Zaterdag 26/11/2022

Weer geen geluk gevonden

Jacques schittert in de schaduw van Brel en Scott Walker

Jacques

To Stars, Setanta/Bertus.

Burnt Freidman

Con Ritmo, EFA.

Seafood,

Surviving the Quiet Fierce Panda/Play it again Sam.

Modest Mouse,

The Moon & Antarctica, Matador/Konkurrent.

Anthony Reynolds is een onverbeterlijke romanticus. Dat bewees hij ten overvloede met Pioneer Soundtracks en The Jazz Age, twee ternauwernood opgemerkte parels van zijn band Jack, die prachtig gearrangeerde, passionele popsongs bevatte. Die groep is momenteel uitgedund tot twee leden, maar het duo, Reynolds en Matthew Scott, werkt momenteel aan een derde plaat. Reynolds heeft tevens een boek voltooid, These Roses Taste like Ashes. En daarnaast heeft hij een nieuwe soloplaat uit, To Stars, de opvolger van How to Make Love Volume 1. Dat de Brit voor het pseudoniem Jacques kiest, is niet zo vreemd. Behalve de Franse variant voor Jack, is het vooral de voornaam van Brel. Onze landgenoot heeft Reynolds' popsongs duidelijk beïnvloed. Andere referenties zijn Scott Walker en Burt Bacharach.

Met de hulp van onder anderen Bryan Mills (The Divine Comedy), Will Foster (Delicatessen) en de vroegere jackolites James Land en Steve Bees komt Reynolds tot breedvoerige, maar uitgebalanceerde arrangementen ('I Won't Let You down'). Op andere ogenblikken kiest hij voor een sobere aanpak die al evengoed het hart beroert ('This Is What You Do'). Jacques brengt een geslaagde versie van Tim Hardins 'It 'll never Happen again'. Het verrassendste nummer is echter een andere cover: ABBA's 'The Day before You Came', dat thematisch aansluit bij de andere liedjes. Een song van de Zweden tot een boeiende versie ombuigen, dát is de lakmoesproef voor een uitvoerder. Maar er is meer, Reynolds zelf schrijft beklemmende songs, waarin een zoektocht naar geluk meestal faliekant afloopt. Onder het motto 'niet geschoten is altijd mis' speuren Reynolds' personages onverstoorbaar voort.

Zowel de cd's van Jack als de vorige van Jacques zijn commercieel geflopt. Hopelijk is To Stars niet hetzelfde lot beschoren. Bernd Friedman is een Duitser die al vele vermommingen heeft aangenomen. Some More Crime, Drome en Nonplace Urban Field zijn enkele van 's mans pseudoniemen, maar zijn jongste artiestennaam heeft hij dichter bij huis gevonden: Burnt Friedman. Hij heeft vooral naam gemaakt met elektronische muziek, maar met Con Ritmo gaat hij een andere weg op. De cd is gecompileerd uit een reeks concerten die Friedman samen met de Disposable Rhythm Section gaf. Elektronica zorgt voor enkele accenten, maar de basis van de muziek verwijst naar dub ('Corraleros'), latinjazz ('Demolition Derby') en Caribische sferen ('Escape the Night'). Individueel zijn de meeste nummers best te pruimen, alleen in het bijna 12 minuten durende 'Das Wesen aus der Milchstrasse' raakt Friedman het noorden kwijt, maar als je Con Ritmo in zijn geheel beluistert, is een geeuw niet veraf wegens globaal een te hoog kabbelgehalte. Dat laatste kan je Seafood zeker niet verwijten. Surviving the Quiet is, na een handvol singles en de mini-elpee Messenger in the Camp, het volwaardige debuut van dit Londense kwartet, met als zanger David Line, wiens stem sterk herinnert aan die van Lou Barlow (Sebadoh, Folk Implosion). De cd opent met 'Guntrip', een song die zo uit het repetitiekot van Sonic Youth lijkt weggelopen. Andere liedjes steunen op stuiterende drums en baldadige gitaren ('Folksong Crisis', 'Easy Path'). Zoals gastronomen weten heeft Seafood geen eenduidige smaak. 'Dear Leap in the Ride' is een bedwelmend, met fraaie samenzang versierd, akoestisch liedje uit de Big Star-school. En de fans van Belle & Sebastian gaan vast door de knieën voor het al even rustige 'Beware Design', waarin een cello een beeld van vallende bladeren oproept. Ook de bonus-ep bij de langspeler biedt enkele geslaagde pogingen in die trant ('Duck and Cover', 'Peephole Crafts'). Nog enkele andere liedjes beginnen even kalm, maar na verloop van tijd komen de elektrische gitaren opzetten ('Toggle', 'Led by Bison'). Surviving the Quiet biedt voor elk wat wils en maakt daarom een wat inconsistente indruk. Je hoort een groep op zoek naar zichzelf, maar op een debuutplaat is dat niet zo vreemd. Al moet gezegd: de lekkerste garnalen en scampi uit de schotel hebben we met veel genoegen opgeprikt. Modest Mouse is een Amerikaans trio rond Isaac Brock dat net zijn derde cd The Moon & Antarctica uitbracht. Onwillekeurig denk je aanvankelijk aan Pavement, maar na enkele draaibeurten blijkt Modest Mouse niet het zoveelste epigoon te zijn. Met gitaar, bas en drums bedenken de heren inventieve rocksongs, sporadisch bijgekleurd met onder meer viool. 'Gravity Rides Everything' klinkt zowel desolaat als warmhartig. Brock zingt de liedjes bijwijlen erg passievol, bijvoorbeeld 'Dark Center of the Universe', een draaikolk die de luisteraars almaar verder meesleurt. 'Tiny Cities Made of Ashes' is even overrompelend als een carjacking. 'Perfect Disguise', opgesmukt met banjo en lap steel, is dan weer een als popsong vermomde countryballad. Wie ongevoelig blijft voor het elegische 'The Cold Part', heeft vast te lang aan de zuidpool doorgebracht. Zeer sporadisch valt Modest Mouse door de mand. 'Alone Down there' is kapotgeschreeuwd als een slechte Pixies-pastiche en het in aanzet zeer aantrekkelijke 'The Stars Are Projectors' wordt te lang gerekt. Het circulaire 'Life like Weeds' heeft echter geen last van zijn lengte. Modest Mouse is met The Moon & Antarctica een volwassen knaagdier geworden. Wie het vangt, zal in zijn gezelschap fijne uren beleven.

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234