Zondag 18/08/2019

'Wereldmuseum' is te Angelsaksisch

Hoeft dit nog wel, een boek van 1.000 pagina's dat 3.000 jaar kunst uit de hele wereld bundelt? Maar misschien is het uitgerekend iets voor deze tijd: het is overzichtelijk en tastbaar. Het wereldmuseum van de kunst is monumentaal, maar niet het boek dat alle andere overbodig maakt.

Het maken van zo'n vuistdik werk is een beetje zoals het bouwen van de Toren van Babel. Een grote onderneming met veel volk. Dat wordt meteen duidelijk aan de hand van cijfers. Aan de publicatie van het boek - oorspronkelijk uitgegeven door Phaidon Press in Londen - ging tien jaar research en schrijfwerk vooraf door meer dan honderd medewerkers. Het boek meet 42 bij 32 centimeter, is 992 pagina's dik en weegt 7 kilo.

Het boek brengt zo'n 3.000 werken samen uit even veel jaren kunstgeschiedenis: van de grot van Lascaux tot Damien Hirst. En, voor alle duidelijkheid, het gaat niet alleen om westerse kunst. Azië, India, Zuid-Amerika en Afrika komen ook uitvoerig aan bod. De kunstwerken - schilderijen, sculpturen, keramiek, foto's, installaties, videowerken - komen uit 60 landen en 650 collecties wereldwijd.

Het wereldmuseum van de kunst is opgevat als een echt museum: er is geen paginering maar er zijn 25 galerijen met elk een thema zoals het Oude Egypte, Middeleeuws Europa en Culturen van het oude Amerika, die nog eens onderverdeeld zijn in 450 zalen. Het boek claimt dat het "het toegankelijkste museum ter wereld" is: het is 24 uur op 24 open.

Het is ook het enige museum waar Leonardo's Mona Lisa, Het lam Gods van Van Eyck, Rembrandts zelfportretten, de Sixtijnse kapel, De kruisafneming van Rubens, Las meninas van Velazquez en Guernica van Picasso te zien zijn, samen te zien zijn met keramiek uit China, houtsneden van Hokusai, edelsmeedkunst uit Peru en de drippings van Jackson Pollock.

Elke 'galerij' krijgt een inleidende tekst en elke zaal wordt kort geduid. Daarna krijgt elk werk een individuele omschrijving. Zo is er een galerij gewijd aan de Italiaanse renaissance, waarna er bijvoorbeeld twee pagina's worden besteed aan Piero della Francesca, maar even goed aan schilderkunst in Sienna en de doopkapel van Florence, waar de bronzen poorten van Ghiberti elk één volledige pagina krijgen. Het leidt soms tot adembenemende visuele hoogstandjes zoals beschilderde Atheense vazen uit 500 v.C, de Mozesput van Claus Sluter in Champmol (1395-1406), de barok-wreedaardige Kindermoord in Bethlehem van Rubens en een geometrisch-minimalistisch schilderij van Robert Mangold (1995), dat panoramisch gepresenteerd wordt.

Overrompelend

Afgezien van het visuele aspect zit de kracht van het boek in het samenbrengen van werken: vaak is dat rond een kunstenaar, maar het kan ook een thema, een stroming of een land zijn. Geregeld wordt de chronologie doorbroken om in te zoomen op bijvoorbeeld de Sutton Hoo-schat, een verzameling van 7de-eeuwse helmen en zwaarden die in 1939 in het Engelse Suffolk werd ontdekt. Zo zijn ook enkele pagina's gewijd aan de eerste impressionistische tentoonstelling en aan 'De kunst van het huiselijke', waar schilderijen van Fernand Khnopff, Vilhelm Hammershoi, Walter Sickert, James Whistler, Balthus en Bonnard samengebracht worden.

Dit gedrukte museum van de wereldkunst is inderdaad indrukwekkend, fascinerend en overrompelend. Het is fantastisch om zulk een 'wereldcollectie' in één band te kunnen vasthouden. Het slaat je enigszins KO als je er de eerste keer doorgaat. Maar is het ook "de mooiste kunstcollectie", die ooit werd samengebracht en vertelt het "de wereldgeschiedenis van de kunst"? Het antwoord daarop is, helaas, ontkennend. Daarvoor heeft het boek net iets te veel manco's.

Laten we beginnen met de kleine onvolkomenheden. Het is jammer dat de onderschriften nergens de locatie van de kunstwerken vermelden. Achteraan in het boek is er een overzicht, maar dat leidt tot nodeloos heen en weer geblader in een boek dat op zich al niet makkelijk hanteerbaar is. De keuze voor een schreefloze letter is vreemd: het verleent het boek niet de allure die het zou moeten hebben. Eenzelfde opmerking geldt ook voor de vormgeving. Op sommige momenten is die ronduit prachtig, maar al te vaak heb je het idee naar een goedkope, wat ouderwetse encylopedie te kijken. Er zijn te veel pagina's waar de schilderijen ongeïnspireerd opgestapeld worden als prenten in een plakboek. En als de kleuren dan nog eens gaan vloeken met elkaar.

Eenzijdig

De grootste struikelsteen is de selectie van de kunstwerken. Bij de Oude Meesters komen belangrijke kunstenaars als Hans Memling (enkele portretten maar geen apart 'lemma'), Quinten Massys (slechts één werk) en Antoon van Dyck (drie verspreide portretten en geen apart lemma) er bekaaid af. Adriaan Brouwer en David Teniers ontbreken gewoonweg.

Uiteraard moeten er in dergelijk overzicht keuzes gemaakt worden, maar al te vaak worden platgetreden paden bewandeld en al te zeer is de invalshoek erg Angelsaksisch én conceptueel. Terwijl er een zaal Britse beeldhouwkunst is en een zaal schilderkunst in Londen, wordt de schilderkunst in Europa in de jaren vijftig en zestig ook in één zaal afgehandeld. Daar zitten toppers als De Staël en Soulages tussen. Kunstenaars als Thomas Schütte (Duits) en Wilhelm Sasnal (Pool) ontbreken. Ensor, Tuymans, Marlene Dumas en Peter Doig moeten het met één afbeelding stellen. Magritte en Munch worden slechts twee keer vermeld. De 'narratieve schilderkunst' wordt op twee pagina's afgehaspeld en de hele Cobra-beweging moet het met één schilderij van Karel Appel stellen, terwijl er onevenredig veel aandacht gaat naar Engelse beeldhouwers en Amerikaanse abstractie.

Uiteraard vallen de meeste Belgen gewoon uit de boot: geen Spilliaert, Alechinsky, Panamarenko, Fabre, Delvoye, De Keyser of Claerbout. Nochtans hebben de meesten in Venetië of in Kassel tentoongesteld. Je vraagt je dan ook af wat de meerwaarde is om dit Britse werk om te zetten in het Nederlands zonder daarbij correcties in de al te eenzijdige keuzes aan te brengen? Kunstenaars als Gordon Matta-Clark (Office Baroque in Antwerpen) en Antony Gormley (zijn beelden op het strand van De Panne) hebben ook in België belangrijk werk gemaakt. Dat wordt nergens vermeld.

Het Wereldmuseum vervult ons met bewondering en met minstens evenveel verbazing.

Het wereldmuseum van de kunst (195 euro) is een uitgave van Ludion.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden