Zaterdag 18/01/2020

Wie is er na Cyprus aan de beurt? Slovenië, Spanje, of Luxemburg?

Zowel eurolanden in nood als leden met een grote bankensector reageren ongerust na de drastische 'redding' van Cyprus. Spanje en Italië vrezen kapitaal-vlucht. Slovenië huivert voor een Cypriotische 'redding'. Ook het rijke Luxemburg is ongerust.

Cyprus is na Griekenland, Ierland, Portugal en Spanje al het vijfde land van de eurozone dat noodsteun nodig had. Volgens Laza Kekic, eurozone-analiste van The Economist Intelligence Unit, is de kans op 'besmetting' van andere lidstaten door de chaotische aanpak van de Cypriotische crisis groot. Volgens haar dreigt een mogelijk langdurige negatieve impact. "Het idee van een buitengewone heffing op spaartegoeden, ook al ontspringen de kleine spaarders nu de dans, dreigt te leiden tot een kapitaalvlucht en algemene onzekerheid in de volledige eurozone."

Vooral in de fragiele reuzen Spanje en Italië wordt gevreesd dat mensen met grote spaartegoeden, investeerders en buitenlandse ondernemers hun geld in veiliger oorden gaan beleggen - voor zover dat niet eerder gebeurde. In de komende dagen zal al te zien zijn of deze beweging zich inzet of niet. Om zo'n 'silent bank run' te voorkomen moet de eurogroep dringend olie op de golven gooien, al hadden de ongelukkige uitlatingen van eurogroepvoorzitter Dijsselbloem dat de Cypriotische redding een 'model kan zijn voor de rest van de eurozone' gisteren een averechts effect.

In Slovenië is de angst voor een Cypriotische 'redding' acuut. De Oost-Europese Alpenstaat probeert al maanden een internationale 'bail-out' te ontlopen. Hun banken zijn blootgesteld aan liefst 7 miljard euro rommelkredieten, een vijfde van het nationale economische volume. De kosten om de overheidsschuld te verzekeren zijn alleen al in de voorbije week met een kwart gestegen.

"Er is een risico dat de regeling in Cyprus het gedrag van spaarders in Slovenië kan beïnvloeden", erkende Timothy Ash van Standard Bank. De politieke onzekerheid draagt bij aan de onrust. Pas sinds vorige woensdag zit er een nieuwe, centrumlinkse, regering in het zadel. Een plan om de staatsbanken te helpen, die dit jaar meer dan 1 miljard euro vers kapitaal nodig hebben, is er niet.

Ook andere kleine lidstaten met offshorebanken zijn nerveus. Hoewel niet rechtstreeks bedreigd zijn ze verbouwereerd dat de eurogroep de Cyprioten verweet dat hun bankensector te groot was in verhouding tot hun eigen economie. In de Malta Times waarschuwde de Maltese minister van Financiën gisteren dat God zijn eiland moet helpen als ze ooit gelijkaardige problemen kennen, want in Malta is de bankensector bijna acht keer zo groot als het bruto binnenlands product.

Of wat te denken van Luxemburg? Hoewel het de rijkste lidstaat van de EU is, is zijn financiële sector liefst 23 keer zo groot als zijn bbp. Eén groot voordeel hebben de Luxemburgers wel: hun banken zijn grotendeels filialen van Franse, Duitse en Amerikaanse instellingen.

Toch kon de Luxemburgse minister van Buitenlandse Zaken Jean Asselborn het niet nalaten om afgelopen weekeinde Berlijn fijntjes te waarschuwen dat ze in het debat over 'te grote banken in kleine lidstaten' op hun woorden moesten letten.

"Sommige landen, zoals mijn land en ook Cyprus, hebben legaal iets opgebouwd in de voorbije decennia", zei hij. "Van dat principe mag niet worden afgeweken." Fijntjes voegde hij daaraan toe "dat niemand klaagde dat de Duitse auto- of wapenhandel buitenproportioneel groot is".

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234