Zaterdag 31/10/2020

Weemoed en extase op Dranouter

Een puur folkfestival is dat van Dranouter natuurlijk al lang niet meer. De laatste jaren kon men er onder het vaandel 'The new tradition' immers van een panoramisch overzicht op muziek genieten, waar traditie en vernieuwing, maar ook bevestigingen en ontdekkingen onbelemmerd naast elkaar in beeld kwamen. Ook deze zevenentwintigste editie, die op vrijdag en zaterdag samen ruim 47.000 toeschouwers lokte, was daarop geen uitzondering. Het Dranouter Folkfestival neemt zich nog steeds voor te blijven groeien, maar dan wel in de diepte, zo luidt het.

Dranouter / Van onze medewerker

Kurt Blondeel

Ten behoeve van dat kwaliteitsstreven werd het terrein dit jaar voor het eerst opgeluisterd met een theatertent, waarin plaats was voor vertellingen en kleinschalige optredens. Een lovenswaardig initiatief, al was het maar om de druk van de massa enigszins te doen slinken. Grootste pijnpunt van deze editie was immers dat de organisatoren op het onzalige idee waren gekomen de ingang naar het terrein pal voor de grote concerttent te situeren.

Wellicht bedoeld om de buitenstromende mensenzee na ieder concert meer ruimte te geven, had deze ingreep net het tegengestelde effect. De doorgang naar de uitgestrekte festivalweide werd zo immers belachelijk smal, waardoor de gemoedelijk struinende bezoeker vooral op zaterdag met de regelmaat van de klok muurvast kwam te staan, niet zelden met benauwdheid tot gevolg. De grootste publiekstrekkers stonden uiteraard in die grote concerttent geprogrammeerd, en daar zouden vrijdag Kadril en Paul Weller, en zaterdag Youssou N'Dour en Zen Zila de grootste bijval oogsten.

Vrijdagavond verklaarde het Spaanse Radio Tarifa de driedaagse festiviteiten voor geopend. Traditionele, mysterieuze fluitriedels die je uit de Marokkaanse woestijn kwamen aanwaaien, authentieke percussie en flamencozang klonken op naast milde metal-gitaar en elektrische bas. Toch een combinatie waaraan je even moest wennen, te meer omdat ze gespeend bleef van drijvende dynamiek.

Wat dat betreft had de kloof met Kadril niet groter kunnen zijn. De pioniers van de Vlaamse folkrock pakten uit met een vol en rijk groepsgeluid dat je vanaf de eerste tot de laatste noot bij de lurven vatte. Over een stevige elektrische basis sponnen doedelzak, draailier, viool en accordeon liederlijke melodieën, en daar ging zo'n levenskracht van uit dat je lichaam er een vol uur van tintelde. Naar aanleiding van het vijfentwintigjarige bestaan van de groep én de dubbele Best of die daaraan wordt gekoppeld, kwam oudgediende Patrick Riguelle de groep nog eens versterken voor indrukwekkende versies van Richard Thompsons 'Don't Tempt Me', 'Nooit met Krijt' en 'Heerke van Maldegem'. Het enige wat naar ons aanvoelen ontbrak was een duet met de huidige zangeres Eva De Roovere, maar dat nam niet weg dat Kadril vrijdag een absolute triomf vierde.

Dat een groot deel van het publiek daarna verstek liet gaan voor Susana Baca was een beetje zonde. Zeker, de Afro-Peruaanse zangeres en haar vier gezellen maakten een afgemeten indruk, iets wat vooral lag aan de eenvoudige ritmische begeleiding op cajón (een houten kist), cajita (een doos met klep) of ezelskaakbeen. Maar de klassieke gitaar van Rafael Muñoz klonk dan weer even sprankelend als poëtisch, en bovendien ontdekte je al gauw dat onder die laag weemoed een soort ingehouden uitbundigheid schuilde. Tel daar nog de sierlijke, sensuele bewegingen van de zangeres zelf bij, en je kreeg een echt fijnproeversconcert.

Daarna was het de beurt aan Paul Weller, die blakend en solo het podium kwam opgewandeld. Een vol uur lang gaf de modfather zijn snaren er dermate furieus van langs dat het leek alsof The Jam pas vorige week had besloten het voor bekeken te houden. Gelukkig verloor de angry middle-aged man daarbij nooit de zin voor nuance uit het oog, hetgeen in een onvergetelijk optreden resulteerde. De Brit koos zowel uit zijn soloplaten als uit zijn werk met The Jam, met onder meer briljante versies van 'English Rose' en 'The Butterfy Collector'. En tijdens 'You Do Something to Me' en 'Wild Wood' was er geen verliefd stelletje onder het reuachtige zeil dat niet door een gevoel van warmte werd overspoeld. Paul Weller toonde zich vrijdag een artiest bij wie het heilige vuur welicht nooit zal doven.

Ook Joost Zweegers en zijn Novastar kregen Dranouter moeiteloos op hun hand. Dat we prachtsongs als 'Ten-Eleven' of 'Millersan' misschien een keertje te veel hebben gehoord om nog langer als aan de grond genageld te staan, was geenszins een bezwaar. Novastar (met opnieuw een uitstekende Lars Van Bambost) verstaat immers de kunst om overbekende nummers steeds weer vitaal en kloek te doen klinken. Zweegers had bovendien Mauro als speciale gast opgetrommeld, met wie hij via Neil Youngs 'Powderfinger' een puike groet bracht aan de Canadees, in wiens voorprogramma hij onlangs zo'n succes is gebleken.

Afsluiter Adama Dramé, de djembévirtuoos uit Burkina Faso, schoof aansluitend alle melodie prompt aan de kant ten faveure van hyperkinetische, tribale percussie die bedoeld leek om de luisteraar in een verregaande staat van opwinding of zelfs in trance te krijgen. Wie echter niet bereid was het hoofd te verliezen, had van het gekmakende tempo na een poosje wel genoeg.

De tweede festivaldag begon onder een heel ander gesternte. De Brit John Tams, folkmuzikant van de oude stempel en onder meer oudgediende van de Albion Band, mocht met zijn groep als eerste het grote podium op. Gedegen maar tam, was de conclusie na afloop. Luc De Vos en Gorki brachten heel wat meer enthousiasme teweeg, alleen al door het Schotse rokje dat de gekwelde ziel uit Gent om zijn lendenen had gegord. De Vos schuwde de pathetiek duidelijk niet, hetgeen de grens tussen passie, hartzeer en kneuterige ironie weleens deed vervagen. Net toen het wat karikaturaal begon te worden, besefte de zanger gelukkig dat doorleefde songs als 'Monstertje' en 'Billy Lag Te Slapen' niet van dat soort opgelegde strapatsen gediend zijn, waardoor de bezieling het alsnog won.

Het Schotse Capercaillie kampte naar verluidt met acuut slaapgebrek, en dat wreekte zich enigszins op de al te brave maar desondanks gedegen set. Zangeres Karen Matheson liet ergens de term 'Gaelic house' vallen, maar die omschrijving deed wat overspannen aan. Daarvoor deed de afwisseling van ballads, jigs & reels en goedmoedige folkrock ons te veel aan donkere lochs en met distels bezaaide heuvels denken. Rondedansen bespeurden we dan ook niet. De grootste verrassing die Suzanne Vega en Laïs te bieden hadden, was dat ze van afficheplaats hadden gewisseld, maar de publieksreactie was er niet minder om.

Veel opwindender waren de twee slotconcerten: Youssou N'Dour, guitige blik in de ogen en puntgaaf zingend, leidde ons met zijn borrelende afropop een spetterend feest binnen, waarbij zijn hitsige heupbewegingen en zijn van speelplezier kronkelende band de gangmakers waren. De Senegalese superster wierp zich op als een rasperformer, die de koelte die de regen inmiddels had gebracht kordaat pareerde met het gedreven 'My Hope' en vooral het nerveuze maar hoogst aanstekelijke 'Set'.

Ook het Franse Zen Zila leverde onder het motto mélange een spetterend concert af dat zowel passie als energie uitstraalde. Arabische melodieën op viool of banjo, van chanson over raï tot flamenco in de duozang en een spitse akoestische gitaar: ze vloeiden samen in een wervelend geheel, het uitgelezen redmiddel bovendien voor Mano Negra-fans die dreigen in te dommelen bij het recente werk van Manu Chao. Zodoende konden we op zaterdag alsnog een ware revelatie optekenen, te midden van overwegend degelijke concerten, zodat ook deze tweede festivaldag als meer dan geslaagd de herinnering in kan gaan.

Zie ook pagina 14

Zen Zila leverde onder het motto mélange een spetterend concert af dat zowel passie als energie uitstraalde

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234