Maandag 06/04/2020

Wie doet Assad nog wat?

Er tekent zich een verbijsterende ontknoping af in Syrië: een burgeroorlog die begon met een poging de dictator te verdrijven lijkt uit te draaien op een overwinning voor diezelfde man.

Bashar al-Assad heeft de wind in de zeilen. Met de aanval op de stad Deir al-Zor, een van de laatste bolwerken in Syrië van IS, zet het regime van de Syrische president zijn opmars voort. Steeds meer grondgebied valt in handen van het leger. Waar moet dat eindigen?

"De overwinning van het regime van Bashar al-Assad tekent zich af", is de prikkelende kop boven een recent artikel van Fabrice Balanche, Syrië-watcher aan Stanford University in de VS. Als de geopolitieke parameters niet veranderen, stelt hij, zal het Syrische regime binnen twee jaar de eindoverwinning kunnen vieren.

Uiteraard zal er voor die tijd nog heel wat water door de Eufraat stromen, en ook Balanche zelf calculeert allerlei mitsen en maren in. Maar de gedachte blijft boeiend - en cynisch - genoeg: zes jaar na het begin van de burgeroorlog, 470.000 doden, zes miljoen vluchtelingen en een verwoeste natie verder, koerst Syrië in de richting van een 'terug naar af'. Niks regimewissel.

Geen Koerdische dreiging

Geen sprake meer van een krachtige oppositie, die met steun van het Westen de regering de nederlaag bezorgt of op z'n minst een democratische transitie afdwingt. De oppositie ligt bloedend in de hoek. "De VS zullen niet langer pogingen van de oppositie steunen om het regime te verjagen", zegt Michael Hanna van de Century Foundation in New York.

De rebellen die Washington nu steunt, zijn van een ander slag. De door Koerdische milities geleide Syrische Democratische Strijdkrachten (SDF) vechten niet tegen het leger, maar tegen de extremisten van IS. Sinds afgelopen weekend is de SDF verwikkeld in een wedloop met het regime om de controle over de provincie Deir al-Zor, maar dat blijft beperkt tot het zuidoosten. Een bedreiging voor Assad vormen de Koerden niet. De afgelopen zes jaar lieten de twee partijen elkaar met rust.

Ooit leken de dagen van de Syrische president geteld. Maar de afgelopen twee jaar, sinds de Russische interventie in de burgeroorlog, heeft het Syrische leger slag na slag gewonnen, mede met de hulp van Iraanse milities en Hezbollah. Ruim tweederde van de bevolking woont in regeringsgebied. Het leger heroverde Homs, Hama en Aleppo. In de vijf grootste steden van het land wappert de vlag van het regime.

IS-bolwerk Deir al-Zor wordt mogelijk de volgende scalp aan Assads riem. Speciaal VN-gezant Staffan De Mistura denkt dat IS volgende maand uit de stad verjaagd kan zijn. Eenzelfde voorspelling deed hij onlangs voor Raqqa, de 'hoofdstad van het kalifaat', die al voor zeker de helft in handen is van de SDF. Mogelijk is De Mistura te optimistisch. Ten zuidoosten van Deir al-Zor valt nog een reeks steden op IS te veroveren. De laatste desperado's van IS kunnen fanatiek standhouden. Terreurcellen zullen voortwoekeren. Maar hoe dan ook: het ziet ernaar uit dat ergens begin volgend jaar het IS-kalifaat in Syrië (en in Irak) verleden tijd zal zijn. In de Syrische burgeroorlog kan dan een bladzijde worden omgeslagen. Wat gaat het nieuwe hoofdstuk brengen?

In Genève wordt al jaren gewerkt aan een oplossing voor Syrië, zonder resultaat. De implosie van het kalifaat zou een kantelpunt kunnen zijn. De Mistura ziet de nakende val van Raqqa en Deir al-Zor als "moment van waarheid". De betrokken landen moeten hun Syrische bondgenoten aansporen tot echte onderhandelingen. Gebeurt dat, "dan kunnen binnen een jaar geloofwaardige verkiezingen volgen".

De vraag is, volgens de VN-gezant: "Zal de oppositie realistisch genoeg zijn om te beseffen dat ze de oorlog niet heeft gewonnen?" Een verwante vraag luidt: is de oppositie bereid om in te zien dat het vertrek van Assad niet langer een voorwaarde kan zijn voor onderhandelingen? Door de internationale spelers wordt daarom flink op de oppositie ingepraat, meldt persbureau AP.

Maar geloofwaardige verkiezingen volgend jaar in Syrië? De kans op een reünie van de Beatles is groter. Balanche gelooft er niets van. Hij wijst op de parlementsverkiezingen die vorig jaar in Syrië werden gehouden - een schertsvertoning.

Ook Hanna noemt de kans op vruchtbare onderhandelingen over een politieke oplossing "onbestaande". Hooguit, zegt hij, komen er afspraken over lokale bestanden. Een terugkeer naar een verenigd, centraal bestuurd Syrië ziet hij in de verste verte niet, ook niet "nu het regime lijkt af te stevenen op een soort overwinning".

Verder vechten lijkt daarom het meest waarschijnlijk, ook na de afrekening met IS. Hoezeer de oppositie ook is teruggedrongen, in het westen van Syrië heeft ze nog diverse gebieden in handen, met de provincie Idlib als grootste kluif. De 'gematigde' rebellen (wat dat ook moge betekenen) werden hier in juli op een zijspoor gezet door radicale jihadisten, die de provinciehoofdstad Idlib en de grensstrook met Turkije in handen kregen. De provincie is nu het speelveld van Hayat Tahrir al-Sham (HTS), in wezen de zoveelste verschijningsvorm van Al Qaida.

Het probleem Idlib

De VN-resoluties over Syrië zijn duidelijk: met Al Qaida en verwante groepen valt (net als met IS) niet te praten. Dat is ook de opvatting van de regering-Trump, zo benadrukte Syrië-gezant Michael Ratney begin augustus. Ze blijven doelwit van Washington, onder welke nieuwe naam ze ook mogen opereren.

Moskou en Washington zullen eerst een internationale overeenkomst willen voor de aanval op Al Qaida/HTS wordt geopend. Maar Idlib stelt de Amerikanen voor lastige keuzes. Ze hebben hier geen lokale strijders die, zoals de Koerden zo voorbeeldig doen tegen IS, op de grond het lastige werk opknappen. Maar wat dan? Stellingen van de extremisten bombarderen terwijl die op de grond worden aangevallen door het Syrische leger en zijn bondgenoot Hezbollah? Dat zou al te dol zijn.

Mogelijk, zegt Balanche, kunnen de VS vanuit het noorden samenwerken met Turkije en door de Turken gesteunde rebellen, terwijl het Syrische leger en de Russen vanuit het zuiden HTS aanvallen. Zo wordt het werk veilig verdeeld, zoals aanvankelijk ook in Raqqa en Deir al-Zor leek te gaan gebeuren. De Mistura heeft een andere suggestie: Idlib moet volgens hem worden "bevroren", zodat intussen gewerkt kan worden aan een politieke oplossing voor de rest van het land. Maar ook dat roept vooral vragen op. Vrede sluiten en zodra dat gelukt is meteen de oorlog hervatten?

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234