Dinsdag 16/08/2022

Westhoek herdenkt luchtgevecht om Passendale

'In de week gaan we elk onze gewone gang, maar in het weekend spelen we oorlog'

'Dit is de enige oorlog waarin vijanden elkaar kussen'

'Achtung, Gasdrill!' Een Brit in Luftwaffe-kostuum marcheert voorwaarts en monstert ernstig zijn troepen. Intussen stouwt een Duitser in Highlanderskilt zijn gamel vol gembergebak bij de veldkeuken. Hij heeft - de Schotse traditie getrouw - geen onderbroek aan, maar is tot de tanden gewapend met antiek wapentuig. De één is ingenieur, de ander runt een kiosk. Elk weekend kruipen ze in het uniform van hun oorlogshelden. Zondag speelden ze met 150 anderen het luchtgevecht van 1917 in Passendale na. 'De Eerste Wereldoorlog is in.'

ZONNEBEKE

Eigen berichtgeving

Anne de Graaf

De Ier Peter Scalley (48) duwt de lepel in de pan en geeuwt. De originele legerkost van toen - bonen, uien en cornedbeef - is aan de kook, het is bijna etenstijd. Hij is bekaf. Vorig weekend gaf hij 150 pseudomilitairen te eten uit de beroemde Soyerhoutstoven van het 29th Field Kitchen, 'zijn regiment'. Scalley is van top tot teen uitgerust in de koksoutfit van toen; zijn mes is echt, het uniform een replica, gekocht via het internet voor een kleine 400 euro. Net als de andere Duitsers, Canadezen, Nieuw-Zeelanders, Fransen, Ieren en Britten simuleerde hij gisteren het luchtgevecht van 1917 in Passendale.

Scalley was beroepsmilitair tot 1998. Hij werkte ook als kok, maar raakte bij een oefening op het terrein zijn linkeroog kwijt. "Ik moest met pensioen vanwege mijn handicap, maar het leger bleef me bezighouden. Mijn oom sneuvelde hier bijna een eeuw geleden. Hij ligt hier acht kilometer verder begraven. Alles hier, tot het kleinste lepeltje toe, is origineel. Ik stop al mijn geld in deze hobby en ben elk weekend met mijn korpsgenoten van de Field Kitchen onderweg. Onze vrouwen vinden dat niet leuk, maar er zijn er gelukkig wel die meespelen, in Russisch uniform. Anderen spelen verpleegster."

Volgens organisator Franky Bostyn is 'naspelen' een rage. "Ze verzamelen insignes, knopen, veters, laarzen, kepies, en dat vaak voor veel geld. Omdat de Eerste Wereldoorlog zo lang geleden is, zijn de pseudomilitairen niet te beroerd om van kamp te wisselen. De wonden van deze oorlog zijn dicht, dat conflict had niks te maken met rassenhaat. Het draait om het sérieux, de waarheidsgetrouwheid van hun levende expo, die dit jaar 10.000 bezoekers trok".

Deze keer stond de expo in het teken van de air battle van 1917. Die vond plaats nauwelijks acht jaar nadat de gebroeders Wright hun eerste vlucht van dertig meter hadden gemaakt. In het begin voerden piloten verkenningsvluchten uit in Sopwithdubbeldekkers, Fokkers en Spads: toestellen in hout en zeil, in open lucht, de eerste vlinders van de luchtmacht. Omdat de Duitsers hun toestellen razendsnel moderniseerden en massaal hun Azen (superpiloten) naar Vlaanderen uitzonden, moesten de geallieerden wel mee. "Toen is de luchtmacht als derde macht geboren, naast de marine en de landmacht."

Een van hun bevelhebbers, Manfred von Richthofen, haalde maar liefst tachtig vliegtuigen neer. Later kreeg hij bijstand van Herman Goering, die het in de Tweede Wereldoorlog tot generaal van de Luftwaffe schopte. Eerst maakten de piloten luchtfoto's om de positie van de vijand te bepalen. In 1917 zijn ze beginnen vuren naar elkaar, met handpistolen. Later bestookten ze de vijand beneden met pijltjes, toen kwamen de bommen. Chloor- en mosterdgas..."

In Passendale kijken ze al uit naar de volgende reünie, de simulatie van de slag aan de Somme. Michel Ruols (23), student geschiedenis uit Arras, zet zijn Franse kepie recht. "Dit is amusement met een historisch doel. Ik hoop nog een 'operatietje' in Engeland mee te pikken. Dit is een kliek die het jaar door met elkaar op schok is. In de week gaan we elk onze gewone gang, maar in het weekend spelen we oorlog. Dit is het enige conflict waar de vijanden elkaar kussen."

Organisator Bostyn: "Passendale 1917 is met Verdun en de Somme een van de sleutelbegrippen in de geschiedenis van de Eerste Wereldoorlog. In 100 dagen tijd werden hier 500.000 Britten, Duitsers en Fransen uitgeschakeld voor een terreinwinst van slechts acht kilometer. Elk jaar vinden we hier 200.000 ton munitie terug maar ook altijd nog stoffelijke overschotten. Twee jaar geleden stootte een bewoner in zijn tuin op een stapeltje botten: geen naamplaatje, wat flarden Brits uniform en een scheermes met de initialen JRT. Maanden hebben we gezocht, tot we op een van de lijsten ene John Robert Thomson terugvonden. Door stom toeval kwam er op een middag een telefoon van een familielid. De man is eervol begraven, in het bijzijn van zijn twee nichten en de Britse ambassadeur. Ook al is het lang geleden, het terugvinden van een grootoom, opa of overgrootvader maakt heftige emoties los."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234