Woensdag 03/03/2021

ZOOtje geregeld

Welkom in de verborgen wereld van de privédierentuinen

null Beeld Jonas Lampens
Beeld Jonas Lampens

Het leek een beeld uit Jumanji, maar dat was het niet: uit een privédierentuin ontsnapte zebra's in Brussel. Wie heeft zo'n tuin en vooral: waarom? Door de strenge regelgeving in ons land "is het al moeilijk om een halve eekhoorn te houden" én is de zwarte markt nooit veraf. "Wil je een leeuw voor 200 euro? Geen probleem!"

"Ik hoorde plots niks meer en ik dacht: dat klopt hier niet. Dus ging ik buiten kijken in de weide, en zag dat er drie ontbraken, waaronder Brutus, de sterke man in het gezelschap. Dan dat telefoontje: "Mevrouw, zijn dat uw zebra's die hier in 't stad lopen?"

Marie-Claire zucht. Haar hele leven baatte ze samen met haar recent overleden man Guy een dierenwinkel uit in Koningslo en kweekte er op de aanpalende graslanden van hun St. Ann Ranch lama's, alpaca's, struisvogels, ezels en dus ook zebra's. Guy hield van die strepen. Marie-Claire wilde na de dood van haar man de afspanning van de weide laten herstellen, waarop de dieren uitbraken. "En nu zijn ze wereldberoemd."

Jumanji was het, die steeplechase in de bebouwde kom. Een waanbeeld, dat echt bleek. De foto's waren fantastisch, maar vooral de nasleep is interessant: sinds de uitbraak hebben privéverzamelaars van exotisch wild aas geroken en willen ze - legaal of illegaal - de zebra's van Marie-Claire kopen. Mensen die ook een privédierentuin hebben. En al is er geen cijfermateriaal voorhanden, ze blijken niet gering in aantal. Tegelijk zijn ze schuwer dan een lynx. Wie heeft zo'n tuin en vooral: waarom?

null Beeld Jonas Lampens
Beeld Jonas Lampens

Benen vol stekels

We gaan langs bij C.S. uit K., een gepassioneerd verzamelaar. Die heeft één voorwaarde: naam noch plaats komt in de krant. Later zal blijken waarom. Begon het bij Marie-Claire in Vilvoorde ooit met wat geiten, dan is dat bij C. een goudvis, als kind "geschoten" op de kermis. De goudvis kreeg snel gezelschap van een cavia en een vink. Maar C. werd groter en zijn beesten groeiden mee. "Ik ben dertig jaar later geëindigd als een echte collectioneur van exotische dieren met rode ibissen, sneeuwuilen, wasberen, neusberen, kangoeroes, moeraskatten, beermarters, apen, maar geen zebra's, neen. Al klinkt dat wel aantrekkelijk."

C. leidt ons de tuin in. Een groot, bakstenen gebouw leek van op straat bekeken een afzonderlijke garage, maar blijkt een speciaal omgebouwde dierenkooi te zijn. Het is er warm, er hangt een dierlijke walm en twee Noord-Colombiaanse pinché-apen komen gedag zeggen. Ze doen denken aan de ninetiestrollen met het rijzige fluohaar.

Door het gebouw loopt een klein netwerk van ijzeren loopschachten. C. neemt een bezemsteel: "Nu goed kijken." Hij port in een bol, die hoog in een kooi op een houten plank ligt. De grijze bol komt langzaam tot leven. "Een grijpstaart(boom)stekelvarken." Een beest met een stekelvacht en een neus zacht als marsepein. "Schoon, hè", zegt C.

"Dat verzamelen is bijna een ziekte geworden. Je begint met kleine dieren, maar je wilt steeds meer, steeds groter, steeds unieker." Hij wijst naar een Bengaalse kat: "Volgens mij hebben maar twee mensen in België zo'n beest. Dat is prestige.

"Op den duur leef je voor je dieren. Ik ga niet op café, ga niet karten met vrienden. Hier, die tuin, dat is mijn leven. Ooit had ik hier tot vijfhonderd dieren. 's Morgens werden bakken fruit, forellen, insecten, meelwormen, wasmotten en sprinkhanen geleverd om de dieren te voeden. Dat kostte me veel geld. Ook nu nog betaal ik jaarlijks een paar duizend euro aan verwarming en elektriciteit."

Wanneer fotograaf Jonas een foto neemt van een groot uitgevallen Afrikaans stekelvarken, zegt C.: "Niet te dicht. Als ze aanvallen en achterwaarts naar je toe lopen, hangen je benen vol stekels."

Emotionele waarde

Het is de vraag die dit verhaal bepaalt: hoe haalt een mens het in zijn hoofd om een kangoeroe te kopen? Wat is de emotionele waarde van een pinché-aap in een omgebouwde garage in Vlaanderen?

C. gaat in het verweer. "Het is alsof je zelf deel wilt uitmaken van de natuur. Zorgen voor dieren die in het wild vaak amper nog voorkomen, dat is toch fantastisch? Om het lief te hebben, het goed te voeden, er eeuwig naar te kijken. Ik begrijp de scepsis, maar kijk even om je heen: ik ben geen sjoemelaar. Mijn dieren zien er fit uit, speels, en hebben voldoende ruimte om te bewegen. Ook de buren zijn op de hoogte, zelfs scholen komen soms langs. Nooit is hier een dier uitgebroken."

De vraag naar de emotionele waarde is indirect de aanleiding waarom hier C.S. staat en niet de volledige naam. C.: "Wij, de mensen met een privédierentuin, hebben de perceptie tegen. Vroeger had niemand er een probleem mee en had je vrij spel. Je wilde een leeuw? Je kocht een leeuw. Nu is de wetgeving quasi onhoudbaar streng en denkt het publiek anders over dierentuinen dan vroeger. Zeg ik waar ik woon, staan er hier morgen mensen met hooivorken. Het gaat zo ver dat ik er weldra mee stop, deels om persoonlijke redenen. Het is de dag van vandaag al moeilijk om een halve eekhoorn te houden, laat staan een uitgebreide verzameling dieren."

Die tegenkanting komt uit de verwachte hoek. Michel Vandenbosch (Gaia) noemt de collectioneurs "Tarzans die in de jungle willen spelen". Brigitte Borgmans van het departement Natuur ziet ook een kentering in de publieke opinie: "De maatschappelijke normen omtrent dierenwelzijn zijn veranderd. Er is een grotere gevoeligheid voor dierenleed. Mensen zullen sneller melden dat een dier volgens hen in nood is."

Jaren geleden kon je voor een appel en een ei, een zebra en een aap kopen. Maar de kentering in de publieke opinie heeft ook geleid tot een kentering in de regelgeving. Wie denkt morgen drie bonobo's in zijn slaapkamer los te laten, doet tevergeefs moeite. Een bonobo is een zoogdier, en sinds een aantal jaren bestaat in België een positieflijst voor zoogdieren, een opsomming van 46 dieren die je wel mag houden. Honden, geiten, konijnen, muizen, ... maar dus geen nijlpaarden of bonobo's. Wie toch iets speciaals op z'n schouder wil neerpoten: de oostelijke wangzakeekhoorn is wel toegelaten.

Die positieflijst kwam er in oktober 2009. Wie kon bewijzen exotische dieren in zijn bezit te hebben vóór die eerste oktober, mocht zijn dieren houden. Daarom lopen er dus nog zebra's in Vilvoorde, en heeft C. nog pinché-apen.

Er zijn evenwel uitzonderingen. Wie toch op bonobo's hoopt, kan altijd een vergunning (proberen) aanvragen. Het gaat hier sinds kort om Vlaamse materie. Joke Schauvliege (omgeving, natuur en landbouw) en Ben Weyts (dierenwelzijn) zullen uw aanvraag evalueren, en u naar alle waarschijnlijkheid vriendelijk bedanken voor de vergeefse poging. Wie toch een vergunning krijgt, moet ook aan een resem voorschriften voldoen. Je kunt enkel dieren houden die gekweekt zijn in gevangenschap; de bouw en afmeting van de kooien is gereglementeerd, de loopruimte,... In verhouding tot andere Europese landen geldt België als streng genormeerd.

"Streng, maar ook vooruitstrevend", vult Brigitte Borgmans aan. "Onze regelgeving wordt al jaren aangehaald als voorbeeld door internationale verenigingen voor dierenbescherming. Behalve Nederland is er geen andere EU-lidstaat die een dergelijk drastisch verbod op zoogdieren hanteert."

Net daarin schuilt ook het gevaar. Maak een wet, en meteen ontstaat er een synchrone zwarte markt. Ook met zoogdieren. En die markt is opvallend makkelijk te betreden, zo blijkt.

Maffia

Het groter het beest, hoe moeilijker de eigenaar. Een aap te zien krijgen in Vlaanderen is al bij al eenvoudig, al wilde C.S. in dit geval wel anoniem blijven. Maar er zijn dus ook mensen met een poema in de tuin, en die krijg je noch makkelijk aan de lijn, noch raak je de dorpel over.

Chris Bienvenu is de man van het Herne Breeding Center, vlak bij Edingen. Hij kweekt met alles dat poten en/of vleugels heeft: luipaarden, apen, roofvogels, desnoods een krokodil. Zijn collectie is schijnbaar onbegrensd. Maar de deur blijft dicht: "Sta ik in de krant met een welpje op de arm, is het kot te klein. Helaas."

Via via komen we in contact met de verzamelaar die een poema heeft, en bavianen, dat ook. Maar wederom blijft de poort dicht: "Neen, zeker niet." Er is ook schrik voor verborgen camera's. Alsof ze ons eerst willen fouilleren vooraleer we hun savanne betreden. Mensen met een vergunning, zoals Chris Bienvenu in Herne, of C.S. uit K., zijn al mensenschuw. Laat staan dat we toegang krijgen tot tuinen met illegale dieren.

Toch raken we in contact met een verzamelaar die ons - weliswaar anoniem - een inkijk geeft in het mechanisme van de zwarte markt: "Maar riskeer het niet mijn naam in de krant te zetten, kameraad.

"Bon, je moet inderdaad over vergunningen beschikken, maar in deze kleine, afgeschermde wereld is het bijzonder makkelijk om aan illegaal exotisch wild te raken. Ons kent ons, en daar horen ook de dierentuinen bij. Als ze in Planckendael een overbodige bizon slachten om aan de leeuwen te voeren, dan laait de kritiek op. Maar ach, ik bel een keer naar de dierentuin en het beest is van jou. Ik meen het. Als je wilt, bezorg ik je een leeuw, voor niet meer dan 200 euro. No kidding."

Een andere verzamelaar, die los staat van bovengenoemde, bevestigt het verhaal. "Voor bedreigde diersoorten heb je CITES-papieren nodig, een reglement dat tot doel heeft het voortbestaan van die diersoorten in het wild niet in het gedrang te brengen. Allemaal goed en wel, maar ik ken genoeg illegale jagers in Afrika en kan per boot de Middellandse Zee oversteken om dat beest op te halen.

"Bedreigde roofvogels? In Tsjechie¿ koop je een illegale arend voor 3.000 euro. Dan gaat het om geroofde eieren die men laat uitbroeden. Ringetje er rond en hop, klaar. Koop je een gelijkaardige arend van een officiële kweker in België, met officiële papieren, dan kost je dat 5.000 euro. En geloof me maar: er zijn véél mensen met al dan niet illegale roofvogels in hun tuin.

"Geef me een plek in België en ik kan u in een straal van 10 kilometer makkelijk meer dan honderd mensen aanduiden met zo'n vogel. Er zijn zelfs mensen met een oehoe in hun appartement. En dan zijn er al die fans van Harry Potter die plots een kerkuil wilden. Iemand vroeg me ooit: 'Een uil knuffelen, hoe doe je dat precies? Vergis u dus niet: er zijn veel mensen met een privédierentuin. Mensen zonder papieren die een resem wilde dieren houden. Dat geeft een kick, hè."

De eerste naamloze bron keert nog even terug: "Die zwarte markt is pure maffia, werkelijk waar."

Vrije vogels

Mark De Vleminck las als kind De Rode Ridder, en toen de leraar vroeg wat Mark later wilde worden, antwoordde hij met de borst vooruit: 'ridder', meneer. Aangezien 'ridder' niet op de beroepenlijst van de VDAB voorkwam, richtte Mark zich op een ander personage uit de strips: valkenier. Hij was vijfentwintig en kocht zijn eerste woestijnbuizerd.

Nu, jaren later, baat hij samen met zijn vrouw een manege uit in Melle, onder het toeziend oog van arenden, buizerds, uilen, valken en gieren. "Die foefelaars op de zwarte markt maken onze stiel kapot. Evengoed zijn er een pak verzamelaars die hun dieren in de perfecte omstandigheden laten opgroeien. Je zou een positieflijst voor vogels kunnen invoeren om het misbruik tegen te gaan, maar het zou niet veel uitmaken.

"Ik kan u zeggen dat mijn liefde voor roofvogels grenzeloos is. Het gaat me om de adrenaline van de jacht. De duikvlucht van een steenarend, dat is ongezien. De schoonheid van het vliegen, dat gestroomlijnde klieven. Als ik ga jagen met de arend, dan zie ik de absolute wereldtop van de lucht in actie. En ik weet dat die vogel altijd naar me terugkeert. Ze zijn me gewoon, zonder dat ik een band met hen heb. Ik breng ze zo dicht mogelijk bij de natuur. En zij tonen mij de kracht van die natuur.

"Bijna dagelijks ga ik met ze trainen en laat ik ze vliegen. Ooit ging een Amerikaanse zeearend ervandoor; hij zag voor het eerst in zijn leven sneeuw en was bang. Maar mijn vogels hebben een zender. Drie dagen heb ik gekampeerd in Affligem om hem te laten wennen aan de sneeuw en terug mee te nemen naar huis."

Dit verhaal eindigt in Neerpelt, bij een man die zijn huis Bird Palace heeft gedoopt. Wellicht is hij het prototype van de ware liefhebber. Noël Hendrikx heeft geen roofvogels, geen apen, geen leeuwen, maar Noe¿l heeft wel vierhonderd tropische vogels. Verspreid over tientallen grote volières. Sommige kooien hebben vloerverwarming. Sommige vogels kosten tot duizenden euro's. Sommige maken verschrikkelijk veel lawaai.

En soms komen er sjeiks langs, met meer dan gemiddelde interesse in zijn prijsbeesten, en met meer dan gemiddeld veel geld. De grote soldatenara, de argusfazant, de Australische nachtuilzwaluw, de kapucijnvogel, de albertusbergduif -'er zijn er nog tien in Europa'-, dik-snavelpapegaaiduiven: dan trekt de sjeik zijn portemonnee open, biedt een bundel biljetten aan en dan zegt Noël: 'Vergeet het.' Achterin de prive¿tuin hangt een bordje aan een volière en dat bordje vat het allemaal samen, waarom de verzamelaars het doen, wettelijk of niet wettelijk: 'Onze droom.'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234