig, soms zelfs innemend. Al zien we de internationale CEO van CSC of Rabobank hier niet à l'improviste de aankomst van een rennersploeg, de opvang van overal aanlopende journalisten en de aanpak van drommen toeristen helpen regelen.

Maar het schetst de sfeer aan de aankomst, en vooral: de ontlading na een dag van gespannen zenuwen, zonder eigenlijk één mogelijkheid tot ontlading.

Evans viel aan. Nam initiatief. Won seconden. Hij richtte zich op na zijn nederlaag

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234