Zondag 19/01/2020

Recycleren in Shanghai Reportage

Wie in Shanghai zijn afval niet sorteert, komt op de zwarte lijst

Vrijwilliger Niu Guangcheng (l.) helpt zijn buren met het sorteren van hun afval in de Huamei Tuinwijk in Shanghai. Beeld Ruben Lundgren

China is de tweede vuilnisproducent van de wereld, maar in Shanghai begint de verandering. Op bevel van het stadsbestuur zijn de burgers nu verwoed afval aan het scheiden. Alleen: waar moet al dat afval naartoe en hoe gaat het als de overheid er niet meer op toeziet?

Al bijna tien jaar probeert Niu Guangcheng zijn buurtgenoten van de Huamei Tuinwijk in Shanghai te overtuigen hun vuilnis te sorteren. De 52-jarige buurtwerker – ook hoofd van het lokale recycleerpunt – liet educatieve spelkaarten met plaatjes van afval drukken, installeerde lichtgevende vuilnisbakken en ontwierp zelfs een gigantische sorteerautomaat. Die beloont inwoners per kilo gescheiden afval met ‘groene punten’, in te ruilen voor een stuk zeep of een fles sojasaus.

Maar een echt succes werd het sorteren nooit, ondanks Niu’s vele uitvindingen. Tot afgelopen zomer, toen Niu ineens een heel overheidsapparaat achter zich kreeg. De twintig oude vuilnisbakken van de Huamei Tuinwijk, altijd omgeven door rotzooi, werden vervangen door drie smetteloze sorteerstations. Er werden vijftig vrijwilligers aangewezen om ieders vuilniszakje te controleren. En vooral: er kwamen boetes. Niet sorteren, dat kon niet langer ongestraft.

Cameratoezicht

“Sindsdien gaat het sorteren veel beter”, zegt Niu, terwijl hij door zijn keurige wijkje met pastelkleurige woonblokken tussen palmbomen en bloemenperken voorgaat naar de nieuwe sorteerstations. Vier vuilnisbakken zijn het telkens, voor droog, nat, recycleerbaar en gevaarlijk afval, met ernaast een handenwasser, een vliegenlamp en, wijst Niu, een discreet opgehangen camera. Bij elk station staat vier uur per dag een vrijwilliger, erover ­wakend dat iedereen zich aan de regels houdt.

“Als vroeger iemand niet wilde sorteren, konden we daar niets aan doen”, zegt Niu, terwijl bewoners af en aan lopen en routineus hun vuilniszakjes boven de juiste bak uitschudden, meestal de keukenresten van de vorige dag. “Maar nu hebben we allerlei dwangmiddelen. We kunnen boetes geven of we kunnen iemand publiekelijk met de vinger wijzen. Als je een zwarte lijst met namen van overtreders ophangt, dan schikken de mensen zich snel naar de wet.”

Wat Niu zo hielp, was dat Shanghai op 1 juli verplichte afvalscheiding invoerde, als eerste stad van China. Dat klinkt misschien niet indrukwekkend, maar wie ooit een Chinese vuilnisbak van dichtbij heeft gezien, weet beter. Al twintig jaar lang kondigen steden als Peking en Shanghai allerlei sorteerplannen aan, telkens met kleurrijke vuilnisbakken. Maar meestal ligt het afval daarin gewoon kriskras door elkaar, en nog meer ernaast, als sprokkelaars naar plastic flessen en karton zijn komen vissen.

Lichtend voorbeeld

Meer nog dan voor de aanblik is dat een probleem voor het leefmilieu. Met jaarlijks 210 miljoen ton aan huishoudelijk ­afval is China de op een na grootste vuilnisproducent ter wereld, na de Verenigde ­Staten. Het meeste daarvan komt ongesorteerd terecht op lekkende vuilnis­belten en in onbetrouwbare verbrandingsovens. Deze ondoordachte aanpak van het Chinese afval is mede-oorzaak van zware water-, bodem- en luchtverontreiniging.

Maar daar komt nu dus verandering in, met Shanghai als lichtend voorbeeld. Zelfs milieuactivisten, sceptisch door de vele geflopte plannen in het verleden, geven toe onder de indruk te zijn. “Veel inwoners dachten: het zal wel als vroeger zijn, twee maanden sorteren en het is weer vergeten”, zegt Zhang Miao, directeur van R Cubic, een sociale onderneming voor afvalreductie. “Maar we zijn nu heel wat verder en het wordt nog steeds heel ernstig genomen. Ik ben optimistisch.”

Ook volgens Eric Liu, onderzoeker bij Greenpeace Oost-Azië, ziet het ernaar uit dat het Shanghai dit keer menens is. “Het grootste verschil is dat de opdracht deze keer van de grote baas komt”, zegt hij, verwijzend naar een richtlijn van president Xi Jinping. Die stelt dat 46 Chinese ­steden tegen eind dit jaar 35 procent van hun afval moeten recycleren. “Dat is een ­kantelpunt. Als het bevel van president Xi komt, dan kunnen de lokale overheden niet anders dan luisteren.”

De aanpak werkt

Dat is te zien in Shanghai, dat alles uit de kast heeft gehaald om van het sorteren een succes te maken. In 13.000 wijken zijn 21.000 nieuwe sorteerstations ­gebouwd. Er zijn 220.000 vrijwilligers op de been gebracht om elk sorteerstation vier uur per dag, tijdens de openingsuren, in de gaten te houden. En er zijn 14.000 inspecteurs ingeschakeld, om boetes van 6,50 tot 25 euro uit te schrijven. Op de eerste dag werden 623 waarschuwingen afgegeven.

Die aanpak lijkt te werken, zo blijkt uit de eerste cijfers. Na honderd dagen sorteren is de dagelijkse hoeveelheid restafval met ruim 4.000 ton afgenomen, van 19.360 ton in juni naar 14.830 ton in oktober. Dat komt vooral door de betere scheiding van keukenafval (van 7.130 naar 8.710 ton) en van recycleerbaar afval (van 4.000 naar 5.960 ton). Chinese overheidsstatistieken dienen met een korrel zout te worden genomen, maar de trend is onmiskenbaar: Shanghai scheidt zijn afval echt.

Maar de vraag is wat er met al dat gesorteerde afval gebeurt en hoeveel milieuwinst er uiteindelijk wordt behaald. Want er wordt dan wel elke dag 8.710 ton ­gescheiden keukenafval ingezameld, Shanghai heeft slechts de capaciteit om 5.050 ton per dag te composteren of te vergisten. “Het stadsbestuur is volop ­capaciteit aan het bijbouwen”, zegt Zhang Miao. “Dit kun je ze niet kwalijk nemen. Niemand had kunnen voorzien dat de ­inwoners zo veel keukenafval zouden sorteren.”

Eric Liu van Greenpeace is sceptischer. Wat hij ziet, is dat Shanghai vooral verbrandingsovens aan het bijbouwen is. Aangezien die in China aan tien keer minder strenge uitstootnormen moeten ­voldoen dan in Europa en zelden worden gecontroleerd, zijn verbrandingsovens volgens Liu niet noodzakelijk beter dan vuilnisbelten. “Een vuilnisbelt kan de ­bodem en het water vervuilen, een verbrandingsoven de lucht. Ik kan niet zeggen dat het ene beter is dan het andere, het is ­gewoon anders.”

Afgelopen juni werd in Shanghai de grootste verbrandingsoven ter wereld geopend en op dit moment wordt er nog een bijgebouwd. Tegen eind 2020 zal de stad volgens de officiële cijfers een verbrandingscapaciteit van zo’n 20.800 ton per dag hebben, terwijl – na amper vier maanden sorteren – nog slechts 14.830 ton restafval per dag wordt opgehaald. “Het aanbod van de verbrandingsovens wordt dus groter dan de vraag”, zegt Liu. “Dat is vreemd.”

Het stadsbestuur van Shanghai laat ­weten dat het normaal is om “enige marge” in te bouwen, maar Liu vreest dat de stad op termijn, wanner de aandacht voor het sorteren gaat liggen, al het vuil on­gesorteerd in een verbrandingsoven zal kieperen. De capaciteit is er dan toch al. “Verbrandingsovens worden door de overheid betaald per verbrand gewicht”, zegt hij. “Als je meer sorteert, krijg je dus minder subsidies. Dan denk ik niet dat de druk om te sorteren heel hoog zal blijven.”

Afhankelijk van autoriteiten

Daarmee raakt Liu aan een gevoelig punt in het Shanghaise sorteersysteem: het is erg afhankelijk van de blijvende steun van de autoriteiten. De bewoners hebben geen enkele financiële prikkel om minder afval te produceren of om beter te sorteren, en zijn nauwelijks geïnformeerd over de milieuvoordelen. Ze sorteren omdat het moet van hogerhand, omwille van de dreiging van boetes en omwille van de controle door vrijwilligers. Maar die kunnen daar niet eeuwig blijven staan.

Ook Niu Guangcheng van de Huamei Tuinwijk vreest dat het sorteergedrag van zijn buurtgenoten zonder de vele vrijwilligers snel weer achteruit zal gaan. “Nu zijn er nog veel bewoners die sorteren omdat iemand hen gadeslaat en ze geen gezichtsverlies willen lijden”, zegt hij. “Maar het sorteren is nog geen gewoonte geworden. Als je de vrijwilligers nu weghaalt, dan is het alsof je halverwege opgeeft. We moeten volhouden, nog zeker een half jaar.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234