Dinsdag 24/11/2020

Concertreview

Whitney in de AB: een warm dekentje tegen de vrieskou ★★★☆☆

Beeld Francis Vanhee

Hun passage op Pukkelpop en de release van hun tweede album, Forever Turned Around, zorgden ervoor dat een deel van onze zomerherinneringen Whitney als soundtrack kregen. Hoewel het buiten vroor, konden wij het dus gemakkelijk warm houden in de AB.

Het is opvallend hoeveel (goeie) bands ontstaan uit verveling. Toen het kruit van Smith Westerns in 2014 verschoten was, begonnen huisgenoten Julien Ehrlich (zang en drum) en Max Kakacek (gitaar) iets nieuws. Hun angstaanjagende buur met overwicht kreeg de hoofdrol in hun eerste nummer. Niet dat je het zult merken in ‘Dave’s Song’; zijn verhaal is mooi verpakt als lovesong. Dat is meteen ook het eerste handelsmerk van de groep: Whitney kan dingen mooi verpakken.

In 2016 komt het duo met zijn eerste single, ‘No Woman’. Een schot in de roos: iedereen wilt om ter luidst roepen hoezeer Whitney de nieuwe indielievelingen zijn. Wij herinneren ons vooral een amusant maar matig optreden in Trefpunt in Gent. Potentieel? Zeker! Maar het zou live allemaal nog een beetje strakker moeten, want op plaat zat het wel helemaal goed. Light Upon The Lake, hun debuutalbum, is een classic van dit decennium. Het was duidelijk dat we Whitney nog niet mochten opgeven. In de jaren daarna volgde ook live de bevestiging, niet in het minst op Pukkelpop afgelopen zomer. Daar speelde de groep – ondertussen gegroeid tot een septet – een glorieuze, strakke set voor een goedgevulde Marquee.

Beeld Francis Vanhee

Ironie

Forever Turned Around, de nieuwe plaat, volgde twee weken later dus kwamen ze die gisteren officieel voorstellen in de AB. Ze deden dat strak in het pak en met z’n elven. Een lokaal strijkkwartet werd opgetrommeld om zo goed mogelijk alle subtiliteit van hun muziek over te brengen. ‘Hun muziek’ en niet ‘de nieuwe nummers’, want in essentie bouwt Forever Turned Around mooi verder op de seventies-influenced folk met country en twanginvloeden van hun debuut. Daar is niets fout mee. Never change a winning team.

Met ‘Polly’ werd de avond goed ingezet. De wollige, warme klank van de Fender Rhodes, de glorieuze uithalen van de trompet en de falsetstem van Ehrlich voerden ons mee naar het einde van een warme zomerdag. De ondergaande zon, mensen die je liefhebt in de buurt, een drankje in de hand... Zo’n moment in je leven waarop je rond je kijkt en een overrompelende golf van liefde en dankbaarheid voelt. De zon ontbrak gisteren maar koppeltjes schaarden meteen wat dichter bij elkaar. ‘Giving Up’ van de nieuwe plaat heeft hetzelfde effect dat nog versterkt wordt door de strijkers. Iets later trekt ook ‘On My Own’ geliefden dichter bij elkaar. Het is ironisch dat al die nummers net over slecht werkende relaties gaan, maar toegegeven: dat zou je niet zeggen op basis van de zomerse riedeltjes.

Beeld Francis Vanhee

Open eindes

Toch zat er soms ook wat meer vaart in de set. Bij ‘No Matter Where We Go’ hadden we zin om naar onze auto te lopen en op roadtrip te gaan. Uiteindelijk bleven we staan. Dansen was een te verleidelijke andere optie. Hoewel het nooit zo funky wordt als bij zijn ex-band Unknown Mortal Orchestra, steekt Ehrlich hier en daar toch wat tegendraadse ritmes in zijn drumspel. Het instrumentale ‘Rhododendron’ mikte op de heupen en ook in een rammelend ‘The Falls’ mocht de folk even een toontje lager zingen. In ‘Golden Days’ – het hitje dat er één werd tegen alle verwachting in – kon hij dan weer uithalen met zijn falsetstem. Zijn zangstem is zeker niet voor iedereen weggelegd, maar ere wie ere toe komt: deze man kan zingen.

Ehrlich is iets minder goed in bindteksten. Het ging van onhandig tot ongemakkelijk, zelden echt grappig. Iemand moet het doen maar Max Kakacek was gelukkig dat hij het niet was. Toch liet hij zich niet zomaar aan de kant zetten. De gitarist haalde uit in een broeierig ‘Giving Up’, gaf ‘Day and Night’ – een nummer over de dood – vitale gitaarlicks en bewees zijn virtuositeit tijdens een intiem gebracht ‘Light Upon The Lake’ dat eerst enkel door hem en Ehrlich gedragen werd maar op het einde volledig overgenomen was door de strijkers.

De bisronde werd aangekondigd en nog meer dan met gewone bisrondes hebben we daar problemen mee. Als je weet dat je gaat terugkomen en je zit dat vier nummers op voorhand aan te kondigen, doe het dan gewoon niet. Zo’n aankondiging zorgt voor een heel artificieel enthousiasme bij je publiek. Anyway... Naast de zangstonde tijdens ‘No Woman’ en afsluiter ‘Valleys (My Love)’ was het vooral het Wilco-achtige ‘Used To Be Lonely’ dat bij ons nog een bedenking bracht. Eén van de grootste sterktes van Whitney is dat ze nummers hebben met open eindes zonder dat die voelen als leegtes. Tegelijk legt dat ook een ander pijnpunt van de groep bloot: experiment is hen vreemd. Verrassen deden ze niet met hun tweede plaat en live voelt het iets te snel te braaf aan. Moesten we thuis gebleven zijn? Nee. Konden we thuis gebleven zijn? Ja.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234