Zondag 27/09/2020

Wie is er bang voor Clear Channel?

Rimpels in het Belgische concertlandschap: de vzw Rockomotive, die concerten organiseert in diverse Luikse clubs, zegt zijn samenwerking op met Clear Channel, de machtigste agent en concertpromotor in het land. In een opmerkelijk communiqué hekelt programmeur Fabrice Lamproye het 'imperialisme' en 'machtsmisbruik' van het Vlaams-Amerikaanse entertainmentbedrijf. Is zijn wrevel gerechtvaardigd? En hoe groot is de malaise in het noorden des lands? We legden ons oor te luisteren in het Vlaamse clubcircuit en laten de vermeende boeman ook zelf aan het woord.

Brussel

Eigen berichtgeving

Dirk Steenhaut

Om maar meteen met de deur in huis te vallen: Clear Channel Entertainment is niet echt populair. Het bedrijf, dat in België tachtig procent van de rockevenementen controleert, heeft als agent en promotor een monopoliepositie. Zoveel macht wekt wantrouwen. CCE is immers overal: het organiseert festivals als Rock Werchter, T/W Classic en I Love Techno, maar heeft daarnaast, als partner, een grote invloed op het welslagen van Pukkelpop, Cactus, de Lokerse Feesten en Les Nuits Botanique. Als marktleider deelt Clear Channel de lakens uit: iedere clubprogrammeur of concertorganisator in ons land die een Britse of Amerikaanse groep op zijn podium wil, weet onderhand tot wie hij zich moet wenden. CCE onderhandelt met buitenlandse agenten, biedt concertdata aan van de binnen- en buitenlandse groepen die ze vertegenwoordigt en vraagt in ruil een commissie die ongeveer vijftien procent van de opbrengst van het geboekte optreden bedraagt. De concerten van populaire artiesten zoals Prince, Robbie Williams, David Bowie of Coldplay organiseert Clear Channel echter zelf, in zalen als Vorst-Nationaal of het Sportpaleis.

In de VS is CCE, sinds het in 2000 SFX Entertainment opslorpte, de onbetwistbare nummer één en sindsdien probeert het ook het Europese concertcircuit in zijn greep te krijgen. In België haalde het in 2001 met Rock Werchter (van Herman Schueremans), On the Rox (van Kris Verleyen), Sound & Vision (van Philippe Kopp en Christian Verwilghen) en Make It Happen (van Paul Ambach en Michel Perl) de belangrijkste spelers op het veld binnen. Er werd een fusie doorgevoerd, de verschillende promotoren mochten zich voortaan consultants van CCE noemen en het publiek kreeg de garantie dat grote acts als U2, R.E.M., Bruce Springsteen of The Rolling Stones ons land in de toekomst niet zouden overslaan. Het eerste jaar bedroeg het zakencijfer van CCE-België zo'n twaalf miljoen euro. In economische kringen gewaagt men in zo'n geval van een major force.

Terwijl de consument klaagt over de fors gestegen ticketprijzen en reserveringskosten, groeit bij kleine concertorganisatoren uit de provincie de vrees dat ze onder het gewicht van CCE zullen worden verpletterd. Philippe Lamproye, al tien jaar programmeur in Luikse clubs als Soundstation en L'Escalier, heeft er, naar zijn eigen zeggen, genoeg van naar de pijpen van Clear Channel te dansen. De reden: er zouden hem door de multinational eenzijdig steeds meer verplichtingen en beperkingen worden opgelegd, die hem het werken onmogelijk maken. Ook zouden hem groepen worden opgedrongen die "moeilijk te plaatsen en te promoten" zijn. Lamproye beweert dat wie het spel van CCE niet mee wil spelen met een boycot wordt bedreigd of gewoon uit de markt wordt geduwd. Maar de Luikenaar heeft ook morele en ideologische bezwaren tegen Clear Channel, dat, althans in de VS, een spreekbuis is van de regering-Bush en zijn actieve steun verleent aan de oorlog in Irak. Gezien zijn aversie voor de globalisering kan Lamproye niet anders dan alle banden met CCE doorknippen.

Is er sprake van een geïsoleerde kamikaze-actie van Klein Duimpje dat heeft ingezien dat het tegen de Reus toch niets vermag? Of komt er ook elders een 'verzetsbeweging' op gang? Uit gesprekken met programmeurs uit het clubcircuit leren we dat er ook in Vlaanderen sprake is van onvrede: "Wie Clear Channel in de wielen rijdt, mag de boeken sluiten", zegt Serge Depauw, directeur van Hof ter Lo en De Luchtbal in Antwerpen. Wim Smets van de Hasseltse Muziek-O-Droom treedt hem bij: "Je relatie met dat bedrijf is zonder meer bepalend voor wat je kunt programmeren." Maar de bitterheid is zeker niet algemeen. "CCE bepaalt zelf aan wie het groepen aanbiedt en dat kan vooral minder centraal gelegen clubs parten spelen", stelt Amin Dridi van Democrazy. "In Gent ondervinden we daar echter weinig hinder van."

Toen we Herman Schueremans van CCE met enkele kritische oprispingen uit het clubcircuit comfronteerden, koos hij ervoor zijn boekingsagenten te laten reageren: "Die zijn tenslotte dag in dag uit op het terrein actief."

"Ik heb met Fabrice Lamproye altijd een goede relatie gehad", onderstreept Peter Verstraelen. "Ik vind Soundstation een leuke club om mee te werken. Het probleem met Lamproye is echter dat, als hij een bod doet op een bepaalde groep, het altijd extreem laag ligt. Zo biedt hij zonder te verpinken slechts 1.000 euro voor een band die elders 5.000 euro kan krijgen. Dat is onrealistisch. Toch staat hij te kijken als een agent of een management niet op zijn voorstel wil ingaan. Zijn onvrede steunt dus op het feit dat hij niet krijgt wat hij wil. Als hij twintig aanbiedingen krijgt, gaat hij er meestal slechts op vijf van in, en van die vijf wordt er door de agent doorgaans slechts één de moeite waard geacht. Gezien de tijd en energie die we aan Lamproye besteden, is dat een mager resultaat."

Philippe Van Elk: "In ieder geval hebben we elkaar er nog nooit toe aangespoord een club te boycotten. Clubs weigeren meer dan ze boeken; op den duur zouden we iedereen moeten negeren. Anderzijds bewijzen de clubs ons soms ook wel eens een dienst. Het is geven en nemen, hè?"

Teddy Hillaert: "We hebben sowieso weinig vat op wat een artiest of zijn vertegenwoordiger wil. Bands toeren steeds vaker wereldwijd, dus is er nog zelden ruimte voor meer dan één concert in België."

Marianne Dekimpe: "Agenten en platenmaatschappijen dringen er trouwens op aan dat hun artiesten op centrale plaatsen zoals Brussel of Gent spelen. Zo krijgen ze makkelijker aandacht van de pers."

Volgens Wim Smets van de Hasseltse Muziek-O-Droom is het een publiek geheim dat CCE in toenemende mate het profiel van de clubs bepaalt.

Verstraelen: "Dat is een simplificatie. Wij zijn niet almachtig. Net als alle promotoren, waar ook ter wereld, zijn we afhankelijk van het aanbod. Pas als een groep toerplannen heeft, kunnen we, in samenspraak met haar internationale agent of platenmaatschappij, bepalen welke keuzes opportuun zijn. Maar uiteindelijk hebben management en artiest het laatste woord. Een zaal in Brussel maakt veel meer kans een artiest binnen te halen dan een club in de provincie, dat spreekt vanzelf. Als het om internationale artiesten gaat, vallen er dus veel potentiële gegadigden uit de boot. Dat zoiets tot frustratie leidt, is begrijpelijk. Maar het is zeker niet fair alle schuld op CCE af te wentelen."

Van Elk: "Iedere club bepaalt zelf wat ze programmeert. Vaak blijkt er helemaal geen interesse te bestaan voor bands die we in de aanbieding hebben. Tot ze uiteindelijk in de AB-club spelen: dan wil iedereen ze, maar is het al te laat. Heel wat artiesten, zoals Papa Roach, Puddle of Mudd of Dido, die later groot zijn geworden, hebben tijdens hun eerste Europese tournee België overgeslagen omdat de clubs er niet aan wilden. Tja."

Hillaert: "Te veel clubprogrammeurs laten zich uitsluitend leiden door hun eigen smaak. Ze weten heel goed wat ze willen en wat niet; je kunt hen dus zeker niet alles doen slikken. Vooral gesubsidieerde instellingen houden er tegenwoordig enge criteria op na. Zelf vind ik nog altijd dat een geslaagde programmatie op een breed palet van genres steunt en dat marginaal naast populair hoort te staan."

Bart Geldhof, van De Kreun in Bissegem, beweert dat CCE enkel bereid is zich in te zetten voor die artiesten die de meeste winst genereren. Leidt zoiets niet tot een verschraling van het aanbod?

Yo Van Saet: "Het tegendeel is waar. CCE investeert veel in zogenaamde 'babybands'; jong talent van over de grens, maar ook van bij ons. We zien het clubcircuit dan ook als een kweekvijver voor aankomende bands. Maar het aanbod is beslist niet verschraald: onze concertlijst is nog nooit zo lang en uitgebreid geweest."

Dekimpe: "Bij CCE werken nog mensen die zich inzetten voor beginnende groepen die ze goed vinden, zoals Tom Helsen of Lemon, zonder dat het meteen vette commissies moet opleveren. Niets is boeiender dan een kleine artiest groot te zien worden."

Hillaert: "Je zult wel begrijpen dat aan een concert van An Pierlé met koor en orkest niemand geld verdient, ook CCE niet. Terwijl zo'n evenement een hoop voorbereiding vergt en veel tijd opslorpt."

Vervolg op pagina 53

In Le Soir verklaarde de Luikse hiphopformatie Starflam onlangs dat het voor Belgische bands die niet in hun repetitiehok weg willen roesten, onmogelijk is geworden niet met Clear Channel te werken.

Verstraelen: "Onzin. Er zijn nog andere boekingskantoren die goed werk leveren."

Hillaert: "Flip Kowlier, 't Hof Van Commerce, Admiral Freebee, Axelle Red, Venus en Laïs zijn maar enkele voorbeelden van Belgische acts die ook zónder CCE hun weg hebben gevonden en waar we veel waardering voor hebben."

Verscheidene programmeurs houden vol dat Belgische bands die door CCE worden vertegenwoordigd een smak duurder zijn geworden.

Hillaert: "Dat betwijfel ik. Wel is het zo dat als de populariteit van een artiest groeit, de prijs stijgt. Wij zoeken altijd naar de juiste balans tussen vraag en aanbod. Je zult Belgische artiesten die bij ons onderdak hebben gevonden dus niet horen klagen. En hun management of platenmaatschappij evenmin."

Dekimpe: "Een groep evolueert, hè? Werknemers krijgen toch ook soms een salarisverhoging? Stel dat Hooverphonic, na jaren van hard werken, eens iets ambitieuzers wil doen, met visuals of extra muzikanten. Dan is het toch normaal dat er een hoger prijskaartje aanhangt?"

Als een Belgische groep op een groot festival mag spelen, krijgt ze vaak een exclusiviteitseis opgedrongen. Ze mag dan gedurende een bepaalde periode in Vlaanderen niet meer optreden.

Dekimpe: "Dat was vroeger wel zo, maar met de jaren zijn we daar veel soepeler in geworden."

Hillaert: "Op een kleine markt moet je opletten voor overexposure. En alles hangt af van wat er vooraf is onderhandeld. Als een groep hoog op een affiche wil en ook nog een bepaalde uitkoopsom, dan mag daar best iets tegenover staan."

Steeds meer mensen zien Clear Channel, door zijn Amerikaanse origine, als een bedrijf dat rechts-conservatieve waarden propageert.

Hillaert: "Ook ik ontdek via de pers facetten van CCE waar ik niet achter kan staan. Maar kampen werknemers van ieder groot bedrijf niet met dat gevoel?"

Van Saet: "De Amerikaanse tak van CCE heeft zijn politiek of ideologie tot dusver niet aan ons opgedrongen. Ik heb mij in de voorbije maanden bijvoorbeeld, ook in mijn e-mails, herhaaldelijk uitgesproken tegen de oorlog in Irak. Niemand heeft mij daar ooit voor op de vingers getikt."

CCE beschikt in de VS al over een massa radio- en televisiestations. Heeft het bedrijf plannen om zich binnen afzienbare tijd ook op de Europese mediamarkt te storten?

Hillaert: "Die kans zit erin, vermoed ik. Alleen zullen ze dan te maken krijgen met de lokale wetgevingen en, vooral, met de Europese bevolking. Het Europa van de regio's blijft maar groeien. En naarmate de mondialisering toeneemt, wordt ook de culturele identiteit steeds belangrijker."

Een veelgehoorde kreet luidt: wie een kaartje voor Rock Werchter koopt, steunt onrechtstreeks de oorlog in Irak.

Van Saet: "Een domme uitspraak, die voortkomt uit woede en frustratie over al wat Amerikaans is. Als je die redenering volgt, moet je ongeveer alles in onze maatschappij boycotten, want vrijwel alles en iedereen heeft banden met Amerikaanse bedrijven. Verscheidene artiesten hebben zich op de podia van Werchter en Pukkelpop uitgesproken tegen het beleid van Bush. Werden ze daarom door ons geweerd? Natuurlijk niet. Het enige dat je steunt met je festivalkaartje is het verenigingsleven in Groot-Rotselaar en de Vlaamse economie. Zo eenvoudig is het."

Dekimpe: "Wij werken nog steeds op dezelfde manier als vroeger. Aan onze mentaliteit is niets veranderd. Integendeel, door alle heisa rondom CCE zijn we er alleen nog diplomatischer op geworden."

Serge Depauw van Hof ter Lo: 'Wie Clear Channel in de wielen rijdt, mag de boeken sluiten'

Teddy Hillaert (CCE): 'Wij hebben helemaal niet zo veel vat op de plannen van een artiest'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234