Woensdag 28/07/2021

'What are y'all doing here?'

Schrijvers op reis. Wat zien zij wat wij niet zien? Deze week: Christophe Vekeman bericht vanuit de Deep South. 'Wat wij hier doen? Lastige kwestie, enigszins van dezelfde orde als 'Waarom schrijft u?''

Zie hier mijn favoriete wet: we zijn in Amerika, en dus zijn we blij en gelukkig. Nu goed, ik weet natuurlijk ook wel dat in Amerika niet alles perfect is. Zo leven er bijvoorbeeld nogal wat volslagen gekken. Van sommigen bereikt de waanzin zelfs zulke grote hoogten dat ze naar eigen zeggen liever in Europa zouden wonen. De psychofarmacologie staat kortom nog voor grote uitdagingen.

Toch zal wie, zoals mijn eegade en ik, door de zuidelijke staten Tennessee, Mississippi en Alabama reist, er wel degelijk aan moeten wennen dat zijn antwoord op de onvermijdelijke vraag 'Where are y'all from?' even onvermijdelijk gevolgd wordt door de wat ongelovig lachend gestelde tweede vraag: 'Belgium? What are y'all doing here?'

Wat wij hier doen? Lastige kwestie, enigszins van dezelfde orde als 'Waarom schrijft u?' Hoop ik misschien rijk te worden door mijn onlangs te Gent op de ukelele gecomponeerde, 'My Girlfriend Thinks That I'm A Bird (But I'm A Bumblebee)' getitelde countrysong voor groot geld te verpatsen op Music Row in Nashville? Bof, niet echt, nee. Zijn wij op een muzikale pelgrimage dan? Dat lijkt er al veel sterker op: we bezoeken, om maar iets te noemen, onder meer de graven van Elvis, Johnny Cash, Jimmie Rodgers en Hank Williams. Sowieso is het de muziek geweest die in de loop der jaren onze aandacht - later fascinatie - richting 'Dixie' geleid heeft: in pakweg een kwart van alle (oudere) countrynummers komt wel een verwijzing naar een zuidelijke stad of staat voor. Maar er is meer, en dit is meteen al het moment dat het schoentje aan het wringen gaat. Er is meer, er is duidelijk en onmiskenbaar meer, maar waaruit dat 'meer' dan wel bestaan mag, is aan het begin van onze reis, ondanks de vele films en boeken over de South die ik bekeken en gelezen heb, lang geen uitgemaakte zaak. Ik ben gefascineerd door iets waarvan ik niet precies kan zeggen wat er zo fascinerend aan is. Heel fascinerend vind ik dat zelf.

In de ongeëvenaarde documentaire Searching for the Wrong-Eyed Jesus stelt zanger Jim White dat de South niet eens - zoals weleens gezegd wordt over het Westen - 'a state of mind' is, maar louter 'an atmosphere'. En: de South is iets wat in je bloed moet kruipen. Jim White, zelf van Florida afkomstig, weet het kortom ook niet. Zelfs de grote Jim White niet. Wat het allemaal voor mij nog veel fascinerender maakt.

Na een paar dagen en een kilometer of duizend te hebben gereden, formuleer ik het, voorzichtig, zo: 'Het lijkt wel fictie, en dat is het waarschijnlijk ook, maar het schijnt allemaal echt te zijn.' En inderdaad is de 'atmosphere' waarover Jim White het had er een van grote onwerkelijkheid. Het feit dat alles wat je had verwacht te zullen aantreffen ook echt blijkt te bestaan, zou uiteraard normaal gesproken de gewoonste zaak van de wereld moeten zijn, maar heeft hier en nu een volstrekt ontregelend effect. We zien, horen en proeven het allemaal, we maken het mee en kunnen het ternauwernood geloven: de door roest half opgevreten autowrakken die in zo veel achtertuinen toonbeelden van onnut staan te wezen, de wilde honden, gieren en dode gordeldieren langs de weg vol pick-uptrucks en sportwagens à la de fabuleuze 'General Lee' uit The Dukes of Hazard, de alligators in de onbeweeglijke, giftig aandoende moerassen vol sombere cipressen, drukkend gegons en plots gekrijs, de ontelbare kerkjes met borden waarop dingen als 'You can't walk with the Lord while running with the devil' en 'Google can't satisfy every search' staan geschreven, de 'No visible firearms allowed!'-stickers op de bardeuren, de catfish en de sweet potatoes 's avonds op ons bord. Hier loopt de tandeloze moonshiner met één oog en een vette pet op de kop, daar neemt de voormalige Southern belle zich voor: 'Tonight's the night I'm gonna stop being a bitch.' We logeren in een zeer goedkoop motel: het licht brandt niet, er sijpelt water - hopelijk water - door het plafond, de bovenburen ijsberen de drugs uit hun lijf, maar ons deert het niet, en zelfs het vermoeden dat er zich achter elke plint een wereld van belang schuilhoudt, vervult ons met een zeker, al met al behoorlijk van de pot gerukt genoegen. Tijdens een korte boswandeling komt er opeens een zwarte, lange slang vlak voor mijn voeten opgerezen. De zekerheid dat ik onkwetsbaar ben. De neiging te bukken en haar in mijn vuist hoog in de lucht te steken, al dan niet verwoed in tongen sprekend. Het kruipt in je bloed, ja. Het kruipt zo snel in je bloed dat het niet anders kan of het zat er al voor een belangrijk deel in. Is dit mogelijk?

En dan is er ook nog de beroemde Southern hospitality: als er ooit een begrip niet loos geweest is, dan dit wel, zo blijkt. Het oude, mythische zuiden mag dan allang gone with the wind zijn, maar de steengoede manieren, de edele omgangsvormen - 'No, sir', 'Yes ma'am' - hebben het wonderlijk en prettig genoeg tot op heden overleefd, en de belangeloze behulpzaamheid die zowat iedereen, arm of rijk, blank of zwart, in grote steden of in dorpjes met niet meer dan een paar honderd inwoners, tegenover wildvreemden als ons aan de dag legt, grenst aan het adembenemende. Of aan het fascinerende, ja. Wat bezielt deze mensen? Is het allemaal terug te brengen op hun christelijke moraal (80 procent van de bevolking hier bestaat uit kerkgangers)? Maar hoe dan, over christelijke moraal gesproken, te verklaren dat er naar wij vernemen nog altijd een hoop vulgair - zij het voor ons compleet onzichtbaar - racisme schuilt in de hoofden van velen? In een voorts zo hartverwarmend welgemutste en à propos grotendeels monoculturele samenleving waarin blank en zwart voor ongeveer gelijke bevolkingshelften zorgen en min of meer dezelfde godsdienst, dezelfde taal, dezelfde eetgewoonten en dezelfde doelstellingen in het leven delen? Valt het louter terug te brengen op een kwade erfenis uit de tijd van voor de burgeroorlog, hier nog immer zonder meer de 'War of Northern Agression' genoemd? Maar hoe dit laatste dan weer te rijmen met de zo talloze stars-and-stripes die alom met kalme waardigheid en trots aan palen te wapperen hangen? Zijn het kortom dit soort van paradoxen die de South zo fascinerend maken? De moeilijk te doorgronden mix van religie, rebellie, conservatisme en rock-'n-roll? Ik weet het niet. Eén ding, slechts, is zeker. We moeten terug.

Marie, de nieuwe roman van Christophe Vekeman, verschijnt op 3 oktober.

Volgende week: Lieve Joris bericht vanuit Blaye, nabij Bordeaux.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234