Dinsdag 24/11/2020

WENEN

Schnitzels, Strauss, Sisi en Sachertorte, op het eerste gezicht lijkt het geen voer voor Kleine Kuifjes. Maar je zou ervan versteld staan. Het Prater, Schloss Schönbrunn, de Spanische Hofreitschule en het Hundertwasserhaus: ze keken en zagen dat het goed was.

Maar toegegeven, we gingen niet zomaar naar Wenen. Hadden we kunnen kiezen, we zouden met de kinderen vooraf wellicht een andere bestemming hebben uitgepikt. Maar Klein Kuifje Alice (11) moest naar de Oostenrijkse hoofdstad voor een dansvoorstelling en wie zouden wij zijn om er dan niet meteen met zijn allen een citytrip van te maken. Vergezeld van nog een bevriend Kuifje gaan we dus op pad. Op zoek naar alles wat een beetje ruikt naar kindvriendelijkheid. Zou dat lukken, in deze prachtige stad die vooral heel veel statigheid en grandeur uitstraalt, waar madammen in bontjassen geen uitzondering zijn en iedereen net iets formeler gekleed gaat?

Maar Wenen heeft al lang niet meer dat stoffige imago dat veel mensen nog voor ogen hebben. Wenen is tegenwoordig het bruisende centrum van Centraal-Europa. De laatste jaren zijn er heel wat internationale restaurants, trendy cocktailbars en clubs bij gekomen. En ook kinderen vinden er meer en meer hun gading, schrijft onze reisgids.

Tram 1 brengt ons vanuit het Suite Hotel 200 meter zum Prater - dat is echt de naam van het hotel - naar de binnenstad. Via kleine middeleeuwse straatjes zoeken we eerst het hart van Wenen, de Stephansdom. Een grote kathedraal van 137 meter hoog en een toren uit de vijftiende eeuw. Het gebouw maakt weinig indruk op de Kleine Kuifjes. Veel meer in trek zijn de mimespelers of levende standbeelden die in de aanpalende winkelstraten verdoken staan. Geef je hen wat geld, dan schieten ze plots in beweging of krijg je een uitgestoken hand.

Het oostelijke deel van het centrum is vrij stil, met steegjes en statige negentiende-eeuwse panden. Weggestopt achter de Stephansplatz ligt een pleintje, de Franziskanerplatz. Meer dan een kerk, een café (met de schattige naam Kleines Café), een klooster en een fontein zijn er niet, maar de kinderen kunnen er fijn rondlopen en een beetje bekomen van alle drukte.

Paardengeluk

Van de Stephansplatz lopen we zuidwaarts door de brede Kärtner Strasse. Vroeger de luxueuze winkelstraat van de stad, nu vooral in handen van grote ketens. Aan het eind van de straat zien we eerst de Staatsoper en dan het Albertinamuseum. En dat kunnen we, zelfs met Kleine Kuifjes, niet links laten liggen. Het museum heeft de grootste verzameling grafische kunst ter wereld van onder meer Rembrandt, Leonardo da Vinci en Dürer. Maar ook Renoir, Cézanne en Monet vonden hier een thuis én er is een tijdelijke tentoonstelling van Roy Lichtenstein. Tijd dus voor een portie schilderkunst. De Kleine Kuifjes spartelen niet tegen, tonen hier en daar een werk dat ze mooi vinden maar geven na anderhalf uur kijken wel aan dat het welletjes is geweest.

Zoetigheid

Bij de Spanische Hofreitschule oogsten we meer succes. De Spaanse rijschool is wereldberoemd om de dressuur van lippizanerpaarden. Ze stamt al uit 1572 en is daarmee een van de oudste ter wereld. Ze leren er de paarden de klassieke dressuur in haar puurste vorm. Jammer dat we er niet zijn op het moment van een training (alleen in de voormiddag). Dat moet ongetwijfeld indrukwekkend zijn. Een rondleiding kunnen we wel krijgen. Niet dat de Kleine Kuifjes veel van de Duitse gids begrijpen, maar de paarden in de stallen ogen erg indrukwekkend. Het zijn prachtige lippizaners, het resultaat van eeuwenlang fokken met Arabische, Italiaanse en Spaanse rassen. Voor kleine paardenliefhebbers is dat puur genot. Geen wonder dus dat we even later de koetsen die uitnodigend staan te lonken aan de Hofburg, het winterpaleis van Sisi, niet zomaar kunnen passeren. Een ritje in een fiaker kost 40 euro voor twintig minuten: overdreven veel geld, maar toch leuk om hen even door de binnenstad te loodsen en het Sisigevoel van dichtbij mee te maken. En we zijn maar één keer in Wenen. Op die manier zien we ook het Haus der Musik, het Mozarthuis, de Griechenkirche, het gotische stadhuis en Josefstadt passeren. Sfeer opsnuiven, heet dat dan.

Oostenrijkers zijn levensgenieters. Koffiehuizen, cafés en restaurants zitten van vrijdagmiddag tot zondag vol families. Wij willen dus zeker niet onderdoen. De Weense keuken bestaat vooral uit aardappelen, vlees en saus. Maar ook veel zoet. Op elke straathoek vind je bijvoorbeeld een konditorei, een soort banketbakker die vooral een typische specialiteit in de aanbieding heeft: Krapfen. Een gesuikerde deegbal met vanille- en abrikoosvulling. Maar er zijn ook Würstelstands, waar je allerlei soorten worst kunt krijgen. Typisch is de Kaisekrainer, een braadworst gevuld met kaas, mosterd en mierikswortel. Nee, dan toch liever een schnitzel voor de Kleine Kuifjes en Sachertorte als dessert.

En dan rijden we nog even tot bij het Hundertwasserhaus. Of je het nu mooi vindt of niet, het gebouw uit 1986 is met zijn felblauwe kleur, abstracte motieven en gebogen lijnen op zijn minst speciaal te noemen. Op de daken en balkons groeien zelfs struiken en bomen. De Kleine Kuifjes vinden het mooi, al was het maar omdat de ontwerper ervan, Friedensreich Hundertwasser, net zoals hen, een montessoriaan is, een adept van het Montessori-onderwijs, een van de methodescholen naast Freinet en Steiner.

Onze tweede dag begint met een stralend zonnetje. Ideaal voor het Prater, een gratis pretpark in het midden van de stad. Het geluk wil dat het Prater niet ver van ons hotel ligt - 200 meter, weet je nog -, al is dat wellicht uitgerekend in vogelvlucht. Maar ondanks het oubollige karakter van het park zijn de Kleine Kuifjes erg uitgelaten.

We gaan eerst in het grote reuzenrad, vanwaaruit we een prachtig uitzicht krijgen op de grandeur van Wenen. De roetsjbanen zijn gesloten, maar de grote schommel en de botsauto's zijn wel open en wachten uitnodigend op een ritje. Net zoals de ouderwetse paardenmolen en het griezelwinkeltje. Hadden we hen laten kiezen, ze hadden hier een hele dag gespendeerd. Maar na de obligate 'nog één keer hier, nog één keer daar'-kreten slagen we er toch in om hen mee te tronen naar het metrostation, richting Schloss Schönbrunn, de zomerresidentie van de Habsburgers.

Schloss Schönbrunn is een mooi, goudgeel paleis met 1.441 kamers in alle soorten en groottes dat tot de verbeelding spreekt. Als de Kleine Kuifjes hun ogen dichtdoen, zien ze dames in middeleeuwse japonnen door de tuinen wandelen. Of zelfs keizerin Sisi voorbijstuiven op een van haar vurige paarden. Het slot is statig en romantisch én prestigieus, want het staat op de werelderfgoedlijst van Unesco. Bovendien heeft het ook een kindervleugel. Dankzij Poldi, de kleine geest van het slot Schönbrunn, kunnen de Kleine Kuifjes in de huid kruipen van de keizerskinderen van weleer: mooie kostuums aantrekken, gekke schoenen uitproberen en uit zilveren bekers drinken.

In de Labyrinthikonspeeltuin kunnen ze zich helemaal uitleven. En in het kindermuseum is er een bouwkast, waarmee ze het slot kunnen nabouwen, de lievelingsgerechten van de Habsburgers kunnen ruiken, keizerlijke vaktaal leren spreken en een prachtige tafel leren dekken. Echt iets voor kleine prinsen en prinsessen. Bovendien zijn er bij het buitenkomen nog de prachtige tuinen waarin ze naar hartenlust kunnen rondfladderen en zich het leven van weleer levendig kunnen voorstellen.

Bij ons was het al valavond als we het paleis weer buiten kwamen, maar wie zijn kinderen nog een groot plezier wil doen, kan vlak naast het slot Schönburg naar Tiergarten Schönbrunn, de oudste zoo ter wereld die sinds 1752 bestaat. Er is onder andere een regenwoudhuis, een aquarium met koraalriffen, een olifanten- en een savannehuis. Bovendien herbergt de dierentuin ook een ijsbeer, tijgers, luipaarden, koningspinguïns, orang-oetans en zelfs panda's. Maar dat is voer voor een andere keer. Net zoals het Naturhistorisches Museum, het Burggartenpark waar meestal veel jongleurs aan het werk zijn en de Hofburg zelf.

Wenen leek aanvankelijk geen droombestemming voor kinderen, maar onze Kleine Kuifjes vonden het er even leuk als in Londen of Parijs. Elke hoofdstad heeft wel leuke plekjes en speciale attracties op kindermaat. En bij elke citytrip moet je als ouder wel een beetje water in de wijn doen, willen ze het na een dagje rondslenteren nog altijd plezierig vinden. Maar Wenen was verrassend mooi én interessant.

Zo kom je er

Wil je goedkoop af zijn (soms minder dan 60 euro per persoon heen en terug), dan vlieg je met Ryanair naar Bratislava en neem je nog een uurtje de bus (60 kilometer) naar Wenen. Vlieg je liever rechtstreeks, dan biedt SN Brussels vrij goedkope vluchten aan, als je er op tijd bij bent tenminste.

Overnachten?

Wij sliepen in het Suite Hotel 200 meter zum Prater. Het is geen superdeluxe viersterrenhotel en het doet nogal oubollig aan, maar het is netjes, je kunt er een familiekamer boeken, het is niet duur (78 euro voor de standaardsuite voor vier personen) en het is perfect gelegen. De tramhalte ligt om de hoek en je kunt te voet naar het Prater. Het hotel heeft geen eigen website, maar even de naam googelen, volstaat om het te vinden.

Vervoer ter plaatse

Het openbaar vervoer is goed geregeld in Wenen. Net zoals in de meeste grote steden kun je er kaartjes kopen die geldig zijn voor metro, bus en tram. Eén kaartje kost 2,20 euro, een dagkaart 5,70 euro. Je kunt ook een Vienna Card kopen (18,5 euro), waarmee je 72 uur onbeperkt van het openbaar vervoer gebruik kunt maken en genieten van kortingen in musea, theaters, shops en restaurants. De kaartjes kun je kopen in de metrostations, in tabakswinkels en bij verkooppunten van de Wiener Linien in de stad. Tip voor wie ook wat sightseeing wil doen met de tram: met de Vienna Ring Tram rijd je in 23 minuten langs de Staatsoper, de Hofburg, het Kunsthistorisches en Naturhistorisches Museum, het parlement, het Burgtheater, de Votivkirche, de Börse, Urania en het Stadtpark.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234